Plopsaland

Deze morgen was Wolf, ondanks de schoolreis van de dag voordien (waarover ik trouwens een bijzonder onsamenhangende uitleg heb gekregen, iets met een ouwe geit en krokodillen en twee glijbanen waarvan er eentje gevaarlijk was en een heksenbos) toch weer vroeg wakker. Ook nu zal de anticipatie er wel voor iets tussen gezeten hebben: zijn peter en zijn tante kwamen hem rond negen uur halen voor een dagje Plopsaland, samen met Branko, het tienjarig neefje van tante Else.

Toen ze binnenkwamen stond hij letterlijk te springen van opwinding en toertjes te crossen door de keuken. En geloof me, toertjes crossen in onze keuken met nog vijf man in, is niet eenvoudig, zelfs niet als je vijf bent.

Hij kreeg zijn regenjasje aan, stevige schoenen, en weg waren ze. Rond een uur of elf kwam er een fotootje in de inbox: Wolf die uitgebreid stond te grijnzen naast de figuur van Plop.

Ik had ze rond een uur of acht terugverwacht, maar het was net geen tien uur toen ze terug voor de deur stonden. Wolf zag er hondenmoe uit, maar met pretlichtjes in zijn ogen en blosjes op zijn wangen, en stoere verhalen natuurlijk. Ze hadden op alle mogelijke attracties gezeten (waar hij opmocht, tenminste) en ze waren zelfs natgespat, stel je voor! Om zes uur sloten de attracties, was er een receptie en broodjesmaaltijd en blijkbaar ook een buffet voor alle gasten van het interimkantoor (op wiens uitnodiging zij daar ook waren), en een uurtje later gingen een aantal attracties opnieuw open. Dat verklaarde meteen waarom ze zo laat waren.

Ze stonden daar allevier te glunderen, het was blijkbaar mooi geweest.

Nog geen drie minuten later viel Wolf met een diepe zucht in zijn bed. Ik vermoed dat hij al sliep tegen dat ik zijn kamer uit was. Maar hij glimlachte wel 🙂

Delen

Soms zijn mijn jongens echt fantastisch.

Elf uur, en dus tijd om iets te knabbelen. Wolf vroeg en kreeg een potje yoghurt, Kobe had liever een pannenkoekje (die als ontbijt waren bedoeld maar schromelijk over het hoofd gezien).
Wolf (5) ziet Kobe (nog geen 2) kijken naar zijn yoghurtje, en geeft hem spontaan een hapje. Waarop Kobe zegt dat hij het lekker vindt, en Wolf prompt zijn pannenkoek aanbiedt om ook een hapje te nemen. Dat herhaalt zich trouwens nog een keer of twee. En na afloop neemt Wolf netjes een nat doekje en veegt daarmee Kobes mond af.

Spontaan delende kleuters. Waar kom je dat tegen?

Ik stond erbij, keek ernaar, en zag dat het goed was.

En schopte hen daarna meteen naar buiten richting zandbak en emmers water :-p

Dekens

In tegenstelling tot wat Bart ook moge beweren, ik vind het NIET leuk om ’s morgens wakker gemaakt te worden door twee bijzonder vrolijke jongens, die me komen kriebelen en daarna mijn deken afpakken. Dan moet ik om dat deken vechten, en word ik zo helemaal wakker en al. En kan ik mijn droom niet afmaken. En krijg ik koud. En moet ik zo helemaal opstaan.

Blah.

(maar misschien is het toch een héél klein beetje leuk)

Morgen

Tenzij er eentje vannacht nog begint te kotsen, worden morgen mijn twee jongens geopereerd.

De nacht voor mijn eigen operaties slaap ik altijd als een roosje: ik weet wat me zal overkomen, en dat ik daar gewoon door moet. En het is mijn lijf, waar ik mee verder moet.

Maar vannacht, vannacht zal ik rusteloos zijn, en slapen als de muizen in het meel.

Want morgen, morgen worden mijn twee lieverds geopereerd, en mijn hart breekt nu al.

Cheesy

Het volgende verhaaltje is melig, ik ben me daarvan bewust, maar het is zodánig herkenbaar dat ik er domweg even tranen van in de ogen kreeg. Waarom heeft een dag niet een paar extra uren?

