Lectuur

Intussen snap ik niet meer hoe ik al die jaren niet kon lezen. Als in: geen enkel boek, wegens andere dingen, zoals tv kijken of achter mijn PC zitten.

Ik zit nog vaak achter mijn PC (verslaving, weetuwel) maar ik kijk niet echt veel tv meer. En ik ben dus al een paar jaar opnieuw aan het lezen. In september schreef ik het ook al eens, maar intussen heb ik ook alweer serieus wat verder gelezen.

Er waren niet vier, maar wel acht boeken van Colleen McCullough in de Masters of Rome reeks (nog steeds elk een flinke 1000 bladzijden), en daarvan heb ik er nu zeven uit. Enfin, nog een paar bladzijden van The October Horse, en ik ben er. Het achtste ligt al naar me te lonken. Figuurlijk dan, want het staat op mijn Kindle.

Maar eerst is er volgende week leesclub van de school, en daarvoor moet ik nog “Oorlog en Terpentijn” van Stefan Hertmans lezen. Een boek met ongelofelijk lovende kritieken en verschillende prijzen. Het zal me benieuwen, want hoe verzot ik ook ben op mijn eigen taal, er zijn weinig Nederlandstalige boeken waarvan ik onder de indruk ben.

Ik hou u op de hoogte :-p

Microbiotechnologie, iemand?

De laatste tijd heeft onze school echt zo van die interessante lezingen! Het probleem is alleen dat ik vaak ofwel aan het lesgeven ben, ofwel een vrije dag heb met andere dingen die grandioos in de weg komen. Helaas.

Deze namiddag kwam Hugo Moors spreken over de evolutie van het heelal en de aarde, vanuit microbiologisch standpunt dan. De eerste twee lesuren had ik eerstes, maar het laatste lesuur kon ik nog meepikken, en ik vond het machtig interessant. Sommige leerlingen zaten te slapen, of verveeld voor zich uit te staren, maar gelukkig was een groot deel wél zeer aandachtig aan het luisteren.

Ik heb ook echt wel een paar dingen bijgeleerd. Op zich niet zo moeilijk, aangezien ik in het middelbaar in zowat de minst wetenschappelijke richting zat, maar bon, ne mens kan helaas niet alles tegelijk volgen.

Het verslag van de lezing staat op de website van de school, en wel hier.

Gent quizt

Mja. Ongeveer maandelijks doe ik nu al een tiental jaar – als het niet langer is – mee met het quizconvent van de Ugent. Intussen hebben we daar een serieus fijn team, eigenlijk feitelijk. We missen ons ma wel, en haar specifieke geschiedenis- en cultuurkennis, maar bon, daar valt nu niet veel meer aan te verhelpen.

Ik had ook al gehoord van de wekelijkse quizzen in de Ploeg in Gent, maar meer dan een geïnteresseerd “ha ja?” was daar nog niet van gekomen. Nu blijken de anderen van mijn team daar wel aan mee te doen, en vandaag kwamen ze volk te kort. Ik heb me dus naar de Ploeg gerept – alleen was me niet heel duidelijk hoe ik daar met de auto moest geraken, nu de Reep veranderd is van richting, zonder drie kilometer om te rijden, maar bon.

De quiz zelf viel me wat tegen, om eerlijk te zijn. Nee, da’s verkeerd geformuleerd: de quiz op zich was prima, maar quizzen in een café waar mensen aan het tafeltje naast jou gewoon iets komen drinken, en ze achter jou aan het biljarten zijn, da’s niet goed voor de verstaanbaarheid. En ik weet niet wat het was – de heren verzekerden me dat ze al verschillende keren gewonnen hadden – maar we eindigden laatste. Verdiend laatste, overigens, wat hebben wij zitten prutsen zeg!

Maar goed, Gent Quizt dus.

Van sneeuw, besneeuwde venen en groene valleien.

