Vlaardingen dag twee
Tegen half negen waren we op, pas tegen half elf zaten we weer op de fiets, deze keer voor een reeksje échte caches – in tegenstelling tot labcaches, waar je gewoon een vraag moet beantwoorden en niks fysieks zoeken – in de buurt en daarna in centrum Vlaardingen, waar we iets wilden eten.
We vonden een hele fijne cache aan een verborgen vlaggenstok, een hele fijne gewijd aan de bekendste inwoners van Vlaardingen, zijnde Bassie en Adriaan, en nog wat andere losse, zoals een virtual aan een ijzertijdhoeve. Er zat er ook eentje in de Twist, de speciale fietsbrug, maar dat was wat veel klauterwerk voor twee kapotte mensen dus die hebben we maar zo gelaten.
Aan de kerk van Vlaardingen vonden we een plekje om te eten, en ik hield het bij een yoghurt met granola aangezien ik ’s avonds nog ging eten. We zagen een trouw en een hoop volk wegens een brandmelding ergens in de buurt, en ook een tweede fotocache bij een van de talloze nieuwe putdeksels ter ere van de herdenking van de Slag bij Vlaardingen in 1018.
We fietsten verder, pikten ook nog een aantal labcaches op in het centrum, fietsten langs plekjes die Mireille nog niet kende, en hadden uiteindelijk toch weer 16 kilometer op de teller.
En om 15.00 uur zat ik weer in de auto richting Gent: andere, leuke verplichtingen riepen me terug. Het had gerust wat langer mogen duren, maar dan had ik wellicht Mireille helemaal uitgeput. Tsja.
Vlaardingen
Mireille had me laten weten dat ze deze week in Vlaardingen zat, een klein stadje – of toch dorp? – naast Rotterdam. Ze heeft daar vrienden die op reis zijn, en past op de katten. Of ik geen zin had om een paar dagen af te komen? Zin zeker, maar het in de agenda krijgen, dat was een ander paar mouwen. Gisterenavond was er – of zou er geweest zijn – Masks, en donderdagavond moeten we gaan eten. Maar van woensdagvoormiddag tot donderdagnamiddag moest dus wel nog kunnen. Het is niet alsof het druk is, en al.
Ik sliep vrij lang, had geen zin om me op te jagen, moest blijkbaar nog vanalles regelen – orthodontistafspraak regelen, mijn pa zijn was gaan brengen, Wolf het eten gaan brengen dat hij vergeten was, dat soort onzin – waardoor het uiteindelijk iets na één was toen ik daar in Vlaardingen mijn auto parkeerde. Maar Mireille was daarop voorzien, we hadden al uitgebreid plannen gemaakt, dus ik laadde mijn spullen uit, nam wat ik nodig had, en ging samen met haar de elektrische fiets op. We fietsten door prachtig natuurgebied naar een ‘pontje’ – een veerboot dus – die ons naar een restaurant bracht.
Daar aten we aan de rand van het water en genoten, ook al was het intussen al twee uur.
We namen het vervolg van het pontje, fietsten verder en kwamen in Maasland om er labcaches te zoeken. Mireille heeft drie jaar vlakbij gewoond, maar was nooit in het dorpje zelf geweest. Bijzonder charmant, mooi, met een oud kerkhofje, een heus Museum De Schilpen met snoep van vroeger – het sloot net, we konden even binnen kijken maar kregen de uitleg niet meer – en prachtige straatjes.
Alleen vonden we er geen cafeetje of zo, terwijl we toch een koffie wilden. We fietsten dus nog even verder en kwamen terecht in het Sonnetje, een pannenkoekenhuis waar Mireille blijkbaar vroeger wel eens kwam met haar schoonmoeder en zo. Nostalgie!
En toen fietsten we naar huis, want de energie was na 30 labcaches en 22 kilometer eigenlijk toch wel op.