Een man kwam laat thuis van zijn werk, moe en geïrriteerd. Zijn zoontje van vijf zat op de stoep voor de deur op hem te wachten. Hij vroeg:’Papa, mag ik je iets vragen?’ De vader antwoordde: ‘Ja natuurlijk, wat is er?’
‘Papa, hoeveel verdien je per uur?’
‘Dat zijn toch jouw zaken niet! Waarom vraag je zulke dingen?’ zei de vader kwaad. Zijn zoontje antwoordde: ‘Ik wil het gewoon weten. Alsjeblieft vertel het mij, hoeveel verdien je per uur?’

‘Als je het echt wil weten, ik verdien € 14,00 per uur’

‘Oh’ antwoordde de zoon met zijn hoofd gebogen. Even later vroeg het jongetje: ‘Papa, mag ik alsjeblieft € 7,00 lenen?’

De vader werd furieus. ‘Als dat de enige reden is waarom je mij dat vraagt, zodat je geld kan lenen om één of ander dom speelgoedje te kopen, dan mag je nu onmiddellijk naar boven en naar je bed. En denk er maar over na waarom je zo egoïstisch bent. Ik ga niet elke dag hard gaan werken voor zulke kinderlijke onnozelheden.’

De jongen ging stil naar zijn kamer en sloot de deur.

De man zat neer en werd nog bozer over de vragen van zijn zoontje.  Hoe durft hij zulke dingen te vragen alleen maar om geld te krijgen? Na een uurtje of zo, was de man gekalmeerd en begon hij na te denken: misschien moest het kind echt wel dringend iets kopen met die €7,00, en eigenlijk vroeg het kind nooit om geld.

De man ging naar de kamer van het kindje en deed de deur open.

‘Slaap je, ventje?’
‘Nee, papa. Ik ben wakker.’
‘Ik heb eens nagedacht, misschien was ik te hard voor je. Het is een lange dag geweest en ik heb mij op jou afgereageerd. Hier is de zeven euro die je gevraagd hebt.’

De jongen lachte en zette zich rechtop. ‘Dank je, papa!’ riep hij. Dan nam hij vanonder zijn kussen nog wat geldstukken. De man zag dat de jongen al geld had en begon weer boos te worden. Maar de jongen zat stil zijn geld te tellen, en keek dan naar zijn vader.

‘Waarom vraag je mij geld als je al geld hebt?’ gromde de vader.
‘Omdat ik nog niet genoeg had, maar nu wel’, antwoordde de jongen. ‘Papa, ik heb €14,00 nu. Kan ik nu een uur van je tijd kopen? Alsjeblieft kom morgen een uurtje vroeger naar huis. Ik zou graag samen met jou eten.’

De vader was vertederd. Hij legde zijn armen rond de jongen en gaf hem een dikke knuffel.

Zon

Vanuit mijn keukenraam zag ik hoe mijn twee kleine jongens huppelend aan de hand van papa naar de auto liepen, luid kwetterend en lachend. En even later reden ze samen weg in de zon.

Een auto met drie jongens, mijn dierbaarste bezit.

Ik denk dat ik stond te glimlachen, daar in de keuken, in mijn slaapkleed, in de zon.

Het liefste zoontje ter wereld

Ik weet wel dat veel mama’s dit over hun kind zeggen, en ja, de boutade ‘Mijn kind schoon kind’ is niet voor niks een boutade, maar lees even mee, en u zal me wel gelijk geven.

Zoals altijd waren de kinderen rond zeven uur wakker, vakantie of niet, en gingen ze met papa naar de badkamer. Diezelfde papa wou geen risico op extra beenbreuken bij zijn vrouw lopen door haar zonder toezicht van de trap te laten stommelen met haar krukken, en maakte me rond half acht wakker. Een kwartier later zat ik bij de kinderen aan tafel boterhammetjes te smeren, en nog een kwartier later was papa naar het werk vertrokken, met medeneming van Kobe om die onderweg in de kribbe te droppen, en met achterlating van Wolf.

