Alternatief nieuwjaar
Aangezien de afspraak op oudejaarsavond een beetje in het water viel, voelde Gwen zich daar eigenlijk zeer schuldig over. Compleet onterecht, maar bon. Ze stelde dan voor dat we op nieuwjaar zelf daar ’s middags zouden gaan, en aldus geschiedde.
Zij voorzag verschillende hapjes en een fantastische kalkoencurry als hoofdgerecht, ik had gezorgd voor geflambeerde scampi’s als voorgerecht en verschillende soorten tiramisu als hoofdgerecht. Het is wel zo gemakkelijk als je je helemaal thuis voelt in elkaars keuken ^^
Het zorgde voor een fijne middag waarbij we eigenlijk pas van tafel gingen tegen een uur of vijf. Erg was dat niet, het was eigenlijk vooral bijzonder gezellig. Zoals altijd voor herhaling vatbaar.
En ’s avonds, toen was er nog een nieuwjaarsbrief van Merel en keken we met zijn allen nog eens naar de jaarfilmpjes van de voorbije jaren.
Het jaar is in elk geval goed ingezet.
Oudejaarsavond
Nee, feestelijk was het eigenlijk niet vandaag. Twee jaar geleden hadden we oudejaarsavond gevierd met Gwen en Erik en toen afgesproken dat we dat de volgende keer ook samen gingen doen. De volgende keer was natuurlijk een sisser, vorig jaar, maar dit jaar ging ik er dus van uit dat we het ook samen gingen vieren, en Gwen had dat ook zo in gedachten. Alleen bleken er vrienden van hen dat ergens in de grote vakantie ook gevraagd te hebben, al konden noch Gwen noch Erik zich dat herinneren. Wij zijn echter totaal niet moeilijk, dus vierden ze oudejaar bij die vrienden.
Wij maakten er een rustig dagje van: in de namiddag hielden we wel onze traditionele eindejaarsgezinswandeling. De toer van de Bourgoyen ging me te ver zijn, dat wist ik al, maar een toertje in Vinderhoute door de Vallei van de Oude Kale leek me ideaal: dan ben je rond in iets minder dan een uur.
Toen het donker werd, hielden we onze fotosessie met de vuurspatters, en toen vertrok Wolf richting zijn maten om met hen oudejaarsavond te vieren.
Ik bakte suikerwafels naar recept van mijn oma, we maakten zelf pizza, en toen trokken de kinderen elk naar hun kamer en zapten wij wat tv. Tsja…
Kwart voor twaalf kwamen ze naar beneden, we telden af, en we knuffelden. En dat was dat.
Tot zover 2021. Oef.
Cachen in Zelzate
In 2017 had ik al eens een lange geocachingtocht gedaan in Zelzate: Mietje Stroel, met zo’n 15 caches en een prachtige bonus. Nu zijn die caches voor het grootste deel gearchiveerd, maar is er wel een labcache met dezelfde naam.
Ik wilde graag nog een aantal caches afwerken voor 3 januari om een souvenir te krijgen en wilde vooral eens mijn kot uit, al was het maar om te testen hoe ver mijn lijf eigenlijk al gerecupereerd is van die operatie. Zelzate leek me daarvoor ideaal: een labcache die ik met de auto kon doen, een stedelijke omgeving waar ik makkelijk kon gaan zitten indien nodig, en amper tien minuten rijden.
Maar uiteraard stond ik voor de brug. Tsja. Dan maar eerst, tevergeefs, de ‘Ergernis van Zelzate’ gaan zoeken, een cache die speciaal daarvoor in de buurt van de brug ligt. Helaas, tegen dat ik terug in de auto zat, was de brug alweer dicht geweest en opnieuw open. Gelukkig lag aan de overkant van de baan nog zo’n “Ergernis van Zelzate nr. 2”, die ik wel vond, en toen kon ik gelukkig eindelijk wel over de brug.
De labcaches konden vlot gevonden worden, het was aan het motregenen, maar eigenlijk vond ik dat niet zo erg. En de fantastische bonus van de vroegere ronde Mietje Stroel is nu de bonus van de labcache, gelukkig maar. Het blijft een zalige!
In het terugkeren reed ik langs het water richting een cache die ik in 2017 niet gevonden had, waar ik nu een tip voor gekregen had, en die ik nu meteen vond. Geen idee waarom, maar daar werd ik zo gelukkig van…
Enfin, het was donker en nat tegen dat ik terug thuis was, ik was moe, maar ik was vooral helemaal uitgewaaid en eindelijk ook gewoon fysiek moe.
Een fijne laatste cachedag voor 2021!
