Heerlijke zaterdag

Gisteren was eigenlijk al even fijn 🙂

Lekker rustig geslapen tot negen uur, zo zonder kinderen in huis, en dan ontbeten. Beetje aan de PC gezeten, wat algemene dinges gedaan, was opgehangen, genoten van de zon, de badkamerdeur nog een laatste laagje gegeven, en rond half één afgezakt naar ’t stad.

Ik had namelijk een lunchdate met mijn liefste, in het Lepelblad dan nog. Weet je, het deed deugd om eindelijk nog eens wat tijd samen door te brengen, zonder de voortdurende aandachtopeiserij van de kinderen, of zonder dat we allebei doodop in de zetel hangen. Ik had een heerlijk stukje maiskip in dragonsaus met gebakken patatjes en sla, en het smaakte me enorm. Aansluitend ben ik nog heel even de Veldstraat ingetrokken, maar verder dan de C&A ben ik niet geraakt. Het was bijzonder verleidelijk om nog wat verder af te zakken, maar mijn voet riep me een duidelijk halt toe. Niet dat de buit niet binnen was hoor: twee zwarte broeken voor Bart, twee T-shirts, een korte broek en een gilet voor Wolf, en dat voor samen 118 euro. Helaas niks ervan in solden, maar da’s typisch natuurlijk.

Aansluitend ben ik naar huis gereden, heb de was binnengehaald en een nieuwe opgehangen (en drie kwartier was staan plooien, de hoop was niet te overzien) en nog wat prutswerkjes gedaan. Mezelf tegen vijf uur weer samengeraapt en naar de Brico getrokken, waar ik voor 60 euro buitenkwam met een nieuwe klink voor de badkamer, en vier prachtige haakjes om op de pasgeschilderde deur te bevestigen, voor de pyama’s. Die badkamer gaat nog eens af geraken!

Na nog een tussenstop voor boodschappen in de Delhaize reed ik alweer naar Gent centrum, voor alweer een date met mijn schat 🙂 We hadden afgesproken ergens frietjes of een durum of zo te eten, en dan naar de cinema te gaan. Watchmen speelde enkel nog om 22.15u, dus hebben we Red Cliff gekozen, de prachtige oorlogsfilm van John Woo over rivaliserende oorlogsheren in het China van 300 PC.

We zaten al in de auto op de parking, toen Bart vroeg waar we eigenlijk gingen eten. Ik haalde de schouders op, waarop hij dat frituurtje op de hoek van de Veldstraat en de Hoornstraat suggereerde: vlakbij, en dan konden we rustig op kantoor alles opeten. Wij dus weer uit de auto, en in een plensbui naar die frituur. Eigenlijk is dat de zaak oneer aandoen: je kan er frieten krijgen, maar vooral ook alle soorten hamburgers, en je kan boven zelfs zitten. Alleen de naam weet ik niet meer. Ik weet wel dat ik er de beste burger ooit heb gegeten, en dat ik daar zeker nog terugga! Ik had een tonijnburger gevraagd, en kreeg het volgende: een licht getoost bagnatbroodje van toch wel 15 cm doorsnee, gevuld met verse paprika, knisperige sla, uiringen, tomaat, zelfgemaakte tartaarsaus, en vooral een zeer royaal stuk gegrilde tonijn, van ongeveer een cm dik, maar groter dan het broodje. Doe daar dan een zakje van die dunne perfect gebakken frietjes bij, en je hebt gewoon teveel gegeten. Ik verzeker je, mij zien ze daar nog terug!

