Touchscreens!

Al jaren zaag ik over de verouderde computers en beamers op onze school: ik had op sommige dagen gewoon twee lessen voorzien, al naargelang de zon scheen buiten of niet. Hoezo? Wel, als de zon scheen, kon ik gewoon geen powerpoints of filmpjes laten zien omdat de lamp van de beamer gewoon niet sterk genoeg was en er geen gordijnen zijn. Zucht.

Maar… de school heeft haar budget een tijdje opgespaard en nu een zware investering gedaan: elk lokaal is nu voorzien van een speciaal touchscreen van 75 inch. Je kan er rechtstreeks mee op het internet en dus filmpjes laten zien, dingen opzoeken, inloggen in smartschool enzoverder. En het beeld is haarscherp en bijzonder duidelijk. Je kan ook rechtstreeks een USB-stick inpluggen en aflezen.

Het ding heeft ook een whiteboardfunctie, zodat je perfect kan krabbelen en uitleggen. Maar vooral… Je kan ook een tekst of ander beeld oproepen en daar dan notities op maken. Met een beamer kon dat niet, waardoor ik dat eigenlijk niet zo vaak gebruikte.

Maar nu, nu zet ik gewoon de oefeningen van pakweg de tweedes op scherm en vul die samen met hen in. Of ik zet de tekst van bijvoorbeeld Catullus op scherm en duid dan de stijlfiguren aan, de moeilijke dingen, maak tekeningetjes in de kantlijn… Het is echt een andere manier van lesgeven, ik sta vooral ook veel meer recht en de rug vindt het niet altijd even wijs, maar het lesgeven zelf is wel véél amusanter.

Nieuw speelgoed, quoi.

Wespenfluisteraar?

Ik denk dat ik mezelf ga hernoemen tot “wespenfluisteraar”: er zitten in de buurt van de school een of meerdere wespennesten en we vinden ze niet. De brandweer is al komen zoeken, en de leerlingen wisten me te vertellen dat er ook al mensen van ’t unief waren geweest omdat er een zeldzame soort zou tussen zitten.

Soit, af en toe komt er dus een wesp de klas binnenvliegen, consternatie alom. Geen idee hoe het komt, maar dan spreek ik het beest streng toe, zeg dat het buiten moet en wijs naar de openstaande ramen. En, bijzonder bizar, die beesten vliegen gewoon terug naar buiten. Hilariteit alom. En dat is nu al een keer of zes gelukt, de leerlingen vinden het zalig.

Iemand trouwens enig idee hoe dat komt??

Een vreemde eerste schooldag

Toen vorige week het verlossende woord kwam, sprong Merel een gat in de lucht: vanaf vandaag mag ze weer naar school, volledige dagen (behalve op woensdag) in haar eigen klasbubbel. Ze moeten ’s morgens meteen naar de klas, eten ook in de klas en mogen dan op een afgelijnd stuk van de speelplaats spelen met hun klasgenootjes.

Ik heb een andere Merel. Pas op, als er één iemand plichtbewust en stipt is in dit huis, dan is zij het wel: al haar taken zijn altijd netjes gemaakt, alles altijd mooi ingediend. Maar ze had het ook gehad met die taken op Bingel, de afspraken op Google Hangouts, de verbetersleutels… En nu kan ze dus terug met haar vriendinnetjes naar hartelust spelen, ook al is het nog steeds niet de bedoeling dat ze knuffelen.

En Wolf, ook die trok vandaag terug naar school, maar met veel meer gemengde gevoelens. Ha ja, Arwen mag hij zien wegens gebubbeld, en hij heeft regelmatig afgesproken met zijn beste vrienden om te gaan fietsen of om te zitten kletsen, maar dan wel netjes op afstand. Het was mooi om zien, eigenlijk. Veel boodschap had hij dus niet aan vandaag, de terugkomdag van de vierdes. Het was een voormiddag van verwelkomingsfilmpjes door de leerkrachten, administratie, klasgesprekken en een uurtje buiten op de speelplaats. Alleen heeft het zowat de hele voormiddag geregend, de lol was er dus af, en ook aan de rest had hij niet veel, zei hij.

DIGITAL CAMERA

Hij mag de volgende twee weken nog op donderdag- en vrijdagvoormiddag naar school voor zijn hoofdvakken. Maar hij is het gewoon moe, dus die échte lessen gaan niet veel uitmaken, vindt hij.

Tijd dat het vakantie is en daarna weer gewoon echt les. Hopelijk. En dan vooral terug orde en regelmaat. Het is er toch al voor eentje van de drie.

