Geslaagd shoppingdagje

Het is niet altijd even gemakkelijk, shoppen met mijn dochter. De vorige keer hebben we ettelijke winkels afgelopen op zoek naar een geschikte jeans, en man, dat was een bezigheid…

Maar vandaag zat het allemaal mee. We parkeerden in de Sint-Michielsparking en liepen langs de Ajuinlei richting de Snipes, want ze wilde een specifiek paar Adidassen. In het passeren kwamen we dus voorbij de Think Twice, waar het echt wel druk was, maar ik toch even wilde kijken. Ze stribbelde tegen – nogal snel overprikkeld door de drukte – maar kwam aanzetten met het ideale jeansshortje – dat is ook al zo’n moeilijke! – en een leuk topje. Score dus. Ik had een lichtgroene avondjurk voor Aether mee, en dat ging op zo’n 30 euro komen in totaal. Groot was mijn verbazing toen dat amper 12 euro was: alles was aan vier euro! In de gauwte hebben we dan ook nog een lange groene bermuda voor Kobe meegegrist, eentje voor de scouts.

Helemaal in ons nopjes gingen we lunchen op de hoek bij Café René, en toen was ik plots helemaal star struck, iets wat me zelden overkomt: een tafeltje verder zat zowaar een grote man, strak in het pak, met heel speciale schoenen, lang grijs haar en een snor: Ilja Leonard Pfeijffer! Merel moest me nog net niet tegen de schenen schoppen en siste me toe dat ik niet zo mocht staren! Maar serieus! Ik heb de man wel met rust gelaten, maar ik had toch bijna een foto genomen.

Enfin, wij verder, en jawel, het gewenste paar schoenen voor haar en een extra paar Skechers voor mezelf in een zacht auberginepaars. En, lo and behold, we vonden zelfs een geschikte jeans voor haar in de Stradivarius! En nog een bijzonder mooi bloesje ook, en een broeksriem.

Ik denk dat we zelden zo snel ons goesting vonden. We zijn nog even de Pull & Bear binnengelopen voor een extra broek voor Kobe, en dat was dat. Iets na vier waren we alweer thuis en kon ik in de zetel ploffen. En Merel kan weer een tijdje voort qua schoenen en jeansen.

Rust

Ik was ongelofelijk hard toe aan deze vakantie – ziek, uitgeput, uitgeblust, niet helder denken, dingen vergeten, geen geduld meer met de leerlingen – en ik heb dan ook niks gepland. Geocachen, ja, maar met dat rotweer zit dat er ook niet meteen in, nee.

Donderdag ga ik met Merel in ’t stad, ze heeft kleren en vooral schoenen nodig, en zaterdag ga ik ontbijten met Gwen.

Maar verder? Lezen, mindless een serietje kijken, wat opruimen, hopelijk ook wat verbeteren en achterstallig schoolwerk inhalen… Maar meer dan dat ben ik dus niet van plan, nee.

Beleefdag op karakter

Vandaag kwamen meer dan 300 leerlingen uit 11 verschillende lagere scholen, verdeeld over 16 klassen, een dagje les volgen bij ons op school. Omdat we maar met twee leerkrachten Latijn zijn en dus maar 10 klassen kunnen onderwijzen, werd al op voorhand gevraagd de leerlingen wat in te delen.

Onze eigen leerlingen van 1-3 hadden afstandsonderwijs, aka. taken, de vierdes waren de hele dag op uitstap in Gent, oa. onderzoek in de bibliotheek, en vijf en zes hadden gewoon les. De mijne hadden dan wel herhalingstoets, ik moest er iets mee doen.

Lucie – mijn collega Latijn – en ik waren de enige die vijf lesuren moesten geven, omdat het ook niet anders kon. Gelukkig hadden we andere collega’s die dan het onthaal, de toezichten, de middagactiviteiten en dergelijke overnamen, want geloof me, zo’n lesuur kleintjes proberen enthousiasmeren, dat vraagt gigantisch veel energie.