365 – 30 december 2021 – een prachtige Zelzaatse cache
Een gezellige vaccinatie
Sociaal
Ik heb gisteren en vandaag een beetje mijn schade ingehaald qua sociaal zijn. Gisteren kwam Jarne namelijk langs, ons jongste Vosje van toch wel 23 jaar. We wilden gewoon nog eens lekker kletsen, maar ik had ook bijbedoelingen. Jarne is namelijk aan het doctoreren als burgerlijk ingenieur computerwetenschappen, en is dus ideaal geplaatst om aan Wolf wat meer uitleg te geven in verband met de studie burgie. Van de infobrochure word je immers niet altijd veel wijzer. Zo heb je in het eerste jaar analyse. Uitleg: de analytische kant van de wiskunde. Juist ja. Maar Jarne kon uitleggen hoe het in elkaar zit – om de drie weken een test – wat de vakken inhouden, wanneer je een richting moet kiezen, wat de mogelijkheden zijn… Jarne bleef meteen ook gewoon eten en ontfermde zich over meer dan de helft van de nog overgebleven kalkoen. Geen flauw idee hoe die erin slaagt zo mager te zijn…
Het werd in elk geval een gezellige namiddag, en Wolfs keuze voor volgend jaar ligt nu wel min of meer vast, denk ik.
Vandaag werd nog een pak socialer: er kwamen maar liefst vijf Korda – allez ja, vier Korda en een lief – vanuit Balen naar Gent. Blijkbaar komen ze wel vaker, en dan vooral om naar de World’s End te gaan, een geek-comic-boardgames café. Tussen drie en vier gingen ze hier zijn, en kwart over drie waren ze hier ook effectief, allemaal gewoon doorweekt. Wat een rotweer ook! Gent was vandaag duidelijk tegengevallen: veel te druk, te nat, te… bleh. Hier zaten ze dan ook lekker warm en droog, en vooral ook met een negatieve zelftest. Ja, ik ben daar moeilijk in: corona is nog niet weg en ik neem liever geen risico met vijf jonge gasten, ook al ben ik net zelf genezen en dus immuun.
Er werd koffie en bier gedronken, heel veel gekletst, gediscussieerd, gelachen, over Larp gepraat, enfin, ’t werd een heel fijne, sociale middag.
Om half zeven besloten ze eten te bestellen: ik had wel brood voorzien, maar zij hadden nog niet warm gegeten, vandaar. Geen probleem, wij deden wel mee: sushi en pizza! Alleen bleken de levertijden naar de lange kant, zeker toen daar nog vertraging op kwam. De pizza was er om kwart voor acht, de sushi om kwart na acht, maar man, die was wel schitterend! Eerlijk waar, de beste die ik al gegeten heb, vanuit de Twilight Sushi op de Korenmarkt dan nog!
Tegen half tien heb ik ze dan buitengegooid: Bart had zich al die tijd afzijdig gehouden in zijn bureau, en ik wist dat het welletjes was voor hem. Niet dat de Korda het erg vonden: ze moesten nog anderhalf uur rijden, en voor een van hen nog een uur extra. Tsja.
Maar ik, ik heb keihard genoten van mijn vriendjes in de buurt. Zalig!
Lectuur: “The Way of Kings” (The Stormlight Archive #1) van Brandon Sanderson
Eerst had ik “A beautiful boy” van Vikram Seth ter hand genomen, maar dat bleek 1500 bladzijden te zijn, en dat zag ik even niet zitten. Ik had meer zin in stevige fantasy, en ik was eigenlijk al behoorlijk fan van Brandon Sanderson na de zeven boeken van de Mistborn Trilogy. Op Goodreads zag ik dat zijn Stormlight Archive eigenlijk nog hogere scores kreeg, en dat zag ik dan wel volledig zitten. Alleen zag ik pas, toen ik al aan het lezen was, dat de boeken ook elk een duizendtal pagina’s zijn, met voorlopig vier boeken van een geplande reeks van tien. Tsja, dan was ik misschien beter toch bij Seth gebleven?
Toch was het met ietwat gemengde gevoelens dat ik de eerste 600 pagina’s las – toen ik dat opmerkte, zei Bart: “Hoort gij nu uzelf dat zeggen?” – aangezien ze vooral het schetsen van een zeer uitgebreide wereld zijn. Ja, het boek begint met een gigantische actiescène die al meteen de toon zet over de soort magie en gevechten en zo, maar toch… Daarna worden vooral de drie hoofdpersonages om beurt geschetst: Kaladin Stormblessed, een gedesillusioneerde soldaat die ongegrond tot slaaf is gemaakt; Shallan Davar, een jong naïef meisje van adel dat noodgedwongen op eigen benen moet proberen staan als geleerde, en Dalinar Kholin, een generaal en vechtmachine, en helaas ook de oom van de huidige koning.
