Zomer!

Ik weet niet hoe het met u zit, maar dat weer maakt me spontaan gelukkig! Echt, dat maakt toch een wereld van verschil met dat druilerige, sombere, kille weer van de voorbije weken?

Ik ga met de fiets naar school, ik geef buiten les, ik lig te lezen in de zon en ik ben zelfs al verhuisd naar de schaduw. Ik draag sandalen, de was droogt weer buiten, en ook de leerlingen lopen een pak vrolijker.

De tuindeuren staan open, de katten lopen binnen en buiten en nestelen zich in de schaduw, ik ben voortdurend mijn zonnebril kwijt en de ijsjes vliegen erdoor.

Oh, en er zijn aardbeien! Nee, nog niet uit eigen tuin want daarvoor is het veel te lang veel te koud geweest, maar wel: aardbeien!

Yup. Blij dat het zomert.

 

Tuinwerk

Mijn kinderen zijn de max: ook deze namiddag vroeg ik hen om een uurtje te helpen om de tuin in orde te zetten, en dat is meteen een paar uur geworden, met zeer fijn resultaat.

Het tuinhuis was al eerder opgeruimd, en dat was effenaf een gemak: ik kon, als ik het vroeg aan de jongens tenminste, alles terugvinden :-p

Maar buiten zijn dus de massa’s bladeren van de beukenhaag opgeruimd, alles uit het gras geharkt, dode takken opgeraapt, het boordje in het gras deftig gezet, de klimplant uit de goot gesnoeid, en dan vooral ook – Kobes werk – met de hogedrukreiniger de tuinstoelen proper(der) gezet en vooral het terras afgespoten. Het was nodig!

Zelf heb ik intussen de bloembakken opnieuw gevuld met, wat had u gedacht, paarse surfinia’s, de uitgebloeide narcisjes en hyacinten buiten uitgeplant, en meteen ook een paar andere potten verplant.

Het resultaat mag er zijn, ik heb er vergenoegd naar staan kijken. Nu nog binnenkort toch eens het gras afrijden, en hopelijk staat ook de haag snel volledig in blad.

Laat die lente maar komen, ja.

 

Tuindraken

Ik weet niet wat het probleem is met ons trottoir, maar daarin groeit alles tien keer sneller dan in onze echte tuin. Allez ja, we hebben helaas geen klagen over de snelheid waarmee ons gras groeit, vraagt dat maar aan de inhuizige pubers.

Maar het onkruid tiert dus bijzonder welig (ik moet daar trouwens toch eens de etymologie van opzoeken, van dat tieren; zou dat iets te maken hebben met roepen?) en neemt soms gewoon draconische proporties aan, waartegen enkel draconische maatregelen werken, of wat had u gedacht.

De draken in kwestie zijn de kinderen, aangezien ik nog steeds niet langer dan een kwartier of zo uit de zetel kan: af en toe trekken ze verplicht de tuin in, gewapend met emmers, handschoenen, krabbers en branders, en dan is het hier heel even een beetje toonbaarder. Vooral Kobe hangt graag de draak uit met een vuuradem van 600°, maar ik heb nog steeds mijn twijfels over de efficiëntie van die onkruidbrander.

Allà, ik ben eigenlijk al lang blij dat ik het niet zelf hoefde te doen.