Karski Quartet in Zomergem

Jeroen stuurde een mailtje: of we geen interesse hadden in een klassiek concert in het kader van het Festival van Vlaanderen? Meer bepaald, in de kerk van Zomergem, een strijkkwartet?

Euh, jazeker!

Het resultaat was dat we deze avond om 19.00 uur in de bewuste kerk zaten, met eerst een voorprogramma van de Muziekacademie van Eeklo. Een strijkkwartet van vier meisjes, les Violons d’été, speelde samen met Guido Van Damme (klarinet) het eerste deel uit het Klarinetkwintet van W.A. Mozart., en ja, ze speelden echt wel degelijk.

Toen mocht even mijn broer voor het voetlicht, want hij gaf de uitleg rond de onthulling van een nieuwe gedenkplaat voor Vinderhoute, over de opoffering van en de bevrijding door Poolse soldaten. Er was een afgevaardigde van de Poolse ambassade, en het kwartet speelde het Poolse volkslied. Kippenvel toen een vrouw uit het publiek heel emotioneel (en eigenlijk zeer knap gezongen) de woorden meezong. Ik denk niet dat ze dat vooraan gehoord hebben, maar hier kwam het binnen.

En toen speelde het Karski Quartet zelf en merk je meteen het gigantische verschil tussen amateurs en professionelen. Geen noot verkeerd, een enorme passie, en vooral: hoe hard kan je een viool, altviool of cello laten zingen?

Het geluid bij de opnames is slecht, maar het geeft wel een beeld. Poolse volksliederen, muziek van Grazyna Bacewicz en Claude Debussy voor strijkkwartet.

Ook zij waren geëmotioneerd, want drie van hen zijn Poolse dames, en de avond had ook voor hen een speciale betekenis. De naam van het kwartet is trouwens geïnspireerd door Jan Karski, de legendarische Poolse verzetsstrijder die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn leven waagde om de geallieerden persoonlijk te informeren over de verschrikkingen van de Holocaust.

Nog eens bedankt voor de kaarten, Jeroen, het was de moeite waard.

ZZ Top

Wat ik nog moest bloggen: het concert van ZZ Top!

Op donderdag 09 juli waren Bart en ik – allez ja, Bart + 1 – uitgenodigd als VIP voor een concert van ZZ Top in Vorst Nationaal. Bart krijgt wel vaker uitnodigingen en gaat daar meestal niet op in, maar dit was wel een specialleke.

Kwart voor zeven of zo stonden we netjes in de VIP, compleet met parking naast de deur en al. Dik in orde. En het eten mocht er ook zijn: echt lekkere dingen gegeten.

Leuk detail: mijn vroegere nin-jitsu sensei aka. professor chemie aan de UGent was er ook met zijn vrouw, en we hebben gezellig staan kletsen. We hebben nog steeds contact via Facebook, zodat ik wel een beetje weet waar hij momenteel mee bezig is.

En het concert? Wel, die mannen zijn compleet over the top! Ze zijn eind de 70 en rocken nog als de beesten. Allez ja, een van de beardies is intussen gestorven en vervangen door hun vaste gitaarroadie, maar dat maakt niet zo heel veel uit. Het zorgt er wel voor dat hun act nogal statisch is, al hebben ze bij momenten toch wel stevig staan, welja, rocken. Het is dan meestal ook wat ik zou noemen dirty Southern rock,  heel Amerikaans.

En hun outfits? De klassieke hoed voor de ene, de nog klassiekere zonnebrillen, en verder vooral glitter en goud, waar ik hen totaal niet mee associeerde, om eerlijk te zijn.

Om de files voor te zijn, zijn we tijdens het laatste nummer al vertrokken en hebben we ook het dessertbuffet overgeslagen: het zijn zware weken, en vooral Bart was echt moe: hij werkt dan ook veel te hard en veel te veel tegenwoordig, maar met zijn volle goesting.

Enfin, het was eens wreed wijs om te zien, maar meer ook niet.

Sofia: dag 3

We begonnen de dag rustig: Gwen moest nog wat mails beantwoorden en dergelijke – haar dienst is wel degelijk maandag herbegonnen – en mijn rug en knie wilden nog wat extra bekomen van gisteren. In de voormiddag was de conferentie sowieso enkel voor de afgevaardigden en waren we dus vrij.

Maar tegen half twaalf gingen we toch op pad: we wilden eerst nog wat rondlopen en dingen bekijken vooraleer we om half één aan het restaurant stonden voor de lunch.