Edoch, een korte trip naar de Jumbo en een avondeten later, bleken we het toch nog te zien zitten om een korte wandeling met 5 labcaches in de buurt te maken. Het bleken uiteindelijk toch drie kilometer te zijn, maar we waren heerlijk verfrist en op adem gekomen.
Er volgde nog een douche en iets met hete thee en een Nip ‘n’ Dip koekje en bijhorende lachbui, en toen was het welletjes.
Dagje Nederland, in casu het Kröller-Müller
Bart moest vandaag in Ede zijn, tussen Arnhem en Utrecht, voor een podcast. Hij had gevraagd of ik geen zin had om mee te komen, en daar zei ik geen nee tegen: het is bijna drie uur rijden, maar twintig minuten verder zit je in Otterlo, meer bepaald in het Kröller-Müller museum, en voor zover ik me herinnerde, heeft dat een prachtige collectie. Meteen kon hij me in het terugrijden afgooien in Dordrecht, voor Big Rivers. Normaal gezien zou ik vrijdag zelf rijden en dan Mireille oppikken, maar mijn auto is nog steeds in de garage, helaas, ik heb dus geen vervoer. Ik had de trein kunnen nemen of iets anders proberen verzinnen, zoals het huren van een auto, maar een van de logische routes van Otterlo naar huis is via Dordrecht, en wie ben ik dan om moeilijk te doen?
Rond negen uur vertrokken we, kwart voor twaalf stonden we op de markt in Ede, nog wat later genoten we allebei van een fijne salade en had ik al wat labcaches gevonden. Tsja…
Om één uur moest hij bij OMA zijn voor zijn podcast, en ik ben dan maar in de buurt gaan rondlopen voor een paar geocaches. Er was een hele leuke multi rond vijf grote kunstwerken op ronde punten, maar jammer genoeg klopte mijn berekening voor de uiteindelijke cache niet helemaal. Maar ik had dus wel een fijne wandeling in een mooie buurt.
Iets voor drie waren we in Otterlo. Wat een prachtig museum, wat een collectie! Ik heb veel te veel foto’s genomen, maar bon, het is mijn blog :-p
Voor de beeldentuin deed Barts voet te veel pijn, dus liepen we daar niet echt rond.
Het zorgde er wel voor dat ik netjes tegen zessen in Dordrecht was, wat ervoor zorgde dat ik mee kon eten – Sabrina had heerlijk gekookt met gnocchi en soep en salades – en dat ik vooral ook mee kon op het bootje. Maar dat is voor een volgende blogpost.
UGent Racing competitie
Merel is voorlopig weer eventjes enig kind, want Kobe zit met de scouts in Montenegro, en Wolf is zaterdag vertrokken naar Assen in Nederland, naar het race circuit daar. Yup, met hun Formula Student Car, ofte UGent Racing. Ze zijn met behoorlijk wat volk naar ginder, waar ze gaan kamperen want er is geen accommodatie voor zoveel volk in de buurt. Er zijn namelijk een dertigtal verschillende teams van internationale universiteiten aanwezig met hun zelfgebouwde elektrische racewagen, waaronder ook de KULeuven en de Universiteit van Delft, die sowieso enkel technische profielen opleidt.
Het is nog niet gezegd dat ze ook echt zullen mogen racen met hun bolide, de competitie gaat ook daar niet echt over. Ze worden beoordeeld op een hele resem verschillende onderdelen, zoals het ontwerp, de materiaalkeuze, de bouw van de batterij, de sturing, de ophanging, u snapt het wel. Ze zijn eigenlijk nog maar drie jaar bezig hier in Gent en staan behoorlijk ver, zeker als je dat vergelijkt met andere universiteiten die al jà ren bezig zijn met dit project.