Sanderson schetst de samenleving dus vanop drie niveau’s: de lage, onbeduidende stand, de middelhoge adel, en de absolute top van het koninkrijk. Hij begint in medias res maar keert heel regelmatig terug via flashbacks naar het verleden om meer duidelijkheid te geven over bepaalde politieke situaties en persoonlijke trauma’s van zijn personages. Sommigen vinden dit een manier om aan info dump te doen, maar flashbacks zijn al sinds Homeros daar de ideale manier voor: je hebt tegelijkertijd én meer info, én je kan in de andere hoofdstukken de plot vooruit doen gaan.
Je ziet al op voorhand dat de drie hoofdpersonages uiteindelijk met elkaar in verband zullen komen te staan, ook al liggen ze in het begin mijlenver uit elkaar. Maar de opbouw van de wereld verloopt soms wat traag, en vooral de hoofdstukken rond Shallan durven zelfs al eens aan de saaie kant te zijn. Aan de andere kant: alle info daar is noodzakelijk voor het verdere verloop van het verhaal, dat weet je als lezer ook wel.
Na zo’n bladzijde of 600 komt er echt vaart in het verhaal: de wereld staat er en de plot mag zich eindelijk ontwikkelen. En dan is Sanderson weer op zijn best: politieke intriges, magische mogelijkheden die zich ontvouwen en waar de personages zich zelf niet eens bewust van waren, gelaagde karakters… Al zit er niet bepaald veel evolutie in het karakter van Kaladin, nochtans een van de meer intrigerende personages. Hij valt van de ene levenssituatie in de andere maar blijft dezelfde wantrouwige, grimmige, gedesillusioneerde jongeman. Tsja. Niet alles kan even top zijn.
Maar dit boek krijgt toch ook vlotjes 5 sterren van mij: een mooi uitgewerkte wereld, onversneden amusement, compleet escapisme en heel erg meeslepend. Vintage Sanderson, zou ik zeggen, en daar kan er niet voldoende van zijn. Op naar de volgende 1000 bladzijden!
Kerstdagfoto’s
Al een aantal jaar maak ik – of liever, vraag ik iemand – om een foto van ons gezin te maken op kerstavond, kerstdag of nieuwjaar. We zijn dan allemaal opgekleed, en ik denk er dan tenminste aan. Het is ook echt mooi om die foto’s eens onder elkaar te zetten: de veranderingen zijn soms immens in één jaar.
Kerstdag
Eigenlijk was het, al bij al, een zeer rustige ochtend. Het eten stond klaar, Bart had gisterenavond nog de afwas gedaan: er moest dus enkel nog even gestofzuigd worden, de zetel goedgelegd en de tafel gedekt.
Tegen twaalf uur kwamen zowel Nelly als Koen met zijn gezin en het werd gezellig druk, al zaten de kinderen eigenlijk vrij snel boven. Wolf bleef wel bij de volwassenen zitten, waar hij zo stilaan ook gewoon thuishoort natuurlijk.
Er was opnieuw zeer lekker eten, zij het een beetje een ander menu dan gisterenavond. Dezelfde hapjes, dat wel, maar dat was ook het enige. Als voorgerecht waren er gemarineerde Sint-Jacobsnootjes met een crème van gerookte ganzenlever, hazelnoot, girolles en knolselder. Tom kha kai blijkt een heerlijke Thaise soep te zijn, en het hoofdgerecht bleek hertenkalfhaasje met klassieke wildgarnituren, twee sausjes en kroketten. En het dessert was een creatie met zanddeegbodem en Dolce de Leche. Dik in orde, zeer lekker!
Bart liet het eten vlot op elkaar volgen, en dat was eigenlijk wel nodig, want Nelly kan niet zo heel lang op een stoel blijven zitten tegenwoordig. Tegen half vier gaf ze dan ook aan dat ze eigenlijk het liefst naar huis wilde, zodat ze rustig kon zitten of liggen. Vroeg, maar heel begrijpelijk. Else is dan ook vertrokken met de kinderen, maar eerst hebben ze nog samen suikerspinnen zitten maken.
Tegen vier uur was ons huis alweer helemaal opgeklaard en opgeruimd, de afwas gedaan, en eten in de ijskast voor de komende vier dagen, denk ik.
Tijd genoeg voor Merel en mezelf om eindelijk eens samen naar The Sound of Music te kijken. En ’s avonds? Toen aten we de overschot van die Thaise soep met zelfgemaakte lookbroodjes: er was nog oud stokbrood van gisteren en vanmiddag, er was boter en er was look. Meer heeft Bart niet nodig om met het gezin rond het keukeneiland te zitten.
Fijne kerstdag, jawel.