Gwen en de rest van de Vlaamse dames bleven in het lunchrestaurant om te vergaderen over de nieuwe leerplannen en dergelijke, terwijl ik opnieuw aansloot in de grote aula voor een panelgesprek – of dat was toch zo aangekondigd – met eerst Bulgaarse experten en daarna Bulgaarse studenten. Dit kwam neer op eerst vijf mensen die op een of andere manier gelieerd zijn met de klassieke talen – zoals een orthodoxe priester in vol ornaat die nog net niet uit zijn vel zweette (denk ik toch, het was er pokkewarm) – die elk hun zegje deden, en daarna vijf studenten die ook elk hun zegje deden, waardoor het plots twee uur en een kwartier later was en iedereen moeite had om wakker te blijven. Allez, toch rondom mij, zag ik zo.

Gelukkig ging het daarna, na een stevige koffie en wat zoetigheid, richting het Nationale Archeologische Museum, waar we een deskundige uitleg kregen over eerst de aanwezige schatten en daarna de rest van het museum. Knappe dingen gezien, echt knappe dingen. Ik zet er hier enkele vooral voor mezelf, maar geniet gerust mee.

En toen was het zes uur, en was er eigenlijk niet voldoende tijd meer om nog richting hotel te gaan, want om zeven uur moesten we weer aan de universiteit staan voor een concert. En aangezien er weer enkel koude hapjes voorzien waren, gingen we met enkelen toch snel eerst iets eten, opnieuw in het restaurant van het museum zelf.

Uiteindelijk waren we iets te laat op het concert, maar gelukkig was dat met de Bulgaarse slag en was het eigenlijk nog niet begonnen. We kregen een inleiding in het Bulgaars en daarna in het – onverstaanbaar want om een of andere reden wilde hij geen micro gebruiken – Latijn, en toen was er een tweedelig concert: eerst een soprane, een alto en een bariton die prachtige stukken van Bach en Buxtehude brachten.

En daarna kwam de organisator Dimitar met zijn leerlingen, die blijkbaar dus ook allemaal Latijn spreken. Juist ja.
Ze brachten onder andere stukjes van de Carmina Burana, die op muziek gezet waren door Academia Vivarium Novum uit Italië, de school van jawel, Luigi.

Zeer, zeer te pruimen, ook al was het niet bepaald meerstemmig.

Na afloop, zo rond half negen, waren er inderdaad hapjes maar ik had intussen genoeg gegeten en de rug vond het alweer allemaal welletjes. Een eind wandelen zag ik dan wel weer zitten, dus na een half uurtje of zo gingen we er met de Vlaamse delegatie vandoor en gingen de meesten nog mee iets drinken, want het was onze laatste avond samen. Gwen en ik moeten morgen vertrekken, de rest gaat nog mee – zoals eigenlijk de bedoeling was – naar Plovdiv. Maar het werd een fijne afsluiter, jawel.

Concert in Wevelgem

Ik sprak er al eerder een paar keer over: dat ik het werk van Soenen eigenlijk echt niet graag zong en ook niet wild was van Jenkins. Maar onze dirigent beloofde ons dat dat zou beteren, dat we er een andere kijk op zouden krijgen.

Wel…

Hij kreeg gedeeltelijk gelijk.

De voorbije weken waren echt zwaar: naast het vele schoolwerk en de extra klassenraden waren er dus ook de extra repetities, waarvoor ik dan ook nog telkens anderhalf uur in de auto moest zitten. Gelukkig geven die autoritten wel rust aan mijn rug, maar dan nog.

Er was op vier september een extra repetitie, op 18 oktober, op zes november, op 8 november, en vandaag dus het concert. En ja, ik heb wel altijd een stoel, maar het blijft zwaar, want ook drie uur zitten is een behoorlijke opgave, zeker wanneer je dan nog de ziel uit je lijf zingt.

Maar vandaag was er dus concert: om vier uur raccord voor de Soenen, om vijf uur die voor de Jenkins, en dan om zeven uur het concert zelf. Er waren broodjes voorzien en ik had mijn matje mee om op te liggen tussendoor.

