Dagje aan zee

Wolf moest tegen half elf in het Zeepreventorium zijn, en aangezien Kobe op kamp is, moest Merel uiteraard mee. We gingen er dan maar meteen een dagje aan zee van maken, ook al zijn we beiden niet zo zo van dat zand en al.
Maar we laadden handdoeken, zonnecrème, een emmertje met wat spulletjes en voor elk een boek in mijn bommashopper – de bolderkar is nog steeds niet gerepareerd – en reden fluks naar de kust. Voor een ijsje was het nog te vroeg, en dus gooiden we Wolf af met een dikke knuffel, en reden naar ons vaste plekje in De Haan, zijnde de straat van de ijsjes. Wonder boven wonder hadden we er zelfs nog een parkeerplekje!
En, ik mag dan een grote sloddervos zijn, maar eigenlijk ben ik ook wel best praktisch: we haalden de twee campingstoelen die vast in mijn koffer resideren, ook boven, samen met een grote grote paraplu. We waren van plan om ons kleine parasolletje mee te nemen, maar dat heeft onlangs eens de geest gegeven.

Een en ander zorgde ervoor dat we ons perfect konden installeren op het strand.

Na een dik uur hielden we het voor bekeken, laadden alles weer in in de bommashopper, en ploegden ons een weg door het hete zand naar de Mano, ons favoriete restaurantje aldaar. Het was er pokkedruk, maar het blijft me gigantisch verbazen: binnen de tien minuten staat je bestelling op tafel, en het is echt niet dat het opgewarmde of verslenste kost is, geloof me. Die hebben daar een ongelofelijk efficiënte keuken, heb ik zo de indruk.

En voor de prijs hoef je het niet te laten: ik geloof dat ik geen 10 euro betaal voor een kinderspaghetti, kinderpannenkoek en een drankje voor Merel. En mijn uitgebreide salade kost er iets van een 15.

We gooiden daarna de spullen in de koffer, reden naar Oostende, en gingen daar in de Vuurtorenwijk geocachen. Alleen, dat viel een beetje tegen. De eerste, op de dijk, vonden we niet. De tweede, aan een grote muur, helaas ook niet, ook al stonden we er samen met nog een familie te zoeken. Die familie kwamen we dan tegen bij nummer drie, en die wisten ons alsnog te melden waar we nummer twee konden vinden. Het zal echter voor een volgende keer zijn, want nummer drie lag in de duinen, de bloedhete, snikhete duinen, en Merel zag het totaal niet meer zitten. We waren ook niet de enige: die andere familie heeft hem ook niet gevonden. Bon, Merel en ik baanden ons opnieuw een weg door het gloeiende zand en het duingras tot we weer op de dijk uitkwamen, en toch nog eventjes zochten bij nummer 1. En jawel, deze keer hadden we hem vlotjes in handen, en snap ik nog niet hoe het kan dat we hem de eerste keer niet vonden.

We stapten in de auto, dronken elk een halve liter water, en ik lokte Merel in de val door iets verderop aan de haven te stoppen voor nog een cache (of twee), wat ze dan wel weer volledig zag zitten. Het is toch echt een stadsmeisje, die dochter van me.

En voor de curieuzeneuzen: er zat een geocache in het ronde Europese teken op de laatste foto. Je kan rechtstaan in de vis, en dan kan je dat ding eruitschuiven, en achteraan is er een blikje ingeschoven. De max!

En toen reden we naar huis, waarbij we in de auto al meteen afspraken dat Merel eerst mocht douchen om de zonnecrème en het zand van zich af te spoelen, en dat ik me dan daarna kon opfrissen en klaarmaken voor het concert vanavond.
Zij smeerde overigens ook mijn boterhammetjes, de lieverd, zodat ik om zes uur de fiets kon opspringen om naar de Brabantdam te fietsen.

Ik snap al bijna niet meer dat ik dat vroeger automatisch met de auto deed. Kieken dat ik was!