Deze morgen stonden we op met een gans vers sneeuwtapijt, dat eigenlijk al quasi meteen aan het smelten was. Bizar eigenlijk, het was nochtans maar 1° buiten. Tegen elf uur waren we allemaal ingepakt en stonden we buiten om een sneeuwman te maken, en wat voor een!

img_8135

Aansluitend, met natte handschoenen en blozende kaken, reden we naar de Mont Rigi om daar te eten. Tradities zijn er om in ere te houden, en het eten is er ook echt lekker. Het uitzicht op de tuin en de venen was trouwens prachtig. Terwijl we er zaten, begon het nog eens stevig te sneeuwen: adembenemend mooi. De jongens hielden een sneeuwballengevecht, en we liepen nog even tot aan de rand van de venen, waar we de bevroren laag water van de takken plukten, alsof het een gewei was.

We reden voorbij de Mont Rigi, naar Jalhay en zo naar de Gileppe. En daar, tot onze grote verbazing, had het niet of nauwelijks gesneeuwd en lag alles groen. We liepen tot aan de gigantische toren die er staat, namen de lift tot boven, daarna helemaal tot beneden, liepen over de dam tot aan de reusachtige leeuw, en wandelden dan terug om een geocache op te pikken en van het uitzicht te genieten.

Daarna reden we terug via Jalhay, alwaar we een mini-multicache vonden, een toertje rond de kerk. Leuk gedaan! We sprongen binnen bij de bakker, en reden daarna weer sneeuwwaarts. De twee jongsten waren koud en moe, zeiden ze, en het begon te schemeren, dus reden we naar huis. En effectief, op de achterbank zaten ze alletwee diep te slapen.

Terug thuis namen de kleintjes een uitgebreid bad om op te warmen en proper te worden, ik hing alle doorweekte handschoenen netjes te drogen, en Wolf installeerde zich met Netflix. Na het eten vloog Merel in bed, en keken wij drie nog naar Red. Enfin, Kobe maar gedeeltelijk, want ook hij moest dringend gaan slapen. Hij is sowieso morgen om zeven uur wakker, hij kan dan verder kijken 🙂

En intussen zit ik hier nog op mijn eentje te genieten van de stilte, en is het buiten hard aan het sneeuwen. Onze sporen van vandaag zijn volledig uitgewist, en het ziet ernaar uit dat er morgen een stevig pak zal liggen. Blij dat we onze auto beneden hebben laten staan, ook al konden we bij het thuiskomen wellicht wel boven geraken.

Ik denk dat ik maar eens met mijn boek in mijn bedje kruip: lekker warm en gezellig, en ik ben eigenlijk ook wel moe van al dat buiten lopen en sneeuw spelen…

Een pracht van een dag!

We stonden laat op – enfin, Wolf en ik toch, de twee kleintjes waren al van 7 uur naar tv aan ’t kijken of spelletjes aan het spelen – ontbeten, lummelden wat rond, speelden nog wat buiten in de sneeuw en vertrokken rond half twaalf naar Bütgenbach. Daar zochten we even naar onze favoriete pizzeria, aten er alweer fantastische pizza voor geen geld,

en reden toen wat verder om een geocache te gaan zoeken. Ik verzeker het u, da’s nog niet evident in de sneeuw! De eerste vonden we dan ook niet, maar wel een metalen haakje in een boom. Dat zou wel eens een restant kunnen zijn, we hebben alvast de cachelegger gecontacteerd. Maar de omgeving was wel prachtig.

We liepen naar beneden, en zagen het prachtige bevroren en besneeuwde meer van Bütgenbach. De jongens hebben er zelfs heel voorzichtig een stukje op gelopen, ze hadden dan ook hun laarzen aan.

We reden wat verderop naar een ander plekje langs het meer, waar we veel te ver zochten naar een tweede cache, die nochtans op een heel simpel plaatsje lag. Een even mooie wandeling, eigenlijk.

