Eindelijk die beugel…

Nee, Wolf heeft die beugel nog niet, maar het plaatsen ervan is eindelijk vastgelegd.

Het zit namelijk zo: als je een deel wil terugbetaald zien, moet de aanvraag gebeuren voor je 15 bent – dat was geen probleem – en moet de beugel binnen de twee jaar na aanvraag geplaatst worden. Bij Wolf is dat vóór augustus. Maar waarom zit daar zoveel tijd tussen bij hem?

Wel, hij heeft een paar zeer hardnekkige tanden. Als in: de melktanden wilden niet uitvallen en die zijn dan maar getrokken bij de tandarts. Sommige daarvan in juli 2015 al, de eerste melding van het probleem was zowaar in januari 2014. Maar de laatste twee koppige exemplaren zijn eruit gehaald in september 2018 om plaats te maken voor zijn definitieve tanden, die netjes klaar zaten. En vonden dat ze daar eigenlijk wel best goed zaten. Eentje is uiteindelijk een paar weken geleden nog doorgekomen, de laatste definitieve tand heeft zich nog altijd niet laten zien.

Bon, zei de ortho vandaag: het is welletjes geweest. De beugel wordt begin juni geplaatst en er wordt dan ook plaats gemaakt voor de recalcitrante tand, in de hoop dat hij dan wel doet wat er van hem verwacht wordt. En anders wordt hij er binnen een aantal maanden door een kaakchirurg doorgetrokken, letterlijk, blijkbaar. Mja.

Enfin, Wolf is opgelucht: hopelijk is hij van zijn beugel af tegen dat hij naar ’t unief trekt. Bijna al zijn beugelende maten zijn er intussen al van af, ook Arwen haar beugel wordt binnenkort verwijderd. En hij moet er dus nog aan beginnen.

Ik zoek nu alvast recepten voor pureegerechten en dergelijke. ’t Zal nodig zijn, wordt me toegefluisterd van alle kanten.

And so it begins…

De hele week was er al onzekerheid rond dat coronavirus, en nu is dus de kogel door de kerk: scholen sluiten – allez ja, er worden geen lessen meer gegeven – cafés en restaurants gaan dicht, geen bijeenkomsten meer… Het is maar best ook, maar het zullen eenzame weken worden. Gelukkig heb ik een heel fijn gezin, maar hoe ik die vijf weken ga entertainen, valt nog te bezien.

Ik ging deze middag nog een laatste keer eten in Villa Ooievaar en zag dat het dik in orde was. En ik kreeg nog een dikke merci en een “Tot binnenkort hé!” erbij. Ik ga het missen…

En toen wilde ik mijn goede daad van de dag doen: boodschappen doen voor Marleen, mijn oud-lerares dictie en voordracht met wie ik altijd contact ben blijven houden. Ze woont tussen mijn werk en mijn huis, is intussen bijna 70 en is vooral al jaren zwaar ziek, onder andere CVS. In een gewone winter komt ze al vrijwel alleen maar buiten met een mondmaskertje omdat een griepje haar fataal kan worden. Nu heb ik haar ronduit verboden om buiten te komen en ben ik haar boodschappen gaan doen. Alleen… WTF is er aan de hand zeg? Hamsterwoede much????

Haar boodschappen waren alles behalve exuberant, maar geen diepvriesspinazie meer, geen craquottes of Parovita, geen kabeljauw, geen appels… En uiteraard ook geen wc-papier meer, geen idee wat daarmee aan het gebeuren is, maar het is hallucinant.

Voor haar is dat niet evident, want ze kan lang niet alles eten en/of verteren. Mja… Enfin, we gaan de komende weken goed voor haar zorgen.

Bon, het coronavirus is dus nog wel even een blijvertje. Ik sakker omdat de Omen mini is afgezegd, andere larps, rollenspelavonden, concerten, maar dat de OpenSchoolDag niet doorgaat, dat vind ik gelijk wat minder jammer.