Laat die energie nu net zijn wat me vandaag nog ontbrak. De koorts en misselijkheid waren grotendeels weg, maar ik voelde me nog steeds het equivalent van een gebruikte dweil. Maar gelukkig waren er mijn vrienden paracetamol, ibuprofen en koffie. En karakter, dat ook. Ik denk niet dat die leerlingetjes gemerkt hebben dat ik ziek was, ik ben er volledig voor gegaan. Het helpt ook wel dat ik die lesjes al ettelijke keren heb gegeven, en dat ik er dus niet meer hoef bij na te denken.

Maar bon, twee groepen, en in het kwartier pauze gewoon even gaan liggen en bekomen. Dan nog twee groepen, een kwart broodje, en een half uurtje plat. En dan mezelf weer samengeraapt voor nog een laatste groep.

En toen? Toen ben ik naar huis gereden en lag ik binnen de paar minuten te slapen. Batterijen die eigenlijk al zo goed als leeg waren bij het begin, weer opladen. Of toch een poging doen tot.

En nu maar hopen dat er bij zijn die geïnspireerd zijn door de lesjes, zodat het niet voor niets was.

Van dokters en tandartsen, maar geen kiné

Best dat ik vandaag niet gaan werken ben: het gaat dus echt niet. Mottig, misselijk, ultraslap, en jawel, op een bepaald moment 40.5° koorts. Nu, de meeste mensen zouden daar doodziek van zijn, maar zoals ik al eerder schreef: ik maak niet snel koorts, en als ik er maak, is het meteen hoge koorts. Dat was dus geen reden voor paniek.

De kinesist heb ik afgebeld: ik wilde hen ginder niet nodeloos ziek maken, ik kan wel een weekje zonder kine, zeker als ik toch alleen maar in de zetel lig te liggen. Ik had wel tegen drie uur een afspraak bij de dokter: gewoon voor een briefje voor de school. Dat ik griep heb en gewoon moet uitzieken, dat wist ik ook wel. Nu, blijkbaar is het verplicht dat ze me even onderzoekt, maar ze kwam uiteraard tot dezelfde conclusie: griep, en dus uitzieken. Ze ging me tot en met vrijdag schrijven zodat ik ook nog in het weekend kon rusten, maar aangezien ik sowieso vrijdag naar school moet, schreef ze me tot en met donderdag. Verder gaf ze me de raad die dag paracetamol af te wisselen met ibuprofen, zodat ik toch iet of wat op mijn benen ging staan, want ze twijfelde er oprecht aan dat ik er al door ging zijn. Deze griep is een venijnige, en de meeste mensen zijn een dag of tien plat.

Intussen had ik ook een telefoontje gekregen van de tandarts. Zondag had ik op iets kleins gebeten – niks speciaal hards of zo – maar ik had mijn voorlaatste kies rechts onder horen en voelen kraken. Ugh.

Ik had de tandarts gecontacteerd, en ze ging me er donderdag voor de schooluren bij nemen. Alleen was er straks om half vijf een afspraak vrij gekomen. Ik heb haar herhaaldelijk gewaarschuwd dat ik griep had, maar ze ging extra voorzichtig zijn, een stevig mondmasker dragen, handen extra wassen en verluchten. Ze was gewaarschuwd, zei ze.

Bon, ik dus bij de tandarts, puur op karakter. Ze keek de tand na, verklaarde dat ze niks kon zien aan de buitenkant, maar dat het een tand was die al meermaals gevuld was, en dat er wellicht een barstje aan de binnenkant zat dat zij niet kon zien, maar waarvoor ik naar een endodontoloog moest. Lovendegem of de Savaanstraat? Euh… Die in Lovendegem hadden een plekje op vrijdagnamiddag 6 maart, ten vroegste, en in de Savaanstraat was het niet beter. Blah. Nu maar hopen dat het bij gevoeligheid blijft en dat die tand niet méér pijn begint te doen.

Soit, een half uur later lag ik weer in de zetel, ietsje later sliep ik alweer.

Ja, het is een venijnig beestje, dit griepvirus.

 

Geplooid

Deze ochtend dacht ik dat het wel ging lukken om les te gaan geven: ik was per slot van rekening al twee dagen braaf in mijn zetel gebleven, en ik zag er me ook op om naar de dokter te gaan voor een briefje.

Soit, een paracetamol gepakt en richting school. Het eerste uur les met mijn derdes ging vlot, het uurtje studie daarna met een handvol vierdes was ook geen enkel probleem, al begon het te minderen: ik vermoed dat de medicatie begon uit te werken en ik begon me mottig te voelen.

