Nee nee nee nee nee!

Nope, geen Gentse Feesten met Merel vandaag 🙁

Mijn rug is het namelijk weer aan het begeven. Ik ben opgestaan met een stevige zeurderige pijn, in die mate dat ik mijn stok weer heb bovengehaald, de hele dag in de zetel heb gelegen, en tegen vier uur toch nog naar de kinesist heb gebeld. Gelukkig zag Kirsty er geen graten in om me nog om half negen te laten komen, en ze bevestigde dat ik inderdaad niet helemaal recht meer stond. Na een stevige behandeling – en een fijne babbel – is het wel wat beter, maar helaas niet in orde. Goh, ik hoop zo hard dat het niet erger wordt…

Helaas was het ook net vandaag dat ik met Bart naar de Gentse Feesten ging gaan, ’s avonds dan wel te verstaan. Ze gaan met de ganse ploeg van Wijs naar Polé Polé met VIPtickets, Dirk trakteert. Helaas… Ik kan amper deftig recht staan, laat staan dat ik met de fiets in het centrum geraak en dan de rest van de avond moet staan en dansen.

Blah blah blah.

Morgen beter, zeker? Op hoop van zegen…

Van borelia, banden en baden

Eigenlijk wilde ik vandaag met Merel naar de Gentse Feesten, maar die auto gaat voor natuurlijk: ik wil geen risico lopen. Gelukkig begrijpt ze dat, en zijn er nog dagen die volgen. Gisteren lag ook al moeilijk, omdat ik een doktersafspraak had in de namiddag. Die tekenbeet van 1 juli – allez ja, een van de drie, de andere twee zijn volledig genezen – blijft namelijk maar op mijn scheenbeen staan. Nu, ik weet uit ervaring dat wondjes op mijn schenen sowieso moeilijk genezen, maar het is nu al meer dan twee weken, en er is wat uitslag rond gekomen, min of meer in cirkelvorm. Ik had Bart dus moeten beloven dat ik naar de dokter ging gaan, wat ik gisteren dus gedaan heb.

Ze keek even, vond het absoluut niet duidelijk, temeer dat je de rode uitslag perfect kon wegdrukken (wat je blijkbaar bij borelia niet kan), trok bloed, en gaf me een voorschrift voor cortizonezalf en antibiotica mee. Met die laatste moest ik nog wachten op de uitslag van het bloedonderzoek, en daarvoor mocht ik vandaag bellen. Goed nieuws dus: geen borelia, alleen een allergische reactie. Met die zalf moet het snel wegtrekken.

Tegen drie uur waren we dan netjes in de bandencentrale. Tegen dik half vier ging ik even informeren aan de balie: hoe lang het nog zou duren, want ik had een afspraak om drie uur, en ze waren er nog niet eens aan begonnen? Euh, zei de man schaapachtig, ze hadden het heel druk want er was nogal wat werk tussengekomen, maar bon, ik had een afspraak, en dus gingen ze mijn auto er meteen tussen nemen. Intussen zat ik rustig een boek te redigeren en liet Merel haar creatieve schrijftalent de vrije loop.

 

Tegen kwart over vier waren we er buiten, net op tijd om thuis een vieruurtje binnen te spelen en de zwempakken te halen: het zwembad van Ertvelde is open tot zes uur!

We hebben dus inderdaad een uurtje gezwommen en daar veel deugd van gehad. Merel kan nog niet echt goed zwemmen, en ik wilde daar iets aan doen tegen dat we naar Rhodos gaan. Als we nu bijna elke dag kunnen gaan zwemmen, dan kan ze het tegen dan, en met zwembandjes aan mag dat dan geen probleem meer zijn.

We ploeterden, plensden en plonsden, en hadden vooral heel veel lol.

En eenmaal thuis waren we allebei pompaf. Dirk kwam nog wel een geredigeerd stuk manuscript ophalen, maar aangezien we intussen elkaar zó gewoon zijn, gaat het overlopen van de wijzigingen ook een pak vlotter dan eerst.