En toen wilden we gewoon verder rond het meer, op het zelfde type weg, met dezelfde grootte en codering, een volgende cache oppikken. En bleek die weg plots niet gestrooid of geruimd te zijn. Zucht. Maar wel ongelofelijk mooi…

img_8134

We reden verder tot aan de cacheplaats, en zagen daar dat er een auto blijkbaar de volgende helling niet was opgeraakt, en dat een lokale jager hen had geholpen. Ik sprak de man aan – Duits, Frans en zelfs Vlaams – en die zei dat we zonder winterbanden verderop in de problemen zouden komen, en dat we beter zouden terugrijden, een klein baantje links inslaan, en zo verder tot op een wel geruimde weg. We hebben die raad dan maar gevolgd, en kwamen zonder problemen waar we moesten zijn: terug in Bütgenbach aan de Carrefour. We deden inkopen, ik liet de kinderen elk een vieruurtje kiezen, en tegen vijven waren we terug aan ons huisje.

En wat ik gevreesd had, was ook zo: we geraakten de helling van de oprit niet meer op, ondanks verschillende pogingen. Ik ben dan maar bij de oude buurman langsgegaan, die een zeer grote binnenplaats heeft, en heb hem gevraagd of we bij hem mochten parkeren. Na een uitleg in het Duits – de man kon amper Frans – en een babbel van een kwartier was het geen enkel probleem, en konden we daar rustig blijven staan. Oef! Maar zijn reactie was er een van ongeloof, vermengd met leedvermaak om zoveel domheid: “Keine Schneereifen?” Enfin…

En dus aten we een vieruurtje, krulden ons op in de zetel, en genoten van de warmte in het huisje.

Vakantie…

Op naar de Ardennen

Dat we in de zomer al een paar keer naar Waimes in de Ardennen geweest zijn, dat wist u wellicht al. Mijn nicht heeft daar een tweede huis staan, en dat is ronduit fantastisch! Ze verhuurt het niet, maar we mogen het wel gebruiken, ook al staan al hun spullen daar nog. Dat is des te aangenamer, want dan moet ik geen bakboter meesleuren als ik daar een klein klontje van nodig heb, of een ganse doos koffiefilters, dat soort onzin. We zitten er tussen het kinderspeelgoed, maar da’s eigenlijk nog wel eens leuk. Er staat zelfs een kerstboom…

Nu waren we er nog nooit geweest tijdens de winter. Ellen had al voorgesteld dat we dan ook maar eens een weekendje moesten komen, maar dat was eigenlijk nog nooit praktisch gelukt. En nu bood ze aan om er dus de tweede week van de kerstvakantie te zitten. Zij gingen zelf de eerste week, maar de tweede week moesten ze toch werken… Ik aarzelde eerst, maar zag dat eigenlijk wel zitten. En toen ze plots sneeuw voorspelden, was alle twijfel meteen weg.

Deze morgen zijn we dus onze spullen beginnen inpakken, Bart heeft ze in de auto gezet voor ons – hij gaat niet mee, hij moet werken, en de Ardennen zijn zo zijn ding niet, veel te stil – en tegen kwart over twaalf waren we in Leuven om de sleutel op te pikken. We bleven nog even kletsen, zaten tegen enen in brasserie De Abdijmolen in Abdij van Park, en hadden tegen tweeën ons eten. Een uur wachten voor twee spaghetti’s, een garnaalkroket en een dagschotel, dat is toch wel wat lang, ja.

Enfin, we liepen nog even rond, zochten twee caches in de buurt van de abdij, en reden dan door naar Waimes. Naarmate we verder kwamen, kwam er meer en meer een klein wit laagje. En in Waimes lag er een centimeter of twee-drie: een dun laagje, maar genoeg om de kinderen dolenthousiast te maken. De auto kon niet snel genoeg uitgeladen zijn: ze trokken hun laarzen aan, en gingen spelen in het schemerdonker. Merel was vrij snel weer binnen: het was te koud, en na een half uurtje was ook Kobe er. Maar Wolf, die bleef zich maar amuseren met de slee, de glijschelp en de sneeuw in het algemeen, tot het echt wel donker was. Maar het is wel mooi…

Nieuwjaar

Vroeger spraken we altijd in de namiddag af bij mijn ouders om te nieuwjaren. Dit jaar, tsja, dit jaar zou anders zijn, dachten we. Maar een paar dagen op voorhand, op amper vijf minuten, regelde ik het volgende met mijn broers: we spraken af om zes uur bij mijn pa, ik zou kant-en-klare hapjes zoals kaasblokjes en chips meenemen, en toastbrood, Jeroen zou zorgen voor champagne en drank voor de kinderen, en Roeland moest om kaas en hesp. Jeroen zou dan ook nog zijn grote toaster meenemen, en dat was dat.