Gisteren zondag, moederdag, fijne dag

Ik was voor de kinderen blijkbaar te vroeg wakker – zo rond een uur of negen, terwijl ik in het weekend vaak tot tien uur slaap – maar toch stond alles al netjes klaar: koffiekoeken die Bart speciaal gaan halen was, verse gesneden mango, mangosap, en natuurlijk cadeautjes! Merel had een mooie kaart gemaakt en vooral ook drie heel erg leuke theelichthoudertjes uit cement. Kobe had heel veel werk gestoken in het kleuren van de envelop voor zijn kaart, en had daarnaast ook een heel fijne armband gemaakt: ik heb hem gisteren en vandaag al de hele dag aan. Simpel, maar knap.

Van Bart kreeg ik een miniprintertje met fotopapier om aan te sluiten op mijn gsm, voor van die kleine fotootjes. Heel lief, maar ik vrees dat ik dat niet ga gebruiken, mezelf kennende.

De dag kabbelde verder, en ons pa kwam toe met een prachtig potje begonia’s, omdat hij mij zo’n goeie moeder vond, zei hij. Ongelofelijk lief!

Na het eten gingen we dan ook nog even cachen in Sint-Amandsberg: daar lagen nog een paar onopgeloste exemplaren én eentje waar ik de vorige keer bijna een uur naar gezocht had, en die ik nu met twee extra paar ogen toch nog eens wilde bekijken. Merel vond trouwens het schattigste officiële geocacheke: ik wist niet dat ze die ijzeren doosjes ook in miniformaat hadden.

Enfin, we konden er effectief een aantal loggen, én vonden de snoodaard van de vorige keer binnen de paar seconden. En daar moet ne mens zo lang naar zoeken!

Toen waren er éclairs en andere taartjes met koffie, ging ons pa naar huis, verbeterde ik nog wat, en bracht Wolf naar De Haan.

Het was nog steeds aangenaam weer, en dus reed ik een klein beetje verder richting Bredene om aan Vosseslag iets meer te leren over de duinen, een beeld met gedicht te ontdekken, en alsnog vier extra caches te vinden, onder andere in Klemskerke.

Zingend reed ik in het schemerduister naar huis. Met toch een beetje weemoed in het hart, want het blijft moeilijk, de zoon daar achterlaten.

Dagje Oostende

Eigenlijk had ik het al van in februari gepland, een dagje Oostende, al sinds de toeristische dienst me laten weten had dat er in Fort Napoleon een tentoonstelling voor kinderen was rond geluk en geluksvogels. Maar plan dat maar eens in, met drie kinderen met een eigen agenda, en een druk voorjaar qua familiefeesten. Tsja…

Vorige week wilden we het niet doen omwille van het weer, en vandaag hadden ze oorspronkelijk mooi weer beloofd. Deze morgen viel dat dus dik tegen… Wolf vertrok naar Center Parcs in de gietende regen, en wij gingen nog wel zien. Maar kijk, na de middag leek het wel op te klaren! We gooiden de dikke jassen en een hoop strandspeelgoed in de auto, en we reden met ons drietjes naar Oostende.

En voor wie nog iets zoekt om te doen deze week met lagereschoolkinderen: de tentoonstelling, met zijn prachtige vogels, opdrachtenboekje en tekstjes, is een schot in de roos, een echte aanrader!

En het fort? Goh, welja, fortig zeker? Als je het Gravensteen gewoon bent, ben je nogal kritisch, veronderstel ik. Maar eigenlijk was het wel best mooi.

We gingen nog iets drinken, en tegen kwart voor vijf namen we het kleine veerbootje van de Oosteroever naar Oostende centrum, zijnde het Aquarium. We zijn wel eventjes kletsnat geregend, maar kom, daar zijn we niet van gesmolten.