Toen ik tijdens het derde lesuur – een springuurtje en het lokaal was vrij – even ging liggen op een van de banken, met mijn sjaal onder mijn hoofd als kussen, stelde ik me toch de vraag wat ik eigenlijk in hemelsnaam aan het doen was. Nog vier uur lesgeven ging, als ik eerlijk was, niet lukken.

Ik heb mezelf en mijn spullen bijeen geraapt, ben gaan melden dat ik het niet volhield, heb nog een en ander van taak voorzien, en ben naar huis gereden, puur op wilskracht. Thuis heeft het geen vijf minuten geduurd voor ik in slaap lag…

Dus nee, die griep is zeker nog niet voorbij. En zoals de directie zei: liever nu ziek en vrijdag paraat dan omgekeerd. Want vrijdag is er de Beleefdag: 300 zesdestudiejaartjes komen les volgen, waarvan zo’n honderdtal een lesje Latijn bij mij moeten volgen, en dat is bijzonder belangrijk voor onze recrutering. Dus ja, vrijdag ziek zijn is geen optie.

En dus vandaag maar in mijn bed, met nog extra paracetamol, en duimen dat het lukt tegen vrijdag.

Meh.

De eerste spoed van 2026

Het is ne keer wat anders, de spoed van Sint-Lucas. Hoezo?

Wel, vanmorgen om negen uur belde Wolf me: hij zat bij Arwen, maar hij had geen oog dicht gedaan van de pijn. Donderdag had hij examen gehad en had hij daarna een steek gevoeld aan de rechterkant van zijn torso, ter hoogte van zijn onderste ribben. Kan gebeuren. Ging wel overgaan.

Niet dus.

Vrijdagvoormiddag was Arwen hem komen halen, en beetje bij beetje was de pijn erger geworden: zijn hele rechterkant, en tegen ’s avonds ook zijn schouders, nek en rechterarm. Geen koorts, geen andere problemen, maar wel die pijn. ’s Nachts was zelfs ademen lastig geworden, maar gewoon door de pijn, het is niet dat hij kortademig was, en hij had dus geen oog dicht gedaan. Nu, dat is niet echt normaal voor een jonge, fitte gast van 21, zeker niet voor iemand met zo’n hoge pijntolerantie als Wolf.

Bon, ik hem dus gaan halen en richting Sint-Lucas gereden, want dat ligt naast ons nieuwe appartement en als het iets ernstig was, dan is dat wel makkelijk. Hij werd snel gezien door een triageverpleegkundige die oordeelde dat het voorlopig niks ernstigs was gezien nergens drukpijn, geen koorts, normale bloeddruk en saturatiewaarden. Ze stuurde ons daarom door naar de huisartsenwachtpost in het gebouw ernaast, en ook daar hoefden we nauwelijks te wachten. De dokter van dienst onderzocht hem grondig, maar kwam ongeveer tot hetzelfde oordeel: geen longproblemen, geen darmproblemen, niks ernstigs, maar wel geen echte diagnose. Wellicht is het een zenuw die ambetant begint te doen door de stress, de koude en het vele zitten, en verkrampt daardoor de hele boel. Voorlopig Diclofenac, wisselen van stoelen en houding, veel proberen bewegen, en afwachten. Als het niet betert of zelfs erger wordt: terugkomen en dan foto’s en dergelijke.

Hmpf.

Zoals Wolf zei: opnieuw een vage neuropathie, dan liever nog een ernstiger maar duidelijk probleem waarvoor een duidelijke behandeling bestaat. Geloof me: het Zeepreventorium zit nog steeds vers in ons beider geheugen.

Allez, te hopen dat het snel betert, want op deze manier studeren lukt uiteraard ook niet. Blah.

Nieuwe koffiemachine

Blijkbaar is de levensduur van een koffiemachine zo’n acht jaar: eind november 2016 heeft de vorige de geest gegeven, en kwam er dus een nieuw exemplaar.