Uiteindelijk rustig afgezakt naar de Kinepolis, waar het al een probleem was om de ingang te vinden door de enorme werken die ze er uitvoeren. Gelukkig heb ik een zalig attente man, die me afzette en ging parkeren.
De film zelf was indrukwekkend. Het verhaal is niet echt moeilijk: de eerste minister van de Hankeizer wil twee naburige vorsten onder de voet lopen, maar hoewel die ruim in de minderheid zijn, halen ze het met schitterende taktieken en de nodige listen. De uitwerking ervan is prachtig: John Woo is een meester in het filmen van actiescenes en had blijkbaar een (letterlijk) leger figuranten ter beschikking. Ik heb genoten van de film: prachtige, zij het bloederige beelden, een episch verhaal en een soundtrack om bij weg te dromen. Zoals Bart na afloop zei: dit is de Ilias van de Chinezen, en gelijk had hij.

Een perfecte afsluiter van een zalige twee dagen 🙂

Goede vrijdag

Twee heerlijke dagen achter de rug 🙂

Gisteren rond elf uur met Kobe naar de dokter, die het ventje compleet in orde en goed hersteld verklaarde.

Daarna ben ik hem bij mijn ouders gaan afzetten (en twee keer mogen rijden omdat ik stomgaweg zijn zak met slaapgerief was vergeten) en was ik net op tijd om een was buiten te hangen, en met mijn allerliefste naar Sauna O in Afsnee te rijden. We waren daar de eersten en lange tijd de enigen. Niet verwonderlijk eigenlijk, op een vrijdag rond vijf uur. De sfeer was bijzonder rustig, en de aankleding mooi en rustgevend. Stoombad met citroengrasaroma, vochtige biosauna, hete droge Scandinavische sauna, warm voetbad omzoomd met kaarsjes, een aangename relaxruimte (er was ook een natte relax) om even te lezen bij de open haard en een chocomelk (resp. espresso) te drinken, en er was zelfs een tuin om eventueel in te gaan zitten. Het zwembad was me te koud, en van het ijskoude dompelbad spreken we niet eens. We zijn er tweeëneenhalf uur gebleven, en hebben daarvoor 83,5 euro betaald: 30 euro per persoon voor de sauna, 6,5 euro pp. voor het badlinnen, en dan nog 3,5 euro voor elk van de drankjes. Ik heb ook even gevraagd waarom er geen jacuzzi of warmer bad was, maar dat ligt moeilijk door de VlaremII-normen, en omdat ze een echte sauna willen zijn, en niet met mensen die in die jacuzzi blijven vegeteren.

Daarna zijn we rustig gaan eten in restaurant Het Boneryck, hier in Wondelgem vlak bij ons huis. Bizarre naam misschien, maar hij heet Derycke, en zij heet Boone, heb ik me laten vertellen. Ik was er al eens geweest, en wilde ook Bart eens laten proeven. Het menu was verrassend en bijzonder lekker:

* Cava Brut met hapjesbord
*Tartaar van tonijn met espuma van komkommer en avocado
* Broccolisoep met mascarpone
* Gegrilde kangoeroefilet met salsa verde en rozemarijnaardappelen met pecorino
*Mousse van cassis met sesamkletskop en advocaat
*Koffie en gebakjes

Dat ik geen fan ben van cassis, was geen enkel probleem: ik kreeg een perfect gemaakte crême brûlée in de plaats.
Het eten was mooi gepresenteerd, in perfecte hoeveelheden (soms ietsje teveel, zoals de grote kom broccolisoep waarin een mooi bolletje mascarpone langzaam smolt) en vooral in verrassende combinaties. Zalmtartaar had ik al gegeten, maar nog nooit vermengd met pijnboompitten en fleur de sel (de rest heb ik niet kunnen thuisbrengen).

De atmosfeer is jong en vrij lawaaierig, dat wel, maar dat komt ook omdat het eigenlijk een gewoon huis is, waarvan de volledige benedenverdieping omgebouwd is tot restaurant met semi-open keuken. De kleuren zijn chocoladebruin en limoengroen, en de muziek is loungy. De bediening was hartelijk en attent, en vooral, wat ook belangrijk is, met de glimlach.

Bart betaalde voor het menu met – naar zijn zeggen bijzonder lekkere – aangepaste wijnen 53 euro, ik was 40 euro kwijt en 6,5 voor een fles plat water.

