Geocachen in Balen

In de Gentse Feesten en vorige week had ik Mathias kennis laten maken met Gent, nu was het tijd dat ik eens ging kijken in Balen. Niet dat dat nu bepaald een grootstad is, maar de natuur is er wel prachtig.

Tegen kwart over twee stond ik bij Mathias en Wim, en iets later stonden we achter zijn huis in Scheps, een natuurgebied met moerassen – heuse, echte, gevaarlijke, ik-zink-weg-en-ben-een-beetje-dood-moerassen – en vlonderpaden, poelen, vijvers, en blijkbaar ook een kapel, een Lourdesgrotje én een waterput van Sint-Odrada. De natuur is er inderdaad prachtig.

We gingen daarna naar Picknick eiland, een heus eiland met twee picknicktafels en drie palen voor hangmatten, om er gewoon rustig te zitten, te praten en te chillen. Mijn rug was de jongens dankbaar.

Ze lieten me ook nog de lokale visvijver – zonder vis – zien, en daarna reden we naar de andere kant van Balen voor een rondje geocachen, het rondje Natte Voeten, langs een kanaal en daarna langs de Nete, waar het soms inderdaad echt wel modderig en drassig lag. In de andere seizoenen kom je er niet door zonder rubberlaarzen, het was nu soms zelfs uitkijken en rondspringen.

Tegen zevenen stonden we weer bij Mathias thuis om even op te frissen – ik zweette als een bunzing – Stijn ook nog op te pikken, en dan naar Geel in het Aards Hof iets te eten.

Tegen elf uur zat ik in de auto richting Gent, klaarwakker, en dus pikte ik langs de baan in en rond Geel nog vijf extra losse caches op. Tegen half twee was ik uiteindelijk thuis, na een ideale, relaxte vakantiedag.

Heerlijk toch?

Vortex: een uitstekende editie

Yep, het was duidelijk een meerwaarde dat we deze keer al op vrijdagavond in het donker begonnen spelen: een klassieke larp (Omenstyle) met zombies vermengen, dat lukt het best in het donker. Ik heb dan ook een hele tijd gewoon dwars over het hoofdpad door het bos gelegen, kwestie van wegversperringszombie te spelen. Yup, that’s a thing. Helaas was er één bij het groepje die blijkbaar uitstekend zag in het donker, en me dus meteen had opgemerkt. Nog voor ik kon aanvallen, werd ik al in de fik gestoken met een brandpijl. Meh. Tot zover de zombie.

Maar de hele zaterdag was ik schildmaagd/heksenjager die poolshoogte kwam nemen voor de bizarre gebeurtenissen. Kilometers gestapt, redelijk wat gevochten, en me tranen gelachen – letterlijk, ik ben zelfs richting toilet moeten spurten – met drie zombies die ik per ongeluk controleerde door hun ziel in een flesje op zak te hebben. Laat eens drie zombies poort spelen? Slapstick gegarandeerd.

Ook de jongens hebben zich prima geamuseerd, gelukkig maar. Wolf kloeg tegen zaterdagavond trouwens absoluut niet over de rug, wel over de zere voeten en stijve kuiten. Zelf heb ik even een dutje gedaan in vol harnas in het bos ergens op zaterdagnamiddag: de rug kon wel even wat rust gebruiken. Een half uur goed geslapen: als ge moe genoeg zijt, slaapt ge zelfs in een harnas :-p

Enfin, we waren iets voor middernacht terug thuis, en Kobe lag al diep te slapen in de auto. Fijne, fijne dag.

Vortex VII

Vanavond vertrek ik met de jongens naar Vortex, de jongerenlarp van Oneiros. Voor het eerst spelen ze ook op vrijdagavond, en dus blijven we nu ook slapen. Anders kwamen we gewoon steevast toe op zaterdagmorgen en vertrokken we zaterdagavond opnieuw: dat scheelt een hoop gedoe en gesleur.

Ik hoop alleen dat het goed zal gaan: Wolf zag het volledig zitten, maar ik heb er geen idee van hoe hij het zal verteren. Idem voor mijn rug: ik speel weer eens een rol met harnas en zo. En Kobe, die zal de jongste van de hoop zijn, vermoed ik: de vorige keer was hij mee als figurant, deze keer speelt hij diezelfde rol als speler. Hij gaat zich zeker en vast staande houden tussen die grote lummels, daar ben ik zeker van: hij heeft genoeg haar op zijn tanden en ook meer dan genoeg fantasie om te spelen.

