Odi et amo 2026

Elk jaar doe ik mijn leerlingen van het vijfde jaar een eigen vertaling/bewerking maken van mijn favoriete gedicht. Elk jaar zitten er een paar pareltjes tussen. Deze keer waren er vooral veel offline bewerkingen: prachtig uitgewerkte dingen, eentje met een 3D-stift (zie foto van de dag)

Ik geef er u hier een paar mee, gewoon omdat het kan. Maar met eerst de originele tekst, en dan mijn vertaling.

Odi et amo. Quare id faciam, fortasse requiris.
    Nescio, sed fieri sentio, et excrucior.

    Catullus carmen 85

Ik haat en ik heb lief. Waarom ik dat doe, vraag je misschien.
Ik weet het niet, maar ik voel dat het zo is, en ik ga eraan kapot.

 أكره وأحب

تَتَنَازَعُنِي حَالَتانِ لَا تَلْتَقِيَانِ،
إِحْدَاهُمَا تَشُدُّنِي،
وَالأُخْرَى تَدْفَعُنِي بَعِيدًا.
أَسْأَلُ: كَيْفَ يَجْتَمِعُ هَذَا؟

فَلَا عَقْلَ يُجِيبُ،
وَلَا لُغَةَ تَكْفِي.
شَيْءٌ يَحْدُثُ فِي دَاخِلِي

دُونَ إِذْنٍ،
كَأَنَّهُ كُتِبَ قَبْلَ أَنْ أُولَدَ.
أَشْعُرُ بِهِ يَتِمُّ،
ثَقِيلًا،
بَطِيئًا،
كَجُرْحٍ يَتَعَلَّمُ الْكَلَامَ.
لَا أَفْهَمُ الْمَعْنَى،
لَكِنَّ الأَلَمَ يَحْفَظُهُ عَنْ ظَهْرِ قَلْبٍ.
أَقِفُ بَيْنَ الرَّغْبَةِ وَالنُّفُورِ،
مُعَلَّقًا بَيْنَ نِدَاءَيْنِ،
لَا أَخْتَارُ،
وَلَا أَنْجُو.
وَمَا يُؤْلِمُنِي

لَيْسَ التَّنَاقُضَ،
بَلْ صِدْقَهُ

(Dina Aharram Benradi)

(Arne Verbeken)

Dag lief

Dag lief

Ik hou van jou
Ik hou van hoe ik je wil
Ik hou van hoe blind ik ben
Ik hou van hoe we elkaar vertrouwen
Ik hou van hoe je de stilte brengt wanneer m’n hoofd te druk wordt

Ik verlang naar jou
Ik verlang naar je veiligheid
Ik verlang naar je warmte in de kou
Ik verlang naar liefde maar wat blijkt
Ik verlang naar iets dat niet meer is dan wat schijn

Ik haat jou
Ik haat hoe ik je wil
Ik haat hoe blind ik was
Ik haat dat ik je vertrouwde
Ik haat hoe luid alles rond mij is geworden

Ik vraag me af
Ik vraag me af wie het is
Ik vraag me af hoe beide kon
Ik vraag me af wat anders was
Ik vraag me af hoe ik het niet eerder zag

Dag lief
Want je verslindt me

(Berten Beelaert)

 

Transcripts of a sea

Eigenlijk houden Bart en ik altijd al van fotografie, en dan bedoel ik kunstfotografie, niet zomaar snapshots.

Eerder had Bart me voor mijn verjaardag al een foto uit de reeks Unwanted Flowers van Hannes Couvreur cadeau gedaan:

Nu had hij geheimzinnig gedaan over een meer dan behoorlijk prijzig cadeau voor Valentijn (al doen we daar niet echt aan).

In december 2023 had ik hem in Parijs meegenomen naar een galerij met werk van Stephan Vanfleteren, Nature morte – still life. Toen waren we er allebei stil van geworden, van wat Vanfleteren doet met het licht in zijn foto’s.

