Dagje Ronse

Bart en ik moesten om 11.00 uur in Ronse zijn voor de akte van ons nieuwe appartement. Daarna moest Bart nog naar Zaventem, zodat we met twee auto’s gereden zijn en ik daarna rustig in Ronse kon blijven. Ha ja, want een vijftal huizen voorbij de notaris woont Véronique, en er waren nog niet-gevonden caches hier in Ronse.

Bart en ik gingen eerst nog iets eten, niks speciaals maar altijd goed.

En toen trotseerden we de warmte en vonden we – eindelijk, bij een vierde poging – de cache aan de MUST (het textielmuseum) en enkele in de buurt van het station.

Intussen was er een telefoontje gekomen van het ziekenhuis dat ons pa nog te duizelig en te onvast op zijn benen was om vandaag al naar huis te gaan, waardoor mijn namiddag plots open kwam. En meteen gingen we samen op stap langs het Mijnwerkerspad, gewapend met een grote zak en een snoeischaar, om vlierbloesem te gaan plukken. Daar komt geen gemotoriseerd vervoer, dat zit dus wel snor.

We hadden een stevige zak bloesem en een fijne wandeling. En ook wel dorst, dat ook.

Tegen zes uur stond ik bij ons pa in het ziekenhuis en ik zag dat het goed was dat hij nog even kon blijven: hij stelt het goed, ziet er goed uit, maar was opgelucht dat hij nog niet naar huis moest: hij valt bij momenten gewoon omver, hadden de twee ergotherapeuten in de voormiddag vastgesteld.

Wordt vervolgd.

Quizje

Vandaag was het een beetje een spreidstand op school: om half negen begonnen mijn vijfdes aan hun niet-behandelde tekst en moest ik dus even toezicht doen in de grote zaal en eventuele vragen beantwoorden.

Om 9.20 uur had ik echter les tot 11.00 uur met mijn tweedes. Nu, dat is hun laatste les Latijn, hun laatste volledige lesdag, en mijn collega Sam en ik zagen het niet zitten om nog echt nieuwe les te geven, aangezien ze toch geen examen hebben.

In de plaats daarvan hadden we een quiz voorzien voor al onze leerlingen samen, over de leerstof van het hele jaar, zowel cultuur als grammatica. Ze kregen vier ronden van elk 8 vragen voorgeschoteld op papier, 3 kahootronden – waaronder eentje volledig aan Grieks gewijd – waarbij niet de tijd telde, maar enkel de goede antwoorden, en dan nog een tafelronde met rebusachtige dingen. Ik moet het toegeven: ze gingen er echt volledig voor! Ikzelf speelde quizmaster, terwijl Sam de oncontesteerbare jury was.

De winnaars waren overigens niet het gedoodverfde groepje jongens, maar wel een groepje meisjes dat het haalde met één punt verschil. Goed gedaan, dames!

Oh, en om 11.00 uur moest ik het opruimen aan Sam laten, want dan moest ik zelf nog mondeling examen gaan afnemen van enkele vijfdes. De bedoeling was eerst geweest dat dit zou aansluiten op de versio, maar de roostermakers waren uit het oog verloren dat ik ook nog zo’n klein beetje moest lesgeven. Tsja.

Maar de examens waren goed, de quiz was goed, en ik was content. Meer moet dat niet zijn.

Vaderdagcadeautje

Bij Arwen thuis hebben ze sinds enige tijd een klein pizza-oventje, en Wolf was daar razend enthousiast over. De foto’s die hij doorstuurde, spraken ook boekdelen.

Laat het nu net vaderdag zijn, en laat Bart nu de laatste weken in de pizza’s gevlogen zijn… De som was snel gemaakt en dus stonden er hier drie pakketten te blinken: eentje met het oventje zelf, eentje met twee specifiek daarvoor bedoelde houten plankjes, en een met de stalen pizzaschep. Ha ja, want dat is niet inbegrepen in het oventje.

Bart had gelukkig de bui al voelen hangen en had de nodige ingrediënten meegebracht, zodat hij ’s middags al deeg stond te kneden en ’s avonds uitgebreid stond uit te rollen.

Wolf ontfermde zich over het oventje: het bereikte fluks de 500° en dus werd de eerste pizza erin geschoven. Euh… Het deeg is blijkbaar bij Arwen veel dikker, waardoor de pizza’s daar zo’n achttal minuten moeten bakken. Hier keek Wolf na amper een minuut, en toen was mijn pizza al verbrand. Niks ergs, ik kon gewoon de kantjes eraf halen. En daarna ging het beter en beter.

En de smaak? Niet te vergelijken, exponentieel beter dan een diepvriespizza of zelfs eentje gebakken in een gewone oven.

Ik voel nog veel pizza’s aankomen…

 

Cardigan voor Merel

Het garen voor Merels cardigan – ofte gilet, zoals de normale mensen die geen fan van Taylor Swift zijn, zeggen – was een moeilijke zaak, maar dankzij Jytte hadden we die extra bol toch nog. Zelfs dat was nipt: ik had destijds een kattenmutsje met dat garen gebreid, en dat heb ik moeten uittrekken om nog genoeg te hebben.

Maar het resultaat mag er zijn, en mijn dochter is er wreed content mee. Ruim, zoals de bedoeling was, maar toch niet echt te groot. Ze is fan.

 

Spreekbeurt

Jawel, ik ben helemaal trots op mijn dochter! Ze moet voor spreekexamen Nederlands een persoon bespreken, en zij kiest niet voor een acteur of zanger of zo. Nee, zij bespreekt Ada Lovelace.