Als aangenaam achterafje krijg je, bij de rekening, ook nog een glaasje sambucca, gebracht door de kok zelf, die meteen komt informeren of alles naar wens was.

En dat was het echt wel ook.

Feest

Mijn ouders zijn deze zomer 40 jaar getrouwd. 40. Wow.

Ze geven dan ook een feest, uiteraard, of het zouden geen Belgen zijn 🙂 Mijn ma doet het op haar eigen onconventionele manier, op een ongewone locatie, maar, te oordelen naar de gerechten op zijn website, een prima traiteur.

Ik kreeg in elk geval al het water in de mond bij het lezen van zijn buffetten en menu’s. Of ligt het aan mij, en heb ik gewoon dat Bourgondische trekje van mijn ouders geërfd?

De Jacobijn

Donderdag had ik niet veel tijd om iets te eten, dus zijn Bart en ik snel binnengewipt in de vernieuwde Jacobijn in Onderbergen.

De Jacobijn was vroeger al een adresje waar je rustig kon koffiedrinken, en een spaghetti of een croque of iets dergelijks kon eten. Het was er eigenlijk altijd wel vrij druk. Tot onze grote verbazing merkten we op een bepaald moment dat het over te nemen was, en dat het eigenlijk al gesloten was. Tiens.

Het feit dat er opnieuw iets mee ging gebeuren, werd ons duidelijk toen het smeedijzeren hek aan de ingang fluogroen werd geschilderd. Ah bon? Langzaamaan werd het hele interieur vernieuwd: heldere wanden aan het begin, en dan fel limegroen voor het achterste gedeelte waar ook de toonbank staat. Fris en modern, jawel. Leuk detail: er is een afhaalloket aan de zijkant waar je broodjes kan afhalen zonder binnen te komen.

Want dat is de Jacobijn eigenlijk geworden: een koffie-thee-broodjeszaak. De kaart is dan ook bijzonder klein wanneer het op warm eten aankomt: twee soorten quiches. Verder zijn er een aantal slaatjes, en een ganse resem broodjes. Wel kan je er een hele variëteit aan thee verkrijgen, en ook het gamma koffiebereidingen is niet mis. Uiteraard is er de begeleidende taart, waarvan er een aantal op een bord neergeschreven staan als suggestie.

Een vriendelijke jonge gast kwam snel onze bestelling opnemen, en aangezien het om lunch ging, kozen mijn tafelgezelschap en ik elk voor een quiche met begeleidende sla.

Een goeie tien minuten later kwam die quiche ook op tafel, samen met de drankjes, die niet op voorhand waren gebracht. Aan de overkant verscheen een punt quiche met ham, geitenkaas en spinazie, zelf had ik voor de zalm-courgette-dille-variant gekozen. Op het bord kwam meteen ook een salade: verschillende soorten sla, een paar stukjes tomaat en zongedroogde tomaat, gesnipperde rauwe sjalot, pijnboompitten, en een apart kannetje met een smakelijke vinaigrette.
Lekker, maar weinig als lunch: een achtste van een quiche is niet bepaald overdadig. Ik denk niet dat dat trouwens de bedoeling was, voor acht euro. De drankjes, zijnde plat en spuitwater, waren 1,90 euro per stuk.

Ideaal dus als je in de Veldstraat loopt en honger krijgt: smakelijk, snel en niet duur. Alleen mag je geen àl te grote honger hebben natuurlijk.

