London, baby!

Bart en ik hebben met de kinderen telkens een citytrip gemaakt na hun zesde studiejaar. Bart ging met Wolf naar Londen, met Kobe – weliswaar enkele jaren later wegens corona – naar Frankfurt, en ik ging met Merel naar Parijs. Daar hadden we beiden echt van genoten, en ik had toen gezegd dat we dat na haar vierde middelbaar, wanneer ze zestien werd, nog eens gingen doen. Maar toen vroeg ze of dat, nu we toch onze paspoorten hadden, niet naar Londen kon, want daar was ze nog niet geweest.

Vandaag stonden we dus om half zeven aan Gent-Sint-Pieters – dank u, Bart – en om iets over zeven in Brussel. Ze zeggen dat je een uur op voorhand moet zijn – de Eurostar was om 7.55 uur en dat is niet overdreven aangezien je buiten de Europese Unie gaat: paspoortcontrole, bagagecheck, nog eens paspoortcontrole en dan een tax-free zone zoals op een vliegveld. Vreemd.

Nog vreemder was de omgeving van de trein: zwaar bewaakt met prikkeldraad en al, want ja, transmigranten naar Engeland…

Na een rit van om en bij de twee uur en een gesprek van ongeveer gelijkaardige duur met de moeder en dochter die bij ons aan het tafeltje zaten en waarvan de moeder op een school in Neerpelt stond, konden we onszelf op Engelse bodem verklaren, meer bepaald op St. Pancras.

Een kwartier later stonden we in Paddington Station, waar we nog wat verderop onze valiesjes gingen deponeren. Onderweg kwamen we al voorbij de buitenkant van ons verblijf, en dat zag er goed uit.

Bon, wij verder richting Notting Hill, maar eerst was het tijd voor elevensies. Ha ja, breakfast was iets voor zessen geweest thuis, second breakfast rond half negen op de trein, en nu was er opnieuw een hongertje. Zonder naar de prijs te kijken zijn we op een terrasje gaan zitten, met een latte voor mij, een milk oolong voor Merel en voor elk een taartje. Euhm… 38 pond, jawel. Kuch.  Het scheelde wel dat we daarna geen lunch meer hoefden. We wandelden verder door Notting Hill, zagen de verschillende locaties van de gelijknamige film en liepen door de zeer drukke en zeer warme Portobello Road, waar we elk twee paar zalige sokken kochten.

Intussen hadden we het bericht gekregen dat we niet tot vier uur hoefden te wachten om de sleutels op te halen maar dat die al klaar lagen. Euhm, het werd een metrorit wegens net iets te ver intussen: sleutels, dan bagage en vervolgens ons appartement. Want ja, dat is het echt: een appartement voor een of twee personen, met een ruime living met tafel, sofa, volledig ingerichte keuken en veel kasten, een ruime slaapkamer met groot bed en weer veel kasten, een klein terrasje dat uitgeeft op een privé binnentuin voor de verschillende appartementen van het blok, kleine badkamer, apart toilet en een kleine aparte kamer voor Merel met eenpersoonsbed en een vanity. Er is zelfs een vaatwas en een wasmachine!

Mijn rug vond het even welletjes, Merels voeten ook, en dus hielden we horizontale rust tot een uur of vier. Toen waren de batterijen voldoende opgeladen om tot aan Hyde Park te wandelen en vast te stellen dat
1. het daar even droog en dor is als bij ons
2. een milkshake ook kan tellen als lunch rond half vijf
3. de Diana Memorial Garden veel kleiner is dan voorgesteld
4. het monument voor Albert gigantisch kitscherig is
5. er echt wel mooie beelden en hoekjes zijn
6. selfies ook wel een dingetje zijn.

En toen hadden we beiden echt wel honger (en zere voeten en veel te warm, maar dat terzijde) en had Merel een leuk klein restaurantje gevonden, Hayat. Zij nam er een versgebakken pizza, ik ging voor een stoofpotje van kip met champignons in een roomsausje met saffraanrijst, en we betaalden amper 32 pond, minder dan voor de taartjes.

Nog wat later stonden we weer thuis, vielen de plannen om naar de film Notting Hill te kijken in het water, en besloten we dan maar om elk nog wat te lezen en prompt in slaap te vallen.

24000 stappen, het kan niet missen, denk ik dan.

Londen, dag één

Zo heel erg rustig begon de dag eigenlijk niet, want zeven uur, da’s vroeg voor een vakantiedag. Edoch, Kobe moest om acht uur aan het station staan met de scouts, dus zat er niks anders op. Bart ging hem afzetten in de gietende regen, en intussen grabbelde ik Merels spullen bij elkaar. Want valiezen op voorhand maken, da’s voor mietjes, daar doen wij niet aan.

