Road trip

Een nieuwe reeks op Netflix, van de makers van La Casa de Papel, is Sky Rojo, en Barts team doet daar de promotie voor. Ze hebben een waanzinnige promo uitgedacht, waarbij je met je auto in een container rijdt, een stuk van de reeks te zien krijgt, en dan interactief met je pinkers bepaalde beslissingen neemt, waardoor je ofwel dood bent, ofwel kan ontsnappen.

Alleen… De container staat enkel dit weekend in de buurt van Amsterdam, en dus gingen Bart en ik op roadtrip. En als mijn echtgenoot iets doet, doet hij het goed. Heel goed. Overdreven goed, eigenlijk.

Want iets over één stapten Bart en ik in zijn elektrisch BMWtje richting Rijkevorsel, want voor de gelegenheid had mijnheer een auto gehuurd voor een dagje. Niet zomaar een auto, uiteraard. Bart had een Aston Martin gehuurd, een DB11, zo’n ongelofelijke sportmachine waar ook Bond mee rondrijdt. Allez ja, die reed rond met een lager model, I kid you not.

We zaten nog twee uur in de auto tot boven Amsterdam, Aalsmere, schoven een uur aan aan de ‘attractie’ die toch wel drie minuten duurde, en we reden terug.

Pas tegen half negen waren we terug thuis, waarbij ik nog serieus heb mogen hypermilen want eigenlijk zaten we op -6 kilometer :-p En zo’n elektrische auto zuipt batterij als je op de autostrade rijdt.

 

Puur een road trip dus, maar ik zat bijzonder comfortabel, ook wanneer Bart aan het stuur zat. En je hebt uiteraard ook ongelofelijk veel bekijks. Ik heb echt een paar keer moeten lachen, zoals toen een auto ons voorbijging, naast ons bleef hangen en het meisje in de passagierszetel met een grote grijns haar beide duimen in de lucht stak.

Yup, ik zat eigenlijk wel te glunderen, ja.

So this happened…

Yup, een lader voor de elektrische auto bij ons naast de garagepoort.

Bart heeft de zijne nu al bijna drie jaar en die staken we gewoon in het stopcontact: het ding heeft maar een rijbereik van 200 kilometer en met een nachtje laden was het weer helemaal oké. Bart had zelfs geen abonnement: het is een kwestie van uitrekenen en zorgvuldig zijn, en desnoods hypermilen, of op een zodanige manier rijden dat je vrijwel niks verbruikt. Het is een sport op zich, geloof me. En in al die tijd heeft hij misschien een keer of drie mijn auto gebruikt als hij bijvoorbeeld eerst in Brussel en dan in Hasselt moest zijn.

Eigenlijk hadden we al langer zo’n lader aangevraagd, maar dat bleek maar niet te lukken. Hmm.

Maar nu mijn auto besteld is, wordt zo’n laadpaal echt wel nodig: we gaan dan twee auto’s hebben die moeten opladen en met dit ding gaat het echt wel een pak sneller dan via een gewoon stopcontact. We hebben er meteen ook een abonnement bij voor andere laadpalen, wat ook wel praktisch kan zijn.

Woensdagvoormiddag stond er hier dus een sympathieke jongeman die heel het boeltje kwam installeren en aansluiten en ons de nodige uitleg gaf.

Bon, alweer een stapje dichter naar volledig elektrisch dus.

Nieuwe auto

Nee, die is er nog niet, maar hij is wel al een tijdje besteld, mijn nieuwe auto. Hij gaat wel maar ergens in de zomer geleverd worden, dus dat wordt nog eventjes puzzelen, want ik mag met mijn dieselbak de LEZ niet meer binnen vanaf 1 april.

De zoektocht startte ergens in de grote vakantie, zoals u hier kon lezen. Ik heb een paar testritten meegedaan, maar eigenlijk kan het me echt, maar echt geen bal schelen. Een auto moet aan een paar voorwaarden voldoen: groot genoeg om drie jongeren op de achterbank te zetten en met een ruime koffer zodat ik kan gaan larpen. Rijbereik van minstens 400 km met een volle batterij. Een trekhaak, of toch iets om een fietsdrager te installeren, want mijn fiets moet mee kunnen en zal wellicht niet meer in de koffer kunnen. Oh, en liefst, als dat kan, zetelverwarming, want dat kan mijn rug in de winter bijzonder appreciëren.

Maar verder? Ik lig er hoegenaamd niet wakker van, en dus heeft Bart het gewoon overgenomen en is hij beginnen vergelijken.

Uiteindelijk is hij uitgekomen bij een Skoda full electric. Ik heb het even gegoogled, want ik wist begot zelfs niet hoe het ding eruit ziet en hij heet blijkbaar de Enyaq.

Het zou ook een zwarte zijn en verder voldoen aan mijn vereisten. Ik zal het wel zien, zeker? Hij is in elk geval al besteld.

Multifocaal

Deze morgen kreeg ik een berichtje: mijn nieuwe bril was klaar! Euh, da’s wel echt snel, donderdagnamiddag pas besteld, maar bon, je hoort me niet klagen!

