Veldboeket

Iets waar ik eigenlijk al sinds kind zot van ben, zijn veldbloemen. Het mooist zijn ze natuurlijk als ze gewoon in het veld staan, maar ik heb niet zo direct wilde velden en bermen in mijn buurt. In Evergem echter had ik al een paar keer gezien dat de berm langs de Christoffelweg volledig begroeid is, en dat er aan de eindhalte van de tram zelfs korenbloemen stonden.

Vandaag ben ik met Kobe na zijn notenleerexamen gestopt om voor het eerst in twintig jaar een boeket te plukken: korenbloemen, papblommen, verschillende soorten grassen, roze bolklaver, boterbloemen, kattenstaart en nog een hoop andere soorten. Klaprozen zaten er niet tussen, want die verwelken toch meteen. Maar ik vond het prachtig, zo’n wild boeket, ik kan het niet helpen…

IMG_4226

Blaarmeersen

Het was geen schitterend weer, en echt warm was het bepaald ook niet, maar Merel en ik namen toch onze picknick mee naar de Blaarmeersen. Zij speelde in het zand, ik las, en we moesten verschrikkelijk lachen om een eend. Ik vermoed dat het de eend is die wel vaker bij ons komt schooien als we op het steigertje zitten.

We zaten netjes naast elkaar op het bankje, begonnen onze sandwichen te eten, en plots zag ik een eend fluks uit het water springen, en een snelwaggel inzetten dwars over het strand, tot vlakbij ons. Daar stopte hij, en bleef staan. Ik gooide hem een kruimel toe, en nog eentje wat dichter, en na een paar kruimels durfde hij zowaar een stukje uit mijn hand pakken. Op voorwaarde dat Merel achter de bank ging staan, want om een of andere rare reden had hij schrik van haar. Wellicht het felwitte jasje?

In elk geval hebben we goed gelachen met het beest. Die snelwaggel, dat leek wel een pinguïn op speed, en Merel kreeg een lachstuip.

Of hoe het niet altijd goed weer hoeft te zijn om leuk te zijn.

IMG_4222

Pa

Vorige week zondag was hij ook al komen eten, ons pa, terwijl de twee oudsten in  Londen zaten. Ik had varkenshaasje klaargemaakt met verse asperges en kroketjes, en hij had geen nee gezegd.

Ook vandaag is hij komen eten, en was het Bart die gekookt had. Hij had het lastig, ons pa: hij mist ons ma vreselijk, en het contrast met onze huiselijke, warme en drukke sfeer maakt de stilte des te beklemmender. Maar aan de andere kant vond hij het fantastisch om bij zijn kleinkinderen te zijn.

We zijn zowaar beginnen kubben, maar na een dik kwartier begon het te druppelen en toen ook echt te regenen, en zijn we maar naar binnen gevlucht.

Ons pa is toen naar huis gegaan, omdat hij het te moeilijk kreeg. Ik heb echt met hem te doen, en niemand kan hem helpen, dat is nog het ergste. Maar hij heeft in elk geval wel alweer eten mee voor twee dagen, net zoals vorige week, dus verhongeren zal hij alvast niet doen :-p. En, zoals hij zelf al opmerkte: we hebben nog niet eens ruzie gemaakt, hij en ik. En da’s ook een kunst.

Aardbeitjes

Die moestuin van ons, die ziet er eigenlijk niet zo slecht uit. Enfin, niet dat er veel in staat, want de gezaaide wortels zijn ongeveer een centimeter opgekomen, en toen was het plots gedaan. Maar onze aardbeiplantjes, die doen het prima! Sinds vandaag hebben we aardbeien, en voor zover ik kan zien, zullen we er elke dag wel een paar hebben, vanaf nu.

Verder heb ik nog niks gedaan in het achtertuintje: de platen staan klaar om geschilderd te worden, maar eerst wilde het maar niet stoppen met regenen, en toen verstuikte ik mijn voet, dus ja…

Maar ik geniet er wel intens van, van dat stukje tuin naast mijn bureau, zeker nu ik daar voortdurend kleine rode bolletjes zie verschijnen. En Kobe, die is apetrots.

 

Quiz

Het dringt nog steeds niet echt door dat ons ma weg is. Voorgoed weg. Ik heb altijd nog het gevoel dat ik haar nog kan bellen, dat ik nog met haar zal kunnen praten, dat ik haar nog kan vastpakken, dat ze hier nog gewoon zal binnenwandelen. ’t Is niet alsof ik haar alle dagen zag, en het voelt eerder aan alsof ze op reis is, en ik haar daarna weer zal horen.

