Geo-art: 55 op een dag!

Man, soms doet zot zijn toch geen zeer…

In de zomermaanden doet het team achter de geocaching website altijd een soortement wedstrijd. Je kan er niet echt iets mee winnen, zoals nooit bij het geocachen, maar je kan er “souvenirs”, virtuele beloningen voor krijgen. Deze zomer ging het om Mystery in the Museum, waarbij je bepaalde caches moest loggen om een aantal gestolen juwelen en dergelijke te krijgen. Gisteren had ik de laatste saffier gevonden, en ik dacht dat ik er dan wel was. Juist ja. Krijg ik de boodschap dat de enige taak die me nog restte, was dat ik nog 35 caches moest loggen. Oh, en het spel loopt morgen af. Ah. Right.

Gelukkig had ik een week of twee geleden al een hele mooie geo-art DRAAK zitten oplossen: dan vormt de cachelegger een woord of tekening met allemaal raadsels, en als je het antwoord juist hebt, krijg je de plek waar je de cache kan vinden. Deze vormde een toertje van zo’n 25 kilometer doorheen Oostakker-Desteldonk en omstreken, met een totaal van 55 caches.

Ik stak tegen een uur of drie de fiets in de koffer en reed naar het startpunt, met het idee er 35 te doen.  Maar toen was ik gigantisch goed bezig en had ik nog geen zin om te stoppen. En ging ik er 40 doen. En toen waren het er maar 15 meer, en was het ook zo onnozel om te stoppen, toch? De laatste vijf waren er eigenlijk te veel aan, moet ik toegeven. Het fietsen is niks, het is het elke keer op en af stappen, die zware fiets tegen een boom moeten zetten of in het gras leggen, en telkens weer aanzetten dat het lastig maakte.

En… Ik heb de stommiteit gemaakt om te denken dat twee stukken landwegel wel gingen verbonden zijn met elkaar, waardoor ik uiteindelijk een weide ben doorgefietst, met die zware fiets twee grachten ben overgestoken, een gans eind tussen de rand van een maisveld en een gracht ben geploeterd door het hoge gras en de struiken, en onder een prikkeldraad door ben gekropen met fiets en al. Ugh. Geen goed idee.

Maar de tocht zelf was prachtig, ik heb intens genoten, heb mijn fles water kunnen laten vullen door een gepensioneerde die zijn tuin aan het sproeien was, en was klaar rond half negen. Yep, meer dan vijf uur op de fiets, ge moet goed zot zijn. I know.

(Maar ik heb toch maar lekker 55 caches gehaald vandaag!)

Domme duiven

Deze lente vond een wilde duif het nodig om boven ons terras, in de blauwe regen, een nest te bouwen. Hmpf. En uiteraard zat ze er te broeden, met twee duivenjongen tot gevolg.

Deze middag zaten Kobe en Merel toevallig net buiten, toen ze een luide “plof” hoorden. Hmm? Een van de jongen was uit het nest gevallen, of had een premature poging tot vliegen gedaan: er staat nog wat dons op het kopje, maar de vleugels zijn zo goed als volgroeid.

Meteen was de interesse van de katten gewekt natuurlijk, waarop wij een doos namen en het beest zonder veel plichtplegingen in de doos pleurden. En nu?

Het Vogelasiel in Merelbeke zag ik niet zitten, da’s zo’n vijfentwintig minuten rijden met de auto, en ik wilde met Kobe en Merel nog de caches in het park naast de school in orde zetten. We zetten het beestje op een veilige plaats en fietsten naar Mariakerke.

Tegen dat we thuis waren, was ook Bart thuis, en samen haalden we de grote ladder uit, positioneerden die voorzichtig tegen de plant, en ik legde het piepende jong terug in het nest, waar het zich onmiddellijk weer installeerde.

Ik ben benieuwd. Domme duiven!

Even tot aan de Feesten

Kobe is op kamp, Wolf was met vrienden naar de feesten, en Merel bleef bij Feija slapen om dan vandaag mee naar de zee te gaan. En wij, wij hadden dus plots niemand die thuis bleef eten, alleen wij twee.
Ge ziet van hier dat wij dan ook niet thuis zijn gebleven: we stapten gezwind de fiets op, reden eerst tot in Mariakerke om daar een van mijn verdwenen caches te vervangen, en fietsten daarna de stad in. Een van Barts leveranciers heeft er een pop-up in de kerk van Sint-Jacobs, en dat was dan uiteraard de plek waar we iets gaan eten zijn. Croque Mon Dieu voor mij, een uitgebreide plank voor hem. En de omgeving, die was de max. Nog nooit gegeten in een kerk, denk ik. Allez, toch niet ene die nog in gebruik is.

Er loopt trouwens ook een tentoonstelling van beelden. Geen idee van wie, ik weet wel dat het redelijk bizarre constructies zijn.

We liepen nog even rond, maar zagen al snel in dat het eigenlijk allemaal niet zo meer hoeft. Tenzij een ijsje, natuurlijk.