We blijven wel niet tot zondag: ik wil bij voorkeur in mijn eigen bed slapen, en we dachten dat de kinderen op zondag ook nog de hele dag scouts hadden. Ik had dus al doorgegeven dat we niet gingen blijven, en toen bleek de scoutsovergang maar volgende week te zijn, maar bon: toch maar naar huis zaterdagnacht, da’s beter voor alle kapotte ruggen.

Allez, op hoop van zegen.

Gent – Mol – Balen – Geel – Gent

Ik ging een week lang slapen, weetuwel? Dat had ik hier gisteren nog vol overtuiging geschreven.

Ik was wakker om half negen, las nog een uurtje in bed, en kwam toen op ’t gemak de trap af, trok wat kleren aan, en ging buiten met de kinderen ontbijten. Heerlijk rustig, zonder haasten, een puur vakantiegevoel.

Tegen kwart over tien ging ik even aan mijn computer zitten, en scrollde lui door mijn Facebookmuur. Alwaar ik bij een vriendin een bericht opmerkte over een verkeerd adres op een brief, die gelukkig toch was toegekomen. Een doodsbrief, met daarop een bekend handschrift.

Een wenkbrauw ging omhoog. Hmm? Doodsbrief? Zou het? Nee toch? Ik had deze week nog met Annick gechat, ik wist dat haar moeder niet lang meer had, en ik dacht dat ze voorbereidingen aan het treffen was, zoals ik destijds heb gedaan in de laatste weken. Blijkbaar was mijn euro niet gevallen dat het al zover was, en was Annicks euro niet gevallen dat ik dat niet doorhad.

Ik liep naar de brievenbus, en jawel, gisterenmiddag moet de brief toegekomen zijn. Het was kwart over tien, en ik was dus uitgenodigd voor een begrafenis om 11.00 uur in Mol, op 1.20 uur rijden, en daarna op de koffietafel. Dat ging ik dus niet halen, maar bon, ik kon misschien nog wel een klein stukje van de dienst meepikken, en dan daarna wel aanwezig zijn voor Annick, en dat telde.

Ik ben dus als de wiedeweerga in deftiger kleren gesprongen, heb mijn boeltje bijeengegrabbeld, en ben naar Mol gereden, waar ik effectief om 11.40 uur nog kon aansluiten bij de herdenkingsdienst. Oef.

Het werd een intense, maar fijne koffietafel, en ik was oprecht blij dat ik er nog bij was. Had Annelies dat foutieve adres niet gepost, dan had ik het nooit op tijd gezien. Meh.

Enfin, ik was nu toch ginder in de Kempen, en blijkbaar was er een ongeluk gebeurd aan de Kennedytunnel met meer dan een uur file, dus wat kon ik beter doen dan te gaan geocachen? Ik verwisselde de lange zwarte rok met een jeans, en ging op pad in Mol, Balen en omstreken.

Vooral het toertje in en rond Ezaart kon me bekoren, maar ik ben te lang blijven zoeken bij een bepaalde cache, waardoor ik niet meer de tijd had om ze allemaal te doen.  Maar goh ja, ’t is niet dat ik zo haastig was: ik wilde enkel naar huis om Wolf te zien, we hadden nog de hele avond.

En toen stond ik in Geel eentje te zoeken, toen mijn agenda me een verwittiging stuurde: straks om 19.00 uur D&D. Unk! Compleet vergeten! Ik sprong in de auto, belde naar Wolf met de boodschap dat hij alles moest klaarzetten want dat ik maar thuis ging zijn tien voor zeven, en om nog wat knabbels te halen – wat Bart prompt deed, de lieverd – en reed dus fluks naar huis, net op tijd om een boterhammetje binnen te spelen en de gasten te onthalen. Phoe.

De sessie Dungeons and Dragons werd een fijn avontuur, en Bart wilde ons blijkbaar vetmesten, want hij bleef maar met hapjes aandraven.

Nee, een slaperig uitrustdagje werd het niet, maar het was wel goed voor mijn zen. Allez, toch bij momenten.

