En toen zat Bart in Amsterdam

Op zich is het niet zo vreemd dat Bart niet thuis is: hij is al richting Singapore gegaan, IJsland, Dubai… Maar dat was telkens een reis door een andere organisatie, zoals VOKA of zoiets.

Deze keer heeft hij het zelf georganiseerd, met alle stress vandien. Hij heeft gelukkig een prima reisbureau gevonden dat alleen maar dit soort zakenreizen op poten zet, en in de paasvakantie waren we zelf al eens gaan scouten wat er nu interessant zou zijn en wat niet. Maar het blijft een feit dat je met alle mogelijke mensen moet samenwerken – het programma zat eivol, van het ene communicatiebureau naar het andere – en dat er allerlei onvoorziene dingen kunnen gebeuren natuurlijk.

Ja, het loopt eigenlijk wel goed met IKAG (I know a guy, and often it’s a girl) zijn nieuwe bedrijf. Hij zet evenementen op poten, maar legt vooral de juiste link tussen bedrijven en bureau’s. Zijn dagen zijn stevig gevuld en hij is doodmoe als hij thuis komt, maar zijn ogen blinken.

En dus zit hij nu met een aantal ondernemers in Amsterdam, en ik zie de foto’s passeren in zijn Instagram maar vooral ook op onze gedeelde Google Foto’s, en ik weet: dit is wat hij wil doen, dit is wat hij graag doet, dit is waar hij goed in is. En ik ben trots op mijn lief.

The Masks of Nyarlatothep: ongoing story

Begin 2023 was ik, tot mijn grote vreugde, opnieuw gestart met een Call of Cthulhu campagne, The Masks of Nyarlatothep. Mijn groepje was een bende wijze mannen, na verloop van tijd kwam er nog een jonge gast bij. Nu, The Masks is sowieso een grote campagne en we spelen maar om de veertien dagen, maar als we eerlijk zijn, gaat het niet bijzonder vlot vooruit. Daarvoor discussiëren we te veel, amuseren we ons te veel, durven we er al eens een klapke tussendoor placeren, dat soort dingen.

Is dat erg? Bijlange niet, want het is zeer gemoedelijk, we spelen ons eigen tempo en elke keer weer, hoe moe ik ook ben, geniet ik ten volle. Onze DM gaat er ook voluit voor: in al die jaren dat hij meestert, heeft hij bijzonder veel materiaal verzameld, en hij bouwt dan ook, wanneer nodig, prachtige scènes op. Neem nu de onderaardse ’tempel’ onder de piramide van Mykerinos: hij heeft zich er volledig in gesmeten, compleet met rare beeldjes en al.

Zalig, toch?

Aether: een klein bommetje!

Ik sliep naar gewoonte te weinig wegens te laat in bed, maar tegen tien uur liep ik het hoofdterrein, zijnde de binnenkoer van het kasteel, op. Daar stonden enkele heren die terstond op mij af snelden en – met zichtbaar genoegen – me wisten te melden dat de wereld in brand stond. Mijn gezicht was, naar ’t schijnt, goud waard.

Bleek die nacht Europa links en rechts aangevallen te zijn, waardoor de winnaar van de verkiezingen prompt een noodregering samenstelde en ondergetekende minister van Justitie werd. Revolutie: vrouwen voor het eerst op de lijsten, maar vooral: een vrouw in de regering! Gelukkig was er niet veel tijd meer om te debatteren, maar ik verwacht vanuit de spelers én vanuit de wereld ook wel een hoop tegenkanting.

Al bij al heb ik de doelen van mijn personage wel kunnen bereiken. Ik ben nu vooral bijzonder benieuwd wat de scenaristen daar nu mee gaan doen, en of ik dit personage nog verder ga spelen. Ik heb me in elk geval zeer geamuseerd met dit rolletje. Dik in orde!

Aether: verkiezingen!

Man, wat heb ik me vandaag al geamuseerd zeg!

Net zoals de vorige jaren ben ik figurant op Aether, de steampunklarp die zich afspeelt in de salons en de Ierse pubs van een alternatief 1925, waar de technologie hoogtij viert, maar we wel nog op het einde van het Victoriaanse zitten.

