Franse complimentjes

Sinds een paar jaar moeten de leerlingen van het derde jaar voor Frans een complimentenkaartje maken, gericht aan een leerkracht naar keuze. Daarvoor moeten ze bepaalde woordenschat gebruiken, en ze krijgen blijkbaar ook punten op creativiteit.

Vorig jaar kreeg ik er twee, dit jaar zelfs drie, van mijn twaalf derdes. Ja, ik weet dat het een verplichte taak is, maar ze hadden ook nog tien andere collega’s kunnen kiezen, en dit doet hoe dan ook deugd, zeker als je ziet hoeveel werk ze erin gestoken hebben, en hoe persoonlijk het is, met mijn favoriete kleuren en zelfs haakwerk. Heerlijk, toch? En dan denk ik dat ik blijkbaar nog zo slecht niet bezig ben, bij momenten.

Dat was er meer eentje van wel willen maar niet kunnen, maar de tekst is wel lief.

De volgende heeft eigenlijk een bewegend iets gemaakt: als je het kaartje opent, tolt de figuur aan de binnenkant.

En de derde is eentje die graag haakt, en dat van mij uiteraard ook weet.

Ik ga eens denken waarvoor ik dat gehaakte envelopje nog kan gebruiken. Ik vind het alvast fantastisch, zeker met de geborduurde R nog in het bloemetje…

 

Bloosdoosbriefjes

Ook dit jaar organiseerde de Leerlingenraad een complimentenactie, waarbij leerlingen en leerkrachten elkaar – al dan niet anonieme – briefjes kunnen sturen. Ik heb, zoals elk jaar, de klas waarvan ik klastitularis ben elk een persoonlijk briefje gemaakt. Ik steek daar wel wat werk in, ja.

Zelf heb ik er drie gekregen, van drie van mijn derdes, drie heerlijke kiekens.

Een van hen heeft een Latijnse tekst die we nu aan het lezen zijn, drie keer afgeprint op gekleurd papier en daar hebben ze dan vanalles tussen geschreven. Ik moest lachen, ja.

Maar het belangrijkste is dat ze er moeite hebben willen insteken om me aan het lachen te brengen, en dat ze me dus precies wel graag hebben.

Yup, doet deugd.

Complimentjes op een kutdag

Ook dit jaar organiseerde de leerlingenraad weer een complimentenactie, deze keer niet op Valentijn, maar gewoon zo. Iedereen kreeg de mogelijkheid om een briefje naar een medeleerling of een leraar te sturen, en zoals altijd kregen al mijn leerlingen waar ik klastitularis van ben, een persoonlijk briefje. Ik steek daar wel wat werk in, ja, geen idee of ze het ook appreciëren.

Vrijdag had ik een kutdag. Slecht geslapen, me niet bijzonder goed voelen, kopies die niet bleken te kloppen, een stick die niet kon gelezen worden, dat soort dingen. Blah.

En toen kreeg ik drie briefjes: eentje van een leerling van vorig jaar, zowaar op rijm. Ik kreeg het helemaal warm van:

Vooral dat laatste regeltje… Misschien moet ik dat wel adopteren als persoonlijke leuze?

Er was ook nog een heel fijn anoniem briefje:

En tot slot een briefje dat mijn dag goed maakte: een klein pakje met daarin een netjes gevouwen kraanvogeltje.

Even kaderen: in het eerste jaar heb ik een leerlinge die het wel wat lastig heeft, maar die echt een schatje is. Vorige les had ik een blad blijkbaar dubbel gekopieerd, en dat blad mochten ze dus weggooien. In de pauze had ik de papierbak op hoogte gezet, zodat wie dat wilde, kon mikken met hun prop papier. Op het einde van de les was zij bij mij gekomen met een kraanvogeltje dat ze van dat papier had gevouwen, maar dat klopte niet helemaal. Ik ben samen met haar herbegonnen en we hebben dus samen een kraanvogel gevouwen, het Japanse symbool voor vrede en geluk.

En nu kreeg ik in mijn vakje dus een minutieus gevouwen kraanvogeltje dat ik moest openvouwen om de boodschap te lezen:

Mijn slechte humeur smolt weg, zeker toen ik daarna nog rustig op mijn eentje kon gaan genieten in de Villa Ooievaar, iets wat ook al een tijdje geleden was.

En om af te sluiten was er dus dat concert in de Bozar.

Yup, het kan verkeren, me dunkt.

Complimenten

Complimenten van een puber, dat is toch nog wat anders dan die van een scholier.

Als Merel zegt: “Mama, je bent zo mooi vandaag!”, dan weet ik dat ze dat gewoon meent. Als Wolf zoiets zegt, dan weet ik dat daar misschien al een nodige korrel zout moet bij genomen worden, gezien het sarcasmegehalte hier in huis *kijkt helemaal onschuldig*.

Maar vandaag kreeg ik twee pubercomplimenten. Ik had iets nieuws aan, en vroeg wat hij ervan vond.

“Awel mama, ik had het al zitten peinzen van zodra ik u zag vanmorgen: “Waar heeft die dat gehaald, en waarom heeft ze dat nog niet veel eerder aangedaan?”” Een gemeend compliment dus, al is het iets minder rechtuit dan vroeger.

En toen volgde er nog een tweede, zij het iets twijfelachtiger.

“Mama, ik dacht dat jij de rare van de twee was, maar bij papa’s Koreaanse pop begin ik toch te twijfelen”. Bart was naar Koreaans popmuziek aan het luisteren, en man, daar zitten rare dingen tussen. Maar of Wolfs uitspraak daarom nu een compliment was?

Hij zat in elk geval bijzonder grijnzend te kijken met van die lichtjes in zijn ogen.

Pubers, het is me wat…