En toen was er, twee jaar later, de tentoonstelling Transcripts of a sea met foto’s van de zee, waarin hij uiteraard nog veel meer speelt met het licht. Overweldigend, en opnieuw om stil van te worden.

Blijkbaar was Bart beginnen mailen met de kunstenaar en had hij onderhandeld over een van de foto’s. Vandaag werd die foto gebracht. Allez, ’t is te zeggen: vandaag stond Vanfleteren hier in eigen persoon met zijn camionetje om de foto te leveren, netjes ingepakt in karton, noppenfolie, nog karton, plastiek en met hoekbeschermers.

We pakten hem samen uit en zetten hem voorlopig tegen een van de muren, waarna ik ademloos kon kijken naar de prachtige foto. Of, zoals de kinderen later zeiden: “Goh ja, het is een foto van de zee hé.” Cultuurbarbaren.

Vanfleteren bleef nog even voor een koffie en een babbel, en hij bleek een bijzonder innemend, sympathiek man van het diepe West-Vlaanderen. We hebben over zowat alles staan kletsen – hij had al lang genoeg in de auto gezeten en stond liever – en ik denk dat hij hier drie kwartier is gebleven, tot hij verder moest met zijn leveringen.

De foto is me nu nog dierbaarder omdat ik weet hoe de persoon is die erachter zit.

Bart en ik hebben hem voorlopig boven de zetel gehangen, aan de ophanging van de Unwanted Flowers, maar hij moet iets lager en centraler. De bloemen komen boven de eettafel te hangen. Maar de zee hangt er nu wel al prominent te prijken.

En vooral: hij gaat prachtig zijn in het appartement…

tToneel: “Locomotief”

Jawel, intussen al het vierde jaar op rij speelt Merel mee met het schooltoneel. Ze repeteerde elke woensdag van 12.45 uur tot 15.00 uur en dan in de vakantie ook nog een hele week, de eerste week na de vakantie ook nog elke dag na school tot een uur of zes,  en dan was er vorige week een voorstelling op vrijdagavond, eentje op zaterdagavond en een in de zondagnamiddag. Ze was doodop, maar ze vindt het de max, en daar draait het toch om.

Wij gingen met zijn allen vanavond kijken, naar de laatste voorstelling dus. Voor de schoolwebsite schreef ik het volgende:

tToneel editie 23: van een huzarenstukje gesproken!

Net als vorig jaar waagden regisseurs Mira Bryssinck en Fred Libert zich aan die opgave: samen met 50 leerlingen repeteerden ze elke woensdagmiddag tussen 12.45 uur en 15.00 uur, en dan nog een hele week in de kerstvakantie. En het resultaat mocht er meer dan zijn, vonden ook duidelijk alle toeschouwers.

“Er was eens een dag die begon
Zoals dagen doorgaans begonnen.
Tot een bericht alles veranderde.
Niemand weet iets en iedereen heeft alles gezien.
Of niemand weet iets en iedereen zag alles.
Wat banaal was, wordt belangrijk,
wat belangrijk is wordt banaal.
Gesprekken lijken niet te eindigen
en het stopcontact is steeds zoek.
Kan je iemand verdenken van iets wat mogelijks (niet) gebeurt?”

Het werd meteen al in het begin duidelijk – voor zover de titel dat al niet was – waar we ons bevonden: in een treinwagon. En daarin zat een behoorlijk bont allegaartje: een familie met drie kinderen, twee mensen op weg naar een sollicitatie, een groep scouts, drie dieven die koper wilden stelen maar per ongeluk op de rijdende trein zaten, een koppeltje, een would-be songwriter die het best op de trein kan schrijven, twee toeristen, een hipster die vooral een stopcontact zocht, een hopeloos irritante luide beller, enkele wandelaars, drie uitgeputte feestbeesten en zelfs een oude oma met haar rollator. Oh, en uiteraard ook de treinbestuurder en twee conducteurs. Voeg daar nog twee vertellers aan toe, en twee toevallig aanwezige rechercheurs, en je hebt het ideale scenario voor een whodunit. Met dit verschil dat er gewoon een aankondiging kwam dat er die dag een moord zou gepleegd worden op de trein, dat iedereen in een halve paniek schoot en dat beide detectives al aan de slag konden nog voordat de moord werkelijk werd gepleegd.