Vortex III

Wolf zat er al maandenlang naar uit te kijken: Vortex III, de jongerenlarp voor 12- tot 18-jarigen. Hij heeft duidelijk de larpmicrobe stevig te pakken. Gisterenavond reden we al richting Geel, en deze morgen werd het echt: een wereld vol vampieren en weerwolven. Wolf zat in het vampierenkant, ik speelde een weerwolf, veel hebben we elkaar dus niet gezien. Maar ik denk niet dat hij dat erg vond.

 

 

Huize Korda

Man man, ik ben me kostelijk aan het amuseren zeg! Een adeldame met een gigantisch ego en lange blonde krullen, het is ne keer wat anders!

Het leuke is dat je ook telkens samen speelt met bepaalde mensen, en op die manier oude vriendschappen weer aanhaalt, of nieuwe mensen leert kennen. Of ook wel vage vrienden veel beter leert kennen. Ik speel nu samen met mijn twee “broers”, waarvan ik de ene al wat kende, en waarvan ik de andere, denk ik, zelfs nog nooit gezien had.

De blonde pruik is overigens de max: Thomas is erin geslaagd om precies mijn vroegere kleur te kiezen, waardoor ze me ook echt onherkenbaar maakte wegens niet opvallend. Veel mensen herkenden me niet meteen, enkel door mijn stem. Maar de leukste was wel Junior. Ik was net het spelkot binnengegaan in mijn gewone kleren om die pruik te passen. Intussen was Junior binnengekomen, en die zei hallo aan de twee mensen voor mij. Waarop ik: “Hey Junior, hoe is ‘t? Is de hond niet meegekomen?” Hij gaf me gewoon drie kussen en liep door. Bon, ik ging de pruik netjes terughangen om me te gaan omkleden, en liep dus terug het algemeen spelkot in. Waarop ik Junior weer tegen het lijf liep, hij me drie kussen en een knuffel gaf, en dus hallo zei. Ik, verbaasd: “Maar enfin, Junior, gij profiteur gij! Ge hebt mij daarnet al drie kussen gegeven!” “Ikke? Ma nee gij, ik zie u nu pas!” Bleek dat hij me totaal niet herkend had met de pruik, en in zichzelf had gedacht: “Moh, kijk nu, ze smijten hier een nieuw blond Mieke binnen, en die kent mijn naam nog ook! Cool!” Ik lag plat van ’t lachen.

Enfin, dit wordt nog een memorabel weekend, medunkt!

Omen

Een aantal maanden geleden vroegen goeie vrienden van me of ik het niet zag zitten om te komen figureren op een nieuwe larp. Er waren namelijk massaal veel inschrijvingen, vooral van doorgewinterde spelers die het ongelofelijk goed zagen zitten om te spelen. En nu hadden ze figuranten nodig natuurlijk, en liefst ook anciens.

Na een weekend of 70 denk ik dat ik wel een ancien ben, en ik had er wel zin in, zeker toen ze met een rolletje af kwamen dat me op het lijf was geschreven (misschien wel letterlijk). Het kostte me niet eens veel moeite om Bart te overtuigen, en dus trok ik vrijdagavond richting Geel. Ik moet toegeven: eerst zag ik het niet zitten. Ik had eigenlijk nog te veel werk, nog te veel dingen aan mijn hoofd, en had ik gekund, ik was thuisgebleven. Maar dat kon ik niet maken tegenover spelleiding, en maar best ook: ik heb me gigantisch geamuseerd!

Ik had eigenlijk maar twee rollen: een uberdominante druïde met een verouderingsprobleem, en een huurling, de beste vechter van het land. Jammer dat ik dat outgame niet waar kon maken, zo goed vecht ik nu ook weer niet ^^

Tussenin heb ik nog even gezelschapsdame gespeeld voor de koningin, met een lange jurk en een blonde pruik. Hilarisch.

Enfin, ik heb weer eens veel te weinig geslapen ( zaterdagnacht was het half zes, en dat was lang geleden), en me gigantisch als manwijf gedragen, in mijn harnas en met mijn attitude. Dat wordt weer overcompenseren morgen, met lange rokken en juwelen en zo.

Maar eerst ga ik een lange lange douche nemen: ik voel me ronduit smerig. En, geloof me, da’s altijd een goed teken.