De Jacobijn
Onderbergen 15
9000 Gent
09/225.06.92

Bourgondiër

Gisteren een ‘feestje’ gehad met de schoonfamilie: een oudtante werd 85 jaar, en dat moest uiteraard gevierd worden. Ik keek er naar uit, en wel om diverse redenen:

– ik had die familie al in geen tijden meer gezien, en Barts neef en diens vrouw zijn best te pruimen :-p
– er waren nog andere kinderen, zodat ook Wolf zijn bezigheid zou hebben
– het kader was prachtig: een kasteeltje in een mooi landgoed, met vijver, grasveld en veel bomen
– het eten de vorige keer was er magnifiek, en was ook deze keer écht wel lekker:
* Champagne Bernard Brémont, degustatiebordje

* Croque van mozzarella en winterprei met gerookte paling en “Granny Smith”

* Goudbrasem in mosterdkorst, bloemkoolsausje opgewerkt met hazelnootolie

* IJsgekoelde bessenjenever (of bessensorbet, sowieso aan mij niet besteed dus voor Bart)

* Filet van hertenkalf met wildjus, spitskool en boschampignons, mousseline van wintergroentjes

* Valhrona-chocolade met specerijen en sorbet van pommelo’s

* Koffie

Jammer alleen dat dat Bourgondische idee zich ook zo manifest vertoont op het lichaam :-p Iemand een goed dieet?

Coeur d’Artichaut

Vooravonden van vrije dagen, zeker wanneer de kroost bij oma zit, moeten gevierd worden, en waar kan dat beter dan op restaurant?

Bart en ik gingen dus woensdagavond eten in Coeur D’Artichaut, een stijlvol restaurant in Onderbergen, tegenover het Pand. Ik kende de keuken al van diverse cateringgelegenheden, maar was nog nooit in het restaurant zelf geweest. De sfeer zat meteen juist, vond ik: crèmekleurige muren, zwartgeschilderde deuren en houtwerk, moderne stoelen in dezelfde kleuren, en gesteven witte tafellakens. Het licht was gedimd, hier en daar stonden kaarsen, en op elke tafel stond een enkele lage rode margriet in een klein vaasje. Op de vensterbanken kon je dan weer hoge vazen met helderrode amarylissen bewonderen, een frisse rode noot dus in een verder sober interieur.

Toen we in de namiddag belden om te reserveren, wist men ons te vertellen dat het druk ging worden, en jawel, het restaurant zat vol. Nochtans werden we bij het binnenkomen dadelijk naar een tafeltje gebracht, en kwam men vrijwel meteen de kaart brengen. Hoewel er een aantrekkelijk maandmenu te verkrijgen was voor 49 euro per persoon, kozen we voor een diner à la carte: duurder, maar dan wel met precies díe gerechten waar we zin in hadden.

We begonnen met een aperitiefje: een Gentse Roomer voor mij (5 euro), een Bloody Mary voor Bart (7,5 euro). Dadelijk kwam daar ook een amuse-gueule bij: een klein kommetje ‘frisse kruidensoep’, en een dobbelsteentje ’tortilla van boschampignons’. Iets later werd een mandje dik gesneden bruin brood op tafel gezet, met een schaaltje boter.

Vrij snel, zeker voor zo’n drukke avond, volgde het voorgerecht. We hadden beiden geopteerd voor de ‘Gebakken ganzenlever met appel, gekarameliseerd witloof en balsamico’ (16 euro) en die kwam gewoon perfect op het bord: drie mooie strookjes lever, geflankeerd door een torentje witloof, gemengd met appeltjes, en vrij stevig gepeperd, zoals het hoort.

Voor het hoofdgerecht kwamen wel twee verschillende schotels op tafel: aan de overkant was dat de “Gebraden hertenfilet, boschampignons en een peertje in de rode wijn, met aardappelkroketjes en chocoladesaus” (24 euro), zelf verkoos ik de “Hazenrug met gebakken pompoenstaafjes, puree met savooi en spekblokjes, pepersausje” (24 euro). Toen het meisje met de borden aan kwam zetten, vermeldde ze er expliciet bij: “Let op, want de borden zijn zeer heet!” Aan Barts zijde was dat inderdaad zo, maar toen ik een spruitje opprikte, bleek dat koud te zijn, net zoals de hazenrug en de rest van het bord. Retour naar de keuken dus, waardoor ik even later het bord gloeiend heet terugkreeg, met excuses van de chef en een iets teveel uitgebakken hazenrug. Schoonheidsfoutje door de drukte, wellicht. Jammer, want het gerecht was heerlijk, alleen bleek de savooi gekrompen te zijn tot spruitjes. De pompoenstaafjes zijn trouwens een idee om te onthouden wegens zeer geslaagd. Bart was iets minder mild in zijn beoordeling: het hert was lekker, maar ook niet meer dan dat. Hij vond het al bij al weinig verrassend.