Geen idee wat Wolf er precies moet doen, maar ik weet wel dat hij zich in zijn element voelt: allemaal gelijkgestemde zielen, een bende nerds op een kluitje, maar dan wel de avontuurlijk ingestelde nerds. Ik ben benieuwd om de verhalen te horen wanneer hij vrijdagavond terug thuis komt…
Port Zélande
Dit jaar kon Bart het zich niet echt permitteren om lang op vakantie te gaan: te veel hete hangijzers in het vuur, te veel dingen die nu onmiddellijke reactie kunnen vragen. We wisten dat op voorhand, het is niet alsof dat een probleem was. Ik had met de kinderen afgesproken deze week vrij te houden, en we gingen wel zien wat we dan gingen doen. Ik had gedacht met de auto naar Engeland te gaan en er van B&B naar B&B te rijden, zoals ik zelf altijd heb gedaan met ons ma. Of Duitsland, of Bretagne of zo.
Maar zij kwamen met het uitdrukkelijke verzoek nog eens Center Parcs te doen: dat was eeuwen geleden en ze vonden dat zo leuk. Euh… van mij niet gelaten. We kozen Port Zélande omdat we daar goeie herinneringen aan hadden en dat amper een dik uur rijden is van thuis. Nog een chance, want morgen mag Bart al heen en weer rijden… Tsja.
We waren zowaar klaar om half tien, du jamais vu, terwijl Arwen pas afgezet werd om tien uur. Iets later zaten we dus in de auto’s, richting Middelburg. Daar wilden we even de toerist uithangen, wat geocaches oppikken en iets eten. Er was stralende zon toen we er toekwamen, maar gelukkig zaten we tijdens het eten onder een grote parasol, want jawel, de eerste regenbui was een feit.
Tegen een goeie één uur zaten we alweer in de auto en reden we via de Deltawerken Neeltje Jans. Ik had het me indrukwekkender van uitzicht voorgesteld, om eerlijk te zijn, ook al waaiden we er bijna weg.
Om half drie waren we in Center Parcs, zodat we eerst nog een koffie gingen drinken voor we in ons huisje kwamen. Om eerlijk te zijn: dat huisje valt een klein beetje tegen. Het is klein voor zes personen: één kleine badkamer, en de zetel in de woonkamer is zo groot dat je hem opzij moet schuiven als je naar het terrasje wil. Nu, ik denk niet dat we dat vaak gaan willen, want het regent eigenlijk nogal. En daarnaast, ja het is vernieuwd, maar de oude houten ramen zijn nog altijd gewoon oude houten ramen die niet perfect sluiten en dat soort dingen. Meh.
Enfin, we installeerden ons en Bart ging met de kinderen prompt naar het zwembad. Ik paste: ik weet niet wat het is, maar ik ben de laatste dagen nogal opvliegend en slecht gehumeurd, en de stilte en het lezen deed me goed.
Tegen half zeven werd er gegeten, en terwijl de kinderen dan wat tv en computer keken, maakten Bart en ik nog een avondwandeling. Het is een twintig minuutjes wandelen tot aan de zee, en dat is wat we deden, onder een dreigende avondlucht. Tot onze grote verbazing vonden we vlak voor de duinen een betonnen vlakte, het lijkt wel een schots en scheve landingsbaan. Vreemd, tot ik leerde dat het hier eigenlijk een immense dam is, en dan is het meteen minder vreemd. We wandelden rond, pikten een geocache op, stelden vast dat het eb was en de zee zelf wel heel ver lag, en keerden op onze stappen terug, want de lucht begon nu wel héél erg dreigend te worden, compleet met bliksems en al. Een zonsondergang zien over de zee zat er dus niet echt in.
Helemaal droog hebben we het niet gehouden, maar het was pas toen we al veilig en wel terug waren in het huisje dat het beginnen gieten is. Oef.
Eemhof: dag vier en einde
Ik had de wekker om acht uur gezet, kwestie van op tijd uit het huisje te zijn zonder ons te moeten opjagen.
We ontbeten op ons gemakje, met broodjes en rozijnenkadetjes (ik heb geen beter woord, want het waren effectief van die zachte broodjes die je enkel in Nederland vindt) en pistolets voor 9 man ^^, en ik smeerde ons dus ook een uitgebreide lunch.