Ik dus een afspraak gemaakt en die bril gaan halen. Ik geef toe: ik was er niet helemaal gerust in. Ik ben ongelofelijk snel ongemakkelijk op alles wat beweegt, en ik herinner me vooral dat Bart drie maanden draaierig heeft gelopen toen hij overschakelde naar een multifocale bril.

Maar ik zette het ding op, en dat was dat. Héél eventjes een raar gevoel, toen ik mijn hoofd snel van de ene kant naar de andere kant zwiepte, maar verder? Nada niks noppes!

Ik vermoed dat het te maken heeft met het feit dat ik echt wel een zware bril heb en dat ik ’s nachts bijvoorbeeld rondloop zonder bril. Ik lig ook altijd te lezen in mijn bed zonder bril, mijn ogen zijn wat aanpassing dus wel gewend. Maar ik ben dus zeer blij met dat ding: ik kan probleemloos zitten breien bij het tv-kijken, ik switch zonder na te denken van het ene naar het andere… Alleen als ik languit in de zetel lig om tv te kijken, zoals ik meestal doe om mijn rug rust te gunnen, moet ik mijn oude bril toch weer aandoen: anders kijk ik door het leesbrilgedeelte en zie ik toch weer niks. Maar verder is het een zalig ding. Kortom, ik ben een tevreden mens.

Mag ook wel voor die prijs, toch?

Nieuwe bril

Hmpf.

Gisterenavond zat ik rustig te lezen, toen ik plots – onbewust had ik mijn bril wat rechter gezet – het rechteroor van mijn bril in mijn handen had. Hmm?

Blijkbaar was het veertjesmechanisme gesneuveld. Even gegoogled, en de brillenwinkel ging vandaag open om 9.30 uur. Aangezien ik pas om 10.10 uur op school moest zijn, stond ik daar dus om iets over half tien.

De opticien van dienst keek even, keek toen redelijk bedenkelijk, zocht wat op op zijn computer, en verklaarde toen dat mijn bril nog van 2015 was, dat dat model niet meer gemaakt wordt, maar dat hij heel misschien wel nog dat stukje kon bestellen en dat me dat dan 82.5 euro ging kosten. Say whut?

Euhm… Het was op zich een model geweest van meer dan 400 euro maar ik had er destijds in de solden maar 80 euro meer voor betaald. En nu ging dat onnozele veertje me er meer kosten? Hmpf. Het ambetante is dat ik geen echte reservebril heb, alleen een zonnebril op sterkte.

Soit, hij ging informeren of het nog te krijgen was, deed intussen een onnozel lakske aan mijn oor – dat was los binnen het kwartier – en ik vroeg dan maar of er al nieuwe, meer vierkante brillen waren binnengekomen. Ha ja, ik was in juli komen kijken voor een nieuwe bril, een multifocale, maar toen waren er echt alleen maar ronde brillen binnen, waar ik totaal, maar dan ook totaal niet mee sta. Ik heb er toen een paar geprobeerd en Merel kreeg bijna de lachstuipen: ofwel leek ik wel meneer de Uil, ofwel was ik een echte bomma.

Helaas, in de herfst kreeg ik een mailtje van de andere opticien die er werkt, dat hij misschien wel nog een modelletje of twee had in de nieuwe collectie, maar dat het verder ook echt allemaal ronde modellen waren. Van service gesproken!

Bon, ik had nog heel even en hun afspraak van tien uur was er nog niet, dus ik haalde die tweede erbij, die me destijds zo goed had geholpen en die dus wist wat ik wel en niet wilde, en hij haalde prompt een paar modellen voor mij uit de rekken. De mode is nog steeds redelijk rond, maar er zat gelukkig al hier en daar een uitzondering tussen.

Ik heb ze gefotografeerd, gewoon omdat ik mezelf niet in de spiegel kan zien als ik mijn bril niet op heb. Handig, hoor… En ja, het zijn de vreselijkste foto’s, maar bon.

Ik stuurde ze naar de jongens en alledrie hadden ze een andere mening. De eerste vond blijkbaar niemand goed, al vond ik die zelf wel behoorlijk speciaal. Mijn voorkeur ging uit naar nr. 3, en dat bevestigden ook twee collega’s op school. Toen ik Merel de foto’s liet zien, koos zij ook meteen nr. 3.

Ik had een afspraak om kwart over vier in de brillenwinkel en Merel vergezelde me om mee te helpen kiezen. En jawel, het is de 3 geworden. Ik twijfelde nog met de zwarte nr. 4, maar daarop zei de brillenman zelf: “Nee, die is te braaf voor u. Ik zou er niet gelukkig mee zijn mocht ge die kiezen, want ge gaat daar zelf ook niet gelukkig mee zijn.” ’t Is nog ne vrij jonge gast, maar hij kent zijn vak.

Alleen… toen kwam de prijs. De montuur is 362 euro. Niet goedkoop, maar zeker ook niet de duurste. En toen kwamen, helaas, de glazen. Met mijn zware dioptrie, astigmatisme, ontspiegeld, en vooral bifocaal komt me dat op 480 euro per glas.