Tegen kwart voor negen zat niet alleen haar gerief, maar ook het grootste deel van mijn eigen spullen in een valies, gaf Merel haar papa een dikke knuffel, en ging ik haar afzetten bij oma. Daar kreeg ze meteen een nieuwe roze diadeem van “My Little Pony”, en glunderde ze van oor tot oor. Toen ze daarna ook nog haar opa mocht gaan wakker kriebelen, was ze me al meteen vergeten. Daar stond ik dan…

Enfin, om half tien goot ik een koffietje naar binnen, grabbelde de nodige toiletspullen en elektronica bij elkaar, en stapte om tien uur met mijn geliefde in een taxi. Om half elf werd de taxi omgezet naar een eerste trein, richting Brussel. Daar waren nog zeeën van tijd, meer dan genoeg om een koffie te drinken, een wok naar binnen te werken,

IMG_9860

wat dingen over Londen te lezen – dank u, Yves! – en een geweigerd ticket te laten nakijken. Nog een chance dus, dat we meer dan vroeg genoeg waren! Enfin, de Eurostar had wat vertraging, maar tien over één kwam hij langzaam op gang. Toch ongelofelijk wat een snelheid dat ding bij momenten haalt! Maar dus net op het juiste moment, bij het binnenrijden van de tunnel, een foto genomen :-p

IMG_9862

Om twintig over twee uur lokale tijd zagen we dat de wachtrij aan de toiletten van St-Pancras immens was, stelden we vast dat blijkbaar niet alle koffiehuizen een toilet hebben, en riepen we een Ubertaxi. Wijs, jong, een Toyota Prius! Helaas wist die niet exact het adres te vinden, werd ik stilaan wagenziek, en zeiden we hem ons aan het begin van de straat af te zetten. Hmpf. Niet ons beste idee, want 1. de straat was lang 2. uiteraard bevond ons adres zich aan de andere kant 3. we hadden blijkbaar bakstenen mee in onze rollende valies. Tsja.

Uiteindelijk bleken we het straatje te vinden, en onze ogen werden groot. Het bleek een “estate” te zijn, een woonwijk van allemaal kleine appartementjes met een smalle trap en een een gaanderij aan de buitenkant. Charmant geschilderd, met veel bloemen en planten, maar ook veel buitenhangende was en zo. Het “sociale woonwijk”gevoel was groot, we voelden ons meteen in een Britse detectiveserie.

IMG_9958

IMG_9956

IMG_0005

IMG_0004

Maar de kamer viel al bij al mee, helaas was de foto wel nogal flatterend. Maar ze is ruim genoeg, en er is uitstekende wifi, niet onbelangrijk voor ons ^^

IMG_0001

Toen ik daarstraks met de bewoners sprak over de huurprijzen, viel mijn mond open: ze betalen rond de 1500 pond per maand voor dit kleine dingetje, gewoon omdat het zo dicht bij de City ligt. En inderdaad, het is maar een paar minuten stappen tot aan de Thames, en dan kom je meteen in een zeer hippe buurt terecht, vlak bij de Tower Bridge. Het zijn hier allemaal gerestaureerde pakhuizen waar nu internetbedrijfjes en zo zitten, in van die hippe kantoortjes, en overal van die kleine restaurantjes en zo.

IMG_9868

IMG_9866

We maakten dan maar een stevige wandeling: langs het water (door voetgangersgebied)

IMG_9864

– met een tussenstop voor koffie en een dessertje – voorbij de Tower Bridge,

10513527_10152643207675757_3455282121296672806_n

IMG_9869

en de Tower aan de overkant

IMG_9870

verder langs City Hall, waar ze een wreed wijs half verzonken concertdinges hebben

 

IMG_9871

voorbij Hay Market, met een heel mooi dak en een ongelofelijk wijze steampunk fontein

IMG_9873
IMG_9874

tot aan de London Bridge. Eventjes de brug op voor een fotootje:

IMG_9875

Dan afgeslagen naar links, voorbij het station met nota bene een V2 als ornament

IMG_9876

en uiteindelijk door Bermondsey Street met nog meer hippe winkeltjes en zo, en felgekleurde lichten onder de spoorweg

IMG_9878

Ik weet niet hoe Bart het doet, maar hij trekt zo van die hipster dingen aan. Neem nu ook het restaurantje waar we gegeten hebben: The Garrison. Het was ons aangeraden door de bewoners, we  passeerden er toevallig, en inderdaad: bijzonder lekker! Het was wel zo goed als volboekt: ze wilden ons een plaatsje geven, als we niet langer dan een uur wilden blijven zitten tenminste. Het had een hoog Lepelbladgehalte, vond ik: leuk ingericht, veel jong (en gay) volk, pure producten met helaas een navenante prijs, maar bon. Terwijl we aten, begon het serieus te regenen, maar gelukkig was dat zo goed als voorbij, terwijl we verder naar huis wandelden.

Om half negen waren we hier al terug: Bart viel prompt in slaap, en ik probeerde een paar dingen uit te stippelen voor de komende dagen. We gaan vooral veel rondlopen op ’t gemak, zonder verplichtingen of ons op te jagen. Wat ik wel wil doen: een dagticket voor de boot, volgens het hop-on-hop-off systeem, en dan naar Greenwich varen, daarna helemaal terug naar Westminster, tussenin vanalles bekijken, en dan weer naar hier. Er is hier ook een huurfietsensysteem: je hebt een dagticket voor twee pond, en daarmee mag je zo vaak je wil een fiets nemen voor max. een half uur per keer. Fiets je langer aan één stuk door, dan moet je bijbetalen. Maar er zijn zo veel stallingen, dat je gewoon even kan wisselen. Ik zou gewoon door de stad willen fietsen, tot aan Camden, en dan zien we wel wat we onderweg bekijken. Het Designmuseum is hier vlakbij, en dat zouden we willen doen, en ik wil zeker ook nog binnen in het Tate Modern en de British. Maar ach, lukt dat niet, dan ga ik er niet van wakker liggen. Ik wil eigenlijk vooral gewoon genieten.