Dat begon nu toch wel te sputteren: af en toe weigerde ze dienst, kregen we een gevarendriehoekje, en dan was het een kwestie van het waterbakje onderaan en achteraan af te drogen, en er redelijk hard weer in te rammen, in de hoop dat dat zou helpen. Soms ging het dan meteen, soms moest je een keer of vijf proberen, wat wel tot enige frustratie leidde. Soms ging het dan weer een week goed, en dan wilde ze enkele dagen weer absoluut niet meer. Jammer, want het was echt een fijn machien, een Delonghi.

En dan was het Black Friday en kon Bart zo’n Philipsmachine scoren voor de helft van de prijs, die waar zo reclame wordt voor gemaakt.

Intussen hebben we die dus al even, en ik ben matig enthousiast. De koffie is goed, het waterreservoir ongeveer hetzelfde, de opwarmtijd ook. Bart had deze genomen omdat die zo’n fijn melkbakje heeft dat je heel makkelijk kan afwassen, zonder gedoe, en dat je ook gewoon in de ijskast kan zetten. De geschuimde melk is dan ook echt goed, alleen… is de koffie voor mij dan gewoon echt niet warm genoeg. Ik ben dus na een tijdje weer overgeschakeld op melk warmen in de microgolf en daar dan koffie bij. Jammer!

En een stevig minpunt is dat het niet laat weten wanneer de koffiebonen op zijn. Ik heb al een paar keer gehad dat ik mijn melk opwarm en daar dan blijkbaar gewoon heet water laat bij lopen. Resultaat: het hele boeltje in de pompsteen en opnieuw beginnen. Meh.

Maar het werkt dus wel gewoon zonder tegensputteren, zonder gedoe, en het is goeie koffie. En ik zal u wel laten weten of het opnieuw acht jaar mee gaat. Hopelijk wel.

Opnieuw fietsperikelen

Bart heeft al behoorlijk lang fietsen van Vanmoof, een Nederlands bedrijf dat hele knappe elektrische fietsen maakt. Maakte, moet ik zeggen, want het is failliet. En toen zat Bart daar met twee fietsen, waarvan de oudste een defect heeft aan de versnelling en de andere iets met de sturing.

Gelukkig werd het merk overgenomen, zodat de fiets op zich wel kon hersteld worden, maar daarvoor moest die richting Amsterdam verstuurd worden. Euh…

Na lang zoeken – en lang niet fietsen dus – vond Bart tot zijn grote vreugde een hersteller hier in Gent die die fiets wel wilde aanpakken. Oef! Gisteren zijn we die fiets opnieuw gaan ophalen. En dat bleek niet meteen ons meest lumineuze idee, want a. het was zaterdagnamiddag b. het is in de weken voor kerstdag c. er staat een kerstmarkt d. het was stralend weer e. we moesten aan het oude justitiepaleis zijn, dus zo goed als in het centrum.

Gent bleek vol te zijn. Als in: alle parkeergarages overvol, en dus aanschuiven. In de Nederkouter stonden ze een heel eind ver aan te schuiven, wellicht in een poging om alsnog binnen te kunnen in de parkeergarage van de Kouter. Tsja.

Nog een chance dat Bart niet op zijn eentje gereden was – dat was dus wel met voorbedachten rade – want hij zou nergens kunnen parkeren hebben. Ik kon gelukkig wel stationeren in de buurt, en na amper enkele minuten was hij er al om de fiets op de drager te zetten. We hebben er alsnog een dik half uur over gedaan om thuis te geraken, geloof me.

En toen zette hij me af aan mijn eigen fietshersteller, want daar mocht ik dan weer mijn tweede elektrische fiets gaan ophalen. U weet wel, die waarvan het kader was doorgebroken en die nog maar net hersteld was. De jongens gebruiken die vaak en Wolf was een week of twee geleden thuis gekomen met de melding dat de ketting in twee was. Als in: letterlijk gewoon gebroken. Geen grandioos euvel, maar wel knap vervelend.

Enfin, het was gelukkig stralend weer zodat ik vrolijk naar huis kon fietsen, alwaar ook Barts fiets in de garage stond te prijken, en hij die iets later gebruikte om brood te halen.

Helaas… diezelfde avond kwam Kobe thuis met de boodschap dat zijn ene band plat stond en dat er iets mis was met zijn spaken. Juist ja…
Never ending story, zo blijkt.