Per. Glas.

Ja, ik had voor goedkopere kunnen gaan, maar dat scheelde niet zo heel erg veel en blijkbaar is het comfort toch wel merkbaar hoger. En voor mij is het iets dat ik elk wakend uur van de dag op mijn snoet heb, zonder hetwelke ik zo blind ben als een mol, en waar ik dus niet wou op beknibbelen.

Maar toch. Meer dan 1200 euro voor een bril, het is er niet naast. Bon ja, ik weet weer waarvoor ik werk, zeker?

En toen zat hij zo eventjes naar mijn huidige bril met het dooie oor te staren. Plots zegt hij: “Hebt ge efkes? Ik heb een ideetje, ik ga iets proberen.” En weg was hij. Ik hoorde gezoem, geklop, gedoe, en een tiental minuten – of zo leek het toch – later kwam hij terug, met een gerepareerde bril! Ha ja, was de uitleg, hij had nog een oude bril van hetzelfde merk liggen, eentje voor onderdelen, en ook al was dat een licht ander veermechanisme, hij wou toch proberen of het erin paste. Het kostte hem wat geboor en geslijp en gepruts, maar yup, het oor hangt eraan. Het plooit wel niet helemaal meer dicht, maar dat is het minste. “Voilà!” zei hij triomfantelijk, “ik heb u net 82 euro uitgespaard!”

Daarop zei Merel: “Ha, heb je dan die nieuwe bril nog nodig, mama?” Jawel, dat bifocale begint echt, maar echt nodig te worden.

Er zijn kosten aan, aan dat lijf van mij, maar dat wist ik al lang.

(A propos: voor die service moet u hier in Wondelgem zijn, bij Brilpunt. Echt.)

Playmobil

Playmobil en dergelijke, het is nooit echt mijn ding geweest. Tot nu: ze hebben een reeks uitgebracht van de Olympische goden en een aantal mythologische figuren. Ik zag dat en ik dacht: “Perfect voor in de klas!”

We hadden nog vakgroepbudget over en ik ging op zoek naar een kastje. Een lieve collega van godsdienst vond er eentje in de Kringwinkel in Zele, en ik bestelde een paar weken geleden een hele set: 12 goden, Hercules met een aantal van zijn werken, Odysseus en de cycloop, Achilles en Patroclos in hun strijdwagen, en ook nog Daedalos en Ikaros. Zalig gewoon!

Enfin, ik heb ze vandaag voor een deeltje uitgepakt en in het kastje gezet, en ik merk nu al dat dat te klein zal zijn, maar het is wel de max! Kijk maar…

Elke god is voorzien van zijn/haar eigen attributen en een voetstuk met in het Oudgrieks hun naam, en Daedalos en Ikaros komen met een set vleugels, een keteltje op een vuurtje, en kaarsen om te smelten en veren. Ideaal bij de gelezen tekst dus.

De rest moet ik nog uitpakken, maar ik hou u op de hoogte.

Dr. Martens

– “Zeg mamaaaaa?”

– “Ja, Merel?”

– “Zou ik soms van die Dr. Martensschoenen mogen hebben? Ik weet het, ze zijn verschrikkelijk duur, ze kosten 200 euro, maar ik zou ze dan vragen voor mijn verjaardag en de helft bijleggen van mijn spaarpot. Want Julie heeft er zo en Janne ook en Lieze gaat er ook zo krijgen.”

– “Euh…. Liefje, je moet sowieso schoenen hebben, dus 100 euro moet kunnen, maar schoenen van 200 euro waar je na maximaal één seizoen bent uitgegroeid? Nee, dat zie ik niet zitten, muizie. Denk maar aan je scoutsschoenen: we hebben die in juni gekocht, je hebt die vrijwel enkel op kamp gedragen en nu zijn die bijna te klein…”

Een dikke pruillip was mijn deel, maar ze begreep het wel. Alleen ken ik de ouders van Lieze en Janne, en ik ben vrij zeker dat ook Els geen 200 euro gaat uitgeven aan een paar schoenen, hoezeer ze ook in de mode zijn. Ik heb dus even online gezocht en vastgesteld dat de Dr. Martens voor volwassenen effectief 190 euro kosten, maar dat die voor kinderen “maar” 90 euro zijn. Maar bon, een paar laarzen voor Merel kost ook zoveel, helaas. En nog een chance dat ze nog maat 36 heeft, want vanaf 37 zit je bij de volwassenen…

Toen ze thuis kwam van school, zei ik dus dat we wel even tot aan een schoenenwinkel gingen rijden, en ik geloof dat ze me drie keer omhelsd heeft en vier dansjes heeft gedaan. Soit, om vijf uur in de namiddag was ze een paar donkerdonkerblauwe Dr. Martens rijker, een paar Reeboks om mee naar de dansles te gaan en een nieuwe jegging, iets waar ze al eventjes naar op zoek was.

Ze glunderde.

Oh, en wie al eens naar ’t Fabriekske gaat: loop eens tot het einde van de straat? Daar vind je een prachtig uitzicht!