Max in Bar Brutus
Maandag op de infoavond voor Berlijn was ik eindelijk Max en Karen nog eens tegen het lijf gelopen. Geen idee hoe het komt, maar de laatste tijd zagen we elkaar nauwelijks, terwijl we vroeger toch af en toe eens afspraken.
Ik zei dat, waarop hij prompt zijn agenda nam en voorstelde om vrijdagnamiddag samen een koffie te gaan drinken. Euh… prima, zeker? Vier uur was perfect voor mij, en we spraken af in Bar Brutus, Ik moest toegeven dat ik dat niet kende, waarop Karen me lachend onder mijn voeten gaf: de eerste echte hippe koffiebar in Mariakerke!
Bon, gisteren om vier uur stopte ik in de gietende regen aan een rijhuis op de Willemotlaan, en jawel, Karen had niet gelogen! Een open, lichtrijke, grote ruimte met gezellige hoekjes, kunst van het elfjarige supertalent Felix Franssens, een binnentuin met een op dat moment doornat terras, verschillende soorten taart en heerlijke baristakoffie.
Ik vrees dat ik Max een beetje de oren van het hoofd heb getetterd – dat overkomt me, geloof ik, wel vaker – maar ik vond het zalig. Het was echt te lang geleden dat we elkaar nog gezien hadden, en die Bar Brutus vrààgt gewoon om herhaling. Héérlijk plekje met fijne eigenaars.
Jammer dat ze tegen vijf uur sloten: we zijn zeker nog twintig minuten langer blijven zitten en dan hebben we buiten onder het afdak nog wat staan kletsen, tot het ook voor de rug welletjes was, dat stilstaan.
Max, wanneer doen we dat nog eens?
Lentezonnetje
Vorige week was ik een beetje in mijn gat gebeten: er stond hier een koppel cachers uit het Waasland die mijn TB-hotel aan ons huis nodig hadden voor de plaatsingsdatum – dat is een bepaalde uitdaging – en dus meteen een aantal van mijn andere caches hier in Wondelgem hadden gezocht. Helaas, het waren wel ervaren cachers, maar blijkbaar zat het hen die dag niet mee, want ze hadden maar liefst vijf caches niet gevonden. Euh… Ik geef toe, de meeste daarvan zijn er die ik geërfd hebben van een andere cacher die verhuisd is, en die ik niet recent had nagekeken, maar daar waren ook geen negatieve berichten over binnen gekomen. Vreemd dus.
Gisteren had ik enkel les in de voormiddag, zoals elke maandag, en over de middag nog een vergadering, maar daarna was het stralend weer zodat ik toch twee van mijn caches wilde nakijken. Jawel, allebei waren ze perfect waar ze moesten zitten, alleen was bij de ene het houdertje wat kapot, zodat ik dat vervangen heb. Een andere hier in de buurt was effectief verdwenen, die had ik eerder al vervangen.
Vandaag was er een stevige dag met leerlingencontacten en klassenraden, maar die waren voor mij al rond half drie gedaan en ik wilde vooral de rug wat stretchen en beweging geven. Ik ging dus zelf nog een cache in de buurt oplossen – een multi – en en passant nog vier caches nakijken, waarvan er drie niet gevonden waren en eentje kletsnat was. Dat laatste bleek correct, er werd een droog rolletje voorzien. De andere drie lagen perfect op hun plaats in de originele behuizing en waren dus vlot te vinden, vond ik. Tsja.
Maar ik maakte dus ook een fijn wandelingetje in de stralende zon, waarbij ik een vogelspotter tegenkwam die op zoek was naar een bosuiltje en die ik meteen heb leren geocachen. Ik hoop dat ze het nu ook nog zal doen!
Enfin, fijne wandeling, maar de rug was toch blij toen ik wat later plat in de zetel lag.
366 – 29 november 2024 – office view
Ontbijtje met Dwayne
Dwayne, een oud-leerling van me die destijds een heus lastpak was – hij weet dat zelf ook wel – wou graag nog eens afspreken voor een gezellige babbel. Ik ben een van de mensen die hij vertrouwt, en ik zei dus niet nee. We spraken af in Verz, een relatief nieuwe zaak in centrum Mariakerke waar je dus kan ontbijten, brunchen, lunchen en broodjes kopen en zo. Ferm gezellig en lekker, geloof me.