Diezelfde Wolf heeft uitmuntend voor me gezorgd. Hij bezorgde me stapels kussens om me te installeren, drapeerde een dekentje over me, en nestelde zich daarna liefdevol in mijn arm om samen tv te kijken. Een uurtje later overhandigde hij me mijn krukken, schoof een tapijtje uit de weg en gaf de hond een duw, en loodste me naar de keuken als piloot van een vliegtuig, mét bijhorend gebrom.
Daar hielp hij me de afwasmachine aanzetten, gaf me een tas, nam de melk uit de ijskast, zette de microgolf in werking, en maakte me een volmaakte latte, compleet mét suikerklontje en lepeltje. Intussen had hij ook al geholpen de was te sorteren, in de machine te steken (waspoeder doseren en in het laatje doen was voor mij) en het boeltje aan te zetten, en een mand propere was naar de living te versleuren. Daarna nam hij omzichtig de volle kop hete koffie in een ovenwant en zette die op het salontafeltje bij me, en kroop weer bij me in de zetel.
’s Middags hielp hij de tafel zetten en afruimen, liet hij een paar keer de hond buiten en weer binnen, hielp hij me nog maar eens een koffie te zetten, voorzag me van koekjes, bouwde een kussenhuisje rond me, sprong enthousiast heen en weer toen het lukte een paar spelletjes te winnen met de Wii (die hij zorgvuldig bij me had gebracht, nadat hij de tv wat had gedraaid en zo), nam de telefoon voor me op, en was eigenlijk ongelofelijk braaf, lief en geduldig met me.

Wolf is net vijf geworden. Waar heb ik zo’n ongelofelijk kind aan verdiend? En zeg me nu niet dat de titel van deze post niet op zijn plaats is, toch zeker voor vandaag.

Ma

Weet je wat eigenlijk nog het raarste van al is aan gans die operatie? Dat mijn eigen ma nog van niks weet!

Die zit namelijk in Cuba, een reis van drie weken die ze al altijd wilde maken. Ze heeft al de halve wereld gezien (Senegal, Mexico, Peru, Thailand…), maar Cuba, dat had ze altijd al eens willen doen en dat was er nog nooit van gekomen. Nu, ze is intussen al 63 en ze wordt er niet jonger op. Mijn vader zag het al niet meer zitten om mee te gaan, die vond het al welletjes. Zelf wou ze het niet langer uitstellen: haar eigen ma, 87 ondertussen, is momenteel in goede gezondheid, maar dat zegt niks over volgend jaar. Hetzelfde geldt voor mijn vader.

Het kon dus best wel eens de laatste kans voor Cuba zijn voor haar, en die heeft ze dan ook gegrepen. Ze heeft zich ingeschreven in een groepsreis van drie weken, en wég was ze. Maandag komt ze terug.

Mijn operatie is eigenlijk bijzonder snel gepland en geregeld. Ik belde naar mijn orthopedist (we waren het er al eerder over eens geworden dat een operatie de enige overblijvende mogelijkheid was) en hij stelde me een paar data voor. Gisteren was voor hem een rare dag: hij moest die namiddag een vliegtuig halen, en had de voormiddag vrijgehouden voor last-minutes en spoedgevallen. Daar rekende hij me ook bij, zodat ik amper een week op voorhand alles wist (het was bijna nog in het honderd gelopen door emailmalcommunicatie, maar bon). Het alternatief was, door een geplande operatie van de kinderen eind april, pas eind mei, en dat viel al helemaal niet meer te plannen met school, laat staan dat ik nog zo lang wilde blijven sukkelen.

Daardoor komt het dus dat mijn ma nog vrolijk in Cuba zit, en dat ze nog van niks weet. Ze heeft al een paar keer met mijn vader getelefoneerd, maar die heeft haar niks verteld. Bewust, of uit warhoofdigheid, dat laat ik in het midden. Hij is wel van plan om maandagnamiddag, wanneer hij haar gaat afhalen aan het station, langs hier te passeren, en dat zou ik bijzonder fijn vinden.

Want, weet je? Ik mis mijn mama…

Vijf

Vandaag, vijf jaar geleden, was het een dinsdag. Een dinsdag waarop ik, volgens Bart, op dit eigenste uur aan het roepen was om een epidurale (of misschien net gekregen had). Vandaag wordt Wolf namelijk vijf jaar.

Ik heb hem net, dansend aan mijn hand, naar school gebracht, hij met zijn boekentas, ik met een grote zak met kleine cadeautjes voor zijn klas. Vijf jaar geleden had ik dit nooit durven dromen. Vijf jaar geleden had ik nooit vermoed dat ik deze morgen nog snel een Spiderman-T-shirt en een paar Spidermankousen uit de droogkast ging halen, en dat er een blond jongetje met stralend blauwe ogen op de keukentafel zou zitten en zijn cadeautjes zou openmaken.

Ik had gewoon niet durven hopen dat ik zo gelukkig ging zijn met het feit dat hij al vijf jaar lang in mijn leven is.

Gelukkige verjaardag, Wolf! Na vijf jaar zijn die barensweeën je wel vergeven hoor!