Resultaten!
Het was eventjes afwachten, en beide heren wisten eigenlijk niet hoe hun examens waren geweest. Wolf dacht dat het wel oké ging zijn, maar was daar ook niet helemaal zeker van. Hij bleek zich nergens zorgen over te hoeven maken: voor alles erdoor.
Persoonlijk snappen we er de ballen van wat hij allemaal aan het studeren is, maar bon, hij doet het goed, en hij zit intussen in zijn eerste master, we laten hem volledig zijn ding doen.
Kobe was er niet helemaal gerust in: bij één van zijn examens had hij verklaard dat dat het slechtste examen ooit was, en dat bleek ook zo te zijn. Voor de rest wist hij het zo niet, en ik vind dat hij dat eigenlijk niet slecht heeft gedaan. Jammer van die biochemie…
De rest zijn geen schitterende cijfers, maar wel er telkens door, en dat is het belangrijkste. 5/7 dus. Het zijn ook vakken die hem niet allemaal interesseren, want hij wil volgend jaar echt cel en gen gaan doen, weg van plant- en dierkunde en zo. Alleen moet hij nu wel eerst alles op alles zetten voor de twee vakken van het eerste jaar die hij nog moet halen. Dat zijn twee vakken die hij nu in het tweede semester krijgt: chemie en analyse. Hij MOET er ook gewoon door zijn, want anders hangt hij door de harde knip, waarbij je moet stoppen met je gekozen studierichting als je er na vier zittijden nog niet door bent. En hij wil zichzelf vooral de zenuwen besparen om ze nog in tweede zit te moeten doen.
Maar al bij al vind ik dat hij ook wel goed bezig is, die Kobe van ons.
Trots op mijn beide jongens, jawel.
365 – 09 februari 2026 – de eerste van 2026
Wafelbak
Deze ochtend werd ik rond een uur of vijf wakker van de geur van… iets dat gebakken werd. Ik kon het niet meteen thuisbrengen: het was te zoet voor koffiekoeken, en daarbij… was dat niet een beetje vroeg?
Het was pas wat later dat het tot mijn slaapdronken brein doordrong: ze waren wafels aan het bakken in onze garage: drie van de leiding, met in totaal 6 wafelijzers. Kobe had samen met Rhune de garage volledig gekuist en daarna afgeplakt met plastiek, de grote werktafel in het midden gezet, ook volledig bedekt met plastiek, en de elektriciteit getest. En vandaag waren er dus drie andere – Kobe stond op de centrale bakpost aka. wafelsalon om daar alles in goede banen te leiden – die al iets voor half vijf met ganse kuipen deeg aan de slag gingen. De wafels worden afgekoeld op proper kippengaas dat over schragen wordt gespannen, en daarna verzameld in wasmanden.
Hier is er enkel een bakpost, geen ledenpost: dat wil zeggen dat om de zoveel tijd iemand met de auto langs komt om vers deeg te brengen en de wafels op te halen, maar dat er dus geen bestellingen verwerkt worden en geen leden langskomen om die bestellingen op te halen en af te leveren. Dat zou te veel gedoe zijn hier thuis, vond ik, en we zijn ook te dicht bij de scouts zelf.
Die gasten hebben zitten bakken tot zeven uur ’s avonds. Serieus. Ik kon al bijna geen wafels meer zien doordat gans het huis ernaar rook, maar om de hele dag in zo’n afgesloten garage te zitten: chapeau. Ze hebben geloof ik meer dan 11.000 wafels in totaal gebakken vandaag.
Zoals Kobe zei: ze betalen er de elektriciteit, verwarming en water mee voor een heel jaar, en daarvoor mogen ze al eens afzien. Maar afzien, dat was het geloof ik wel, ja.
365 – 08 februari 2026 – wafelbak
Een late nieuwjaar
We hadden nog niet genieuwjaard met Barts broer, simpelweg omdat de jongens examens hadden en Kobe daarna in Berlijn zat. Maar vandaag waren beide families beschikbaar en hadden we hen uitgenodigd voor een dessertenbuffetje tegen half vier.
Ik ben gisteren eigenlijk behoorlijk over mijn grenzen gegaan en voelde me vandaag weer alles behalve oké, maar de planning omgooien was moeilijk, dus ging ik deze voormiddag, alweer op karakter, aan het werk. Ik bakte een red velvet cake – die helaas niet rood genoeg was, maar bon – en versierde die met botercrème, ik maakte twee soorten tiramisu, draaide een stevige chocolademousse in elkaar en gooide een schaal vol m&ms, Maltezers en andere dergelijke dingen. Merel bakte ook nog een schaal brownie waaruit ze dan hartjesvormen haalde en die versierde. Alles samen werd het dus een degelijk buffetje waar eigenlijk bijzonder weinig van gegeten werd. Moeten we onthouden.
