Vriendinnetje

Ik blijf dat raar vinden, dat je iemand een jaar niet gezien hebt, afspreekt en dan meteen gewoon bij elkaar in de auto stapt en begint te kletsen alsof het gewoon nog vorige week was dat je zitten tetteren hebt.

Ik heb dat met een aantal vriendinnen die ik al jàren ken, en in het specifieke geval van Sophie zijn dat er 36… Intussen slagen we er toch in om één keer per jaar af te spreken, meestal omdat één van ons een malheur heeft. In 2017 zat ik met mijn rug en kwam zij naar hier, vorig jaar had zij een galblaasoperatie gehad, en nu zat ze met haar voet in de plaaster wegens gebroken. Allez ja, intussen gelukkig een brace waar ze voorzichtig op mag lopen.

Ideaal excuus voor mij, dus, om vandaag even tot in Aaigem te rijden, haar op te pikken, en gezellig samen bij een uitstekende Italiaan in Lede te gaan eten. En intussen honderuit te kletsen over vooral ons familie – we kennen elkaar al zo lang dat we ook elkaars ouders en broers kennen, we zijn zelfs ooit samen op vakantie geweest – maar ook over het werk en alle mogelijke andere idiote onderwerpen.

Oh, en in Lede was er uiteraard een geocache die we niet konden laten liggen. Hehe.

Ik moest helaas om vier uur terug in Wondelgem staan om Kobe naar de fagotles te brengen, maar het deed deugd, elkaar nog eens zien.

Gaan spelen bij een vriendje!

Ik mocht van mezelf vandaag gaan spelen bij een vriendinnetje als mijn vijfdes verbeterd waren. Keigoeie motivatie, geloof me!

Want tegen een uur of drie stond ik in Aaigem bij Sophie, mijn vriendin van in het lager middelbaar, die vorige week geopereerd werd aan haar galblaas. Ik had een taartje mee, en we dronken goeie koffie en hadden nog veel betere babbels.

Blijkbaar ligt haar huis te midden van een ganse cacheroute, en dus duffelden we ons stevig in en gingen een cache een tiental meter verder oppikken. Dat vond ze zo amusant dat we nog eentje verder gingen zoeken. En daarna nog eentje, en dan nog eentje een pad in aan een bosrand. Ze was daar zelfs nog nooit geweest, en dat amper op een paar minuten van haar deur. Cachen, een topbezigheid!

Toen was het intussen zo donker geworden dat het gewoon niet meer lukte om verder te doen, en daarbij, het was ook welletjes voor Sophie, die eigenlijk ook een bronchitis heeft.  Maar ik had een ongelofelijk ontspannende, aangename namiddag met mijn vroegere bestie, en ik zie het helemaal zitten om morgen weer lekker verder te verbeteren.

 

Sophietje

Mijn beste vriendin uit het internaat in het tweede jaar. Ik weet niet meer precies wat we allemaal samen hebben uitgespookt, maar het was veel. En gortig, bij momenten :-p

Ik denk dat het intussen alweer twee jaar was dat we elkaar gezien hadden, maar dat stoort dus aan geen kanten: het voelt helemaal zo niet aan. En we kennen nog steeds elkaars familie, elkaars achtergrond, soit, elkaar.

Tegen half twaalf stond ze hier, dronken we een aperitiefje, en tegen twaalven trokken we naar ’t Boneryck, gewoon omdat het daar goed is, en we ongestoord kunnen kletsen. Wat we dan ook deden, over vanalles. En nog meer. And then some.

We genoten tussendoor ook van het eten, maar dat kletsen, dat was blijkbaar eens dringend. Over echt de meest uiteenlopende onderwerpen, van ouders, tot kleedjes van Van Nooten, tot jobs, broertjes, erfeniskwesties, familieperikelen, vakantiedagen, juwelen… Enfin, uitgebreid dus. En weet je? Het heeft immens veel deugd gedaan. Serieus.

IMG_1004

Here’s to us, Fie!

Van vriendschappen en taart.

Er zijn zo van die vrienden die je maar één keer in de zoveel jaar ziet, vrienden van vroeger. Neem nu Sophie: we hebben samen op het internaat gezeten de eerste drie jaar van ons middelbaar, zijn elkaar dan zowat uit het oog verloren, maar altijd op één of andere manier toch vaag contact gehouden.

