Kutwinter

Ik heb het gehad met die winter. Normaal gezien vind ik winter absoluut niet erg, het is een kwestie van induffelen. Maar dan moeten er wel van die prachtige winterse helblauwe luchten zijn, de laagstaande zon, de vrieskrakende adempluimen.

Ik snak naar deftige wandelingen in dat soort lucht, in dat soort licht. Maar het enige dat we krijgen, is regen. Regen, en van die vaalgrijze luchten. Wandelen in dat weer, daar is gewoon geen lol aan. Ik had gehoopt in de kerstvakantie te kunnen gaan geocachen, maar het is gene vette geworden, de tweede week heeft het quasi onophoudelijk geregend.

Vorige week sprong ik nog een gat in de lucht omdat ik eindelijk nog eens met de fiets naar school kon. De zon scheen van geen kanten, maar het was tenminste droog.

Gisteren scheen dan eindelijk eens de zon. Mijn zesdes zaten met half dichtgeknepen ogen, maar niemand vroeg om de zonwering naar beneden te laten, iedereen genoot er zichtbaar van. Helaas, tegen dat ik goed en wel thuis was, begon het alweer te overtrekken. Echt…

Ik ben wel nog snel even de tuin ingedoken, gewoon om te kijken of daar misschien al sporen van de nakende lente waren. En jawel, de narcissen en de tulpen zijn aan het schieten en de botten van de japonica zijn aan het zwellen.

Oef.

Regen

Dat weer, dat is het dus niet he. Maar dat hoef ik u waarschijnlijk niet te vertellen, zo langzamerhand loopt iedereen gewoon chagrijnig omwille van die regen.

Maar…

Wat kan je in hemelsnaam doen tegen katten die ervan overtuigd zijn dat ik het kan doen stoppen met regenen en die dus blijven zagen? Die met overtuiging aan het venster blijven staan miauwen en dan beschuldigend in mijn richting kijken wanneer ik het raam open doe en het blijkbaar toch nog aan het regenen is?

Echt he. Grmbl.

Beetje nat

Things I leared today:
– bij dubieus weer toch maar niet de fiets nemen naar school
– mijn mutske is goed waterdicht
– mijn schoenen niet
– striemende hagel in uw gezicht als ge aan het fietsen zijt, doet serieus pijn
Meh.

Petrichor

Als u vandaag één woord bijleert, laat het dan dit zijn: petrichor. Er van uitgaande dat u dat nog niet kende, natuurlijk, want vandaag is het een beetje alomtegenwoordig.

Petrichor: de geur die ontstaat wanneer regen op droge grond valt. Het woord komt uit het Oudgrieks: πέτρα (petra) betekent ‘steen’ en ἰχώρ (ichor) is in de Griekse mythologie het bloed van de goden (dixit Wikipedia). Het bloed van de goden op de stenen dus. Poëtisch toch, die oude Grieken?

Toch bizar, dat wij hier in België zitten te snakken naar regen. Ik ben de afgelopen weken al stikjaloers geweest op vrienden die regenbuien postten op hun FB: hier heeft het niks gedaan.

Tot vandaag: rond half zes begon het plots te regenen. Niet veel, maar net genoeg om alles nat te leggen en dus die typische geur te doen ontstaan. Wat heb ik die gemist, zeg!

Petrichor dus. Blijkbaar niet alleen in zuiderse landen een begrip, maar vanaf nu ook bij ons.

365 – 01 juni 2018 – nat

*trekt sandalen en regenjas uit, droogt handen en voeten af, trekt sokken, schoenen en een droge jeans aan* Bon, bij deze is dus empirisch bevestigd dat mijn regenjas een goeie is voor op de fiets. Hmpf.