And so it begins…

De hele week was er al onzekerheid rond dat coronavirus, en nu is dus de kogel door de kerk: scholen sluiten – allez ja, er worden geen lessen meer gegeven – cafés en restaurants gaan dicht, geen bijeenkomsten meer… Het is maar best ook, maar het zullen eenzame weken worden. Gelukkig heb ik een heel fijn gezin, maar hoe ik die vijf weken ga entertainen, valt nog te bezien.

Ik ging deze middag nog een laatste keer eten in Villa Ooievaar en zag dat het dik in orde was. En ik kreeg nog een dikke merci en een “Tot binnenkort hé!” erbij. Ik ga het missen…

En toen wilde ik mijn goede daad van de dag doen: boodschappen doen voor Marleen, mijn oud-lerares dictie en voordracht met wie ik altijd contact ben blijven houden. Ze woont tussen mijn werk en mijn huis, is intussen bijna 70 en is vooral al jaren zwaar ziek, onder andere CVS. In een gewone winter komt ze al vrijwel alleen maar buiten met een mondmaskertje omdat een griepje haar fataal kan worden. Nu heb ik haar ronduit verboden om buiten te komen en ben ik haar boodschappen gaan doen. Alleen… WTF is er aan de hand zeg? Hamsterwoede much????

Haar boodschappen waren alles behalve exuberant, maar geen diepvriesspinazie meer, geen craquottes of Parovita, geen kabeljauw, geen appels… En uiteraard ook geen wc-papier meer, geen idee wat daarmee aan het gebeuren is, maar het is hallucinant.

Voor haar is dat niet evident, want ze kan lang niet alles eten en/of verteren. Mja… Enfin, we gaan de komende weken goed voor haar zorgen.

Bon, het coronavirus is dus nog wel even een blijvertje. Ik sakker omdat de Omen mini is afgezegd, andere larps, rollenspelavonden, concerten, maar dat de OpenSchoolDag niet doorgaat, dat vind ik gelijk wat minder jammer.

Enfin, het is wat het is, we zien nog wel.

Corona

Hmm, dat coronavirus wordt dreigender en dreigender. Ik vertrouw het al voor geen haar meer, en Bart – en die heeft, irritant genoeg, al altijd gelijk in dat soort dingen – voorspelt dat binnenkort de scholen ook nog zullen sluiten en dat ook de restaurants en cafés en dergelijke dicht moeten.

Ik snap dat wel. Als je ziet wat een ravage het in China heeft aangericht en wat nu de toestanden in Spanje zijn, hou ik mijn hart vast.

De voorzorgen rond handen wassen en elementaire hygiëne hangen al sinds begin maart uit in de school, nu blijkt ook het oudercontact niet te mogen doorgaan en is de info-avond geschrapt.

Aan de ene kant zou ik wellicht zo’n paar lesvrije weken niet erg vinden, kwestie van opnieuw adem te kunnen halen – al heeft dat weekje Djerba enorm veel goed gedaan – aan de andere kant zie ik niet in hoe ik die gemiste leerstof dan ooit kan ophalen.

Ach, we zien wel. De scholen zijn vooralsnog nog open.

So this happened…

Vandaag moest ik me iets over twee aanmelden bij de Federale OverheidsDienst Sociale Zekerheid voor Personen met een Handicap, kwestie van een dokter te laten nakijken of het dossier dat ik ingediend heb, ook werkelijk klopt met de werkelijkheid. Ik was al weken op voorhand zenuwachtig, want hier ging effectief bepaald worden of ik ook echt een handicap heb.

Bon, het werd dus een sof. Kortweg: de verkeerde dokter. Blijkbaar bepaalt deze dienst enkel of ik minder of meer dan 66% werkonbekwaam ben. Quod non, uiteraard. De dokter luisterde naar mijn verhaal, schudde meewarig het hoofd, en vroeg wie me bij hem had gestuurd.
Wil ik het percentage van mijn handicap laten bepalen, dan moet ik bij de geneesheer van de VDAB zijn – maar enkel als je werkloos bent – of bij een arbeidsgeneesheer.
Euhm?
Hij vulde wel de rest van mijn dossier in, stelde een hoop vragen, typte nog veel meer, en dat was dat. Hij kon me niet helpen, want werkonbekwaam ben ik doorgaans niet. Ze gingen me wel laten weten hoeveel “punten” ik verdiend heb, punten die bepalen op welke ondersteuning je recht hebt. Niet waar ik naar op zoek was, maar bon.
Enfin, verkeerde hoepels, verkeerde dienst. Terug naar af.

Volgende stap

Weet u nog, dat ik in oktober eindelijk mezelf zover had gekregen dat ik een aanvraag tot erkenning van een handicap heb ingediend?

Een kleine maand later kreeg ik een brief waarin me gevraagd werd alle medische bewijsstukken te laten doorsturen door mijn behandelend arts.

De huisarts was ook voldoende, en dus stuurde Shari quasi mijn hele globaal medisch dossier door. Ha ja, vond ze, het kon allemaal maar meetellen. Dus niet alleen de foto’s en verslagen van mijn spondylolisthese, maar ook dat van de twee hernia’s, de beginnende artrose, het glaucoom, de neurolyse in mijn linkervoet, de operaties aan mijn linkerenkel, het hielspoor, de stembandperikelen, de maagproblemen, de whole shebang.

