Toonmoment voor Merel: een toneelstuk

Merel volgt al sinds enkele jaren Woord en Dramalab aan de muziekacademie in Evergem, sinds dit jaar ook met een nieuwe leerkracht. Ze waren met vijf, een van het groepje is gestopt, en nu zijn er dus nog Lieze, Poppy en Olivia, en die komen blijkbaar wel goed overeen.

Gisteren brachten ze voor ons een wel degelijk bestaand toneelstuk, van zo’n 40 minuten, maar oorspronkelijk met een rol of tien. Die hebben ze dus zelf gereduceerd naar vier, met de nodige aanpassingen en toegevingen.

Het was bij momenten chaotisch, maar dat was ook de bedoeling: ze willen een toneelstuk brengen maar komen tot de constatatie dat ze er geen hebben. En dan gaan ze over tot alle mogelijke wanhopige en drastische maatregelen om toch iets op de planken te brengen, compleet met dansje en al. Yup, het was eigenlijk best goed, en Merel heeft wel een natuurlijke flair als ze op een podium staat.

Best wel trots op mijn jonkie, jazeker.

Van den vos die amoc maecte

Vrijdagavond gaf ik met een hele resem leerlingen en collega’s present in Zwijnaarde voor de voorstelling “Van den vos die amoc maecte” in regie van Dimitri Leue. Ik had last minute ook Merel, een zesdejaar en een oud-leerlinge meegekregen, want we hadden – helaas betaalde – tickets over. Merel zei achteraf dat ze bijzonder content was dat ze meegegaan was: het was dan ook een echt goed stuk.

We kennen allemaal we de basis van het verhaal: Reynaert is een sluwe vos die iedereen, maar dan ook iedereen bedriegt en in de luren legt en daar telkens weer, keer op keer, mee weg komt, al dan niet met achterlating van een stukje vacht. Het is vooral een kritiek op domme mensen, in casu de adel, en alle dieren zijn stereotiep.

Leue doet hier keihard zijn eigen ding mee met amper vier acteurs: Han Solo als de wolf, Frank Focketeyn als Koning Leeuw, Jonas Leemans en Ini Massez als de andere dieren. Hij doorbreekt ook vlotjes de vierde muur: de personages spreken het publiek toe, geven zelf commentaar op de acties en de dialogen en op elkaar.

Reinaert de vos zoals u hem nog nooit zag of hoorde.
Een schelmenstuk, een sluw slopen van het zeggenschap.
Met veel respect voor het origineel bewerkte Dimitri Leue deze klassieker tot iets origineels.

Han Coucke kruipt in de pels van Vlaanderens meest aimabele slechterik.
Frank Focketyn geeft gestalte en volume aan de goedgelovige leeuw Nobel.
Ini Massez neemt het in deze rechtszaak avant-la-lettre op voor haar neef Vos als Grimbert de das.
Jonas Leemans wil als wolf Isengrijn maar één ding: wraak op die rotte vos.

Als Lode Zielens aan zijn moeder vroeg: ‘Waarom leven wij?’
had zij moeten antwoorden met: ‘Voor de geneugtes, jongen.’
Gevoelens voelt ge. Gedachtes denkt ge. Geneugtes die… neugt ge. Dus we moeten neugen! Neugen! En nog eens neugen! – VOS

Ik heb nog een leeuw liggen die speciaal voor mij zijn manen heeft geföhnd. Het is een model. Het model van onze vlag dan nog wel. En hij is van mij.Zijn manen draaien rond mijn hemellichaam. – LEEUW

Choose your weapon: geweld of gesprek.
Zijn wij wilde beesten die elkaar zo maar wat afmaken of zijn wij
intelligente dieren die met respect omgaan met elkaar?
U bepaalt waar wij staan in de evolutie, chief! – DAS

Het resultaat? Een gigantisch stomend stuk, waarbij je afwisselend in de lach schiet, zit te grinniken, af en toe verontwaardigd blaast, maar vooral geniet. De staande ovatie achteraf was dan ook terecht, want man, dit blaast je van je sokken, en doet je tegelijkertijd nadenken over de inhoud.