Iedereen bedanken die meegeholpen heeft om dit stuk op poten te zetten, zou ons hier te ver leiden, maar drie namen springen er compleet boven uit: Febe De Clercq, Karel Uyttenhove en Joke Van Bossche zijn de drie leerkrachten die hun schouders onder dit evenement hebben gezet, elke woensdag aanwezig waren, alles in goede banen hebben geleid en dan ook terecht meer dan trots op zichzelf, hun toneelspelers en het hele team mogen zijn.

Alle foto’s van het stuk kan u hier in ons archief terugvinden.

 

Fotograafje spelen

Elk jaar is er bij ons een mega schooltoneel. Dit klinkt een stuk erger dan het is, want eigenlijk is dat keer op keer echt goed. Alle leerlingen samen – dit jaar zo’n veertigtal – bouwen samen aan een stuk, onder leiding van één of meerdere regisseurs. Die leiden het project in goede banen, maken er een dramaturgisch geheel van en gieten het zelfs in een script.

Natuurlijk komt daar een hele hoop andere dingen bij kijken: het maken, drukken en ophangen van affiches, tickets en verkoop, het bestellen en opbouwen van een tribune, het leggen van vloerbescherming, de installatie en bediening van lichten en geluid, maar ook het voorzien van soep en eten tijdens de toneelweek, het zoeken naar kostuums, het bedienen van de bar tijdens de voorstellingen, het bakken van taarten voor de namiddagvoorstelling…

En dus ook het programmaboekje. Vroeger maakte ik dat, intussen doet een van de toneelmedewerkers dat, een van de jongere collega’s. En dit jaar ben ik dus weer foto’s gaan nemen, iets wat ik vroeger ook al gedaan heb. Een deel heb ik genomen met het oude Canon fototoestel, maar dat is intussen eigenlijk voorbijgestreefd en relatief korrelig. Ik had het mee omdat de telelens op dat toestel wel goeie foto’s maakt in het donker, maar alle lichten waren deze keer aangebleven, dus dat hielp wel. Het grootste deel van de foto’s heb ik dan ook gemaakt met mijn gsm, want daar zit een bijzonder goeie lens op én knappe software die alles meteen corrigeert. Alleen moet je dan heel dicht gaan staan, maar dat vonden ze niet erg, ik had de leerlingen dan ook gevraagd om me absoluut te negeren.

En die foto’s? Die vindt u binnenkort in het programmaboekje van tToneel, waarvan u hieronder de affiche kan zien. En tickets? Via de leerlingen of via mij. Gewoon doen.

Opdracht rond de Vesuvius

Al sinds behoorlijk wat jaren geef ik mijn tweedes de opdracht een werkje te maken rond de Vesuvius. We lezen namelijk de teksten van Plinius Minor rond de grote uitbarsting in 79 na Christus, met alle mogelijke aspecten, en bekijken ook een steengoeie BBC-documentaire.

Daarna moeten ze dus dit werkje maken: ze mogen volledig kiezen, maar er moet wel iets van tekst in verwerkt zijn. Ik beoordeel hen niet op de kwaliteit van hun tekst – het is geen les Nederlands – maar wel op de moeite die ze erin hebben gestoken, en hun originaliteit.

Wel, ik moet toegeven: het wordt elk jaar beter, toch algemeen gezien. Ik heb ze dan ook gefotografeerd, en ik laat u meegenieten van enkele exemplaren.