Er waren verkiezingen, en jawel, er moest campagne gevoerd worden. De verschillende politieke partijen zijn al een tijdje in opmars, mede door spelers. Zelf kreeg ik de rol van barones Gerhilde Van Valkensteen die op de lijst staat van de Conservatieve Christelijke Partij, op zich al een behoorlijke prestatie. Vrouwen hebben namelijk nog steeds geen stemrecht, het algemene stemrecht is er net doorgedrukt, mede door mijn toedoen. Arbeiders hebben één stem, adel nog steeds 50, werkgevers ook 50 en zo. Oneerlijk maar wel al beter dan daarvoor, toch? En ja, ik ben dan ook nog eens ondervoorzitter van mijn partij, wat ook redelijk ongezien is, zeker voor de conservatieven. Maar ook zij moeten mee met hun tijd, wat ervoor zorgde dat er een nieuwe partij ontstond, de Partij van Daadkracht en Actie (Partij van de Adel) die nog conservatiever is.

Soit, één en ander leidde op vrijdagavond tot een heerlijk, uitgebreid diner onder een grote tent op het gras, wat voor een fantastische sfeer zorgde. De rest van de avond werden politieke gesprekken…

En de zaterdag? Praten praten praten, campagne voeren, en in de namiddag een heus stembureau. Compleet met voorzitter, bijzitter, opvragen van paspoorten, controleren op de kieslijsten, the whole shebang. En daarna het telbureau en het bange afwachten in de gang. En bij spelleiding gaan met de officiële uitslag van ons ene stembureautje en kijken wat we ermee aanvangen.

’s Avonds was er dan vooral de coalitievorming, de formatie, het gedoe, en dus meer gesprekken. Een stuk persoonlijk plot, dat ook.

Maar ik heb me vooral al enorm geamuseerd, yup.

Met de fiets naar de kine

Jawel, het lukt me opnieuw om met de fiets te gaan richting Evergem. Ik geef toe, die vier kilometer zijn, zeker met een elektrische fiets, eigenlijk niks.

Maar als het regent, zie ik dat echt niet zitten, wanneer er gewoon een auto voor de deur staat en ik die maar moet nemen. Maar meestal zijn er gewoon praktische bezwaren: de kinderen kwamen maar thuis van school tegen kwart voor één, en dan moesten we nog eten en moest ik me vaak nog te veel haasten om er op een redelijk uur te zijn.

Maar vandaag scheen de zon, was het dus stralend weer, zat Kobe op de scouts en zat Merel al op schooltoneel, had ikzelf geen les en dus hoefde ik nu niet te koken of me te haasten, maar konden Wolf en ik gewoon boterhammen eten in alle rust. En kon ik dus vrolijk naar Evergem naar mijn wekelijkse kine bij nichtje Barbara fietsen. Ja, ik ga al zes jaar wekelijks naar de kine en zal dat wellicht de rest van mijn leven blijven doen: mijn rug heeft daar echt baat bij.

Ik zat nog net niet zingend op de fiets en stopte nog even bij een vreemdsoortig beeldje in Evergem: schoonheid zit in kleine dingen.

Lectuur: “Lightbringer” (Red Rising #6) van Pierce Brown

In 2020 had ik met ongelofelijk veel goesting boek vier en vijf van de Red Rising reeks van Pierce Brown gelezen: van de beste science fiction die ik al gelezen heb, maar aan de andere kant ook geen echte science fiction, vind ik. Ja, het speelt zich af in de toekomst, en het is met ruimteschepen en een oorlog tussen aarde, Mars, Luna, met daarnaast ook de manen van Jupiter en zelfs The Belt en The Outer Rim, en toch… Het gaat om het menselijke, om de strategie, om de relaties onderling, en het had evengoed hier op aarde kunnen zijn: dezelfde basisplot, andere omstandigheden.

Zoals ik eerder al schreef: het begin is een kruising tussen The Hunger Games en Divergent, overgoten met een stevige Romeinse saus, jawel. Maar intussen zijn de personages volwassen, hebben ze zelf al vrij volwassen kinderen en liggen de verhoudingen anders. Maar de kern is nog steeds dezelfde: de mensheid is opgedeeld in verschillende klassen naargelang de kleur waarmee ze geboren worden – ja, blijkbaar een genetische wijziging – en de roden – de pure zware arbeiders – zijn in opstand gekomen tegen de gouden, de heersende, aristocratische, despotische klasse.

Bij boek zes is de plot uiteraard ver gevorderd, maar er is nog steeds Darrow als basispersonage die probeert te redden wat er te redden valt en hulp zoekt waar die – hopelijk – te krijgen valt. Interessant is dat de POV voortdurend wisselt, zodat je ook de gedachtegang van zijn grootste tegenstander in dit boek, Lysander au Lune, kan volgen. Gelukkig staat die POV telkens in het groot vermeld bij het begin van elk hoofdstuk, of je zou wel eens in verwarring kunnen zijn over wie aan het spreken is: allemaal hebben ze twijfels, maken ze fouten, zitten ze vol schuldgevoel. De personages zijn nooit zwart-wit en als lezer is het soms moeilijk om kant te kiezen: ook de “held” heeft zijn onsympathieke kantjes.