Als je nog ergens kan gaan kijken: DOEN! Er zijn hier en daar nog enkele tickets te krijgen: https://leue.be/voorstelling/van-den-vos-die-amoc-maecte/

Dramatoonmoment

Merel volgt sinds het begin van dit schooljaar samen met Lieze de lessen drama in Evergem, samen met drie andere meisjes. Vandaag hadden ze een eerste toonmoment, een kort geïmproviseerd toneeltje dat ze op twee weken in elkaar hebben gestoken. Het was echt wel amusant: vijf tienermeisjes maken een clubhuis in een leegstaand huis en vinden er onder andere een amulet. Wanneer Merel later vrijwilligerswerk in een verzorgingstehuis doet, herkent een oud dametje het amulet en weet ze dat ze in gevaar is, want in dat huis heeft ze destijds haar man gedood en begraven. En dus gaat ze terug naar dat huis, waar de meisjes toevallig aanwezig zijn…

Er zat zelfs een stukje musical in. Goed gelachen, en vooral: ze doet dat echt goed, ze heeft er flair voor.

Toneel: “Voor wat zal komen”

Ik had in de schoolkalender gezien dat onze vierdes deze namiddag naar een toneel gingen in de Kazematten, aan de Dampoort. Aangezien ik op maandagnamiddag geen les heb en al graag ne keer een toneel zie, had ik me opgegeven om mee te gaan als begeleiding. Ik wilde wel nog mijn vijfde lesuur geven en ook nog warm eten op school, maar dat lukte wel, want zo ver is dat nu ook weer niet met de auto.

Ik schreef er het volgende over op de schoolwebsite:

Vorige week maandag tekenden onze vierdes onder een stralend blauwe hemel present aan de Kazematten voor een try-out van de voorstelling “Voor wat zal komen” van Boris-Johannes, wat meteen zijn cabaret-debuut is.

Zoals de perstekst het verwoordt: ” Als je kan dromen over later, dan ligt de toekomst aan je voeten.
Maar als de dood voor je neus staat, of je zelfs in de bek spuugt, dan staat de tijd stil.
En wat doe je dan? Doe je een staarwedstrijdje met de dood? Of maak je juist grapjes met elkaar over dat die maar eens in oma’s ogen mag gaan kijken, want die is 97 en mag ook wel eens gaan. Maar als het einde dan toch niet het einde blijkt te zijn, dan wil je wel weer kunnen dromen. Hoe doe je dat ook alweer?

In ‘Voor wat zal komen’ nodigt Boris-Johannes je uit op een theatrale reis. Een reis met obstakels zoals opgroeien als een jonge homoseksuele tiener, zijn gebrek aan aanpassingsvermogen en ouders zonder humor. Genoeg hobbels waarover goed gelachen kan worden.”

Effectief, Boris-Johannes begint meteen bijzonder direct en brutaal over het feit dat hij niet meteen BJ wil worden genoemd, om begrijpelijke redenen. Het zorgde hier en daar voor wat ongemakkelijk gelach, want leerlingen van vijftien zijn niet meteen open over onderwerpen zoals seks, homoseksualiteit, de dood, kanker…

En dat is precies wat de cabaretier met dit stuk wil bereiken: door er zo open en direct over te zijn, voel je je na een tijdje niet meer op je ongemak, maar ga je mee in zijn verhaal: dat van een jonge gast die op een typisch Vlaams familiefeest – zijn vader wordt 65 – tegen wil en dank eruit flapt dat hij hervallen is, dat hij opnieuw kanker heeft. Dan krijg je vooral alle typische reacties daarop: medeleven, goede raad, mensen die er niet mee om kunnen, mensen die in jouw plaats breken, en gelukkig ook een echt goeie reactie, namelijk dat dat ronduit suckt. Want wat moet je zeggen als je plots geen toekomst meer voor je ziet? Dat je wil dromen maar dat eigenlijk niet mag?