En het concert? Een goeie 800 man kwam luisteren, vond het eerste deel zeer bevreemdend – maar ik kon me er intussen eigenlijk nog wel in vinden, hoe raar het soms ook klinkt – en was vooral ondersteboven van deel 2. Die Jenkins is indrukwekkend: verschillende stijlen, een ‘oproep tot het gebed’, uitgevoerd door een heuse muezzin, en zelfs een feilloos gespeelde Last Post. Voeg daarbij ook nog de hier en daar wel zeer harde projectie die speciaal bij het werk werd gemaakt, en je had een geheel dat ongelofelijk paste op de vooravond van 11 november. We droegen dan ook allemaal een ‘poppy’.

Ik was stikkapot na afloop, maar best wel tevreden. Al bij al een fijn concert, ja.

Extra repetitie

Zoals ik eerder schreef, is het koorjaar wel degelijk begonnen. Geert, onze dirigent, meende het meteen ook heel hard: vandaag zat ik dus de hele prachtig zonnige middag in een grote hal in Wevelgem, waar je zelfs niet zag of de zon scheen of het regende…

Het was de eerste gezamenlijke repetitie voor de acht koren en het orkest, maar ik was niet bepaald onder de indruk. We hebben alleen de Jenkins doorgenomen, en dat doornemen dekt zo ongeveer de lading: we hebben elk deeltje twee keer gezongen, één keer al zittend, één keer al staand – allez, ik bleef zitten – en dat was het. Geen aanwijzingen, geen verbeteringen, geen regie, niks. We hebben stapels, tònnen fouten gezongen maar dat deerde blijkbaar niet. Ja, dat stipje in de verte op de foto was de dirigente.

Het resultaat: een zeer onbevredigd gevoel en vooral een compleet verloren middag, want het is drie kwartier rijden. Ik was dus al weg om kwart over een en was pas thuis tegen zeven uur, tijd die ik zo in het begin van het schooljaar eigenlijk wel beter kon gebruiken.

Tsja. Volgende keer beter, zeggen we dan.

Een nieuw koorseizoen

Strikt genomen is dat vorige week al begonnen met een extra repetitie op dinsdag, maar een op twee dinsdagen zijn voor mij ingenomen door Masks, en dat is ook een vast engagement, dus nee, voor mij begon pas vandaag weer het koorseizoen.

En onze dirigent, samen met de stuurgroep, is behoorlijk ambitieus dit jaar. We zingen in november samen met zeven andere koren en een harmonieorkest twee grote werken: The Armed Man van Karl Jenkins, en Oratorio van Willy Soenen. Dat laatste is een wereldcreatie, maw. het is nog nooit eerder uitgevoerd. En ik snap waarom, om eerlijk te zijn: het is pokkemoeilijk en ik hoor het ook echt niet graag, laat staan dat ik het graag zing.

Maar Geert blijft volhouden dat dat is omdat het voorlopig nog zeer atonaal klinkt omdat we het geheel niet horen: met het orkest en de solisten erbij, zou het helemaal anders moeten klinken.

Hmmm, ik ben benieuwd. Maar bon, we zijn dus wel weer aan het zingen ^^

Huiskamerkuren #56: Douglas Firs

Ik had de uitnodiging gezien voor de Huiskamerkuren met Douglas Firs, maar toen ik het even opzocht op Spotify, leek het me nogal… punky, nogal luid, en niet bepaald mijn ding.

Maar er waren nog plaatsen over vandaag, en Jeroen had me verzekerd dat de frontman, Gert-Jan, op zijn eentje kwam, met een reeks gitaren, en dat het meer singer-songwriter ging zijn. Hmm, dacht ik. Maar Bart en ik reden vanavond effectief naar Zomergem, en daar stelde ik vast dat dat absoluut niet hetzelfde kon zijn.

Blijkt dat er twee groepen zijn die Douglas Firs heten in Spotify, en dat die ene inderdaad een punkband is, en de andere veel zachtere, rustigere muziek. Gelukkig was het dus die laatste die optrad, en ja, het was wel de moeite. Hij kan zingen, hij heeft iets te vertellen, en hij is vooral ook een uitstekend gitarist.

Hij heeft lang gespeeld, met een pauze tussen: normaal gezien doet hij meerdere van die kleine concertjes voordat er een nieuw album uitkomt, maar deze keer ging zijn aandacht naar een pasgeboren tweeling, en dan snapt ne mens dat wel, ja.

Vrijdag komt dus Happy pt. 2 uit, op 5 oktober spelen ze in de AB, zoals hij meermaals vermeldde. Als dit je stijl muziek is: gaan. Deze man weet wat hij doet, en hij doet het verdomd goed.