En hoe is het nog met Kobe?

Awel, goed, zo blijkt!

Kobe zit dus in Zuid-Korea op de World Scouts Jamboree en in de media horen we alleen maar doom and gloom. Maar blijkbaar is dat ook een verhaal van: als het goed is, zwijgen we, als het slecht is, zeggen we het wel.

Kobe amuseert zich te pletter, zo merken we. Ja het is er heet, ja hij wordt ’s morgens badend in het zweet wakker, ja er is weinig schaduw, ja hij is die rijst kotsbeu, ja het is stom dat er een aantal activiteiten afgelast is wegens de warmte, ja er zijn nogal wat organisatorische problemen, ja een deel van het terrein staat onder water door de watersnood van vorige week, dat klopt allemaal.

Maar er is meer dan genoeg water voorhanden, hij heeft al kennis gemaakt met verschillende andere culturen zoals de Italianen en de Polen, hij slaapt al bij al redelijk goed, er is voldoende eten en vooral: hij amuseert zich en heeft er de tijd van zijn leven!

Zelf stuurt hij geen foto’s door – “de wifi is hier echt niet goed, mama!” – maar we krijgen wel foto’s binnen via de instagram van zijn unit en van andere Wondelgemse leden, en dus ga ik er hier enkele toevoegen. Gewoon, om een idee te geven. En op de laatste drie foto’s staat hij wel degelijk zelf.

Ik ben benieuwd naar de verhalen achteraf. En of hij veranderd zal zijn door zijn ervaring. En ik ga ook blij zijn als hij terug is, want het is best lang…

Een dagje onder nichtjes

Toen Sarah aan Merel, haar metekindje, had gevraagd wat ze wilde voor haar verjaardag, had die gezegd: “Iets samen doen. Een hoogteparcours of zo”. Zoiets moet je geen twee keer zeggen tegen Sarah, die organiseert dat gewoon. En dus bracht ik Merel naar de middag naar Waregem, naar de Geestige Put. Ha ja, zij wonen daar niet zo ver van, Marie-Julie was mee met haar mama naar Desselgem dat daar vlak naast ligt, en ik kon dan op mijn gemakje wat geocachen in de buurt, het ging grotendeels droog zijn vandaag.

Ik gooide Merel af, stond nog wat te kletsen, keek hoe ze de hoogte in gingen, en vertrouwde ze daarna toe aan Sarah.

Ik moet zeggen: het ziet er indrukwekkend uit. Bedankt voor de foto’s en zo, Sarah!

Ondertussen vertoefde ik in Desselgem en omstreken en zag dat het ook daar goed was, al dreigde het elk moment te beginnen druppelen.

Ondertussen waren de dames uitgeklommen, kregen ze een ijsje, en hesen zich daarna in wetsuits, kwestie van het niet te koud te krijgen in het water. Want ja, het aquapark was eigenlijk opnieuw een hindernissenparcours, maar dan met bijzonder glibberige opblaasdingen. Ik was intussen min of meer rond in de buurt en was van plan nog naar Waregem zelf te gaan, maar toen bleek ik letterlijk door de straat van De Geestige Put te moeten rijden, en besloot ik om toch maar gewoon te stoppen, een koffietje te drinken en Sarah de rit naar Gent te besparen. Ik zag vooral ook dat de meisjes zich bijzonder goed amuseerden maar wel stikkapot waren na een tijdje. Ge zoudt van minder…

Ze droogden zich af, dronken nog iets warms – hoewel ze het eigenlijk niet zo koud hadden – en het verwonderde me dat Merel niet gewoon in slaap viel op de terugweg in die warme, zachte auto.

Maar je had de gezichtjes van die drie moeten zien. Met andere woorden: wil je nog een fijne activiteit voor de kinderen die hen echt wel uitdaagt? Het is in Waregem dat je moet zijn, zo blijkt.

Lectuur: “A Darkness at Sethanon” (The Riftwar Saga #4)” van Raymond E. Feist

Mja. Wellicht is het niet de bedoeling om de boeken meteen na elkaar te lezen – er zaten ook wel wat jaren tussen de publicatie, vermoed ik – maar het wordt echt wel wat voorspelbaar. Vond ik de eerste boeken nog charmant ouderwets, dan begint het hier zowat te storen dat elke hoofdfiguur een held is die dan ook een adellijke titel krijgt, en dat Feist echt schrik heeft om zijn hoofdpersonages te laten sterven. Er zou zo veel meer in zitten qua diepte, mocht hij dat wel durven. Ja, er sneuvelt wel eens een nevenpersonage, maar niet meer dan dat.