En hoe ga je er dan mee om als je, heel voorzichtig, toch jezelf opnieuw toestaat te beginnen dromen? Durf je dat dan wel?

Boris-Johannes doorspekt zijn verhaal met dromerige liedjes die hij zelf begeleidt op zijn gitaar.

Hier en daar liep het nog wat stroef en kon je merken dat het nog een try-out was: de tekst moet hier en daar nog bijgeschaafd worden en mag wat strakker. Maar het belangrijkste was dat het onze leerlingen deed nadenken en vooral ook vragen stellen. De voorstelling is relatief kort – drie kwartier – maar Boris-Johannes neemt volop de tijd om vragen te beantwoorden en doet dat op een heel open, eerlijke manier. Daar gaat het dan ook om: respect voor elkaar, respect voor een andere mening, een anders-zijn, respect voor elkaars gevoelens. We zijn er zeker van dat we onze vierdes dan ook wel wat stof tot nadenken hebben gegeven, en ideale gespreksstof voor de lessen levensbeschouwing.

Rond half vier stond ik dan ook weer buiten onder de stralende hemel en liep nog even rond, want ja, hier heb ik als student op kot gezeten in een huisje dat van mijn ouders was. Vooral in de cité heb ik veel gezeten: daar woonde een paar reguliere mensen, zoals twee oudjes, een beeldhouwer, enkele studenten, maar ook een paar krakers. Niet elk huisje had stromend water, en er was een gemeenschappelijke WC op het einde van de cité. Ik heb er meegedaan aan straattentoonstellingen, heb ’s morgens nog eieren gebakken op een kampvuur temidden van de straat voor de hele cité, ik heb de bewoners helpen zoeken naar een nieuwe woning voor de twee oudjes toen de cité ontruimd werd, ik heb er wietplanten helpen zaaien in potten in de goot, ik heb er genoten van de Fonsmayonaise, ik heb er Willy weten sterven, ik wilde er mijn eerste joint roken maar dat werd me vlakaf geweigerd want ik was Roodkapje, de studente met de rode jas. Heerlijke tijden. En toen werd de hele cité gerenoveerd, iets wat ook wel echt nodig was. Maar het bracht wel wat herinneringen terug, ja. Waar ik sta voor de foto, was de toenmalige toiletblok.

Ik liep nog even rond, maakte wat foto’s en reed naar huis. Met een goed gevoel.

Toneel

Het had wat voeten in de aarde en de definitieve inschrijving is er nog steeds niet, maar: Merel en Lieze hebben vandaag hun eerste toneelles aan de academie gevolgd!

Muziek was Merels ding eigenlijk totaal niet, daar waren we al een tijdje achter, en woord is het helemaal. Vandaag was er de eerste sessie van het schooltoneel – van 13.00 uur tot 15.00 uur – en om 18.00 uur zette ik beide dames af in het MUDA in Evergem, voor hun  eerste les binnen het officiële deeltijds kunstonderwijs, ook van GO! scholengroep Gent.

Er was wat getwijfeld: zouden ze les volgen op woensdag, of op vrijdag, of toch op zaterdagvoormiddag? Dat laatste was dan wel in de Poel en niet in Evergem, maar het kon perfect. Na wat gedoe bleken ze toch voor de woensdag te gaan: het schooltoneel loopt maar tot in januari, en de rest is een kwestie van plannen. En op woensdag zitten ze dan tussen leeftijdsgenootjes en kunnen ze eigenlijk ook met de fiets gaan, als geen van ons kan voeren.

