Bijscholing

Bijscholing, ik vind dat een correcter woord dan nascholing. Vandaag waren we uitgenodigd door Gwen in het Huis van het GO! in Brussel voor een les rond “Latijn lezen in de eerste graad”.

Mja, ik heb wel wat inzichten bijgeleerd, ja, en ga mijn methode licht bijsturen. Ook de vraagstelling die hij hanteert, is bijzonder interessant. Meer moet dat eigenlijk niet zijn, voor een bijscholing: nieuwe dingen die je kan uitproberen en waarvan je de pedagogische waarde inziet.

De opleiding was gedaan rond half een, en mijn collega’s keerden fluks naar huis terug: zo kon Ellen nog net haar kinderen van school halen en haalde Lucie nog haar C-uur Grieks. Donderdag is echter mijn vrije namiddag en dus bleef ik nog wat rondhangen bij Gwen. Die stelde voor om, terwijl zij aan het afronden was met nog een leerkracht, broodjes te halen bij de buren van Unizo. Helaas, tegen dan was het één uur en was alles uitverkocht. Geen nood, dan maar de Proxy-Delhaize wat verderop. Driewerf helaas: nog drie broodjes te krijgen, elk met komkommer. Niet dus. Hmmm.

En toen werd ik gewezen op de uitstekende pizzeria een paar huizen verder, waar je ook dingen kon meenemen. Ik bestelde er een excellente pizza en kreeg die een achttal minuten later, kraakvers en dampend, en gelukkig ook in een doos want het was toch wel aan het regenen, ja. Gwen en ik aten met smaak onze pizza, zij werkte nog iets af terwijl ik wat zat te lezen, en we namen samen de trein naar huis.

Yup, ik heb ergere dagen meegemaakt.

Nascholing in Brussel

Die nieuwe leerplannen, da’s een serieuze boterham. In maart hadden we al een uitleg gekregen, maar er was er echt nog meer nodig, zoals over de nieuwe regelgeving over de evaluaties. En dus trok ik vandaag naar Brussel, alweer. Twee dagen op rij, du jamais vu.

Echter…  Met een rolvaliesje met laptop, boeken, lunch en klein gerief moest ik dus de trein op. Alleen had ik er niet aan gedacht dat er geen lift of roltrap is in Gent Dampoort. Gelukkig was er een vriendelijke man die spontaan aanbood het ding even naar boven te dragen, toen hij me zag sukkelen. Dank u, NMBS: zo voel ik me meteen weer stokoud… Een ander iemand hielp me dan weer het rolding op de trein zelf te zetten. En toen was er een gigantisch lieve jongeman die mijn gesukkel gevolgd had, in Sint-Pieters meteen alles weer uitlaadde, van de trap droeg, dezelfde trein moest nemen als ik, dus daar alles weer inlaadde en me zelfs een zitplaatsje zocht op de volle trein. Heerlijk. Made my day. Maar een mens wordt toch er meteen mee geconfronteerd dat hij eigenlijk gehandicapt is. Daar moet ik dus echt eens werk van maken.

Soit, ik was er, installeerde me tussen de collega’s, en liet mijn volledige aandacht uitgaan naar Gwen. Ergens blijf ik het grappig vinden, zo les krijgen van mijn beste vriendin. En ze doet dat vooral ongelofelijk goed in die moeilijke materie. En het leuke is dat je dan ongecompliceerd ergens je boterhammen kan gaan opeten op een bankje, ver van alle anderen.

De terugreis was dan ook een pak aangenamer, al voelde ik me wel schuldig over het feit dat ik de frêle Gwen alles liet sleuren. Niet dat zij er een punt van maakte, maar toch.

Enfin, een zware maar wel interessante en zeer leerrijke dag. Voer om over na te denken.

Workshop Marketing

Ergens eind mei vroeg mijn directie of ik alsjeblief mee wilde gaan naar een nascholing over marketing en rebranding: hoe zet je je school in de markt, hoe lok je nieuwe leerlingen, hoe maak je van je school een sterk merk?

Aangezien ik daar volop mee bezig ben en daar ook voor betaald word, zag ik dat wel zitten, ja. En dus zat ik van een tot half vijf op het Lyceum voor wat een zeer interessante uiteenzetting werd.
Conclusie: we zijn goed bezig, maar er is nog veel werk aan de winkel. We hebben ons merk, onze huisstijl, ons Unique Selling Proposition, maar we moeten alles nog veel verder doordrijven, en vooral meer zichtbaar maken.

Ik was vooral blij dat mijn directie er ook bij was, zodat ze het ook eens van een ander hoorden. Veel dingen waren nieuw voor mij, maar sommige dingen zeg ik al jaren, waarop er dan zeer twijfelend en weigerachtig gereageerd wordt. Awel: néh!

Nu nog in praktijk brengen…

Uitspraak van het Latijn

Deze namiddag was er op de Voskenslaan een nascholing over de uitspraak van het Latijn, en meer bepaald dan bij het scanderen. De lesgever in kwestie was een jonge leerkracht die zich bijzonder enthousiast op het onderwerp had gestort, een aantal jaar geleden, en tot onthutsende constataties was gekomen.

We spreken het verkeerd uit (tot op zekere hoogte) en daar zijn ze vrij zeker van. Ik ga dus zien of ik mijn uitspraak kan aanpassen in vier, vijf en zes. In een, twee en drie gaan we het wellicht houden zoals het nu is, wegens wellicht anders nauwelijks werkbaar.

Maar de scansie, da’s een ander paar mouwen. Als u ooit Latijn hebt gedaan, barst u bij het lezen van

Tityre tu patulae recubans sub tegmine fagi

of

Daedalus interea Creten longumque perosus

spontaan in een ritmisch gelees uit, waar Snoop Dogg jaloers van zou worden. Helaas, driewerf helaas.

Romeinen spraken het wellicht lang niet zo nadrukkelijk uit, maar letten meer op het woordaccent. Ze combineerden in elk geval beiden, en Kobe kon het ons wel demonstreren, maar had er zelf ook zeer lang op moeten oefenen. Ik moet toegeven, het klonk wel logisch, zeer muzikaal, en vooral ook aannemelijk, maar of ik het ooit zelf zal kunnen? Ik betwijfel het. Ik ga er in elk geval wel over doceren in de klas, daarvoor was het wel té wijs.

Wordt vervolgd, want er komt nog een tweede sessie met oefeningen en didactische tips. Ik ben benieuwd.