Enfin, het is wat het is, we zien nog wel.

Corona

Hmm, dat coronavirus wordt dreigender en dreigender. Ik vertrouw het al voor geen haar meer, en Bart – en die heeft, irritant genoeg, al altijd gelijk in dat soort dingen – voorspelt dat binnenkort de scholen ook nog zullen sluiten en dat ook de restaurants en cafés en dergelijke dicht moeten.

Ik snap dat wel. Als je ziet wat een ravage het in China heeft aangericht en wat nu de toestanden in Spanje zijn, hou ik mijn hart vast.

De voorzorgen rond handen wassen en elementaire hygiëne hangen al sinds begin maart uit in de school, nu blijkt ook het oudercontact niet te mogen doorgaan en is de info-avond geschrapt.

Aan de ene kant zou ik wellicht zo’n paar lesvrije weken niet erg vinden, kwestie van opnieuw adem te kunnen halen – al heeft dat weekje Djerba enorm veel goed gedaan – aan de andere kant zie ik niet in hoe ik die gemiste leerstof dan ooit kan ophalen.

Ach, we zien wel. De scholen zijn vooralsnog nog open.

So this happened…

Vandaag moest ik me iets over twee aanmelden bij de Federale OverheidsDienst Sociale Zekerheid voor Personen met een Handicap, kwestie van een dokter te laten nakijken of het dossier dat ik ingediend heb, ook werkelijk klopt met de werkelijkheid. Ik was al weken op voorhand zenuwachtig, want hier ging effectief bepaald worden of ik ook echt een handicap heb.

Bon, het werd dus een sof. Kortweg: de verkeerde dokter. Blijkbaar bepaalt deze dienst enkel of ik minder of meer dan 66% werkonbekwaam ben. Quod non, uiteraard. De dokter luisterde naar mijn verhaal, schudde meewarig het hoofd, en vroeg wie me bij hem had gestuurd.
Wil ik het percentage van mijn handicap laten bepalen, dan moet ik bij de geneesheer van de VDAB zijn – maar enkel als je werkloos bent – of bij een arbeidsgeneesheer.
Euhm?
Hij vulde wel de rest van mijn dossier in, stelde een hoop vragen, typte nog veel meer, en dat was dat. Hij kon me niet helpen, want werkonbekwaam ben ik doorgaans niet. Ze gingen me wel laten weten hoeveel “punten” ik verdiend heb, punten die bepalen op welke ondersteuning je recht hebt. Niet waar ik naar op zoek was, maar bon.
Enfin, verkeerde hoepels, verkeerde dienst. Terug naar af.

Volgende stap

Weet u nog, dat ik in oktober eindelijk mezelf zover had gekregen dat ik een aanvraag tot erkenning van een handicap heb ingediend?

Een kleine maand later kreeg ik een brief waarin me gevraagd werd alle medische bewijsstukken te laten doorsturen door mijn behandelend arts.

De huisarts was ook voldoende, en dus stuurde Shari quasi mijn hele globaal medisch dossier door. Ha ja, vond ze, het kon allemaal maar meetellen. Dus niet alleen de foto’s en verslagen van mijn spondylolisthese, maar ook dat van de twee hernia’s, de beginnende artrose, het glaucoom, de neurolyse in mijn linkervoet, de operaties aan mijn linkerenkel, het hielspoor, de stembandperikelen, de maagproblemen, de whole shebang.

We zaten na afloop naar elkaar te kijken, en zijn gewoon allebei in de lach geschoten. “Goh”, merkte ze op, “gij hangt toch ook met haken en ogen aan elkaar hé!”

Enfin, intussen heb ik een week of drie geleden een nieuw bericht gekregen: dat mijn dossier in goede orde was ontvangen, en dat ik me op dinsdag 18 februari moet aanbieden bij de controlearts. Die zal dan wellicht bepalen of er ook echt iets aan de hand is.

Tsja.

Ik heb nu al zenuwen, echt waar.