Daarom zijn er niet meer leerlingen op school…

Ik krijg regelmatig de vraag: waarom start bij jullie op school enkel het zesde op, en de andere jaren niet meer? Waarom mogen de andere leerlingen niet meer starten? Als het voor het ene jaar kan, kan het toch ook voor de andere? Mijn kind wil zo graag naar school…

Wel…

Ik kan u met cijfers en berekeningen om de oren slaan, maar laat me het gewoon tonen: dit is het lokaal waar ik standaard les geef aan 24 leerlingen.

Reken nu zelf eens uit hoeveel leerlingen er in dit lokaal kunnen als ze elk op anderhalve meter afstand van elkaar moeten zitten, in elke richting. En trek dan uw conclusies over de bruikbaarheid van de meeste lokalen voor groepen van 14 leerlingen. Want ja, we hebben enkele grote lokalen. Maar we hebben meer lokalen van de bovenstaande soort, waarin je comfortabel binnen kan met een kleinere groep, maar niet als die uit elkaar moeten zitten.

Neem daar dan ook nog eens de gangen bij en de toiletten, waar je, als je anderhalve meter afstand moet houden, telkens maar één leerling binnen kan laten. Want ja, er zijn meerdere hokjes, maar de gang daarnaast is amper een meter of zo, en je kan dus niet kruisen.

Voor onze 72 leerlingen van het zesde voorzien we dus een half uur pauze en één toilet, in de hoop dat dat volstaat. En zijn dus alle grote lokalen op de benedenverdieping al ingenomen.

Dus nee, hoe graag we het ook zouden hebben, we kunnen daar echt niet nog eens 100 leerlingen aan toevoegen als we de basisregels van social distancing moeten volgen. En wij gaan als school écht niet onze leerlingen in gevaar brengen.

Overleefd

Voila, we hebben de eerste schoolweek ook alweer overleefd. Het is toch altijd wennen, maar aan de andere kant: de rust en regelmaat doen ook echt deugd!

Ik heb het huis bij momenten weer helemaal voor mezelf, en het ritme is terug: elke dag om zeven uur opstaan, en dan de routine van de dag. Mijn rooster is niet ideaal te noemen – 3 keer amper twee uurtjes, en dan 6 uur plus half uur toezicht op vrijdag – maar dat verandert toch in oktober. En Kobe, die is vlotjes gestart, heb ik de indruk. Hij heeft er zijn draai al gevonden, er zijn vriendjes, en dat fietsen, dat doen we voorlopig zo goed als volledig samen. Maandag en dinsdag zijn we zowel ’s morgens als ’s avonds samen gereden, woensdagmorgen is Bart met hem meegefietst en ben ik teruggereden, idem donderdagmorgen, en donderdagavond is hij zelf teruggefietst.

Ik weet wel dat we ons bij Wolf daar eigenlijk helemaal geen zorgen in maakten, maar die fietste ook vaker, en nam in de lagere school ook zelfstandig de tram of de fiets om naar pakweg Quinten te rijden. Kobe is natuurlijk ook een jaar jonger, maar vooral: hij zit met zijn hoofd zowat overal behalve bij wat hij aan het doen is, is veel verstrooider en impulsiever, en ja, we letten wat meer op hem. Tsja. Wolf is nu eenmaal al altijd veel zelfstandiger geweest.

En Merel vindt haar nieuwe juf, juf Ann, de max! Ze zit nu met veel meer meisjes in de klas, een echt groepje vriendinnetjes, en ook dat vindt ze bijzonder fijn.

Yup. Goed gestart, zou ik zeggen.

En, hoe is het op school?

Die vraag krijg ik natuurlijk van alle kanten. Logisch, want zowel Wolf als Merel zijn van school veranderd. Bij Merel was dat niet echt ingrijpend, maar het is wel van de kleuter- naar de lagere school, en dus een andere speelplaats, andere gebouwen, andere juffen.

Wel, Merel stelt het prima. Het feit dat ze er niet veel over vertelt, zegt op zich genoeg. De eerste woordjes zijn een feit, en ze schrijft ze ook zowat overal. Ze kan eigenlijk niet wachten tot ze zelf kan lezen. En ze zit met Lieze en Julie in de klas, en da’s meer dan voldoende.

Kobe heeft ook nog niet veel verteld, en dat is ook een goed teken. Hij zit bij een nieuwe meester, meester Mathieu, en ik heb het gevoel dat het wel klikt, ja.