We ruimden op, de kinderen amuseerden zich rot met het aftrekken van het beddengoed, en ik laadde in. En stelde vast dat ik niet alleen niks was met het restje koffie dat ik nog had, omdat ik de koffiefilters al aan Bart had meegegeven, maar dat ik ook de grote afwas met de hand mocht doen, omdat ook de vaatwastabletten intussen alweer in Wondelgem zaten. Zucht.
Bon, om half elf trokken we de deur achter ons dicht, namen het zwemgerief, en gingen nog even zwemmen. Tot mijn grote verbazing was het er echt niet drukker dan anders. Ik had verwacht dat het merendeel van de gasten nog zou gaan zwemmen, maar dat was duidelijk niet het geval.
We genoten, al vond Kobe het jammer dat hij nu niet in de wildwaterbaan kon gaan, nu ik bij zijn zusje moest blijven. Tsja. Tegen half een vond ik het welletjes, en tegen één uur zaten we op een bankje aan het haventje boterhammen te eten en wespen weg te slaan. En tegen twintig over zaten we in de auto. De GPS zei half vier, en dus had ik nog een drie kwartier speling om op tijd te zijn op Wolfs rugbykamp.
Helaas.
Er waren werken op de ring rond Utrecht, en er was wat verderop een ongeluk gebeurd, en dus tikten de minuten traag weg… Exact op de grens met België begon het ook nog eens te regenen, waardoor alle verkeer net dat beetje trager begon te gaan. Gelukkig hadden we geen problemen rond Antwerpen, maar de maximumsnelheid bleef rond de honderd hangen, en dus kwamen er nog meer minuten op diezelfde GPS bij. Gelukkig heeft Merel bijna twee uur liggen slapen, en ook Kobe was een tijdlang onder zeil.
Al bij al was het half vijf voor we op de Blaarmeersen stonden, en zelfs nog iets later voor we doorhadden dat Wolf niet in de Piereput zat, niet in het rugbyclubhuis, maar in de cafetaria van de atletiek. Faut le savoir.
En op de vraag hoe het was geweest, antwoordde hij: “Slecht.”
?
“Ha ja, mama, het kamp zelf was vree wijs en vree goed, maar ik heb mijn knie wat pijn gedaan in de voormiddag.”
Effectief, hij was wat aan het manken. Ach ja, ijs erop, kinegel, wat rusten, en we zien morgen wel weer. Desnoods doet hij zijn brace aan, en zegt hij tegen de lesgevers het wat rustiger aan te doen.
Dat hebben we vanavond trouwens allemaal gedaan. De kinderen waren blij terug in hun eigen huis te zijn, met hun eigen tv-programma’s en hun eigen speelgoed, en ik had mijn grote, vlotte PC terug. Oef ^^
Maar damn, het was daar toch mooi!
Eemhof dag drie
Ik geef u even het zicht uit mijn slaapkamer mee, deze morgen. Serieus zeg.
Omdat het merendeel van het gezelschap in de namiddag/vroege avond al vertrok, gingen we in de voormiddag zwemmen. Bo had nauwelijks nog koorts en mocht wél het zwembad in, en dus ging Omaly mee en zette zich pontificaal aan een tafeltje te zweten. Dat had als gigantische voordeel dat ze wat spullen kon bijhouden, waaronder mijn fototoestel. Zo heb ik voor het eerst echte zwembadfoto’s in Center Parcs ^^
Bart en ik mochten ons niet moeien met Merel: ze wilde enkel zwemmen met meter Else en Liv…
Wolf demonstreerde even hoe goed hij onder water kan zwemmen.
Maar ook Kobe liet zich niet onbetuigd.