Het was op zich best wel gezellig, ware het niet dat Bo zich blijkbaar steendood verveelde maar de jongens er niet op in gingen om met hem te gaan voetballen, ook al omdat we zelfs geen voetbal in huis hebben.
Oh, en Bart en ik kregen een leuk cadeautje: een behoorlijk stevige bon om in het Brusselse te gaan eten. Hun suggestie was Comme Chez Soi, en daar gaan we wellicht geen nee tegen zeggen.
En achteraf? Viel ik prompt weer in slaap in de zetel. Het is zo’n beetje mijn thema, deze week.
365 – 07 februari 2026 – red velvet cake
Beleefdag op karakter
Vandaag kwamen meer dan 300 leerlingen uit 11 verschillende lagere scholen, verdeeld over 16 klassen, een dagje les volgen bij ons op school. Omdat we maar met twee leerkrachten Latijn zijn en dus maar 10 klassen kunnen onderwijzen, werd al op voorhand gevraagd de leerlingen wat in te delen.
Onze eigen leerlingen van 1-3 hadden afstandsonderwijs, aka. taken, de vierdes waren de hele dag op uitstap in Gent, oa. onderzoek in de bibliotheek, en vijf en zes hadden gewoon les. De mijne hadden dan wel herhalingstoets, ik moest er iets mee doen.
Lucie – mijn collega Latijn – en ik waren de enige die vijf lesuren moesten geven, omdat het ook niet anders kon. Gelukkig hadden we andere collega’s die dan het onthaal, de toezichten, de middagactiviteiten en dergelijke overnamen, want geloof me, zo’n lesuur kleintjes proberen enthousiasmeren, dat vraagt gigantisch veel energie.
Laat die energie nu net zijn wat me vandaag nog ontbrak. De koorts en misselijkheid waren grotendeels weg, maar ik voelde me nog steeds het equivalent van een gebruikte dweil. Maar gelukkig waren er mijn vrienden paracetamol, ibuprofen en koffie. En karakter, dat ook. Ik denk niet dat die leerlingetjes gemerkt hebben dat ik ziek was, ik ben er volledig voor gegaan. Het helpt ook wel dat ik die lesjes al ettelijke keren heb gegeven, en dat ik er dus niet meer hoef bij na te denken.
Maar bon, twee groepen, en in het kwartier pauze gewoon even gaan liggen en bekomen. Dan nog twee groepen, een kwart broodje, en een half uurtje plat. En dan mezelf weer samengeraapt voor nog een laatste groep.
En toen? Toen ben ik naar huis gereden en lag ik binnen de paar minuten te slapen. Batterijen die eigenlijk al zo goed als leeg waren bij het begin, weer opladen. Of toch een poging doen tot.
En nu maar hopen dat er bij zijn die geïnspireerd zijn door de lesjes, zodat het niet voor niets was.
365 – 06 februari 2026 – Beleefdag in de Creaclub
Lectuur: “Pawn of Prophecy (The Belgariad #1)” van David Eddings
Deze was me aangeraden, maar veel klassieker en clichématiger kan fantasy niet zijn, vond ik.
Het begint allemaal met Garion, een doodgewone weesjongen op een doodgewone boerderij. Tot hij uiteraard niet zomaar een jongen blijkt te zijn, maar een verloren gewaande prins die onder de hoede staat van zijn tante die dan een letterlijk eeuwenoude tovenares blijkt te zijn.
Er vormt zich een reisgenootschap, want Garion – die uiteraard ook over meer krachten blijkt te beschikken dan een gewone mens – heeft een missie om de wereld te redden, hoe kan het ook anders. Een duistere kracht heeft een magisch voorwerp gestolen en dat moet teruggehaald worden. Garion beseft dat hij niks meer kan geloven van wat hij weet, dat hij niemand meer kan vertrouwen en dat hijzelf niet is wie hij dacht dat hij was.
Soms is het best wel charmant hoe Garion naïeve vragen stelt, hoe hij een simpele kijk op de wereld heeft, zeker als hij dan in het gezelschap terechtkomt van andere koningen en koninginnen, maar vaak werkt ook dat net op de zenuwen. Ik ben ook niet bijzonder verrast door de schrijfstijl, die is ook soms nogal simplistisch.
Lees ik het vervolg? Dat wel, want dat zou dan weer zonde zijn, maar vind ik het écht goed? Nope, voorlopig niet. Ik heb al bijzonder veel verhalen gelezen over een weesjongen (of -meisje) dat dan plots een koning of koningin blijkt te zijn en de wereld moet redden van een of andere snoodaard, uiteraard geholpen door een select reisgezelschap van allerlei pluimage. Tolkien als inspiratie, iemand?








