Huisje kijken

Peggy, de personeelsverantwoordelijke van onze school, is eigenlijk al lang meer dan een collega.

Afgelopen jaar is ze verhuisd van Mariakerke naar Wondelgem, en ook al had ik de bouw van dat nieuwe huis meegevolgd – zowel door haar verhalen als door af en toe eens langs te fietsen – ik was er nog steeds niet geraakt.

Enfin, geraakt is eigenlijk niet het juiste woord: als risicopatiënt was het voor haar nu niet direct aangeraden om volk over de vloer te laten komen. Maar we hadden al eventjes gezegd: als het van de vakantie goed weer is, kom ik ne keer op uw terras koffie drinken en uw huis bekijken. Meer nog: we hadden de week van de 19de voorzien in onze agenda, want daarvoor zou het toch niet lukken.

En dus kreeg ik plichtsgetrouw een berichtje: dinsdag koffie? Vrolijk fietste ik dus richting Peggy, waar ik dacht een goed uur of zo te zitten. Ja goe were!

Ik had het eigenlijk moeten weten: we hadden al zo lang niet meer de tijd gehad om eens deftig te kletsen aangezien zij vooral thuis werkte. Ik was er tegen kwart voor drie, en het was na zessen tegen dat ik weer op de fiets zat.

Maar man, dat deed deugd! Gewoon over vanalles nog eens tetteren, en eigenlijk bijzonder weinig over het werk, zo hoort dat in de vakantie.

En dat huis? Stevig de moeite!

Maatje

Ik zeg al jaar en dag dat ik nog eens samen met Peggy moet gaan lunchen. Alleen zijn onze lesroosters nooit compatibel. Tot dit jaar: zij stopt op vrijdag om 12.00 uur, en ik dit jaar om 12.05 uur. Bingo!

En dan nog concreet zien in te plannen, met al mijn larpweekends en andere dingen. Maar eindelijk is het vandaag dus gelukt. Zij kende het Kolleke nog niet, het leek me ideaal om daar dus nog eens binnen te waaien, al was het maar voor de zalige frietjes daar.

Het werd zalm met béarnaise, voor beiden, en bijzonder goed bevonden ook.

Peggy, maatje, we gaan dat toch nog eens vaker moeten doen, deal?

Heerlijk gezelschap

Sommige dagen zijn gewoon beter dan andere.

Deze morgen genoot ik intens van Merels gelukzalige glimlach bij het posten van de brief naar de Sint. Hoe zo’n geloof nog zo rotsvast kan zijn… En het leuke is: Kobe heeft evenveel moeite gedaan, met brief en tekening en alles, want alleen op die manier blijft de illusie bij Merel in stand, zei hij. Fantastisch, toch?

Daarna ben ik braafjes wat gaan liggen, want tegen half elf stond ik al te koken: rustig, in stagekes, en tussenin af en toe weer liggen. Mijn maatje van ’t school kwam namelijk langs, en we zijn beide aan het Weight Watchen: dik in orde dus. Ik maakte een fantastisch receptje klaar, en levendeverse pompoensoep met dille.

We zetten ons te tetteren, ik kreeg alle verhalen en roddels (nu ja) van school te horen, en ik genoot er immens van. Ja, zo drie maanden thuis zitten, da’s niet zo bevorderlijk voor het sociale leven. Al een chance dat ik van nature nog niet zo’n sociale ben…

Maar nog ne keer merci, Peggy’tje, ’t heeft me deugd gedaan!!