Anders elegant

Nee, voor een keertje niet ikke, maar wel Kobe. Het kalf.

Hij was al de hele week op SIS-week, een voorbereidingsweek in de scouts waarbij ze alle lokalen en het hele terrein klaar maken voor een evenement. Eigenlijk gewoon een excuus om allemaal gezellig daar te blijven slapen, me dunkt. Maar bon, hij mag dat gerust doen van ons. En dit weekend was er dus afterworkparty, een bingo en een silent disco en zo.

Ik had wel geëist dat hij zondagmiddag ging thuis zijn om te eten en dan naar die uitleg rond Japan te gaan. Er zijn grenzen, ook aan het hangen in de scouts.
Nu, gisteren stonden we toevallig met zijn tweetjes apart, toen hij zei: “Mama, ik moet je iets vertellen.” Ik vreesde al meteen het ergste, dat hij iets kapot had gekregen of zo… En toen stroopte hij zijn ene broekspijp op en trok ik daarop een wenkbrauw op. “Maar je mag niks tegen papa zeggen want dan gaat die meteen flippen!”

Bart was aan het gamen in zijn bureau, dus ik troonde Kobe mee naar de keuken in het volle licht en inspecteerde het getoonde scheenbeen. Hij had donderdagavond over een pallet willen springen, had ergens zijn sprong gemist en was nogal enthousiast tegen dat hout aangeknald. Zijn vrienden hadden gezegd, vrijdagochtend, dat hij misschien toch best eens bij een dokter zou passeren, maar dat had hij afgewimpeld. Intussen zag het hele been bont en blauw tot in zijn voet, stond het dik en gloeide het een beetje. Ik zag niet meteen etter of andere tekenen van een ontsteking, maar het was niet fraai. De wonde was ook nog niet helemaal dicht, dus ik heb het stevig ontsmet. Kobe heeft een hoge pijntolerantie, maar blijkbaar deed het toch ook meer pijn dan hij wilde toegeven. Op mijn uitdrukkelijke vraag is hij vandaag toch naar de dokter gegaan, om zeker te zijn dat het oké was, en voor een tetanosspuit. Dat laatste bleek niet nodig want nog actief van een vorig akkefietje, maar de dokter vond het inderdaad toch verstandig dat hij was gekomen. Er was geen ontsteking, maar we moesten het wel goed in de gaten houden.

Vandaag, na vier dagen, ziet het er dus nog zo uit:

Die zoon van me, die gaat nog eens helemaal blauw uitslaan, als hij niet oplet. Serieus…

Anders elegant, alweer…

Ik heb het weer kunnen doen, jawel.

We hadden netjes op tijd gegeten zodat ik op tijd naar de kine kon, zoals elke woensdag. Ik ging zelfs niet met de fiets, vanuit het idee dat ik dan door kon rijden naar school en dat bankje kon vernissen en eventueel nog ergens een cache oppikken.

Euhm…

Net toen ik wilde vertrekken, op het nippertje zoals altijd, gingen de tuinmannen vertrekken en wilden ze nog een uitleg geven. Euh… Ik moest om 13.45 uur in Evergem zijn en intussen was het dus 13.45 uur. Ik repte me naar de auto, reed van de oprit, zag dat ik mijn gsm vergeten was, zette mijn auto weer min of meer aan de kant, spurtte terug naar binnen, griste de gsm van de tafel en liep terug naar de auto. En toen had ik er blijkbaar totaal niet op gelet dat er tussen de twee baanvakken een hoogteverschil is van een centimeter of twee. Juist.

Merel, die het laatste beetje was waarvoor ik geen tijd meer had gehad, aan het ophangen was, zegt dat ze me hoorde vallen. En hoorde zuchten. Die kwam dus aangelopen terwijl ik midden op straat lag, mijn handen rond mijn enkel. Meteen haalde ze er Kobe bij. En belde, op mijn vraag, naar Barbara dat ik dus niet naar de kine ging geraken want dat mijn voet heel stevig omgeslagen was.

Kobe haalde de krukken uit de auto, hielp me rechtkrabbelen en begeleidde me richting zetel. Merel gaf me ijs voor de voet, Wolf parkeerde mijn auto weer op de oprit en ik, ik zuchtte.

Tot zover het einde van de vakantie. Ik zal wel zien hoe erg het is, en desnoods ga ik morgen naar de dokter. Het voelt in elk geval niet goed: het staat niet echt dik, is ook niet blauw, maar doet wel gemeen pijn.

Ugh.