Ik ben eigenlijk wel blij: het is een kwestie van principe dat mijn kinderen muziek kunnen, en Wolf heeft al een paar keer gezegd dat hij daar echt dankbaar voor is. Maar woord, dat is mijn lust en mijn leven, en ik ben zo ongelofelijk blij dat mijn dochter daarin mijn voorbeeld volgt. Ze leest, ze maakt presentaties, ze speelt toneel, en nu volgt ze dus ook les.

Heerlijk, toch?

“De Perzen. Triomf van empathie” in het NTG, door Chokri Ben Chikha / NTGent & Action Zoo Humain

Poeh. Dit kwam even binnen, jawel.

In het Oud-Griekse toneelstuk “De Perzen” van Aeschylos kruipt de auteur in de huid van de Perzische verliezer en probeert hij zich voor te stellen hoe het voor de Perzische koning en diens entourage moet geweest zijn.

In dit stuk is er in een nabije, maar zeer pessimistische toekomst – Rusland heeft een groot deel van Oost-Europa geannexeerd, Palestina is zo goed als onbewoonbaar door kernwapens, USA heeft zich van het wereldtoneel teruggetrokken en de Europese Unie is uit elkaar gevallen – een groep jonge acteurs die onder leiding van Chokri Ben Chikha een stuk in elkaar heeft gebokst op basis van het toneelstuk van Aeschylos. In de bijzonder rechtse samenleving is de regisseur intussen opgepakt en vervangen door iemand die wél de Vlaamse identiteit wil behouden. De acteurs brengen een visie op de huidige oorlog in Ghaza vanuit Palestijns oogpunt, ook al is een van de spelers zelf een Israëlische. Alleen is dat blijkbaar niet oké volgens de vervangende regisseur: zij wil hetzelfde stuk maar dan met empathie voor Netanyahu en co. Ze vraagt ook de verschillende spelers – een Palestijn, een Israëlische, een Duitse, een Vlaamse, een Marokkaan – naar hun mening over zowel die oorlog als hun maatschappij – en daarin komen toch wel zeer duidelijke standpunten naar voor. Het doet je vooral nadenken over de reële toekomstdreigingen en de verdere verrechtsing van de samenleving, maar dan in een knappe regie, beeldvoering én dans, doorspekt met videobeelden uit Ghaza.

Ben Chikha weet wat hij doet en hoe hij het moet brengen, zoveel is duidelijk. Poeh.

 

Dood Paard in NTG met “Women of Troy, as told by our mothers”

Zeiden Gwen en ik vorig jaar nog dat wij het echt wel hadden voor teksttheater, dan werden we vandaag wel op onze wenken bediend.

Dit was puur teksttheater: vrijwel het hele stuk door zitten de vier acteurs te haken aan een gigantisch groot lappendeken, waarbij ze gewoon af en toe eens van kant wisselen.

Ze vertellen het verhaal van Troje, het standpunt van Helena, dat van Andromache, dat van Briseis, dat van andere vrouwelijke personages, maar dan zoals hun moeders zich dat zogezegd herinneren. Ze verwoorden hoe hun moeders dat zouden zien, achteraf bekeken en vanuit het perspectief van een ouder persoon. Er komen ook veel referenties aan het heden, aan dingen die ze nu meegemaakt hebben. De hamvraag is: zou de Trojaanse oorlog zo lang geduurd hebben als vrouwen het voor het zeggen hadden gehad? En zou het verhaal van Homeros zo verteld zijn als hij een vrouw was geweest?

Ik vond het wel goed, ja. Zeer tekstueel, zeer cerebraal, maar als je de Ilias door en door kent, zeer goed. Yup.

“Thanks for being here” van Ontroerend Goed in NTGent

Stond ik vrijdag in alle vroegte in het Citadelpark nog te kijken naar een toneel, een goeie 12 uur later was het opnieuw van dat, maar dan wel in het NTG. Patricia had namelijk nog een kaart over voor ’s avonds, en dus sprong ik op de fiets – het regent eens niet – en reed fluks, toen ik weg was van bij ons pa, richting Gent centrum.