Alweer een gevulde dag dus, maar wel met een vakantiegevoel. En dan morgen Gentse Feesten!

Verschietachtig

Mijn auto moet eigenlijk gekeurd worden voor 4 juli. Normaal gezien maak ik altijd een afspraak met de garage in de examens, en ga ik dan op goed geluk naar de keuring, wanneer ik zie dat er geen volk staat. Zo op een kilometer van de keuring wonen, het heeft zijn voordelen.

Nu met gans dat tandengedoe was het er gewoon niet van gekomen. Tsja. Vandaag was me dat weer te binnen geschoten en dacht ik: “Goh, ik weet dat ik eigenlijk eerst op onderhoud moet, maar de garage is dicht tijdens de Gentse Feesten, en ik ga toch maar ne keer op den bots proberen of hij niet gekeurd geraakt…” Er stond vier man aan te schuiven, en op een twintig minuten was het aan ons. Dik in orde… Dacht ik.

Al bij de uitstoot was het van dat: net afgekeurd. Mja, het zal wellicht wel helpen als mijn filters vervangen worden, en als ze er van dat speciaal product bij doen. Aan de andere kant: mijn uitstoot was maar lichtjes over de grens, en dat voor een diesel van acht jaar, terwijl de normen van 3 naar 1.5 zijn gegaan sinds vorig jaar. Enfin ja, dat onderhoud was toch sowieso nodig.

Maar toen…

We staan op de brug, en die mens inspecteert de bodemplaat, de uitlaat, en de banden. En roept mij erbij, want hij was lichtjes verschoten. Mijn banden waren sowieso aan het verslijten, maar konden er nog net mee door, op het randje van groen en geel. Behalve de rechtervoorband, die blijkbaar iets platter stond dan de rest: die was tot op den draad versleten. Letterlijk: op bepaalde plaatsen was het rubber volledig weg en zag je effectief de draad van de binnenbekleding. Als in: an accident waiting to happen. Hij waarschuwde me meteen: dat ik best zelfs geen week meer zou wachten, dat die band op springen stond, en dat een klapband wel het laatste was dat ik zou willen. Ik verschoot uiteraard enorm: ik was gisteren nog volle petrol naar Oostende en terug gesjeesd…

Aan de kassa bleek het verdict nog ernstiger – en volledig terecht ook: mijn auto was gewoon “verboden voor het verkeer”. Niks van “ge hebt veertien dagen om alles in orde te brengen”. Ik mocht nog naar de bandencentrale en terug, en dat was dat.

Gelukkig ligt ons huis op weg naar die bandencentrale, en reed ik dus gewoon naar huis. Iets later had ik effectief een afspraak vast bij De Brabandere, hier op de Wiedauwkaai, waar ik al eerder ben geweest. Oef. Ik mag dus morgen om twee nieuwe voorbanden gaan.

Puh.

Verschietachtig, jawel. Ugh.

Dagje aan zee

Wolf moest tegen half elf in het Zeepreventorium zijn, en aangezien Kobe op kamp is, moest Merel uiteraard mee. We gingen er dan maar meteen een dagje aan zee van maken, ook al zijn we beiden niet zo zo van dat zand en al.
Maar we laadden handdoeken, zonnecrème, een emmertje met wat spulletjes en voor elk een boek in mijn bommashopper – de bolderkar is nog steeds niet gerepareerd – en reden fluks naar de kust. Voor een ijsje was het nog te vroeg, en dus gooiden we Wolf af met een dikke knuffel, en reden naar ons vaste plekje in De Haan, zijnde de straat van de ijsjes. Wonder boven wonder hadden we er zelfs nog een parkeerplekje!
En, ik mag dan een grote sloddervos zijn, maar eigenlijk ben ik ook wel best praktisch: we haalden de twee campingstoelen die vast in mijn koffer resideren, ook boven, samen met een grote grote paraplu. We waren van plan om ons kleine parasolletje mee te nemen, maar dat heeft onlangs eens de geest gegeven.

