Nog eens picknicken!

Tsja, nu Kobe gestopt is met rugby en Wolf al een hele tijd niet meer mocht spelen, gingen Merel en ik uiteraard ook niet meer picknicken aan de Blaarmeersen.
Tot gisteren dus. Want Wolf staat eindelijk weer op een plein, en het was prachtig weer, dus hadden Merel en ik een rugzakje met boterhammetjes mee. Ze danste om me heen, we liepen zoals altijd langs de tennisvelden en verzeilden op het speeltuintje. Geloof me, blijkbaar is dat nog altijd even leuk voor een quasi negenjarige als voor een zesjarige. Alleen maakte ze er nu meteen maar een filmpje van. En wat doet mama dan? Filmen, natuurlijk. Ik heb alleen het gevoel dat ze nogal vaak naar youtubers kijkt…

We aten er een deel van onze boterhammen op, de rest bewaarden we voor op de pier. En daar bekeek ik ook even onze geocache die daar zit en het blijkbaar nog altijd goed doet.

Eindigen deden we natuurlijk in het clubhuis, en het voelde wel een beetje als thuiskomen: er is in die tijd nog geen haar veranderd, en ook de mensen zijn grotendeels dezelfde.

Picknick in het Middelheim

Ik probeer er een traditie van te maken, die picknick in het Middelheimpark of Middelheimmuseum, ’t is maar hoe je het noemt. Twee jaar geleden was er behoorlijk wat volk, vorig jaar viel dat een beetje tegen.

Ook dit jaar had veel volk beloofd om langs te komen, maar toen puntje bij paaltje kwam, waren we maar met een handvol. Niet dat dat erg was: het werd een zeer gezellige en aangename bedoening, dik in orde! Jonas en Annelies waren er met de vier kinderen, Babeth en Mario waren er, en Dave en Veerle.

Er werd veel getetterd, veel gegeten en door de kinderen eigenlijk ook veel gespeeld. Voor een keer hebben we eigenlijk zelfs niet rondgewandeld: het was er nogal warm, zou je kunnen stellen.

Het zorgde er ook voor dat we tegen zessen terug waren en dat de kinderen meteen in het zwembad plonsden. Duh.

Maar alweer een dag vol sociale interactie, stel u voor! En volgend jaar opnieuw, zeker weten.

 

Picknick in het Middelheim

Vorig jaar hadden we, klop midden in de vakantie, een picknick georganiseerd in het Middelheimpark in Antwerpen. Dat was toen zó fijn, dat we het voor herhaling vatbaar vonden. Alleen waren we nu net midden in de vakantie op reis, dus dat ging niet.

Eerst had ik het gepland op 15 augustus, maar dan zit de helft van Antwerpen bij zijn moeder, en bleek uiteindelijk ook Wolf een bezoekdag te hebben, zodat we maar naar Brugge zijn gegaan die dag.

We hebben het dan maar verzet naar vandaag, en nog redelijk wat mensen gaven aan dat ze konden. Helaas, in de voorbije dagen regende het afzeggingen, zodat uiteindelijk enkel Babeth en Danny en Els er waren. HEt werd er eigenlijk niet minder gezellig om.

We aten, en de kinderen stortten zich op de kleiput naast ons plekje. Dat vormt op zich ook een kunstwerk: je mag maken wat je wil, en dan kan je het in de kastjes naast de put zetten, en daar je handen wassen of zelfs een douche nemen…

Na het eten wandelden Els en ik nog even rond doorheen een klein stukje van het beeldenpark, en dat is echt zalig… Vorige keer had ik ook al gezegd dat ik heel graag in de herfst, als de bladeren verkleuren, wilde terugkomen, maar toen zat ik met mijn rug… Beelden, daar hou ik dus echt van. Ik kan hier uren rondlopen, denk ik.

Ik ga proberen om hier een jaarlijkse traditie van te maken, hopelijk de volgende keer met meer succes.

Eerste picknick van het jaar

Dat ik ze ongelofelijk had gemist, mijn wekelijkse zenmomenten. Daarmee bedoel ik de picknick die Merel en ik houden op de Blaarmeersen tijdens de rugbytraining van de jongens. Vroeger was dat eigenlijk bijna per definitie twee keer per week: ik moest sowieso zelf rijden omdat ik twee jongens meenam, en uit onze straat er nog drie waren en die dus niet samen in één auto konden. Temperaturen hielden Merel en mij niet tegen om te picknicken: zelfs in de vrieskou deden we onze wandeling en aten we onze boterhammetjes. Alleen regen was gewoon niet fijn, en dan bleven we in het clubhuis.

