Peppi en Kokki aan zee: dag twee en The Crystal Ship

We sliepen lang, gingen iets halen om te ontbijten, bleven nog lanterfanten en het was uiteindelijk na elven voor we het appartement verlieten en de fiets op gingen.

Het plan?  Een deel van de route van The Crystal Ship fietsen, en dan vooral het stuk op de Oosteroever. Voor wie niet weet wat The Crystal Ship is: dat is een project dat al een tiental jaar loopt en waarbij intussen 92 straatkunstwerken zijn geschilderd op alle mogelijke gevels. De kunst is zeer uiteenlopend: primitief, verbaal of soms bijzonder levensecht, vaak met een knipoog (of meer) naar James Ensor. Ik wilde dit al jàren doen, maar bleef het uitstellen, en nu kwam het er eindelijk van. Ik vond in Gwen ook een gewillige partner in crime, en samen gingen we dus de elektrische fiets op, zelfs in die hitte. Al viel dat laatste wel mee, daar aan zee: het werd vandaag 31° ipv. de 36° uit het binnenland. En ik vond zowaar een paarse zomerhoed die me ook deels redde van de warmte!

Bon, ik heb ook alle kunstwerken gefotografeerd en post ze hier voor mezelf. Neem gerust mee een kijkje, of sla ze gewoon over. We hadden allebei de app gedownload waarmee we de eerste zes kunstwerken al bezochten voor we in de Dienst Toerisme van Oostende (tegenover het casino) voor vijf euro het boekje en de kaart gingen halen. Heb je die nodig? Nee, de app geeft ook alle info, maar we vonden het papier soms gewoon praktischer en overzichtelijker. Maar mocht u dus uitleg willen bij een van die kunstwerken? Alles staat op de app.

Af en toe zag ik ook nog andere muurtekeningen die niet tot het parcours behoren, maar die ik er wel bij wilde. Of beelden. Ik heb iets met beelden.

Na een paar kunstwerken zetten we onze fietsen aan de Visserskade en deden we een toertje te voet, omdat de kunstwerken daar dicht op elkaar lagen en er toch te veel voetgangers waren om door te navigeren met die fietsen. En onderweg kwamen we een Griekje tegen. Zoals het hoort.

Toen was het al vier uur en namen we de veerboot naar de overkant, maar moesten wel een twintigtal minuten wachten: het was pokkedruk in Oostende. En ja, aan de overkant was het veel rustiger, bijzonder heet, ietwat desolaat, maar gelukkig vonden we wel een (heet) terras om iets te drinken. Dat werd een gewone latte (van 6 euro) want 15 euro voor de iced versie vond ik er wat over.

Een half uur wachten op de boot terug zagen we niet zitten, en dus fietsten we gewoon terug naar de overkant, iets wat met die elektrische fietsen niks inhield uiteraard. En we zagen nog wat kunstwerken ook, mooi meegenomen. In het passeren waaiden we ook nog de Delhaize binnen, kwestie van brood en melk en kaas en zo voor het avondeten.

We aten, ik ging even liggen, Gwen ging nog richting strand, en rond een uur of acht deed ik dat ook: gewoon even rustig zitten in mijn stoel en genieten van de ondergaande zon.

Het is vreemd hoe snel de zon eigenlijk ondergaat… Maar ik werd er wel helemaal zen van.

Fietstochtje voor cacheherstelling

Eerlijk? Ik was vandaag te tam om uit mijn zetel te komen. Het was te warm, er was koers, ik had geen fut… En dan weet ik achteraf dat ik het jammer vind dat ik niks gedaan heb met mijn mooie dag…

Na het avondeten ben ik alsnog op de fiets gesprongen om enkele caches na te kijken voordat we twee weken in Canada zitten: dan kan er ook niet gezaagd worden.

De eerste cache die gerapporteerd was als zijnde vol, was dat dus niet. Begon al goed. De tweede cache was wel aan een nieuw logboekje toe, een aantal andere werden nagekeken en in orde gezet. Ik fietste langs het Gaardenierspad helemaal tot aan het Blauw Brugje en verder naar het Malpertuuspark en keerde dan door Mariakerke terug tot aan het parkje Claeys-Boùùaert, want ook daar waren een paar caches – terecht – aan nazicht toe. Ik genoot van de fietstocht, wist weer waarom ik zo graag ’s avonds en ’s nachts fiets, keek even naar een cricketmatch, en smulde van de prachtige lucht vanop Mariakerkebrug. En was helemaal verfrist en opgeladen terug thuis tegen tien uur. Meer moet dat niet zijn.

Zonsondergang over ’t Sas

Ons pa beweegt veel te weinig, tegenwoordig. Ik ben al ongelofelijk blij dat hij eindelijk, na de consultatie bij de neuroloog, alweer één keer per week naar de kinesist gaat én dat nota bene ook nog te voet doet. Niet dat het zo ver is, maar 360 meter en dan terug is nog altijd veel beter dan helemaal niks.

Maar vandaag had ik geen zin om te geocachen, mijn voet doet het nog steeds niet goed genoeg en het weer was maar bwoa ook. Echter, toen we rond een uur of zes naar Zomergem reden, was het een prachtige avondlucht over de ondergaande zon. Fluks reed ik dan ook rechtdoor, het jaagpad op naar ’t Sas. Mag ik daar rijden? Eigenlijk niet, maar ’t sas, dat is iets speciaals voor mij en mijn ouders. Ons ma ging daar altijd wandelen, ik ging regelmatig mee, ons pa ook toen hij nog kon, en haar doodsbrief was met een foto van datzelfde sas.

Mochten we dus tegengehouden zijn, dan had ik sowieso een rechtvaardig excuus: ons pa kan zo ver niet (meer) wandelen en anders geraakt hij daar nooit meer.

Het was wel frisjes, en eenmaal aan het sas zelf zei hij; “Goh, zou ik niet beter in de auto blijven zitten?” Grr, het was net om hem ook nog wat te doen bewegen dat ik tot hier was gereden! Soit, jas aan en eventjes wandelen en genieten van het prachtige zicht. Zeg nu zelf…

Ik zette ons pa af en genoot ook nog even van zijn prachtige orchidee met maar liefst negen bloeiende takken.

In het terugkeren ben ik dan ook nog even aan het begin van het jaagpad gestopt omdat ook dan de lucht nog steeds prachtig bleef.

’t Sas. Het zal altijd speciaal blijven voor mij.