Een en ander zorgde ervoor dat we ons perfect konden installeren op het strand.

Na een dik uur hielden we het voor bekeken, laadden alles weer in in de bommashopper, en ploegden ons een weg door het hete zand naar de Mano, ons favoriete restaurantje aldaar. Het was er pokkedruk, maar het blijft me gigantisch verbazen: binnen de tien minuten staat je bestelling op tafel, en het is echt niet dat het opgewarmde of verslenste kost is, geloof me. Die hebben daar een ongelofelijk efficiënte keuken, heb ik zo de indruk.

En voor de prijs hoef je het niet te laten: ik geloof dat ik geen 10 euro betaal voor een kinderspaghetti, kinderpannenkoek en een drankje voor Merel. En mijn uitgebreide salade kost er iets van een 15.

We gooiden daarna de spullen in de koffer, reden naar Oostende, en gingen daar in de Vuurtorenwijk geocachen. Alleen, dat viel een beetje tegen. De eerste, op de dijk, vonden we niet. De tweede, aan een grote muur, helaas ook niet, ook al stonden we er samen met nog een familie te zoeken. Die familie kwamen we dan tegen bij nummer drie, en die wisten ons alsnog te melden waar we nummer twee konden vinden. Het zal echter voor een volgende keer zijn, want nummer drie lag in de duinen, de bloedhete, snikhete duinen, en Merel zag het totaal niet meer zitten. We waren ook niet de enige: die andere familie heeft hem ook niet gevonden. Bon, Merel en ik baanden ons opnieuw een weg door het gloeiende zand en het duingras tot we weer op de dijk uitkwamen, en toch nog eventjes zochten bij nummer 1. En jawel, deze keer hadden we hem vlotjes in handen, en snap ik nog niet hoe het kan dat we hem de eerste keer niet vonden.

We stapten in de auto, dronken elk een halve liter water, en ik lokte Merel in de val door iets verderop aan de haven te stoppen voor nog een cache (of twee), wat ze dan wel weer volledig zag zitten. Het is toch echt een stadsmeisje, die dochter van me.

En voor de curieuzeneuzen: er zat een geocache in het ronde Europese teken op de laatste foto. Je kan rechtstaan in de vis, en dan kan je dat ding eruitschuiven, en achteraan is er een blikje ingeschoven. De max!

En toen reden we naar huis, waarbij we in de auto al meteen afspraken dat Merel eerst mocht douchen om de zonnecrème en het zand van zich af te spoelen, en dat ik me dan daarna kon opfrissen en klaarmaken voor het concert vanavond.
Zij smeerde overigens ook mijn boterhammetjes, de lieverd, zodat ik om zes uur de fiets kon opspringen om naar de Brabantdam te fietsen.

Ik snap al bijna niet meer dat ik dat vroeger automatisch met de auto deed. Kieken dat ik was!

Oude Kalevallei

Soms hoeft een zondag niets meer te hebben dan gewoon je familie, lekker eten, een goed boek en een wandeling.

Arwen was hier, en tegen negen uur ongeveer moest ze terug in Lovendegem staan. Wolf was ongelofelijk gewonnen voor het idee om iets vroeger te vertrekken en in de vallei van de Oude Kale een paar geocaches te zoeken en dus een wandeling te maken. Wij hadden dat al eens gedaan met ons tweetjes, en dat was toen gigantisch meegevallen.
Aangezien ik geen plattegrond had, hebben we het ons niet geriskeerd om de volledige toer te doen: we wisten niet hoe ver het pad ons zou brengen. Maar we hebben wel twee caches gevonden en alle vier echt genoten van de wandeling op deze zoele zomeravond.

De laatste cache hier zal voor een volgende keer zijn, en we vinden dat niet erg ^^