Koffiemomentje en cachemomentje

Gwen en ik hebben elkaar in deze vakantie weer bijzonder weinig gezien, helaas. We zijn begin augustus bij hen gaan barbecueën en dat was toen supergezellig. En toen werd het – enfin, bleef het – slecht weer, en begonnen onze roosters opnieuw.

Vandaag besloten we om er alsnog werk van te maken, en spraken we om vier uur af in ’t stad voor een koffietje. Bart heeft blijkbaar aandelen bij Izy, en daar was ik nog nooit geweest, dus dat was ideaal, al zeker omdat ik nog in de Curb moest zijn, de skateshop daar in de straat. Schitterend fietsweer, overigens ^^

En toen kwam er ’s avonds nog een extra cache van Stefanie uit, langs de Buntstraat, de fietsweg naar school voor mij.

Ik sprong fluks de fiets op en reed naar ginder, waar ik, tot mijn gigantische verbazing, een park ontdekte waar ik al jaren gewoon langsfietste en nooit het bestaan van had vermoed. Ja, ik had al dat stukje grasland met struiken gezien, maar aangezien er links en rechts huizen staan, dacht ik dat dit nog onbenutte bouwgrond was of zo. Niet dus: achter die huizen, langs de R4, ligt een heus park! Compleet met weggetjes, brugjes, mountainbikepad, alles erop en eraan. Ik was zeer gecharmeerd en haalde zelfs ook nog een FTF. En nam eigenlijk een hoop foto’s voor mezelf.

Een mooie afsluiter van de vakantie, zowaar.

 

Van geocaching, FTFs en bramenconfituur

In april had ik een nieuw geocachevriendje gemaakt. Het is er nog altijd niet van gekomen om samen te gaan cachen – zo goed als alles in de buurt hebben we allebei al gedaan – maar Stefanie is intussen begonnen met zelf een paar caches hier in de buurt te steken.

Voor mij is dat wel fijn natuurlijk: ik moet maar op de fiets springen en ze oppikken, en dan heb ik nog een First To Find, als ik chance heb dat ik de nieuwe cache zie uitkomen. De eerste was eergisterenavond uitgekomen, maar toen had ik niet meer de puf om uit mijn zetel te komen. “Ge wordt oud”, merkte Bart langs zijn neus weg op.

Maar gisterenmorgen rond half tien trok ik de mailbox open, viel mijn frank, ging ik de fiets op, en jawel, nog een FTF. De tweede in de reeks kwam gisterenavond uit, ietsje vroeger, rond half negen, en aangezien het niet regende, ging ik alsnog de fiets op.

Nummer drie was er eentje voor deze avond: ik zat in de zetel met de computer toen ik het bericht kreeg dat er een nieuwe cache was, en dan echt nog vlakbij, op 200 meter. Vijf minuten later zat ik op de fiets en ontdekte ik een wegel langs het Liefke waarvan ik het bestaan niet eens kende! Na wat getengel had ik de cache in handen en had ik ook meteen vastgesteld dat er daar een overvloed aan rijpe bramen was!

Na het avondeten ben ik dan nog even teruggefietst met een ijscrèmedoos om bramen te gaan plukken, en heb ik meteen een half uur staan kletsen met een medecacher die nog had gehoopt de eerste te zijn. Tsja…

Ik reed verder de wegel af en vond meer en meer bramen, tot mijn doosje overvol was.

Gecombineerd met een handvol voze kersen dat was blijven staan, gaf dat nog wat later vier mooie potten confituur.

Goed gewerkt vandaag!

 

Huisje kijken

Peggy, de personeelsverantwoordelijke van onze school, is eigenlijk al lang meer dan een collega.

Afgelopen jaar is ze verhuisd van Mariakerke naar Wondelgem, en ook al had ik de bouw van dat nieuwe huis meegevolgd – zowel door haar verhalen als door af en toe eens langs te fietsen – ik was er nog steeds niet geraakt.

Enfin, geraakt is eigenlijk niet het juiste woord: als risicopatiënt was het voor haar nu niet direct aangeraden om volk over de vloer te laten komen. Maar we hadden al eventjes gezegd: als het van de vakantie goed weer is, kom ik ne keer op uw terras koffie drinken en uw huis bekijken. Meer nog: we hadden de week van de 19de voorzien in onze agenda, want daarvoor zou het toch niet lukken.

