Een tand armer

Vorig jaar had ik al een compleet kapotte tand laten vervangen door een implantaat. Tevreden van? Van de kwaliteit wel, ja, maar de vorm is niet ideaal, want er kruipt altijd eten tussen die tand en de tand erna, en daar kunnen ze dus niks meer aan veranderen. Meh.

De tand ervoor was helaas ook al lang redelijk dood. Als in: al lang ontzenuwd, stukjes van afgebroken, intussen ook helemaal bruin, maar door de tandarts nog wat bijgeslepen omdat ik anders een dubbel gat in mijn mond had. Het was een kwestie van tijd voor die ging afbreken, zei ze, maar dat gingen we dan wel weer zien. Nu wilde ik dus ook voor een implantaat gaan, en die tand moest er dus uit, maar de tandarts wilde zich daar liever niet aan wagen. Te veel risico dat hij ging afbreken, en dan werd het sowieso een werkje voor de kaakchirurg, die ik toch moest zien ter voorbereiding van dat implantaat.

Vandaag dus richting ziekenhuis om die tand te laten trekken. Ik hield mijn hart vast, want het kon wel eens gepruts worden. Maar tot mijn grote opluchting en – jawel – grote verbazing van de kaakchirurg ging de tand er zonder protesteren, zonder problemen gewoon uit. Nikske breken, nikske versplinteren, gewoon eruit. Het was inderdaad maar een zielig tandje meer, toen ik hem zag liggen in een schaaltje, maar wel nog een stevige wortel.

Enfin, nu eerst alles laten genezen, en dan in september de vijs erin, zodat ik dan ergens in november weer een volledige mond tanden heb. En dan maar hopen dat dat nog even zo blijft.

Groen licht voor de kroon

Nee, we krijgen geen koningin Elisabeth voorlopig, het gaat simpelweg om de kroon in  mijn tanden die er eindelijk mag komen, een werk van lange adem.

In december werd die gepland, begin april werd de vijs geplaatst – met de nodige complicaties – en vandaag werd de vijs definitief goedgekeurd: netjes op haar plaats, netjes verankerd in het bot, alles erop en eraan. Het is nu aan de tandarts om daar ook de definitieve kroon op het werk te zetten.

Ik had gelukkig al een hele tijd geleden contact opgenomen met haar, want ik weet dat ze, zoals de meeste tandartsen, een beetje overbevraagd is. Ze had pas tijd om alles op te meten begin juli, zei ze. Goh, zo erg is dat extra maandje wachten nu ook weer niet. Gelukkig, vertelde ze me aan de telefoon, worden de afmetingen nu digitaal per scan genomen en niet meer met zo’n vieze kleiachtige substantie in je bakkes. Nog een week later, 14 juli, wordt de kroon dan geplaatst, en ga ik een heel ander mondgevoel hebben. De volgende stap is dan dat de volgende tand, die ernaast, die al helemaal ontzenuwd is en in elkaar gemetst, ook getrokken wordt en vervangen door een tweede kroon.

Ik ga nog weer helemaal een werkend bakkes krijgen, of wa?

 

Implantaat: een update

Nope, het ging weer eens niet zoals de bedoeling was.

Anderhalve week geleden werd dus dat implantaat voor een kroon gezet in mijn bovenkaak. Verschillende kennissen hadden dat al laten doen en me verzekerd dat daar eigenlijk niks aan is, dat dat de dag zelf wat pijn doet, maar snel betert.

Hmpf.

De donderdag viel inderdaad goed mee, en zoals de dokter had gezegd, heb ik ’s avonds voor het slapengaan een pijnstiller genomen om goed te kunnen slapen. Vrijdagochtend: alles in orde, geen pijn. Vrijdagavond, op Aether: blij dat ik Ibuprofen 600 mee had, want het begon stevig pijn te doen en te kloppen. Het stond nochtans absoluut niet dik – lang leve het ijs dat ik er donderdag had op gehouden – of extra rood of zo, aan de buitenkant was absoluut niks te zien. Maar de pijn bleef, en ik nam dus 4 keer zo’n Ibuprofen op een dag, wat blijkbaar meer is dan de toegestane dosis. Ach ja.

Maandagochtend belde ik naar de dokter, maar die was op maandag en dinsdag niet beschikbaar, wel op woensdag. De pijn bleef overigens aanhouden, tot ook mijn sinussen en mijn onderkaak pijn deed.

Op woensdag kon ik bij haar terecht: een foto wees uit dat alles in orde was, dat er eigenlijk geen probleem mocht zijn, er was geen zwelling, ook geen echte roodheid, alleen was het tandvlees nogal zacht. Ze haalde wel de draadjes uit, en man, dat deed pijn! Ik heb ondertussen al zo vaak draadjes moeten laten weghalen of zelf uitgetrokken dat ik weet dat dat eigenlijk niet zou mogen. Tsja. Ze schreef me ook een stevige antibioticakuur voor, want er was duidelijk wel iets aan de hand, ja.