Booyah!
Voor wie Ada Lovelace niet kent: de dochter van Lord Byron is bekend om haar beschrijving van de “analytische machine“, de vroege mechanische computer voor algemeen gebruik van Charles Babbage. Ze wordt door sommigen gezien als de ontwerpster van het eerste computerprogramma, omdat ze “programma’s” schreef om symbolen volgens vaste regels te manipuleren met een machine die Babbage op dat moment nog moest maken. Oh, en op dat moment was ze 17 jaar.
(BTW, vorig jaar besprak ze eerst Bill Gates en daarna Steve Jobs. En ook wel Taylor Swift, toen het over haar idool moest gaan. Dat ook, ja.)

Omen XIII: Katrinaburg, deel twee

Na de hilarische repetities kon ik als diva niet zo veel meer doen en liep ik maar wat rond. Het viel me wel op dat ik geen enkele keer tot bij de tenten ben geraakt, toch het grootste deel van het terrein.

Op een bepaald moment – het zal al rond twee uur ’s nachts geweest zijn – ging ik me even aanmelden in het spelkot, omdat het welletjes was geweest, vond ik. En toen bleven we nog even wachten, want als het aan de spelers lag, zat de kans er wel in dat ze nog ’s nachts een scéance gingen doen om tot bij de Korda te geraken. En jawel…

Rond half drie ’s nachts gingen we opnieuw in Kordamodus, stonden we gevechtsklaar en werden we op de valreep gered van de big baddie. Alleen vertrouwden de spelers ons voor geen half haar – ik zou dat ook niet gedaan hebben – en zijn ze ons in elkaar beginnen timmeren. Allez, toch een poging, want ik denk dat wij op papier toch de drie zwaarste vechters waren, en IRL de andere twee toch vrijwel ook in het echt. Enfin, na een behoorlijk lang, bijzonder spannend moment waarbij ik echt dat dat we eraan gingen, werden de vijandelijkheden gestaakt en bleken we het overleefd te hebben.

En dan sta je daar, om half vijf ’s morgens, vol adrenaline, als oud kapot wijf. Het heeft even geduurd voor ik kon slapen, en ik ga dit zo hard bekopen, dat weet ik nu al. Maar wat een gevecht! Wat een intensiteit! Wat een heerlijke scène!

De volgende ochtend deed pijn, ja. Maar ik stond alweer vrolijk de diva uit te hangen, en uiteindelijk kwam er toch de voorstelling. Ik geef het eerlijk toe: tijdens de supersnelle laatste blabla-repetitie – er was iemand vervangen, de Bhanda Khor hebben een stamlid verloren en ze zag het niet meer zitten om mee te spelen – heb ik in mijn broek gedaan van het lachen. En de voorstelling zelf, die was ook best wel te pruimen, het publiek lag in elk geval plat. Ik heb me ongelofelijk geamuseerd, en dat is ook wel te zien aan de schitterende foto’s van Sara Brys.

Dik in orde, heerlijk ontspannende en tegelijk spannende Omen, ik ben mentaal eventjes weer helemaal opgeladen.

Omen XIII: Katrinaburg

Toen ik mijn briefing kreeg, ben ik gewoon luidop in de lach geschoten. Zoals altijd sloeg scenarist Bard de nagel op de kop: ik moet een toneeldiva op haar retour spelen! Met uitzinnige eisen en verwachtingen en vooral een immens ego, en ik hoefde me niet in te houden. Met andere woorden: gewoon puur plezier, geen politieke of andere bijbedoelingen, gewoon een toneelstuk spelen met mijn toneelgroepje en enkele gerekruteerde spelers.

Het begon nochtans met enkele dramatische scènes met Olga, het hoofd van de Korda clan. We stonden er met de drie hoogste Korda, ik proclameerde dat er zware problemen waren en duidde een aantal spelers aan dat moest meekomen voor een beraadslaging. Wat me opviel, was dat geen enkele, maar dan ook geen enkele speler blijkbaar een enkel moment twijfelde of ze wel mee zouden gaan: allen stapten zonder meer naar voor en kwamen mee.

Sara Brys heeft er trouwens een paar fijne foto’s van, al zie je Olga niet echt duidelijk. Maar een heerlijk intense scène, dat wel.

En toen, redelijk laat door een misverstand, switchte ik naar de toneeldiva. Mijn toneelmeester was al bezig met audities onder de spelers en ik ging vrolijk meedoen. Trànen gelachen! Serieus zeg, sommige mensen smijten zich echt volledig.

We konden zowaar zelfs een Bhanda Khor rekruteren! Ik kijk echt al uit naar de voorstelling zelf!

Soit, in de loop van de volgende dag probeerden we een repetitie op poten te zetten, maar daar kwam eerst een triatlon en daarna een gladiatorenduel roet in het eten gooien. Tsja, dan zijn we als toneelgroep maar uitdrukkelijk aanwezig geweest tijdens de festiviteiten, onder een paviljoentje dat we heel snel hadden ingepikt…

En toen kwamen de repetities. Echt, het is lang geleden dat ik nog zo gigantisch hard en veel heb moeten lachen, een paar slappe lachs inbegrepen. Het toneelstuk was dan ook behoorlijk kolderesk: een bizarre vorm van de Midzomernachtdroom van Shakespeare. Het vreemde was, dat het vooral een boom was die de show stal. Om een of andere reden zat er een boom in het stuk verwerkt die af en toe moest bewegen, maar Laurens heeft me doen huilen van het lachen.
Nee, echt, ik heb na de repetitie een stevige Dafalgan moeten nemen omdat ik zware koppijn had van de combinatie van te weinig slaap, te weinig vocht, te veel zon en vooral te veel lachen.

Zelden op een larp zo veel ongecompliceerde leute gehad, zeker met een idioot toneelstuk. Het was exáct wat ik nodig had. Maar de opvoering zal dus niet voor vanavond zijn, wel voor morgenvoormiddag.

De rest is overigens voor morgen.