En dus kreeg ik plichtsgetrouw een berichtje: dinsdag koffie? Vrolijk fietste ik dus richting Peggy, waar ik dacht een goed uur of zo te zitten. Ja goe were!

Ik had het eigenlijk moeten weten: we hadden al zo lang niet meer de tijd gehad om eens deftig te kletsen aangezien zij vooral thuis werkte. Ik was er tegen kwart voor drie, en het was na zessen tegen dat ik weer op de fiets zat.

Maar man, dat deed deugd! Gewoon over vanalles nog eens tetteren, en eigenlijk bijzonder weinig over het werk, zo hoort dat in de vakantie.

En dat huis? Stevig de moeite!

Adventure labcache Wondelgemse gebouwen

Halverwege mei was ik gaan rondrijden in Wondelgem om de nodige info te verzamelen voor een Wondelgemse labcache. Toen had ik vastgesteld dat je niet zomaar een labcache mag leggen, maar dat je daarvoor een uitnodiging moet krijgen of je kandidaat stellen. Hmpf.

Maar eigenlijk kwam die toestemming er vrij snel, en eerder deze week zette ik de labcache op poten. In tegenstelling tot een gewone cache heb je hier geen fysieke cache zodat de cache ook niet moet goedgekeurd worden door Groundspeak. Ze laten enkel wel ervaren cachers toe en vertrouwen op je kennis.

Toen het rondje er helemaal lag, heb ik wel een paar bevriende cachers gecontacteerd met de vraag of een van hen een testrun wilde doen: dat kan namelijk wel. De Evergemse Luc deed hem deze ochtend en gaf me de nodige feedback: vier punten waren prima, de vijfde locatie vond hij wat veraf, en het was ook jammer dat er geen bonus te vinden was, een effectief fysieke cache waarvan je de coördinaten te weten komt wanneer je de labcache oplost.

“Goh”, stuurde ik hem, “zin om af te komen en samen op zoek te gaan naar een bonuslocatie?” Een kwartier later stond Luc met de fiets voor mijn deur en toerden we samen rond. Het dienstencentrum werd vervangen door Kasteel Morek en we toerden rond tot we aan een bospaadje een ideale boom vonden, niet te ver van de Dries. De Dries zelf was geen optie omdat daar al een fysieke cache ligt.

Ondertussen heb ik ook een fijne babbel gehad met Luc en deed het wel deugd om ook wat feedback te krijgen.

En nu maar hopen dat de bonuscache snel goedgekeurd wordt, zodat alles online kan.

Genieten!

Wat heb ik het gemist, dat vrijdagse momentje voor mezelf. Zowel vorig schooljaar als dit schooljaar heb ik op vrijdag gedaan met lesgeven om 12.05 uur. Ideaal dus, om daarna in alle rust op mijn eentje te gaan lunchen in de Villa Ooievaar, het sociale restaurant dat knal tussen werk en woning ligt.

Alleen kwam er natuurlijk corona tussen en was het uit met de pret. De laatste keer was 16 oktober… Intussen had ik een paar keer eten afgehaald voor het gezin, maar dat is absoluut niet hetzelfde.

Intussen zijn wel de terrassen al enige tijd open, maar door het absolute kutweer was daar nu niet bepaald veel mee gewonnen.

Tot vandaag. Vandaag was de eerste dag dat op vrijdag de zon straalde. Ik wilde gisterenavond nog reserveren, maar toen bleek dat hun uren veranderd waren en dat je voor het terras kon bellen tot 16.00 uur voor reservatie, of eventueel een mailtje sturen. Ik besloot het erop te wagen, mailde en kreeg in de voormiddag bevestiging. Jawel, er was nog een plaatsje om half een op het terras, en ik kon probleemloos nog de Griekse kip krijgen.

Met een hart zo groot als de wereld waaide ik het terras op, kreeg een tafeltje toegewezen in de zon, had binnen de vijf minuten mijn eten voor mijn neus, en ik voelde me de koning te rijk. Eventjes terug naar normaal!