Bij het eten had Bart een half litertje Château Haut Breton (Margaux 2003) gevraagd (26 euro), die overigens wel de noemer ‘excellent’ kreeg. Mijn literfles Vittel werd gebracht voor 6 euro.

Als dessert kon ik niet weerstaan aan een crème brûlée (7,5 euro) en wilde Bart het laatste restje wijn tot zijn recht laten komen met een gemengd kaasbordje (8,5 euro). De crème was trouwens succulent: een smeuige pudding, met een perfect gebrande, krokante laag caramel.

Om af te sluiten bestelde Bart nog een espresso (2,5 euro) en ikzelf een caffè latte (3,25 euro), vergezeld door een enkel huisgemaakt koekje.

Het resultaat was een aangename avond met een heerlijk diner in een gezellig kader. Niet goedkoop, maar wel de juiste prijs voor het gebodene, zijnde 146,25 euro voor ons beiden. Coeur d’Artichaut is met andere woorden zeker een aanrader, en moest het niet zijn dat we gans culinair Gent willen afschuimen, we gingen er zeker terug.
Coeur d’Artichaut
Onderbergen 6
9000 Gent
www.artichaut.be

Facon

Wat doe je als leerkracht, als je tussen de lessen en het oudercontact drie uur tijd hebt? Juist, je gaat iets eten met een paar collega’s.

Ons oog was al een tijdje gevallen op restaurant Facon in de Hoogstraat, en het leek ons het ideale moment om dit ook even uit te proberen. Vooral het feit dat er melding werd gemaakt van een stijlvol zuidgericht tuinterras kon ons wel bekoren, zeker omdat het niet echt koud was, en al eventjes droog was gebleven.
Het interieur is sober maar smaakvol ingericht, volledig in de stijl van het oude herenhuis waarin het restaurant is gevestigd. Ook het terras moet niet onderdoen: het houten meubilair is gedekt met hetzelfde linnen, hetzelfde mooie servies en dezelfde linnen servetten als binnen.
Op donderdag, vrijdag en zaterdag kan je opteren voor een lunchmenu voor 13 euro, wat het gezelschap dan ook deed. Dessert of koffie is hier niet inbegrepen, wel voorgerecht en hoofdgerecht.

Het voorgerecht was een tapenade op een stukje geroosterd stokbrood, op een bedje van diverse sla met vinaigrette. Tapenade kan soms iets te sterk doorsmaken, maar deze was perfect van smaak: niet te sterk, maar toch zeker niet flauw te noemen, en in een dikke laag op het broodje. Er kwam meteen ook een mandje met gesneden stokbrood en botertjes in porties op tafel.
Als hoofdgerecht werd een mooi stukje krokant gebakken koolvisfilet opgediend, op een behoorlijke portie couscous, omringd door provençaalse saus. Mooi om zien, lekker om te eten. De wijn betaalde je per glas, maar je kon ook per centimeter van de fles kiezen, als je geen boodschap had aan de huiswijn van 3,5 euro per glas.

Dessert was optioneel, maar toch lieten we ons verleiden, ondanks de toch wel hoge prijzen van 7,5 euro per portie. De parfait glacé werd geserveerd met crème anglaise, de nougat glacé kwam voorzien van wat chocoladesaus op het bord.