We waren er rond tien, en kletsten honderduit bij een aangenaam ontbijtje.
Tegen elf uur moest ik alweer weg wegens tegen half twaalf Véro ophalen voor nog meer woeste plannen, maar één ding was duidelijk: dit vraagt om herhaling. Al moet ik de volgende keer eerst een rustig momentje inplannen na ons ontbijt: twee ADHDers samen, dat komt niet goed.
Herfstkind
Na school ben ik nog snel even een cache vlakbij gaan nakijken, en man, ik hou van alle seizoenen, maar ik ben toch echt een herfstkind, net zoals Bart en Merel. Zeg nu zelf: een dreefje langs het park Claeys-Boüüaert naast de school, dat is toch prachtig? En dan zegt de foto eigenlijk nog niet eens zo veel…
366 – 02 oktober 2024 – ochtend in centrum Mariakerke
366 – 19 september 2024 – woon-werkverkeer
Fietstochtje voor cacheherstelling
Eerlijk? Ik was vandaag te tam om uit mijn zetel te komen. Het was te warm, er was koers, ik had geen fut… En dan weet ik achteraf dat ik het jammer vind dat ik niks gedaan heb met mijn mooie dag…
Na het avondeten ben ik alsnog op de fiets gesprongen om enkele caches na te kijken voordat we twee weken in Canada zitten: dan kan er ook niet gezaagd worden.
De eerste cache die gerapporteerd was als zijnde vol, was dat dus niet. Begon al goed. De tweede cache was wel aan een nieuw logboekje toe, een aantal andere werden nagekeken en in orde gezet. Ik fietste langs het Gaardenierspad helemaal tot aan het Blauw Brugje en verder naar het Malpertuuspark en keerde dan door Mariakerke terug tot aan het parkje Claeys-Boùùaert, want ook daar waren een paar caches – terecht – aan nazicht toe. Ik genoot van de fietstocht, wist weer waarom ik zo graag ’s avonds en ’s nachts fiets, keek even naar een cricketmatch, en smulde van de prachtige lucht vanop Mariakerkebrug. En was helemaal verfrist en opgeladen terug thuis tegen tien uur. Meer moet dat niet zijn.
Peppi en Kokki in Oostende
Gwens ouders hebben sinds oktober een pracht van een appartement op de zeedijk in Oostende. Ruim, grote open keuken, drie slaapkamers, twee badkamers, twee aparte toiletten en een klein balkonnetje. En vooral een prachtig uitzicht.
10.45 uur:
12.25 uur:
Merel en ik hadden blijkbaar de ideale dag uitgekozen om te gaan, want het was de eerste keer, zei Gwen, dat ze ongestoord op het strand konden zitten zonder dat het echt te koud was. Merel en ik hadden ons grondig voorbereid: twee campingstoelen, een parasol, badlakens, zelfs het windzeil – dat we niet opgezet hebben. In de voormiddag – allez ja, what’s in a name, we waren om kwart voor elf – hebben Gwen en ik gekletst, zoals gewoonlijk, en Merel en Lena-Mare een spel gespeeld. Die twee zien elkaar niet vaak en dat is soms wat awkward in het begin, maar dat betert wel altijd.
We gingen wat verderop garnaalkroketten eten en installeerden ons daarna op het strand. Dat ontlokte Gwen en mij trouwens een gigantische slappe lach, want we zagen onszelf daar al zitten, onder ons parasolletje, in onze campingstoelen, net twee ouwe meten van in de zeventig. Tranen gelachen! En ondertussen gingen onze meisjes – er was nog een vriendinnetje bijgekomen – zwemmen.
De zee werd zilver, de bries werd wat strakker en we pakten tegen zes uur in, nadat we eerst nog hadden zitten schrijven in het natte zand. Geocachegewijs, snapt u.
En toen hebben Gwen en ik nog pannenkoeken gebakken – ze hebben zo’n wreed wijze aparte bakplaat op het appartement – en waren we tegen negenen thuis.
Oh, btw: 19.54 uur.