Na vier jaar was het wel wat moeilijk om de draad weer op te pikken: er zijn massa’s personages en ook het verhaal is behoorlijk ingewikkeld, maar man, wat heb ik weer genoten van dit boek!

Als je me vraagt je een science fiction reeks aan te raden, dan twijfel ik eigenlijk niet eens. Dit. Steengoed.

Vakanties

Nee, niet die van ons, die heb ik al uitgebreid besproken, maar die van de jongens. Ze hebben gelijk dat ze nog op vakantie gaan wanneer dat kan.

Beide heren zijn natuurlijk twee weken met ons meegegaan naar Canada, en daar hebben ze ook volop van genoten, heb ik zo de indruk.

Wolf had natuurlijk wel tweede zit, maar zat in juli een weekje in Nederland met UGent Racing. Op zich moest hij daar, als lid van Mechanical Composites, niet zo heel veel meer doen, maar hij vertelde dat hij zich ongelofelijk goed heeft geamuseerd, een paar keer heeft gekookt en vooral zowat manusje-van-alles was.

Na zijn tweede zit is hij dus met Arwen een weekje Praag gaan verkennen, met de reeds beschreven huisreisperikelen tot gevolg. Maar ook hier heeft hij zich goed geamuseerd, vertelde hij.

En Kobe, Kobe beleeft zijn gouden vakantie, zoals dat wel eens wordt genoemd: drie maanden tussen het zesde middelbaar en ’t unief, waar je dus nog volop vakantie hebt en weinig tot geen verantwoordelijkheden.

Zijn vakantie zat stampvol: eerst voorkamp met de scouts om alle tenten te gaan opzetten. Dan Montenegro voor twee weken met diezelfde scouts. Prachtige beelden gezien, mooie verhalen gehoord.

Hij kwam thuis en zat de volgende dag al op het speelplein om zich er te amuseren en toch ook wat geld te verdienen, want qua financiën is Kobe meer het uitgeef- dan het verdientype, heb ik zo de indruk.

Na dat speelplein trokken we dus naar Canada, waarna hij ook weer prompt richting speelplein ging. En dan herfstontmoeting, een scoutsleidingding.

Hij was even een paar dagen thuis en trok toen met vrienden een week naar Albufeira in Portugal. Ook prachtige foto’s gezien, maar hoe hij dat allemaal bekostigt? Hij staat dus behoorlijk in het rood bij ons en zal toch een manier moeten vinden om ons terug te betalen.

Na Albufeira gaat hij prompt een week in het scoutslokaal wonen: er moet vanalles opgezet en geregeld worden voor de grote Scoutstweedaagse, en blijkbaar is dat leuker en handiger als je daar dan meteen ook blijft slapen en eten.

Bijna was hij vergeten zich in te schrijven voor ’t unief, en we hamerden erop dat hij naar zijn infodag gaat, want ook die had hij bijna overgeslagen.

Ze hebben het goed, die jongens van ons, en vooral: ze kunnen het zich ook permitteren. Financieel de een al wat beter dan de ander, maar dat komt nog wel.

Hopelijk willen ze ook nog af en toe met ons mee op vakantie. Toch nog even…

Een nieuw koorseizoen

Strikt genomen is dat vorige week al begonnen met een extra repetitie op dinsdag, maar een op twee dinsdagen zijn voor mij ingenomen door Masks, en dat is ook een vast engagement, dus nee, voor mij begon pas vandaag weer het koorseizoen.

En onze dirigent, samen met de stuurgroep, is behoorlijk ambitieus dit jaar. We zingen in november samen met zeven andere koren en een harmonieorkest twee grote werken: The Armed Man van Karl Jenkins, en Oratorio van Willy Soenen. Dat laatste is een wereldcreatie, maw. het is nog nooit eerder uitgevoerd. En ik snap waarom, om eerlijk te zijn: het is pokkemoeilijk en ik hoor het ook echt niet graag, laat staan dat ik het graag zing.

Maar Geert blijft volhouden dat dat is omdat het voorlopig nog zeer atonaal klinkt omdat we het geheel niet horen: met het orkest en de solisten erbij, zou het helemaal anders moeten klinken.

Hmmm, ik ben benieuwd. Maar bon, we zijn dus wel weer aan het zingen ^^