Persoonlijk vind ik het ook jammer dat hij zijn personages niet verder durft uit te diepen. Hij heeft er intussen zo veel gecreëerd, dat hij ze enkel nog een verhaallijn kan geven en niet echt meer een uitdieping, en dat vind ik jammer. Ik had graag gezien hoe Pug met zijn immense macht omgaat, of hoe Jimmy stilaan volwassen wordt en daar ook de psychologische kant van gezien. Uiteraard raakt Feist dit wel aan, maar daar blijft het ook bij: aanraken. Het verhaal zit natuurlijk op zich wel weer mooi in elkaar, met soms bijzonder spannende episodes, maar al bij al blijf ik een beetje op mijn honger zitten.

En een einde waarbij iedereen nog lang en gelukkig leefde? Nah, niet mijn ding.

Picknick in het Middelheimpark, editie 6

We hadden de picknick eigenlijk gepland op de 21ste, maar dat bleek een traditionele drache nationale, en toen hadden we gekozen voor vandaag. Ook hier hebben we getwijfeld, maar de buienradar bleef positief, en dus waagden we het erop. Nog een chance, want we hadden prachtig weer!

Ik durf stellen dat het intussen een traditie is, die zomerse picknick in het Middelheimpark.

In 2017 was dat voor de eerste keer het geval, en toen waren we redelijk op den bots met een man of twintig en liepen we ook rond om het beeldenpark zelf te zien. In 2018 hadden we het door omstandigheden moeten uitstellen naar eind augustus en waren er behalve ons nog vier anderen. Maar gezellig werd het wel. Editie 2019 was door eerder slecht weer opnieuw eind augustus, maar toen waren we toch weer met achttien in totaal ^^. In 2020 was er, om bekende redenen, geen picknick, maar  in 2021 kon het eigenlijk net, aangezien het buiten was en we ons in kleinere groepen hadden opgedeeld. Er was zowaar, kinderen inbegrepen, 48 man toen. De nood aan samenzijn bleek hoog. Vorig jaar, in 2022, was het in hetzelfde weekend als nu en bleken we ook met 36 te zijn.

Vandaag vreesde ik een beetje voor de opkomst: opnieuw waren er nogal wat mensen al richting Conquest of Mythodea, de meesten vertrouwden het weer voor geen half haar, en een aantal was ook met vakantie. maar verder uitstellen was geen optie: volgend weekend spreken ze van regen, het weekend daarna zitten we in Berlijn, en daarna zijn er barbecues van Eternica en Oneiros. Tsja.

Maar zoals altijd druppelden er voortdurend mensen binnen, en vooral ook enkele trouwe aanwezigen. Nieuw waren mijn nichtje en mijn neef met enkele van de kinderen, en het was ook fantastisch te zien hoe Ian terug te been was, letterlijk zelfs. Goed bezig, man!

Tegen vier uur ruimde iedereen op, ging Merel wat lezen in de auto en trokken Babeth en ik het Park Den Brandt in om daar nog vijf labcaches te vinden en zowaar een bunkermuseum te ontdekken.

Kwart voor vijf reden we richting huis, met alweer een fijne, toch ietwat zomerse middag achter de rug.

 

Dordrecht in de regen

Tegen negen uur tuimelden we uit bed, tegen half tien had Hanneke alweer een uitgebreid ontbijt voor ons klaar, tegen half elf zaten we vol goeie moed op de fiets, want het zou pas in de namiddag beginnen regenen, volgens de buienradar. De rit richting centrum was veelbelovend, maar we waren er nog niet goed en wel, we hadden het eerste “hofje” doorkruist, toen plots de hemelsluizen opengingen. Tsja… Toen vluchtten we maar even in de VVV, de plaatselijke toeristische dienst, waar we nog wat kaartjes meenamen en ik even naar het toilet ging. Het begon al op te drogen toen we weer aanzetten, en prompt begon het opnieuw te regenen. Zucht.

We lieten het niet meer aan ons hart komen, fietsten door de regen, zochten nog een aantal caches, en spraken uiteindelijk af om één uur met Sabrina in een zeer fijn, opnieuw zeer instagramwaardig restaurant voor een lunch.

Gelukkig klaarde het tijdens de lunch volledig op, het werd zelfs aangenaam warm, en we fietsten en cachten verder, richting de Villa Augustus.