Sinds Wolf in januari 2017 zich bezeerde en dus niet meer kon spelen, reed Kobe al eens vaker mee met de kinderen uit de straat, nog zo’n gemak. Ik reed ook regelmatig zelf, maar dan kon ik niet picknicken want met Merel erbij werd de auto andermaal te klein. Maar in september was Sebastiaan gestopt met rugby, en waren er enkel nog Kobe, Elias en Tije, en dat viel alweer mee natuurlijk.

De laatste keer dat Merel en ik nog gingen picknicken, was eind september: we wandelden de hele vijver rond en genoten intens van een zeemeerminverhaal. Maar toen gebeurde mijn rug, en was het gedaan met wandelen. En picknicken. En eigenlijk zowat alles.

Maar intussen kan ik wel weer wandelen, zelfs na een lastige dag, ook al rijdt Kobe nog steeds meestal mee met Elias of Tije. Elias heeft op woensdag echter maar training van zes tot zeven en niet op vrijdag, en dus spreek ik tegenwoordig vaak af met Erika van Tije wie er rijdt. Vandaag was Tije echter op zeeklas met school, en moest ik per definitie zelf rijden. En aangezien het prachtig weer was en ik me prima voelde, smeerde Merel boterhammetjes, en gingen we eindelijk nog eens picknicken.

Je hoeft maar naar de foto’s te kijken om de vreugde te zien, denk ik dan. Ik ben een gelukkig mens.

Een picknick zoals die moet zijn

Ik kreeg het dus in mijn hoofd dat we dringend eens naar het Middelheimpark moesten, om er de beelden te bekijken. Meteen dacht ik aan een picknick: ideaal voor Wolf om wat rond te lopen, wat te rusten, opnieuw rond te lopen… Want lang stappen of stilstaan – nog erger – lukt nog steeds niet.

En toen dacht ik: waarom gooi ik het niet op Facebook, en maak ik er een vriendenuitje van? Nogal wat volk reageerde: Annelies met hond Layka woont om de hoek. Raf met zoon Kaz en dochter Lena woont ook niet ver, Babeth en Mario met ma Edith kwamen speciaal uit Vilvoorde afzakken, Koen met dochters Mira-Lou en Lena-Lisa was iets later dan gepland, en ook Birgit met zoonlief Dries kwam langs. Op het moment zelf reageerde ook Kitty of ze mocht langskomen. Duh. Alleen Edward moest afhaken met een zieke dochter; nochtans waren de sandwichkes al gekocht. En last but not least was er ook Bard, die in het Middelheimmuseum werkt, en dus niet bepaald ver moest lopen. Hij had meteen wat plannetjes meegebracht, zowel van het ganse park als van de tijdelijke tentoonstelling van Richard Deacon.

Het werd, zoals Koen stelde, “een dagje museumpicknick, speeltuin met 5 extra kinderen, cultuur, geweldig gezelschap, dogsitting met de zalige Laïka, heerlijke babbels en vooral sfeer… ongedwongen en hartelijk!” Ik genoot intens, en had heel erg een vakantiegevoel.

Na het eten moest Bard terug aan het werk, trokken Raf en Koen met 7 kinderen richting speeltuin, en gingen Birgit, Kitty, Babeth, Annelies, Edith en ik beelden kijken, en een geoache-fotozoektocht oplossen. Wolf, tot mijn grote verbazing, vergezelde ons: hij doet echt zijn best om te bewegen, en zag de wandeling wel zitten. Het hielp ook wel dat het park Pokémonheaven is: zo goed als élk beeld is een pokéstop, en het stikt er van de beesten! Enfin, we liepen rond, ik keek mijn ogen uit, en kon mezelf wel slaan dat ik hier nooit eerder ben geweest.

Een aantal van de foto’s zie je in de meer algemene post van vandaag. Ik voeg er nog een paar toe, met kinderen en zo erbij :-p

We namen even pauze in de fantastische ligstoelen die het park zelf voorziet, dronken wat want het was plots warm geworden, en gingen verder met deel twee. Babeth en Edith haakten af omdat ze naar huis moesten, en ook Birgit en Kitty hadden andere verplichtingen. Maar Wolf ging wel degelijk mee voor deel twee, terwijl ook Merel en Mira-Lou ons vervoegden, en de rest van de kinderen ging kubben of voetballen met Raf en Koen. We vonden ook nog met enige moeite een toch wel lastige aparte geocache.

