Van audioloog en dinges

’t Is een bezigheid als een ander: ons pa moest dringend in Eeklo zijn voor zijn hoorapparaten. De garantie verloopt woensdag en het apparaat aan de rechterkant werkt niet zo goed, zegt hij. Al eventjes.  Enfin, achteraf gaf hij aan mij toe dat het al meer dan een jaar eigenlijk niet doet wat het moet doen. Zucht.

Enfin, ik ben hem om half elf gaan ophalen, en tegen twaalf uur stonden we opnieuw in Zomergem, waarbij hij met aandrang vroeg om boodschappen te doen, want hij zat eigenlijk zonder eten. Mijn oudste broer had nochtans beloofd dat te doen, maar had er blijkbaar geen tijd voor. Tsja. En het ging maar een kwartiertje duren. Uiteraard wist ik dat dat een utopie was, maar ons pa was ervan overtuigd. Hmm. Drie kwartier later kon ik vertrekken naar huis, waarbij ik de kinderen al had laten weten dat ik later ging zijn, en zij de wortelen al hadden geschild en gesneden. Oef!

Tegen half twee zaten we aan tafel een aangezien de twee mensen die ’s namiddags koffie gingen komen drinken, afgezegd hadden, had ik al bij al nog een rustige middag ook. Het was nog behoorlijk warm, ideaal voor een zwemmeke.

En ’s avonds, toen het eindelijk wat frisser was, is Bart gaan lopen en ben ik tot aan het park in Mariakerke gefietst om een geocache te herstellen. Heerlijk zalig gefietst, precies wat mijn rug nodig had.

Volgende week mag ik nog eens terug naar Eeklo met ons pa: zijn herstelde apparaatje gaan ophalen. Ik denk dat ik dan maar meteen met hem wat nieuwe broeken ga halen, want hij is zodanig veel vermagerd dat al zijn broeken eigenlijk te groot zijn. En stilaan versleten ook.
En misschien meteen een paar nieuwe winterschoenen?

Goh, ’t is een bezigheid als een ander, geloof me :-p

Van Italiaans eten, geocachen en kampterugkeerders.

Kobe was nog op kamp, Wolf zat bij vrienden, en dus zijn Bart, Merel en ik lekker Italiaans gaan eten. Als in: deftig Italiaans, geen Bolognese of pizza’s.

Dik in orde.

Daarna wilden Merel en ik nog een geocachetochtje doen, maar helaas, al na een paar caches begon het te druppelen en zijn we maar op onze stappen teruggekeerd. Jammer, want het was eigenlijk wel een hele mooie wandeling. We doen de rest wel een volgende keer!

En tegen half zes stonden we met ons drietjes – Wolf was ook mee – aan het station om Kobe op te halen van zijn kamp. Eindelijk, we hebben hem allemaal serieus gemist. Hij was vrolijk en bruin en moe, en vooral ook een wasbeer van totem. Zijn beschrijving was er trouwens knal op, ik moest echt lachen. Knap gedaan van de leiding.

En nu zijn dus alle drie mijn kuikens weer netjes thuis, en dat doet deugd. Ik mag dan graag mijn eigen ding doen, mijn moederinstinct blijft sterk.