In die oude watertoren – waar blijkbaar ook een zeer fijne B&B zit – hebben we koffie gedronken en een taartje gegeten, en zagen we dat het goed was. Tijdens de wandeling in de kruiden- en groentetuin begon het opnieuw te druppelen en we waren gelukkig net op tijd binnen in het winkeltje toen het nog maar eens begon te gieten. Gelukkig duurde de stortbui niet lang, zodat we afscheid namen van Sabrina en via nog drie laatste labcaches naar huis fietsten.

Het was al bij al een zeer aangename tweedaagse met tegen de vijftig caches en fijn gezelschap. Tegen achten waren we thuis, met nog een paar kilometer reserve, maar dat maakte niet uit: we waren er geraakt.

Nog eens bedankt, Hanneke, voor de goeie zorgen en het warme onthaal! Hopelijk tot volgend jaar!

Twee daagjes Dordrecht

Ik had Dordrecht eigenlijk nog alleen maar gezien tijdens Big Rivers, en da’s hetzelfde als Gent leren kennen enkel tijdens de Gentse Feesten. Nu had ik vorig jaar al gezegd tegen Merel dat we eens een dag of twee naar Dordrecht zouden gaan en dan logeren bij Hanneke, of een B&B zoeken of zo.

Bon, de daad dus bij het woord gevoegd, al hebben we getwijfeld tot het laatste moment omwille van het weer. Maar het zag er toch niet naar uit dat het ging beter zijn volgend weekend, en daarna zitten we in Berlijn, en daarna is het alweer na 15 augustus en… Enfin, valiesjes gepakt, fietsen opgeladen en weg.

Tegen goed half twaalf stonden we bij Hanneke aan de voordeur, de fietsen werden uitgeladen, Hanneke voorzag ons van een fijne lunch, en hup, de fiets op. Het plan was om massa’s labcaches te doen – de variant van het geocachen waarbij je een vraag ter plaatse invult, in plaats van een fysiek doosje te zoeken – en dat is gelukt ook: we reden de vijf kilometer naar het centrum, bekeken daar vanalles van speciale huizen, voorwerpen, graffiti, aten poffertjes – Merel kreeg haar portie niet eens op – fietsten nog verder, en tegen vijf uur was ons pijp uit. Maar echt.

Gelukkig heeft het niet echt geregend, al hebben wel toch wel even onze regenjas aangetrokken. Maar al bij al viel het nog mee.

We ploften in de zetel, Hanneke maakte zeer fijne wraps, we kletsten nog wat, begonnen een film te kijken, maar gaven tegen half elf ons allemaal gewonnen: het was een stevig maar fijn dagje geworden. De zon hebben we bij momenten gelukkig wel gezien, dat was heerlijk.

Damvallei

Na dat exhaustieve ontbijt zag het ernaar uit dat het eens niet zou regenen in de namiddag, en dus wilde ik gaan geocachen. Alleen… De fietsendrager was niet geïnstalleerd en geen van de heren was thuis, en zelf kan ik het ding niet op de trekhaak zetten. Bon, niks met de fiets dus.

Ik keek even rond of er nergens zoiets was dat ik makkelijk te voet kon doen en dat niet te ver was, en mijn oog viel op Destelbergen, meer bepaald het rondje rond het Damvalleimeer: twee kilometer, een ideale stresstest voor mijn kapotte voet dus. Bon, een fles water meegepakt, het geocachebuideltje, de gsm, en weg was ik. En ik zag dat het er prachtig was, daar in Destelbergen aan de sporthal.

In de vogelkijkhut heb je een prima zicht op de broedplaatsen van de visdief, het soort stern dat daar een soortement kweekprogramma heeft. En die twee kilometer? Dat bleek geen enkel probleem te zijn voor de voet.

Ik keek wat verder rond en zag dat er ook nog extra caches lagen wat verderop in het Reynaertpark en die kon ik natuurlijk ook niet laten liggen. Of wat dacht je? En als extraatje waren er de gedichten aan de bibliotheek.

Bon, ik was eigenlijk nog niet helemaal uitgecacht voor de dag, en dus deed ik er – weliswaar met de auto wegens te ver te voet – het rondje Veneco bij, met de grootste cacheschuilplaats die ik al gezien heb.

Op de bovenstaande foto zie je trouwens de Schelde. Enfin, ze zit daar ergens onder het riet, die afgesloten Scheldearm.

En toen was het acht uur en begon ik toch wel een hongertje te krijgen en was het zowat welletjes. Maar alweer een fijne, fijne namiddag. Man, ik geniet van deze hobby…