Smile Safari en shoppen

Bart had een voorstel: Lieze kwam slapen, hadden de meisjes dan geen zin om naar Wijnegem Shopping Center te gaan, naar Smile Safari? Die zeiden geen nee. En toen bleek dat Bart eigenlijk om half drie in Antwerpen zelf moest zijn. Hij heeft ons dan eerst afgedropt, zodat de meisjes konden shoppen, en om vijf uur moesten we dan aan de Smile Safari zijn.

De dames hebben zich blijkbaar geamuseerd. Eerst ben ik met hen in enkele winkels gedoken omdat Merel een nieuwe zwarte broek moest hebben, en die vonden we vrij snel in de Berschka. En toen ben ik maar een koffie gaan drinken, met mijn boek erbij, terwijl zij samen de winkels afschuimden. Behalve een paar ringetjes en een diadeem hebben ze niks gekocht, maar dat kon de pret niet drukken.

Zelf ben ik een bloesje tegengekomen, en een compleet over the top winterjas, in groene nepbont. Heerlijk ding, voor 35 euro. Of ik hem ga durven dragen is een ander paar mouwen, maar dat zien we dan wel weer.

En die Smile Safari? Dat is instagrampret ten top. Stapels foto’s genomen, ik geef er hier enkele van de best gelukte weer, maar dat zijn ze lang niet allemaal.

En toen gingen we eten in de McDonalds die daar ook is, en reden we op ’t gemakje terug naar huis.

Ik dacht dat die twee doodmoe gingen zijn, maar The Masked Singer, dat bleek nog geen probleem te zijn. Vakantie, zeker?

Koffietje bij Gwen

Toen we onlangs gingen eten, had Gwen gezegd dat Leander vorig jaar naar Lissabon was geweest en dat ze nog gidsjes had liggen. Een ideaal voorwendsel, me dunkt, om vandaag bij haar koffie te komen drinken en die gidsjes op te halen.

Met de fiets lukte het niet, ondanks het zalige weer, wegens momenteel dooie fiets, maar bon, de auto dan maar, zeker? Ik ging eerst nog langs de Hopper langs om een nieuw scoutshemd met alle bijhorende tekens en een gamel en zo voor Kobes eerste Jamboreeweekend, en kwam dan met een appeltaartje aanzetten bij Gwen.

Die was verbaasd te horen dat het weer goed genoeg was om buiten te zitten, maar ze moest me gelijk geven: daar op haar terras in de zon uit de wind was het heerlijk.

Er werd gekletst, zoals dat hoort en zoals dat gebruikelijk en wenselijk is.

En toen ik terug naar huis reed, was dat met een fijn, voldaan vakantiegevoel. Yup.

John Wick

Hier ten huize zijn we behoorlijk fan van Keanu Reeves, en dat is zelfs een mild understatement. De nieuwe John Wick zijn we dan ook gewoon met zijn allen in de cinema gaan bekijken. De plot is niet bepaald ingewikkeld te noemen: “John Wick, excommunicado en nog steeds op de vlucht, ontdekt een manier om de High Table te verslaan. Om zijn vrijheid terug te krijgen, moet hij het opnemen tegen de Marquis de Gramont: een geduchte nieuwe vijand die overal ter wereld machtige allianties heeft gesmeed en Johns oude vrienden in tegenstanders verandert.” (Bron: Cinenews). Je moet dus ook de vorige gezien hebben, maar eigenlijk stoort dat niet. Het draait per slot van rekening om de prachtige, immens gewelddadige vechtscènes en de briljante beeldvoering. Het is zelfs geteld: Reeves zegt amper 360 woorden in de film.

En toch, toch heb ik genoten van de film, en de rest van het gezin ook, heb ik de indruk. Een fijne manier om de vakantie in te zetten.

Lectuur: “L’Élixir d’Oubli (Le Paris des Merveilles #2)” van Pierre Pevel

In het eerste boek van de reeks zette Pevel de krijtlijnen uit van dit verhaal en deze wereld, in dit tweede boek gaat hij op datzelfde elan verder, maar gaat hij tegelijk ook de back story verder aandikken.