En toen was het plots al half vijf… Ook Annelies moest weg, Wolfs rug deed gemeen zeer, en we hielden het voor bekeken. De fotozoektocht is nog net niet afgelopen, we missen nog twee beelden, maar Annelies ging ze een dezer dagen eens verder zoeken, zei ze. Maar ik had een fantastische middag: vrienden en fijne babbels, prachtige beelden, excellent weer, een stevige portie cultuur, en vooral een ongelofelijk ontspannend gevoel.

En dan kreeg ik nog een verrassing van Bard: de museumgids, een heel knap vormgegeven boekje. Ik heb er al in zitten bladeren en zelfs zitten lezen. Bedankt, Bard, maar dat was echt niet nodig hoor! Ik ben sowieso laaiend enthousiast!

Kom ik dus terug? ’t Zal wel zijn da! Misschien nog eens een picknick op het einde van de vakantie, of op een mooie zondag in september. Ofwel wacht ik op een prachtige herfstige zondag, wanneer de bladeren al verkleurd zijn, en we dan in de buurt iets eten. Zeker weten dat ik Bart meepak, voor zowel beelden als pokemon.

Dat ik hier niet eerder ben gekomen, ik snap het nog steeds niet.

Oh, enne… het terugrijden?

Buitendagje

De rug begon niet echt veelbelovend, maar ik vond hem goed genoeg om de gemaakte plannen uit te voeren: een fotoshoot voor Merels communie. Het begint stilaan tijd te worden, nog twee weken en het is zo ver…

Ik ben zeker geen professioneel fotograaf, maar de foto’s op zich zijn wel goed gelukt, denk ik. Mijn belichting kon soms wel wat beter, maar bon, ze zijn perfect bruikbaar, mede dankzij Michel die even de kleuren wat beter zette. Dikke merci!

We waren maar na de middag terug thuis, en dus werd het McDonalds als middageten. Ik hoorde totààl geen protest bij de kinderen :-p

Nog wat later gooide ik Kobe af bij de muziekles en ging ik zelf op tafel bij de kinesist liggen. De rug is er nog niet, maar eigenlijk heb ik weinig last gehad. Hij was in elk geval goed genoeg om ’s avonds Kobe op de rugby af te zetten, en met Wolf en Merel een fijne wandeling en picknick te maken.

Ongelofelijk hoeveel lol die twee samen kunnen maken, en welke slappe lach ze allebei kunnen krijgen…

Zuipnat, of ’t scheelde toch niet veel

Een doodgewone vrijdag, dus ’s avonds met zijn allen naar de rugby. Merel wilde heel graag op de grote speeltuin, en dus parkeerden we aan die kant, en namen de grote zak met de picknick en zo. Ik keek even naar de lucht die stralend blauw was en waar de zon zeer enthousiast scheen, en verklaarde dat de paraplu’s enkel maar ballast gingen zijn. En dus togen de dochter en ik op weg, door de stralende zon.

We installeerden ons op een bankje aan de speeltuin, en meteen voelde ik nattigheid. Letterlijk. Een paar druppeltjes, maar ik zat netjes onder een boom, het zou wel meevallen, het was maar een vlaag.

Hmm.

Na een paar minuten zei Merel: “Mama, zouden we toch niet gaan schuilen? Het begint precies harder te regenen.” Ik keek rond, maar zag niet echt iets schuilenswaardigs, toch niet dichtbij. Behalve dan het piepkleine kleuterhuisje. Ik geef even een foto van vorige keer mee om te tonen hoe groot dat precies is, dat huisje.

img_6723

Enfin, nood breekt wet, dus ik vouwde me in vieren, en geraakte net het huisje binnen. Net op tijd, want toen barstte het onweer stevig los, en was ik wat blij om opgevouwen in een kabouterhuisje mijn boterhammen te kunnen opeten.

Enfin, een half uur, een paar boterhammen, een gigantische onweersbui en een hoop spelletjes ‘Ik zie, ik zie wat jij niet ziet’ later, ondernam ik een poging om weer uit dat huisje te geraken. Wat simpeler lijkt dan het was. Uiteindelijk bleek ‘kont eerst’ het juiste manoeuvre om er weer uit te geraken. Merel kreeg zowat de slappe lach.

Maar we waren dus wel grotendeels droog, dat wel. Oef.