De vorige keer dat ik haar zag, was in april 2013: toen zaten we gezellig bij mij thuis op het terras. Nu koos ik ervoor om samen ergens iets te eten, want ik kreeg het anders gewoon niet meer in mijn planning. Deze morgen hielp ik een examen opstarten, had ik daarna een lang gesprek met een ouder en de directie, reed ik daarna door naar de gynaecoloog, en stonden we netjes op tijd in het Lepelblad. En opnieuw was het alsof we elkaar minstens elke maand zagen. We kennen elkaar nog steeds door en door, ik bleef vroeg regelmatig bij haar slapen, en ken dus ook haar achtergrond en dergelijke. Ik ben ooit zelfs nog met haar familie meegegaan op vakantie naar Frankrijk. Zalig!

Enfin, we hebben fantastisch gekletst, zijn dan verhuisd naar Julie’s House voor een heerlijk stukje taart, en waaiden bij het naar de parking lopen nog even binnen in de Inno voor extra Tshirts voor Bart. Daar bleken we de gynaecoloog van ’s morgens tegen het lijf te lopen, en die had speelgoed mee uit de Fnac. Tiens, verkopen ze daar ook speelgoed? Blijkbaar wel, en ze hadden er zelfs nog Lego, dus wij binnen in de Fnac, zodat we elk nog met extra cadeautjes buiten kwamen.

Ik was behoorlijk moe toen ik thuis kwam, maar ik had wel een bijzonder fijne middag gehad, en een hoop cadeautjes gescoord.

Dik in orde!

Eigen schuld, dikke bult

De dag begon behoorlijk druk. Eigenlijk wilde ik, net zoals gisteren, te voet met de kinderen naar school gaan, met Merel in de buggy. Vandaar zou ik dan Merel naar de crèche brengen, en dan terug naar huis, een ochtendwandeling van alles bij elkaar drie kwartier. Helaas, vannacht is Wolf uit zijn bed gedonderd, met een Tom-en-Jerrybuil als gevolg (zo ene als een duivenei) en een serieus diepe snee in zijn voet, van tegen het nachtkastje te botsen. Don’t ask, dat doe ik ook niet. Hij loopt serieus te manken, en het ziet er ook wel pijnlijk uit. Ik heb ze dus maar met de auto afgezet, en heb daarna de kuisvrouw geholpen bij het opruimen.

Ha ja, want tegen tien uur kwam Sophie langs, een vriendin van bijna dertig jaar geleden. We hebben namelijk samen de eerste jaren van ons middelbaar gedaan, waren toen echt wel bffs, en zijn contact blijven houden. De laatste jaren was dat wat verwaterd, maar door omstandigheden hebben we de draad terug opgepikt. En dus zat ze deze morgen bij mij op het terras koffie te drinken, en kletsten we zoals vanouds, alsof we elkaar pas vorige maand nog hadden gezien, in plaats van negen jaar geleden.

Tegen half één trok ik richting Korenmarkt voor een twunch. Het eten zelf hebben we binnen gedaan, want op het terras was geen plaats voor een groep van acht, maar daarna hebben we buiten in de zon koffie gedronken. En man, ze brandde, die zon. Ik had nog al lachend gevraagd of ik geen zonnecrème zou meenemen, en dat had ik dus beter gedaan.

Tegen half drie ging ik even binnen in de Hema, keek of er Tshirts te vinden waren voor Wolf in de H&M, waaide even langs in de Steps, kocht twee ringen bij M.A.R.T.H.A., en was net op tijd thuis om de jongens op te vangen die van school kwamen. Ik reed het gras af, plantte wat bloemen uit, en stelde toen vast dat ik toch eigenlijk écht wel verbrand was op mijn bovenarmen en in mijn décolleté. Slimme. Ik had er eigenlijk gewoon niet bij stilgestaan. Het was zelfs op het randje van het pijnlijke, en ik was blij dat ik Flamigel in huis had.

Ik haalde Merel vrij vroeg op in de crèche, we aten buiten, en ik zorgde dat ik rond kwart na zeven met de jongens in de Weight Watchers stond. Ik liet me enkel wegen (man, zó’n slecht resultaat!) en reed meteen terug naar huis, om de kinderen in bed te steken.

En smeerde. Serieus gasten, dat weer hier, dat is echt alles of niks. Kunnen we niet eerst even rustig wat kleur opbouwen, nee?