We bleven even kijken naar een Queen tribute band, maar de zanger had noch de stem, noch vooral de passie en de gedrevenheid, en we zijn dan maar snel verdergewandeld. En lekker samen weer naar huis gefietst.

 

Middagje Gent

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat Kobe met het GEJO ging optreden op de Gentse Feesten deze namiddag, maar er was ergens iets verkeerd gegaan in de planning, zodat dat in het water viel. Mja, kan gebeuren. Maar Merel en ik waren wel al van plan om ’t stad in te gaan, en we laten ons niet zomaar van onze plannen afbrengen.

Tegen twaalf reden Kobe en ik, met Merel achterop mijn fiets, dus richting het centrum om er aan ’t Groot Kanon af te spreken met Bart. Meteen loodste die ons richting Oudburg voor een heerlijke sushi. Bart ging eerst gaan voor de boot met 70 stuks, maar die met 44 bleek toch voldoende :-p

Bart ging daarna opnieuw de fiets op richting kantoor, wij slenterden rustig door de Lange Munt, over de Zuivelbrug, naar het Design Museum. Ha ja, een nieuwe tentoonstelling én een speurtocht van Vlieg: meer moet dat niet zijn. Zeker als je dan nog vaststelt dat het museum gratis is voor Gentenaars tijdens de Gentse Feesten. Vlieg gaat dit jaar over smaak, en dus zat er in hun boekje een meelworm – had ik eerst mailworm geschreven, ugh – een hostie van kweekvlees en een jellybean met koffiesmaak. Leuk gedaan!

En toen waren er – duh! – ijsjes.

BTW, we hadden geen belleketrek gedaan, die mens in de achtergrond had net de politie over de vloer gehad omdat wellicht een of andere pipo die vond dat hij toch kon passeren met zijn camion op de Gentse Feesten, zich in dat steegje had proberen draaien en gans de gevel had beschadigd.

We liepen nog wat verder, zagen dat de feesten echt maar vanavond beginnen, en fietsten toen maar rustigjes naar huis.

Oh, en wijze affiches:

Eindejaarsshenanigans

Elk jaar verloopt de laatste maandag van het schooljaar zowat hetzelfde: eerst een lange dag deliberaties, koffie drinken, wachten en discussiëren.
Om 13.00 uur kregen de zesdes hun attestering, en aansluitend zette ik de zesdes die gaan spelen op onze proclamatie, nog eens aan het oefenen.

Daarna nog meer deliberaties, en dan de voetbalmatchen van de zesdes tegen de leraars, zoals elk jaar. Onze heren slagen er precies niet meer in te winnen, de laatste jaren, maar ze worden er natuurlijk ook niet jonger op. Verslag daarvan met massa’s foto’s vindt u hier, uiteraard.

En daarna was er, zoals altijd, de barbecue. Ook die was andermaal zalig: gewoon buiten in de binnentuin, met alle tachtig leerlingen geslaagd: de sfeer zat er gigantisch goed in! Om een of andere reden ben ik deze keer wél tussen de leerkrachten verzeild, terwijl ik meestal tussen de leerlingen zit. Goh, oud worden zeker?

En als afsluiter ben ik rond middernacht in alle rust en stilte naar huis gefietst, doorheen de onverlichte Lange Velden, en ik heb er zelfs mijn eigen licht uitgedaan: fietsen in het donker is en blijft zalig. Echt.

Oogcontrole

Zoals elk jaar moest ik ook nu op standaard oogcontrole. Tsja, dat is zo als je glaucoom hebt natuurlijk.

Maar waar ik vroeger per definitie de auto nam, zag ik het deze keer volledig zitten om de fiets te nemen. Vreemd eigenlijk, dat ik dat vroeger niet eens in overweging nam, eigenlijk gewoon niet eens aan dàcht.

Ik was ’s morgens al heen en weer gefietst naar school, en nu sprong ik dus op de fiets om via de Nieuwe Wandeling tot aan de kliniek te raken. Eigenlijk is dat niet eens ver, amper 20 minuten. Normaal gezien ben ik daar, met gezichtsveldmeting en al, buiten op een dik half uur, want de dokter werkt heel erg stipt. Alleen was de assistente nu die onderzoeken vergeten, en moest ik extra wachten. Een en ander zorgde ervoor dat ik niet om half vier aan school terug stond, zoals ik eigenlijk had afgesproken met Wolf. Die ging namelijk voor de allereerste keer fitnessen met Wout, en was natuurlijk, helemaal pubergewijs, zijn SNSpas thuis vergeten. Goed bezig, Wolf! We spraken dus meteen af aan de Stadion, en ik zette me prinsheerlijk op een bankje aan de Coupure, kijkend naar het toch wel serieus drukke fietsverkeer op die as.

Fietsen is duidelijk een kwestie van mentaliteitswijziging: vroeger stond ik er gewoon niet bij stil dat ik evengoed met de fiets naar het ziekenhuis kon gaan. Vandaag vind ik het vrij logisch, en genoot ik er zelfs van.

BTW, met mijn ogen is nog steeds alles in orde. Goed zo.