Cantandum

Yep, we zijn er – opnieuw – aan begonnen, aan ons koor! Het deed wel raar, na al die tijd… Ha ja, in de eerste lockdown gingen we uiteraard plat, en daarna hebben we een aantal keer kunnen zingen, maar met mondmaskers en afstand en zo, de lol was er een beetje af.

En toen ging de boel, begrijpelijkerwijs, weer dicht. Ja, zo’n koor, dat is niet bepaald coronaveilig, als je eerlijk bent. Iedereen zit er vollen bak te zingen en dus aerosolen te verspreiden.

Eind juni mochten we in principe nog een paar repetities doen, maar daar was bijzonder weinig animo rond en het nut was ook zeer beperkt.

Maar vandaag, vandaag mocht het weer. We waren met niet bijzonder veel – nogal wat volk is met vakantie, zo buiten de schoolvakanties – maar het deed wel enorm deugd. En dat programma voor dat concert op 30 januari, dat komt helemaal goed.

Eindejaarsshenanigans

Elk jaar verloopt de laatste maandag van het schooljaar zowat hetzelfde: eerst een lange dag deliberaties, koffie drinken, wachten en discussiëren.
Om 13.00 uur kregen de zesdes hun attestering, en aansluitend zette ik de zesdes die gaan spelen op onze proclamatie, nog eens aan het oefenen.

Daarna nog meer deliberaties, en dan de voetbalmatchen van de zesdes tegen de leraars, zoals elk jaar. Onze heren slagen er precies niet meer in te winnen, de laatste jaren, maar ze worden er natuurlijk ook niet jonger op. Verslag daarvan met massa’s foto’s vindt u hier, uiteraard.

En daarna was er, zoals altijd, de barbecue. Ook die was andermaal zalig: gewoon buiten in de binnentuin, met alle tachtig leerlingen geslaagd: de sfeer zat er gigantisch goed in! Om een of andere reden ben ik deze keer wél tussen de leerkrachten verzeild, terwijl ik meestal tussen de leerlingen zit. Goh, oud worden zeker?

En als afsluiter ben ik rond middernacht in alle rust en stilte naar huis gefietst, doorheen de onverlichte Lange Velden, en ik heb er zelfs mijn eigen licht uitgedaan: fietsen in het donker is en blijft zalig. Echt.

Cantabile: een update

Intussen zing ik toch al bijna twee maanden bij Cantabile. Nu ja, op Hemelvaart was er geen repetitie, de dirigent is ook een keertje ziek geweest, en ikzelf was ook een keer gewoon veel te moe, maar bon, ik ben toch echt wel weer aan het zingen. Stilaan begin ik mijn plaats te vinden tussen de heren, en ook het zichtlezen gaat echt wel goed, ik ben blijkbaar zelfs een van de betere zichtlezers tussen de tenoren. Maar Steve, de dirigent, gaat echt wel snel, en de Grosse Messe in C minor is niet echt het gemakkelijkste werk van Mozart, zeker niet in het tempo dat Steve ervan maakt. Maar ik amuseer me tot en met, en ben elke keer compleet leeggezongen na die 2,5 uur.

Steve legt dus de lat echt wel hoog, maar het is vooral dankzij hem dat dat ook lukt: hij is één brok energie, soms op het irritante af, en weet echt wel het beste uit zijn zangers te halen. En – ik weet niet waar hij het allemaal haalt, hij moet een bizarre fantasie hebben – hij doorspekt zijn repetities ook met de gekste one-liners, die vaak op het randje af beledigend zijn, maar op zo’n manier gebracht, dat het je alleen maar uitdaagt beter je best te doen.

Twee voorbeeldjes van de repetitie vandaag

* Sopraantjes, ziet dat ge niet klinkt als een kip die een ei moet leggen he!

* Dat klonk als de paringsroep van de uitgestorven Noord-Afrikaanse boshyena…

Voor wie die onzin wil volgen: op donderdagavond onder de hashtag #stuffstevesays op twitter :-p