Deze heeft heel fijne details: een Vulcanus aan de binnenkant van de berg, maar vooral ook een liggende Plinius Maior aan de kust met enkele mensen die erop staan te kijken, aanschuivende mensen aan het water in de hoop een boot te kunnen nemen, een zittende mens tegen een gevel…

De brief van Rectina aan Plinius Maior met een hulpkreet, de sandalen die hij vroeg toen hij de uitbarsting wilde gaan bekijken, vogels waarvan eentje met een kussentje tegen vallende stenen, een brandend huis…

Ik sta telkens weer versteld over het niveau waar sommige van mijn dertienjarigen mee afkomen. We onderschatten die tieners vaak schromelijk…

Exit Anna

Waar ik wel spijt van had, is dat ik zaterdagavond niet thuis was. Ik had al maanden geleden toegezegd voor Into The Node, en had daar ook echt wel zin in, maar…

Kobe kwam enkele weken geleden af met de aankondiging dat hij een eerste optreden had met zijn groepje, Exit Anna. Hij heeft jarenlang fagot gespeeld, maar is daar in het zesde mee gestopt en heeft zich toen over mijn kleine basgitaartje ontfermd. Ik had die in januari 2022 – blijkbaar nog steeds met mondmasker – gekocht toen we een gitaar voor Wolf kochten, omdat het ding amper 100 euro kostte en ik dat voor dat geld toch niet kon laten liggen. Intussen hadden we een tweede versterker gekregen via Gift Gent en was Kobe echt wel gebeten door die bas. Hij heeft dan ook met een groepje gespeeld op zijn proclamatie.

Nu was hij dus beginnen spelen met enkele vrienden van de scouts: Anna (ook van onze school) op zang, Jurre op gitaar, hijzelf dus op bas, en toen zochten ze nog een drummer en werd dat Brecht, van het KAM en het proclamatiegroepje. Anna’s papa is een fervent muzikant en heeft een heuse studio bij hem thuis, hier vlakbij, ideaal dus.

Blijkbaar hadden ze na één repetitie vastgesteld dat een extra gitarist ook wel welkom was en sloot Alec zich bij hen aan, óók al van dat proclamatiegroepje op het KAM. Met andere woorden: vijf groepsleden, waarvan drie van de scouts en vier van het KAM.

Zaterdag hadden ze hun eerste optreden, en uiteraard waren Bart, Merel, Wolf en Arwen present. Bij Anna speelden de zenuwen nog een beetje, maar eigenlijk zingt ze verdomd goed. En de heren, die speelden de pannen van het dak, ook wel zenuwachtig, maar bon. Voorlopig zijn het nog covers, maar er zijn plannen voor eigen nummers.

En toen waren er zelfs groupies. Moet ook maar eens kijken hoe hard hij zich staat te amuseren op het einde, wanneer de zenuwen weg zijn. Die lach, daar zou ik alles voor doen.

 

Ook Cantandum is er weer aan begonnen

Vakantie is zalig, maar ik hou toch ook van de structuur die het schooljaar biedt. Zo is vanaf nu weer elke donderdagavond gereserveerd voor het koor.

Ik geef het toe: het valt me soms zwaar, zoals ook vandaag. Ik had er zin in, ja, ik zing nog altijd bijzonder graag en het is prachtig wanneer die stemmen samenkomen en je dan de harmonieën en klankkleuren hoort die de componist voor ogen had.

Maar ik heb vandaag ook zes uur les gegeven, en die eerste week vergt sowieso een aanpassing qua tempo en drukte. En dan wil ik eigenlijk het liefst van al gewoon in mijn zetel blijven liggen en de rug en de geest rust gunnen.

Maar als je een engagement aangaat, dan doe je dat gewoon, en dus heb ik na het lesgeven eerst een uurtje geslapen, stond ik om half zeven bij de kine, ben ik daarna even binnengewaaid bij ons pa want die wordt vandaag 84, ben ik snel thuis gaan eten en ben ik in de auto gesprongen. En ja, was ik toch weer vijf minuten te laat, zucht.

Ik doe echt mijn best, maar soms, soms lukt het gewoon niet. En op donderdag? Dan lukt het vaak niet. Tsja.