En toen, toen was er de zee en het strand. De kinderen trokken hun schoenen en kousen uit om in het zand te spelen, maar liepen toch niet tot aan het water. En ik? Ik zette me op een bankje vlakbij, genoot van de vlagen zonneschijn, en las. Heerlijk!

We haalden een ijsje, en stelden vast dat het veerbootje net een half uur in pauze was gegaan, toen we daar aankwamen. Maar het regende alvast niet, en we zaten daar best goed. Een en ander zorgde ervoor dat het bijna half acht was voor we terug naar huis reden. Maar we hadden wel een pracht van een namiddag.

Heerlijk zomers vakantiedagje

Ik sprak gisteren al van zomers vakantiegevoel, en dat werd vandaag eigenlijk alleen maar bevestigd. Kobe was al vroeg het huis uit: hij zat nog prinsheerlijk naar de ochtendfilm op Ketnet te kijken in zijn pyjama, toen een vriendje aanbelde of hij mocht komen spelen. Op drie minuten tijd ging hij van pyjama naar aangekleed, peperkoek in zijn mond, de fiets op. Hehe. In de namiddag stapten we alle vier op de fiets, en reden naar de speelstraat wat verderop, waar Kobe ook uitgenodigd was. De jongens waren eigenlijk al voorop gereden, want ik had eerst nog een oudleerlinge die een geleend boek – Annelise Freisenbruch, Vrouwen van Rome. Seks, macht & politiek in het Romeinse rijk, de eerste helft is een enorme aanrader – kwam ophalen, en meteen ook gezellig een koffie bleef drinken en de bijhorende koffieklets houden. Merel en ik reden dus achter, en er was een springkasteel, en ijsjes, en eigenlijk een heel fijne sfeer. Maar tegen half vier verlieten we de speelstraat alweer: we hadden nog andere plannen.

Zoals elke woensdag was er om zes uur rugbytraining, en we hadden met Gwen en de kinderen afgesproken om ervoor te picknicken op het gras aan de Blaarmeersen. De kinderen konden dan eerst wat spelen, en dan zouden Wolf, Kobe en Ernest naar de training gaan, terwijl Leander en neefje Noah gingen lopen, en de kleintjes gewoon bleven spelen. Het werd een ronduit heerlijke, en warme namiddag/avond. Ik had al mijn standaardspullen mee, zoals een dekentje, en extra water, en ballen natuurlijk, maar ook een speeltentje van de Ikea waar onze pubers zich in konden omkleden. Er is nog een vriendin komen bijzitten, en later ook nog een andere rugbymama, de mama van Wolfs beste vriendje. De kinderen zaten bijna onmiddellijk in het water, en waren er bijna even snel weer uit. Maar daarna hebben de kleinsten eigenlijk nog verder in het water gespeeld, ondanks het feit dat het nog ijskoud was.

Ik had in elk geval een superdag, met een ongelofelijke vakantiestemming. Fantastisch, toch?

Heftig dagje

De voormiddag begon rustig, met koffie en wat verbeterwerk. Maar tegen elf uur – ik stond zelfs nog in de winkel – arriveerde Vallery, om gezellig te kletsen en samen te koken.

Om kwart voor één konden we allemaal samen aan tafel, buiten in de zon.

IMG_9337

Het witbord had op beide meisjes een ongelofelijke aantrekkingskracht:

IMG_9339

Tegen vier uur – en een zangexamen van Wolf later – gooide ik beide dames buiten, want om vijf uur moesten we bij de tandarts staan. Wolfs bovenste melkhoektanden hebben namelijk geen zin om plaats te ruimen voor de definitieve versies, en moesten dus een handje geholpen worden. Een kwartier later stonden we alweer buiten, met twee proppen in Wolfs mond. Die er al vrij snel serieus bloederig uitzagen.

IMG_9341

IMG_9340

Enfin, veel last had hij er niet van, maar hij mocht wel niet gaan rugbyen van de tandarts: het zou opnieuw kunnen beginnen bloeden.