Afsluiten deden we met een espresso aan 2,4 euro, of een caffe latte aan 2,8 euro. De vriendelijke kelner informeerde even wat ik precies bedoelde met een latte: wilde ik een gewone koffie verkeerd, of echt het Italiaanse type met gestoomde melk en een espresso? Blijkbaar waren er Italiaanse connecties…

Bij het afrekenen viel ons oog op een groot ‘schilderij’ van een stier met daaronder de naam Facon, was ons de vraag deed stellen of een facon misschien een soort van stier was. Oudere Gentenaars kennen het misschien nog: Facon blijkt namelijk een oud Gents biertje van de brouwerij Excelsior, dat ondertussen blijkbaar niet meer gemaakt wordt. De stier is het logo daarvan, en dat is bewaard gebleven in het restaurant, aangezien de eigenaar ervan een kleinzoon is van de eigenaar van de brouwerij.

Goedkoop als lunchadres is de Facon dus niet: 25,5 euro voor een lunchmenu met voorgerecht en hoofdgerecht, een watertje, een koffie en een dessert. Voor herhaling vatbaar is het zeker, want het is de ideale plaats om met vrienden of klanten te gaan wanneer je rustig en stijlvol wil tafelen.

Meer info vind je op hun website: restaurant Facon.

Kaai 14

Kaai 14 was ons aangeraden als hip, stijlvol, en vooral zeer lekker.

Barts verjaardag was dan ook de ideale gelegenheid om dat zelf eens uit te testen. De buurt boezemt niet meteen vertrouwen in: aan de Kuiperskaai, vlak tegenover een van Gents grootste en meest bekende peepshows.
Die indruk verandert zodra je de schuifdeur openschuift: je komt terecht in een prachtig verbouwde, stijlvolle ruimte die met zin voor minimalisme is aangekleed. De overheersende toon is wit, met felrode accenten. De tafels zijn eenvoudig zwart, en belegd met witte napjes met irritante rode stiksels: we hadden voortdurend de indruk dat er restjes of kruimels waren blijven liggen :-p De stoelen zijn trouwens de bekende doorzichtige Louis Ghoststoelen van Philippe Starck. De verlichting komt van een grote klassieke luchter en rode designlampen aan de wanden.
De bediening was snel en efficiënt: onze jassen werden aangenomen, we werden naar onze plaatsen begeleid, en dadelijk volgden ook de menu’s. De kaart is zeker niet uitgebreid, vrij klassiek, maar wel zeer degelijk. Van zodra we besteld hadden, kwam er een amuse-gueule op tafel in de vorm van een eendenrillette op een basis van witloofmousse, en werd er een discreet bruin papieren zakje op tafel gezet. Daar bleek dikgesneden donkerbruin brood in te zitten. Boter was niet te bespeuren, wel een flesje olijfolie.

Bart had een “rundscarpaccio met notenslaatje, truffelolie, balsamicostroop & parmezaan” besteld voor 13.50 euro, en die viel zeer in de smaak. Zelf liep het water me in de mond bij het lezen van ” Foie gras “mi-cuit” met compote van witlof & confituur van rode ui” voor 17.50 euro, en daar had ik alle reden toe: de rijkelijke portie foie gras was perfect van textuur, rijkelijk bestrooid met peper en fleur du sel, voorzien van een warm rozijnenbroodje.

Even later, perfecte timing trouwens, volgden de hoofdgerechten. Bart had voor 25 euro de ” “Cordon bleu” van kalf met Mozarella, champignonroom & verse tagliatelli” besteld, en ook die bleek bijzonder lekker te zijn. Zelf had ik een keuze gemaakt uit het wildmenu, zijnde de “Tournedos van hazenfilet met stamppotje van boschampignons & een pepersausje” De hazenfilet was niet alleen schitterend gepresenteerd, hij was ook perfect gebakken en bleek zacht als marsepein. Alleen de pepersaus deed grondig zijn naam eer aan: meer peper dan saus.

Dit alles ging vergezeld van een 50cl flesje rode huiswijn Bodega “Enate” (Spanje) voor Bart en een grote fles water voor mezelf.