Pas op, hier volgen spoilers! Ik geloof dat het stuk in februari 2025 nog eens opgevoerd wordt, dus lees niet verder als je nog van plan bent te gaan, want dan is de lol eraf. En ja, lol hebben we gehad: Patricia, Tessa en ik hebben bij momenten tranen gelachen!

Het begon al bij het binnengaan: Patricia had de tickets bij en verklaarde dat de plaatsen ongenummerd waren. Ietwat ongewoon in het NTGent, maar bon. We keken rond, zagen dat er deftige plaatsen vrij waren op de vierde rij, en installeerden ons. En toen zag ik mensen op de rijen voor ons wel degelijk naar de nummers op de stoelen kijken. Wat vragen deed rijzen, natuurlijk. Waarop Patricia schaapachtig op haar gsm keek, verklaarde dat er blijkbaar wél nummers waren, wij weer uit de rij schuifelden, naar de andere kant liepen, en blijkbaar op dezelfde rij opnieuw inschuifelden. Met het nodige geginnegap, want ik denk dat Patricia gemiddeld twee keer per week naar toneel gaat, het is niet alsof ze het niet gewoon is.

Bon, iets later kwamen zonder woorden twee dames op het podium die de daar aanwezige camera’s begonnen te bedienen, waarbij ze, met enige vertraging, op groot scherm het publiek afgingen. Je zag jezelf dus zitten, wat wel enige onwennigheid opleverde. En toen, toen begon een voice over commentaar te geven op eerder gefilmde beelden van, jawel, het publiek dat beetje bij beetje binnensijpelde in de zaal. Tranen gelachen bij de vaak absurde opmerkingen, heel knap en vooral snel gedaan dus.

Enfin, de toon was gezet en we moesten vooral verschrikkelijk lachen toen we onszelf zagen binnenkomen, gaan zitten, weer rechtstaan, omlopen en opnieuw gaan zitten, dat soort dingen dus. Uiteraard gebeurt er nog wel meer in de voorstelling en komen er ook echte actrices aan te pas.

We zijn in elk geval helemaal goed gezind uit de zaal gekomen, en de fijne fietstocht in het halfdonker naar huis, na een obligaat ijsje, was al helemaal de kers op de taart.

Oedipus in het Citadelpark

Dat het vroeg was, vanmorgen. Hoezo, denkt u misschien? Wel, ik stond al om 7.00 uur in het Citadelpark voor een voorstelling in het kader van het festival All Greeks. Geen idee of ik nog veel andere voorstellingen ga meepikken, het zal ook sterk afhangen van het weer en het werk, maar bon, deze morgen mepte ik dus wel om zes uur de wekker dood en kreeg ik mezelf uit bed.

Om zeven uur stond er een rijtje voor gratis koffie, daar in het Citadelpark, en zag ik ook Patricia die wel elke week minstens een toneelvoorstelling bekijkt. Samen keken we naar Blinded by sight: an Oidipous Monologue  door Princess Isatu Hassan Bangura, een tragedie over de Thebaanse koning Oidipous. Een jongedame bracht in het Engels enkele bedenkingen vanuit het standpunt van Oedipus ten berde, in een knap gebrachte monoloog. Alleen… het duurde amper twintig minuten, niet eens zo lang als ik erover gereden had met de auto. Tsja… maar het was wel goed, ja.

Ik wist overigens niet eens dat er een openluchttheater was in het Citadelpark: dat is een stukje waar ik precies nog nooit geweest was. Ik had zelf mijn eigen stoel mee – de rug verlangt niks minder – maar er werden dus ofwel stoelen, ofwel zitplastiekjes uitgedeeld. Goed overdacht, dus.

Patricia en ik dronken er nog een koffietje, kletsten nog wat na, en we gingen elk ons weegs: zij richting het werk, ik richting een ontbijtje.