We zaten na afloop naar elkaar te kijken, en zijn gewoon allebei in de lach geschoten. “Goh”, merkte ze op, “gij hangt toch ook met haken en ogen aan elkaar hé!”

Enfin, intussen heb ik een week of drie geleden een nieuw bericht gekregen: dat mijn dossier in goede orde was ontvangen, en dat ik me op dinsdag 18 februari moet aanbieden bij de controlearts. Die zal dan wellicht bepalen of er ook echt iets aan de hand is.

Tsja.

Ik heb nu al zenuwen, echt waar.

Tandartsdinges

Met zijn vieren naar de tandarts, zoals tweemaal per jaar standaard gebeurt hier ten huize. Wolf had erop aangedrongen: zijn tanden zijn nu nóg niet allemaal uitgekomen, en die beugel, wel, daar wil hij eigenlijk niet te lang meer mee wachten. Ik snap dat best: anders zit hij aan ’t unief nog met zijn beugel.

Enfin, niemand had gaatjes, en bij Merel heeft ze een melktand getrokken die geklemd zat tussen de andere tanden, maar die al lang los zat en daarom zelfs wat pijn deed. Merel was er niet gerust in, maar al bij al leverde het geen enkel probleem op.
Bij mij is er wat tandsteen verwijderd, bij Wolf zijn er twee groefjes gedicht en heeft ze voor de zekerheid nog een fotootje getrokken van die tanden die maar niet willen doorkomen.

En ik betaalde maar liefst 235 euro. We gaan wel 225 euro terugkrijgen, gelukkig maar. Lang leve de ziekteverzekering. Ugh. En we zijn weer goed voor een half jaar.

Auw.

Sla anders ne keer lompweg uwe voet om in uw eigen garage. Auw. En ’t is niet alsof we hier al 23 jaar wonen, toch? En dat ik dat boordje zou moeten weten zijn, toch?

Enfin, eventjes met poot omhoog, ijs erop, en voorzichtig zijn. Het staat alleen een beetje dik, ziet niet blauw, dus het zal wel meevallen zeker.

Het is gelukkig niet zo erg als in Pompei, destijds, maar mijn voeten, het blijft toch een zwak punt. Al een chance dat ik niet gevallen ben, want dat zou dan weer funest zijn voor de rug. Ik ben wel eventjes op mijn knieën gaan zitten om zeker te zijn dat ik niet zou wegdraaien van de pijn en alsnog zou vallen.

Een goed functionerend lijf, ’t is een gerief, heb ik me laten vertellen.

Voetupdate

Weet u nog, eind september, dat Wolf zijn voet had omgeslagen op zijn eerste rugbymatch in een jaar of twee? Het was toen een beetje misgelopen met een verkeerde diagnose en zo, waardoor hij in oktober alsnog in het gips moest en ook zijn gwp en de vakantie in Duitsland niet verliepen zoals het hoorde. Hij heeft dan ook een lange tijd een brace gedragen, zich koest gehouden en netjes naar de kinesist geweest.
En toen waren het examens en kreeg de voet sowieso veel rust.
Dinsdag stonden we weer bij de orthopedist voor controle, en weet je, in de auto vroeg Wolf zich zelfs op een bepaald moment af of het nu de linker- of de rechtervoet was geweest. Met andere woorden: het is wel in orde, ja.

Hij mag na nieuwjaar ook opnieuw beginnen rugby spelen, maar nog even geen wedstrijden, niet vooraleer hij een stevige spiertonus en conditie heeft opgebouwd.

We houden hout vast, maar ik ga mijn zoon niet in een kooitje steken. En als rugby zijn sport is, dan is dat maar zo. Ook een voetballer kan stoten tegenkomen, en ge wilt als wielrenner niet tegen het asfalt smakken. En geef toe, veel wijzere sporten dan rugby zijn er toch niet?

Op controle

Het is nu drie maand geleden dat ons pa nog bij zijn dokters is langsgeweest, een controle drong zich op. Enfin, niet dat ik het op zich zo nodig vond, ons pa is gewoon bijzonder goed momenteel, maar dat ligt sowieso op voorhand vast.

Dokter De Meulemeester, zijn neurologe, was zeer positief: hij is er zeker niet op achteruit gegaan, zijn stappen is goed, zijn parkinson is stabiel, enfin, alles is zoals het hoort. Voor haar is alles oké.

Aangezien het veel vlotter ging dan verwacht, hadden we een drie kwartier voordat we bij de volgende dokter moesten zijn, en dus gingen we op ’t gemak beneden een koffie drinken en een taartje eten. Ha ja, het nuttige aan het aangename paren, toch?

Helaas moesten we toen bijna een uur wachten, wat eigenlijk niet vaak voorkomt bij dr. Cousaert. Maar bon, ook zij was zeer positief: ons pa houdt zich tegenwoordig bijzonder goed aan zijn medicatie – wat hij vroeger dus niet deed – en dat werpt zijn vruchten af. Eigenlijk is hij zelfs beter dan een jaar geleden: veel stabieler en dus ook een veel aangenamere mens.

Er wordt dus ook niks aan zijn medicatie veranderd, en we moeten pas over een half jaar opnieuw op controle.

Ge hebt er geen gedacht van hoe gelukkig ik hiervan word!