Ik zat er zo fantastisch – en had geen deadlines te halen – zodat ik ook maar een koffie en een excellent stuk kaastaart bestelde.

Man, wat heb ik dit gemist, dit vrijdagse zenmomentje!

Geocaching Adventure Labs

Vandaag ben ik tussen de buien door – het is echt niet koud – toch even in Wondelgem gaan rondrijden om de info voor een labcache te verzamelen.

Ik legde al eerder uit wat dat is, maar ik herhaal even:  dat is een aparte app, ook van geocaching organisatie Groundspeak, en ze tellen mee met je gewone caches, maar ongelofelijk leuk! Je krijgt een beginpunt en pas als je daar effectief op tien meter afstand bent, opent de app een uitleg en moet je een vraag beantwoorden. Heel vaak gaan labcaches dus om historische uitleg en dergelijke. Als je vraag 1 hebt beantwoord, krijg je toegang tot de tweede locatie, maar ook daar moet je effectief naartoe als je de vraag wil krijgen. Per opgeloste vraag krijg je trouwens een extra op je teller van gevonden caches. Zo gaat het snel, natuurlijk. En blijkbaar hebben de meeste labcaches ook een bonus, een effectief verstopt potje waarvan je de coördinaten maar krijgt als je de volledige labcacheronde hebt opgelost.

Ik deed er eentje met Wolf in Ronse, twee met Merel in Gent en een (en een stukje) in Eeklo met ons pa. Ferm amusant, en coronaveilig want je zoekt niks fysieks. Ik heb al stukjes van leuningen geteld, stenen rond een beeld, geboortedata ingegeven en dergelijke, dat wel.

En dus dacht ik: er is helemaal niks van die orde in Wondelgem, ik zoek dus zelf vijf van de ‘toeristische hotspots’ hier in ons dorpje. Ik heb al eens stevig moeten nadenken, maar bon :-p

Enfin: coördinaten verzameld, vragen opgesteld, antwoorden gezocht: ik was klaar om de labcache in te dienen. Euh… Hoe? Waar? Dat zit blijkbaar niet in de gewone website? Hmmm?

En toen vond ik na wat gezoek dat je blijkbaar niet zomaar labcaches kan opstellen, maar dat je je kandidaat moet stellen. Hmpf.

Ik contacteerde een medecacher die er wel al twee heeft opgesteld, maar die wist me te vertellen dat hij zelf door Groundspeak was gecontacteerd omdat hij vroeger al een paar labcaches had gedaan. Nog meer hmpf.

Enfin, ’t ligt allemaal klaar en ik heb fijn rondgehost vandaag. Nu maar hopen dat ze me contacteren, dan kan ik ook Wondelgem op de labcachekaart zetten.

 

Nieuw geocachevriendje?

Telkens wanneer een van je eigen caches gelogd wordt – gevonden of niet gevonden – krijg je als eigenaar een mailtje. Ik lees die meestal cursorisch, maar de “niet gevonden” logjes bekijk ik wel grondiger, al was het maar om er zeker van te zijn dat die al dan niet weg zou zijn.
Nu kreeg ik vandaag dus een bericht van een mij onbekende cacher dat ze de multi aan de kerk van Wondelgem – een oude cache die ik niet gelegd heb, maar wel overgenomen heb van de originele legger die inmiddels verhuisd is – niet had gevonden. Ze had de juiste coördinaten berekend, maar op ground zero had ze niks gevonden. Ik stuurde een berichtje terug met de vraag of ze er nog was, want dat is minder dan een kilometer van mijn deur, en anders kwam ik rap eens kijken.
Ze antwoordde dat ze vlakbij woonde, dat ze nu aan het koken was, maar dat ze sebiet wel even tot aan den Dries wilde komen. Enfin, een dik kwartier later stonden we beiden aan de cachelocatie om vast te stellen dat hij effectief pootjes had gekregen. Ik had een nieuw potje mee, liet haar tekenen en stopte het weg.
En toen fietste ik nog met haar mee tot aan haar deur en bleven we, welja, twee uur staan kletsen.
Ik denk dat ik iemand gevonden heb om in de buurt mee te gaan cachen, zo af en toe. Wijs mens. Een pak jonger dan ik, dat wel, maar een hele vlotte.
Yupyup.