En Wolf? Wel, die is ongelofelijk blij dat hij weg is uit zijn klas van vorig jaar, en hij heeft blijkbaar het geluk om, volgens collega’s toch, de braafste klas van het eerste te zitten. Hij is al drie keer een map vergeten, en dan heeft hij het geluk dat zijn mama dat ziet liggen en het meebrengt naar school. Tsja. Maar zijn huiswerk wordt bijzonder consciëntieus gemaakt, gepland, op voorhand geleerd, herhaald, enfin, voorbeeldig dus. En volgens de collega’s doet hij dat prima in de les, werkt hij mee, stelt hij vragen… Ik herken mijn Wolf weer. Al heb ik ook wel het gevoel dat hij een beetje een haantje de voorste is. Na de eerste twee kennismakingsdagen vroeg ik hem hoe de klas was, en ik kreeg een prompt antwoord: “Goh, ik denk dat Quinten en ik zowat de populairste zijn, mama.” Juist ja.

Het doet wel raar om hem daar te zien lopen, maar aan de andere kant: op school ben ik een leraar, en we doen elk ons ding. Hij gaat alle dagen met de fiets naar school, en ik zie hem dus niet noodzakelijk. En dat is niet slecht ook.

En ik? Goh ja, ik heb dit jaar eerstes en tweedes, en dat is gigantisch wennen. Ik heb jaren eerstes gegeven, maar dat is ook alweer 12 jaar geleden, en het is soms moeilijk. Neem nu die agenda: in een zesde jaar zeg je gewoon wat ze moeten doen, in een eerste moet je dat echt dicteren, en dat durf ik al eens vergeten.

Goh ja, dat komt wel terug zeker?

Hoera voor collega’s, vriendinnen en vakantie!

De laatste werkdag voor de vakantie, maar ’t was er eentje die kon tellen. Eerst in de voormiddag samen met de leerlingen in een klas voor het indienen van sleutels en dergelijke, en dan tegen tien uur de rapporten uitdelen. Ook dat verloopt nooit zonder drama (of toch zelden). En dan tussen half elf en half één leerlingencontact: de leerlingen mogen hun examens inkijken, vragen stellen, problemen oplossen, dat soort dingen. Bij mij loopt het altijd in het begin wat storm, om daarna plat te vallen. Zeker nu vijf en zes mondeling hadden, heb ik weinig volk gezien. Enfin, ik heb intussen nog wat administratie en zo weggewerkt.

Om half één bood de directie ons een zeer fijne broodmaaltijd aan, en meteen werden ook de afscheidnemende collega’s gevierd. Ik kon het niet laten, en had voor Christine een oranje vestje gezocht én gevonden. Die ga ik missen, echt waar. Meer hierover hier, zoals altijd.

 

Ik had nog net de tijd om snel even naar huis te gaan, en Kobes valies voor het kamp te maken. Die moet vanavond al ingediend worden, zodat ze mee kan met de camion en de kinderen die zelf niet hoeven te dragen.

Bon, tegen vier uur was ik weer netjes present op school, voor het oudercontact. Stormloop het eerste uur, dan een uur zo goed als niemand, en dan weer vollen bak. Zelfs in die zin, dat ik niet klaar was tegen zevenen, maar pas tegen achten. Intussen was mijn telefoon een paar keer gegaan, en toen het van thuis bleek te komen, had ik ook opgepakt. Kobe was in een halve paniek: zijn gerief moest binnengebracht worden bij de scouts tussen half zeven en half acht, en dat ging dus niet lukken. Maar toen kwam Delphine als de reddende engel: die kent me al een beetje, was komen aanbellen met de vraag of het gerief al binnen was, en aangezien Kobes gerief wel volledig klaar stond, had zij het meegenomen. Daar had ik zelf nog niet eens aan gedacht. Prachtig dus!
Aan mijn vader kon ik het niet vragen, want die was het hem afgebold: misverstandje. Die was naar Wondelgem gekomen tegen half vier om te babysitten, maar dacht dat ik tegen zes uur ging thuis zijn – dat ging Wolf zijn, maar die had intussen gevraagd of hij niet bij Quinten mocht blijven slapen – en was dus om kwart voor zeven de belastingsaangiften gaan posten en dan maar naar huis gereden. Kobe en Merel zaten dan maar alleen… Kobe heeft zelf de tafel gezet, ze hebben gegeten, en toen ik na het oudercontact belde (iets voor achten dus) kwam Bart net thuis. Oef.

Ik was namelijk voorbij het terras gereden van café ‘Den Boer’ waar een ganse groep van de collega’s zat, en heb me er nog even bijgezet. Commentaar: “Mens, gij ziet er afgepeigerd uit!” Zo voelde ik me ook wel een beetje. Maar bon, vakantie dus. Hoera.