Maar die woensdag was zo druk, dat het pas ’s avonds was dat ik om die antibiotica kon gaan, en… de pijn was tegen dan zo goed als weg! Zonder pijnstillers! Maar echt…

Ik wachtte dus nog even tot de donderdag, en tegen dan was alles normaal: geen pijn, geen kloppen, geen zachtheid van dat tandvlees… Ik vroeg nog even raad aan mijn vertrouwde, betrouwbare apotheker en zij bevestigde: als de pijn weg is, geen antibiotica. Oef, want ik ben daar niet al te zot van, nee.

Vandaag ging ik ter controle opnieuw langs bij de kaakchirurg, zoals eigenlijk sowieso de bedoeling was, en zij concludeerde, net zoals ik eerder al had gedaan, dat ik blijkbaar gereageerd had op de draadjes. Om een of andere rare reden ging mijn lijf niet akkoord met de gebruikte draadjes, maar was alles weer in orde zodra die draadjes weg waren. Bizar.

En verder? Alles perfect in orde, het implantaat zit waar het moet zitten, perfect op zijn plaats, en alles is prima genezen. Eind mei nog eens op controle, en dan de kroon op het werk bij de tandarts.

En dan volgend jaar de tweede tand. Kwestie van optimaal gebruik te maken van de tandverzekering, toch?

Implantaat

Deze voormiddag stond ik op school bij het project van de eerstes, maar tegen de middag verontschuldigde ik me: ik moest namelijk om kwart over één in het ziekenhuis Sint-Lucas staan voor de plaatsing van een implantaat. Ik parkeerde fluks in onze eigen garage van het appartement en wandelde naar het ziekenhuis. Na even wachten werd ik onder handen genomen: een gewone verdoving zoals bij de tandarts, om eerlijk te zijn, en dan dus de vijs in mijn bovenkaak. Het vreemde was dat je dus geen pijn voelt, maar wel de geluiden hoort van iets dat ergens in gevezen wordt, en dus het draaien van zo’n handschroefmachientje. Bizar.

Enkele draadjes en wat goeie raad later – en een voorschrift voor pijnstillers – stond ik weer buiten, na een klein half uur. Netjes, zou ik zo zeggen. Voorlopig voelde ik ook niks, maar dat was uiteraard omdat de verdoving nog niet was uitgewerkt. Ik kreeg wel een mini ijspakje mee en de raad om er ook thuis nog ijs op te leggen om eventuele zwelling tegen te gaan. Gelukkig hebben we nog meer dan voldoende liggen van die keer dat onze jongens hun wijsheidstanden lieten uithalen.

Soit, ook dat is dus alweer achter de rug. Volgende week controle, eind mei nog eens, en dan bij de tandarts voor effectief een kroon op die vijs.

Ik kan in elk geval al niet meer zeggen dat ik al mijn vijzen kwijt ben, ik heb er nu per definitie eentje zitten.

Implantaten

Eind september was ik bij de tandarts langs geweest voor een nazicht en om het eens te hebben over die anderhalf ontbrekende tand. Ha ja, er is eentje volledig weg en die daarnaast is voorlopig op een soortement punt gevijld maar gaat het ook niet oneindig meer uithouden: ze kan hem niet meer opvullen tot volwaardige tand.

Ze had toen voor mij een afspraak gemaakt bij de kaakchirurg want die moest eerst kunnen bepalen, vooraleer er tot de grote werken werd overgegaan, of er wel voldoende plaats is in mijn mond en mijn sinussen wel op de juiste plaatsen zitten voor het plaatsen van implantaten. Als mijn kaakbeen niet dik genoeg is, lukken implantaten namelijk niet.

Maar bon, ik heb blijkbaar perfecte sinussen en dus word ik ergens in april voorzien van de nodige vijzen. Die moeten dan eerst een drietal maanden netjes vastgroeien in het kaakbeen, en dan kan de kroon daarop geplaatst worden. Een kwestie van geduld dus, maar bon, dat is nu niet meteen het probleem. Het zal raar aanvoelen, opnieuw een tand in dat lege plekje!

Wijsheidstanden

Toen we vorige week met zijn allen op controle gingen bij de tandarts, stelde ze dat zowel Wolf als Kobe wellicht binnenkort problemen gingen krijgen met hun wijsheidstanden: die dingen liggen vaak verkeerd, zitten scheef en beginnen dan te duwen tegen de achterste kiezen, dat je behoorlijk veel pijn kan krijgen. Beter voorkomen dan genezen, vond ze, die tanden gaan vroeg of laat toch ambetant beginnen doen.

Bon, wij vandaag dus naar de stomatoloog in het Jan Palfijn. Daar ging het verbazingwekkend vlot en efficiënt. “Ha, een doorverwijzing van de tandarts? Goed, dit zijn foto’s, en ja, ze heeft gelijk. Alle vier in één keer onder algemene verdoving, of liever twee per twee onder plaatselijke? Het is sowieso vijf dagen ziekteverlof. Allebei onder volledige verdoving? Prima, kies maar een donderdag wanneer het het beste past. Misschien niet bij de start van het academiejaar voor onze kersverse student?
Bon, 20 oktober is prima, ik neem hen dan na elkaar en dan kunnen de broers samen op één kamer bekomen en ’s avonds naar huis. Dit zijn de papieren, dat is dan geregeld!”

En dat was dat. Effectief.