Hij had al aangegeven dat magische wezens en magiërs vaak behoorlijk oud  kunnen worden, net door die magie. In dit verhaal krijgt Griffont te maken met een bijzonder gevaarlijke magiër, Giacomo Nero, die hij eigenlijk al veel eerder is tegengekomen. En dan krijg je eigenlijk de twee verhaallijnen die door elkaar lopen maar tegelijk elkaar perfect aanvullen: de problemen die Griffont nu – het is te zeggen, in 1900 – heeft, en de problemen die ontstaan zijn in 1800 met die specifieke magiër. Het is mooi hoe Pevel er in slaagt beide verhaallijnen spannend te houden en in elkaar te doen overlopen, terwijl daar dan ook nog een romantisch kantje aan toegevoegd wordt.

De humor blijft aanwezig, is soms tongue in cheek, en het blijft ook nog steeds een detectiveverhaal, zij het dan in een ongewone setting.

Ik ben fan, ja.

Huiskamerkuren: Rick De Leeuw en Jan Hautekiet

De vorige Huiskamerkuren was ons zo goed bevallen, dat ik me meteen had ingeschreven op de mailinglijst. Toen dan plots – gelukkig op een moment dat ik voor mijn computer zat – een mail binnenkwam met een uitnodiging voor Rick De Leeuw en Jan Hautekiet, schreef ik ons prompt in. We hebben er hoegenaamd geen spijt van gehad.

Beide boomlange heren hadden er duidelijk zin in. Hautekiet zegt niet veel, toch niet in woorden, wel in pianospel. De Leeuw zegt des te meer: je kon het eigenlijk niet gewoon een concert noemen, minstens evenveel tijd werd gespendeerd aan de “kaders”, zoals ze het zelf noemen, de omkadering van een bepaald lied. De Leeuw is dan ook een geboren verteller die zijn publiek tot in de puntjes kan boeien, en de nummers smaken dan ook des te meer als je weet welk verhaal er achter zit.

Neem nu “Kampioenen”: het is het verhaal van een renner die de Ronde van Vlaanderen rijdt, zoals De Leeuw zelf ettelijke keren als amateur heeft gedaan. Afzien, en daar toch zo ongelofelijk van genieten…

En dit is dan weer een andere versie van André Van Duyn zijn carnavalsstamper, waarbij De Leeuw begon over miskende poëten en misbegrepen tekstuele pareltjes. Ik had op zijn minst een gedicht van Lucebert of Van Ostaijen verwacht, maar dit was eigenlijk even fijn…  De kleine maniërismen van de zanger neem je er dan graag  bij.

Jan Hautekiet viel ondertussen zijn instrument aan met zo veel passie en zo veel overgave dat we zowaar medelijden kregen met de arme piano: hij werd nog net niet door het kleine podium geramd.

En toen waren er natuurlijk ook nog de twee immense hits van de Tröckener Kecks, “Met hart en ziel” en “Nu of nooit”. Ook hier kreeg De Leeuw zijn publiek volledig mee, tot iedereen rechtstond en mee zong alsof zijn leven ervan af hing.

Een ongelofelijk onderhoudende avond met twee rasartiesten die elkaar duidelijk gevonden hebben, en dit komt dan ook ten volle tot zijn recht in deze kleine omgeving, veel meer dan in een grote zaal.

Topentertainment.

Lectuur: “Les Enchantements d’Ambremer (Le Paris des Merveilles #1)” van Pierre Pevel

De andere Franstalige fantasyreeks die Pascal voorstelde, was Le Paris des Merveilles van Pierre Pevel, en ik moet toegeven: deze beviel me enorm!

Het is veel meer een steampunk-sfeertje: we zitten in Parijs rond 1900, compleet met bolhoeden, enkellaarsjes, korsetten, zowel koetsen als de eerste automobielen, maar ook met een fantasiewereld, l’Outremonde. Onze wereld en de wereld van tovenaars, feeën, eenhoorns en andere fantasiewezens kruist normaal gezien onze wereld amper, maar in deze reeks liggen ze naast elkaar en kan je van de ene wereld naar de andere. De Eiffeltoren staat er wel, maar is gebouwd in een magisch blank hout en geeft ’s nachts licht. Ik zeg maar.

Het hoofdpersonage is Griffont, een magiër van een van de vier magische Cirkels, die samen met zijn geliefde Isabel een aantal moorden en bijhorende mysteries probeert op te lossen, aangevallen wordt door gargouilles, een machtige magiër en wel wat meer van dat.

De sfeer is misschien steampunk, maar tegelijk deed het me enorm denken aan Arsène Lupin, Sherlock Holmes en de betere detective: behoorlijk humoristisch, inventief, onvoorspelbaar en met een sneltreinvaart. Jammer dat het Frans behoorlijk moeilijk is, of dit was een keiharde aanrader voor onze laatstejaars.