Ons pa zag dat ook helemaal zitten: toen we toekwamen, was het huis netjes opgeruimd, de grote tafel vrijgemaakt, stonden de champagneglazen klaar en brandden de kaarsen. We installeerden ons, de kinderen begonnen meteen te spelen zoals altijd, en er waren nieuwjaarsbrieven.

En daarna waren er ook croque-monsieurs.

img_8046

Weet je, het voelde gewoon goed. Het zat ook goed. We misten ons ma wel, maar de sfeer was eigenlijk niet anders. En mijn pa en ik, we waren het er over eens: ons ma zou het fantastisch gevonden hebben, al haar volk in haar huis.

2016 in beeld

Wat zou nieuwjaarsdag zijn zonder een filmpje waarin al mijn foto’s van de dag gebundeld worden? Het laat de kleine dingen zien die me opvielen, de dag typeerden, of die me gewoon blij maakten: een prachtige lucht, een bloem, de glimlach van de kinderen… En het is mooi om de dingen te zien veranderen en de kinderen groter te zien worden.

De filmpjes van vorige jaren zijn trouwens ook ongelofelijk fijn om opnieuw te bekijken: je ziet de kinderen gewoon opgroeien! Dit was 2015, 2014, 2013 en 2012.

Design Museum

Mijn kinderen zijn van het soort dat graag naar musea gaat. Op voorwaarde dan dat het niet te lang duurt, en dat er ook voor kinderen iets te doen valt.

In het Design Museum loopt weer een nieuwe tentoonstelling, en dus zijn ook de Playmobilfiguurtjes opnieuw opgesteld. Het doet de kinderen rondlopen, zoeken en kijken, en intussen kan je als volwassene ook rustig rondkijken.

De tentoonstelling op het gelijkvloers en de eerste verdieping is Hands on Design, waarbij je ook een inkijk krijgt in de ateliers en het productieproces, gaande van een handtas, een baksteen, een keramieken lampenvoet tot een kano. Bijzonder interessant!

Boven staat dan een overzicht van vooral stoelen, al is die term wat te beperkt, met als centrale figuur Maarten Van Severen. Ook heel knap, maar die had ik al gezien.

Beneden staat er een apart project met een monumentale zetel waar je zonder schoenen in mag, en dat moest je tegen de onze geen twee keer zeggen.

Eerst waren we in Sint-Amandsberg een step voor Kobe gaan oppikken via Freecycle, zodat ze kunnen stoppen met bekvechten over die step hier. Daarna waren we in dezelfde straat als eerder deze week geparkeerd, en kostte me dat liefst 10 euro voor drie uur. Ja slaapwel!

We repten ons naar de Pizza Hut, en genoten er van het pizzabuffet. Altijd een voltreffer, hier. Van daaruit liepen we dus naar het Designmuseum, waar we amper een goed uur binnen waren, eigenlijk, maar dat maakt niet uit. De kinderen en ik vonden het heerlijk.

We slenterden doorheen de kerstmarkt, probeerden tevergeefs ergens de cadeaubon voor de Uitpas in te wisselen voor een echt exemplaar, en liepen de Sint-Niklaaskerk binnen, alwaar we een stapje verder geraakten in de geniale geocachepuzzel Heilig Bonus. Nu moet ik me nog even aan het puzzelen zetten, en hopelijk vind ik dan de cache!

We wandelden verder, en passeerden een kraam met gestreken mastellen, waar blijkbaar een oudleerlinge stond. We namen vier ongestreken exemplaren mee, en ik streek ze dan maar hier thuis, met een stevige kluit boter en een schep suiker.

Tegen half vier waren we thuis, hadden nog een vrij lange namiddag over, en hadden toch alweer een gevulde dag gehad. Zalig toch, vakantie?