Een dessertje hoefde niet meer, een koffie of thee was voldoende. Bart kreeg een Lavazzokoffie voor de neus met chocolaatje, gechocolateerd nootje en een stukje cantuccini alla mandorle, zelf had ik een Earl Grey Tea met dezelfde garnituur.

Ondertussen was het restaurant volgelopen en bleek dat de akoestiek toch wat te wensen overliet: naarmate de avond vorderde en het volume aan de andere tafels omhoog ging, werd het moeilijk om elkaar nog te verstaan. De rokers aan een belendende tafel stoorden dan weer totaal niet: de plafonds waren voldoende hoog om alle hinder weg te werken.

Voor ons was het welletjes, en we vonden het eigenlijk jammer dat we niet nog even in de lounge beneden waren gaan zitten: het zag er bijzonder aangenaam uit, met lage sofa’s en een open haard. Volgens Bart was ook het toilet de moeite: volledig bespiegeld zodat het verwarrend werd.

Conclusie: een bijzonder aangenaam restaurant met een weliswaar beperkte, maar zeer lekkere kaart voor een haalbare prijs. Ronduit een aanrader!

Fuji Yama

Nathalie, Kim en ik waren vastbesloten Japans te gaan eten vorige vrijdag. Zenchibar, waar ze hele goeie kritieken had over gelezen, bleek volzet te zijn enkele dagen op voorhand. We zijn dan maar, op onze hoede, naar de Fuji Yama in de Vlaanderenstraat getrokken. Waarom op onze hoede? Gentblogt had weliswaar een positieve kritiek gegeven, maar Zone 09 had het restaurant dan weer net niet afgekraakt.
Onze eigen impressie was: ok, maar niet spectaculair. Alhoewel dat laatste misschien net wél van toepassing is. Je zit als publiek rond een enorme kookplaat, waar de kok voor jou het eten klaarmaakt. Ze weten goed wat ze doen en wat de bedoeling is: show verkopen. Zo stak de kok om te beginnen even zijn kookplaat in brand: métal flambé. Compleet nutteloos natuurlijk, maar wel mooi om zien. Verder werken ze voortdurend met twee metalen spateltjes waarmee ze zoveel mogelijk lawaai en drukke bewegingen maken, wellicht slechts voor 20% effectief. Het resultaat is dat het gesprek regelmatig stilvalt omdat je gewoon zit te kijken wat ze aan het doen zijn.
Er zijn aan de ene kant van het restaurant twee van die ’tafels’, waar telkens twee kookplaten zijn. Ik schat dat er in totaal een 20 man rond kan, het is de grootte van pakweg een snookertafel. Bij het naar toilet gaan bleken er aan de andere kant nog eens twee van dergelijke tafels te zijn.
Grappig is wel dat iedereen een kimono moet dragen, de Westerse variant dan wel. Het is niet alleen hilarisch om iedereen zo te zien zitten (die dingen zijn spuuglelijk), ze zijn vooral praktisch tegen het spatten van de kookplaat. En iedereen zit mee voor aap, dus ach ja.

Het eten zelf was overvloedig en toch in kleine porties. Het vleesmenu hield het volgende in:
– koud rauw opgerold vlees met garnituur
– kippenspiesjes teryaki (echt echt lekker, van de beste die ik al gegeten had)
– perfect gebakken eendenborst, weliswaar zonder iets bij
– een kommetje Japanse groenten, apart maar lekker
– gebraden lamsvlees met pasta op Japanse wijze
– wit sesamijs met vers fruit

Hiervoor heb ik iets meer dan 30 euro betaald, het ‘vis’menu met evenveel gangen bleek 34.40 euro te zijn. Je kan natuurlijk ook uitgebreidere menu’s krijgen, maar dit was echt al meer dan voldoende, het dessert was er eigenlijk al iets teveel aan.
Een grote fles water kostte 7.50 euro, een klein flesje wijn 14.

Conclusie: lekker eten, geen topkwaliteit, maar amusement tijdens het eten en dus een speciale sfeer, voor een haalbare prijs.  Mag je toch wel eens meegemaakt hebben.