Omdat het prachtig weer was, en ik eigenlijk wel zin had in picknicken en Kobe toch moest gaan trainen, reden we alsnog naar de Blaarmeersen. Kobe werd afgedropt op het veld, en wij wandelden verder naar het grasveld/strand.

Ik had, om eerlijk te zijn, niet gedacht dat het water zo warm ging zijn. Ik had dus wel een handdoek bij om voeten en zo af te drogen, maar geen echt zwemgerief. Geen nood, Wolf kon in zijn boxersshort zwemmen, en Merel had heel toevallig een pop bij, die ze zelf een onderbroekje had aangetrokken. Reserve-onderbroek dus ^^

Er was ook strandspeelgoed mee, en ze hebben zich de max geamuseerd, heb ik de indruk. Alleen ging Merel kopje onder op een bepaald moment, en was het gedaan met zwemmen voor haar.

IMG_9342

IMG_9345

IMG_9348

IMG_9352

IMG_9350

IMG_9361

Enfin, tegen zeven uur ging ik Kobe halen op het veld, en kon hij mee zijn boterhammetjes opeten. Ik had speciaal van die zachte broodjes gekocht zodat Wolf geen probleem zou hebben om te eten.

IMG_9363

Door het gras sleften we terug naar de auto, en Merel viel in slaap op de achterbank. Het was misschien al na bedtijd, maar het was wél een heerlijke dag!

Zee

Omdat ik blijkbaar niet zo goed reageer op een weekendje zwaar en veel eten, ga ik jullie de details besparen van hoe ik me voel vandaag, en nog meer vertellen over afgelopen weekend.

Rond vier uur waren we dus thuis van Boudewijnpark, en Bart en de twee kleintjes wilden rusten. Merel had al getukt in de auto, en wilde nu niet echt meer slapen, maar bon. Ik had me intussen gerealiseerd dat we maar een paar kilometer van de zee zaten (vier, om precies te zijn), en wilde in dat stralende weer toch even naar het strand. Enkel Wolf wilde met me mee, en het heeft een zalig moeder-zoon moment opgeleverd.

We zijn gewoon de grote baan tot het einde gereden, en kwamen uit in Zeebrugge Bad, naast de haven. Het was net compleet eb, en ik vermoed dat er meer dan een kilometer strand lag. Zo’n eind zeg! De donkere streep groen in de verte is wel degelijk de zee, op onderstaande foto…

zee01

Wolf wilde perse met zijn voeten in het water, en ik wilde foto’s nemen, dus we stapten maar tot ginder. Een goeie honderd meter voor de waterlijn lag er al een “tussenzeetje”, zo’n strook die onder water is blijven staan. Ze was veel te lang om te omzeilen, dus heb ook ik mijn schoenen uitgespeeld, al was het misschien amper vijf centimeter diep. Wolf vond het zeewater zalig, liep in zijn onderbroek, en begon een put te graven. Het water kwam echter zó snel opzetten, dat we eigenlijk moeten vluchten zijn. We hebben zelfs nog moeten grabbelen naar onze schoenen, de handdoek en de fototas, want plots, met één golf, kwam het water drie meter verder dan ervoor. En plots was ook het tussenzeetje verbonden met de echte zee langs de zijkant, en kwam ik zelfs tot mijn knieën in het water. Maar gelàchen dat we hebben, mijn oudste zoon en ik!

zee02

zee03

zee04

zee05

zee06

zee07

zee08

De offshore windmolenbank was heel goed te zien

zee09

Maar weet iemand wat dat ding is, dat daar staat?

zee10

zee11

zee13

Daarna is hij op zestien grote passen van de waterlijn opnieuw een put beginnen graven, en na een half uur was ook die eraan voor de moeite.

We zijn anderhalf uur aan zee gebleven, en hebben er intens van genoten, mijn Wolf en ik.