Het missen zit hem vooral in de kleine dingen. Zoals een aflevering van Downton Abbey zien, kijken naar de kleren van Lady Edith, en denken dat ons ma dat een knappe mantel zou vinden, en dat ik daar straks maar eens iets moet van zeggen.

Of zoals gisterenavond, de laatste SQ-kwis van het seizoen. Zonder ons ma. Akkoord, ze had de vorige ook niet meer meegedaan, maar die daarvoor wel nog allemaal. Hoe dikwijls heb ik niet luidop de bedenking gemaakt: “Goh, dat zou ons ma geweten hebben”.

Ik mis u, ma.

London!

Zoals ik al eerder zei, waren Wolf en Bart dit weekend in Londen. Ik ben hen daarstraks, zo rond half tien, gaan ophalen aan het station, en Wolf zag er misschien wel wat moe uit, maar zijn ogen blonken.

Tate Modern, Greenwich met de boot en daar dan op de nulmeridiaan staan, the London Eye, de Tower Bridge, ze hebben echt veel gedaan, en heel veel rondgewandeld. Een uitgebreid verslag heb ik niet gekregen – dat is niet cool als je twaalf bent, en vooral, dat was iets tussen jongens – maar wel af en toe een foto via mail of Facebook. En ik, ik was content.

Blaarmeersen

’t Was eigenlijk wel rustig in huis, zo met ons drietjes. Merel en Kobe speelden netjes, ik kon werken, en tegen een uur of vier moesten we onszelf bijna in de auto schoppen richting rugby. Rugby op zaterdagnamiddag? Jawel, inschrijfmoment.

Ik stuurde Merel en Kobe al meteen richting strand met wat strandspeelgoed en een vlieger, ging inschrijven, en hobbelde hen zachtjes achterna. En jawel, ze waren allebei netjes aan het spelen. Kobe probeerde zijn zelfgemaakte vlieger op te laten, maar de wind was gewoon te wisselvallig. Aan het ding zelf zal het niet gelegen hebben, die vliegt schitterend.

Enfin, al bij al een rustige namiddag dus.

Stilte voor de storm, want tegen kwart over zes werd ik opgepikt door Luc, met wie ik die avond de Twitterquiz speelde. We aten eerst iets op het Vooruitterras met het hele team, en haalden nadien in een ongelofelijk warme en eigenlijk veel te kleine Backstay de zesde plaats. Niet zo slecht, al bij al, vond ik, al had ik op beter gehoopt.

Enfin, fijne dag, jawel.

Cantabile: een update

Intussen zing ik toch al bijna twee maanden bij Cantabile. Nu ja, op Hemelvaart was er geen repetitie, de dirigent is ook een keertje ziek geweest, en ikzelf was ook een keer gewoon veel te moe, maar bon, ik ben toch echt wel weer aan het zingen. Stilaan begin ik mijn plaats te vinden tussen de heren, en ook het zichtlezen gaat echt wel goed, ik ben blijkbaar zelfs een van de betere zichtlezers tussen de tenoren. Maar Steve, de dirigent, gaat echt wel snel, en de Grosse Messe in C minor is niet echt het gemakkelijkste werk van Mozart, zeker niet in het tempo dat Steve ervan maakt. Maar ik amuseer me tot en met, en ben elke keer compleet leeggezongen na die 2,5 uur.

Steve legt dus de lat echt wel hoog, maar het is vooral dankzij hem dat dat ook lukt: hij is één brok energie, soms op het irritante af, en weet echt wel het beste uit zijn zangers te halen. En – ik weet niet waar hij het allemaal haalt, hij moet een bizarre fantasie hebben – hij doorspekt zijn repetities ook met de gekste one-liners, die vaak op het randje af beledigend zijn, maar op zo’n manier gebracht, dat het je alleen maar uitdaagt beter je best te doen.

Twee voorbeeldjes van de repetitie vandaag

* Sopraantjes, ziet dat ge niet klinkt als een kip die een ei moet leggen he!

* Dat klonk als de paringsroep van de uitgestorven Noord-Afrikaanse boshyena…

Voor wie die onzin wil volgen: op donderdagavond onder de hashtag #stuffstevesays op twitter :-p