Van de glijbanen en de wildwaterbaan en zo heb ik geen foto’s, dit was al moeilijk genoeg :-p
Na afloop gingen we fast food eten in de vorm van de lokale McDonalds-lookalike, en Omaly wist niet waar ze het had. Tsja, het kan niet altijd haute cuisine zijn :-p
We wandelden met zijn allen naar de Action Factory, waar Koen, Else en de kinderen afscheid namen, Omaly meteen ook meeging naar het appartement om er rustig wat te lezen, en wij – tradities zijn er om in ere te houden – gingen minigolfen. Bart won – alweer een traditie – maar Wolf zit niet ver meer achter hem aan. Dat wordt nog spannend :-p
Bij het afgeven van de golfstokken bleek er net een showtje te starten, en daar deden de kinderen nog eventjes aan mee.
We keerden terug en aten met smaak van de pannenkoeken die Omaly had meegebracht.
Intussen bleef het uitzicht prachtig:
Om zes uur stipt werd er gegeten, en om half zeven vertrokken Bart, Wolf en Omaly. Wolf heeft namelijk morgenvroeg een rugbykamp, en op die manier hoefde Bart ook geen dagje werk te missen.
Ik blijf nog een dagje met de twee kleintjes: opruimen, alles inladen, en dan wellicht nog even zwemmen. We moeten het appartement verlaten om tien uur, en da’s ideaal dan. Want ja, om vier uur moeten we Wolf afhalen van zijn kamp, en het is toch wel eventjes rijden.
In ieder geval deed het wel raar, zo’n groot appartement voor ons alleen.
Eerst nog met zijn drieën, maar al gauw zat ik alleen.
Ik las, zat achter mijn computer, en genoot intens van het uitzicht en de ondergaande zon. Moest ik hier wonen, ik deed nooit mijn gordijnen dicht, goed geweten.
Eemhof, dag twee
Er moest uiteraard uitgebreid gespeeld worden met petekindje Bo, ook al was die eigenlijk wat ziekjes.

Tegen tien uur trok ik met beide jongens naar de Action Factory, en zaten we zo goed als alleen in de filmzaal voor Kung Fu Panda II. Intussen speelden de meisjes, en kookte Bart.
We waren net op tijd terug aan het haventje om Koen te zien lopen met de meisjes, en dus liep Wolf snel om de vliegers, en gingen we mee tot aan het strandje. Ideaal weer, en ideale plek om te vliegeren, overigens.
Na het eten werd er nog even rustig gespeeld en zo, ging Wolf nog even op zijn eentje vliegeren, en trotseerden de jongens en ik een gigantische plensbui om tegen tweeën opnieuw in de Action Factory te zijn: ik had namelijk laser shooting geboekt voor hen, en dat vonden ze zalig.
Intussen waren de anderen ook naar de Action Factory gekomen, en werd er duchtig geklommen, en op de draaimolen gezeten.
Daarop gingen de anderen op ’t gemakje richting zwembad, terwijl wij snel onze spullen gingen halen. Omdat Bo ziek was, bleven hij en Else uit het water, en gingen ze maar met Omaly op de lappen, terwijl de rest vrolijk ging zwemmen.
Tegen half zeven hadden we een tafel geboekt in Zuiderzoet, een extern restaurant aan het haventje, waar het echt wel in orde was. Enfin, dat vond ik toch, Bart vond zijn lamsfilet niet zo geslaagd.
Aangezien het restaurant dus naast het appartementsblok ligt, bracht ik de kinderen na hun hoofdgerecht (en voor het onze) naar boven: Merel was hondemoe, en ook de jongens zaten liever nog wat tv te kijken. Zo’n grote zoon, da’s echt wel een gemak, zeker nu hij een gsm heeft en me dus gewoon kan bereiken. Merel vloog in bed, de jongens gingen iets later ook slapen, en Bart en ik maakten nog een kort romantisch wandelingetje van vijf minuten langs het water.
Toen ik een half uurtje later een kabeltje uit mijn auto ging halen, kon ik het niet laten toch nog een paar foto’s te nemen.




















































