Foodbag en verse dinges

Opnieuw een balorige zondag, waarbij de rug behoorlijk veel pijn doet en buiten af en toe de hemelsluizen open gaan met veel enthousiasme en overgave, en dat betekent geen geocaching. Het speet mijn pa niet wreed erg, had ik de indruk: er waren, zoals altijd, kousen op te vouwen en blogs te lezen, het is niet alsof hij zich verveelde.

Bart was gisteren naar de Cru geweest en smeet zich met overgave op een risotto met ham, die zeer gesmaakt werd.

De hele week al was het trouwens, euh, vreemd eten: Bart had een doos van Foodbag laten komen en daar de recepten van gemaakt. Met wisselend succes, vonden we:

kebabvlees met Hasselbackaardappelen en zure room

een ovenschotel met worstjes en boontjes

en een vegetarisch iets met broccolini en ‘fake spek’, aka. gebakken kokosschilfers.

Het is niet dat het slecht was, he, het was gewoon niet bepaald spectaculair. Maar wel nieuwe recepten en nieuwe dingen. En eigenlijk dus niet veel anders, wellicht, dan een HelloFresh et al.

We hebben vooral vastgesteld dat het vooralsnog niks voor ons is. Misschien, als we echt alle dagen moeten beginnen koken ’s avonds, dat het een oplossing is zoals voor velen, maar voorlopig toch nog even niet. Voorlopig koken we liever zelf ons eigen goesting.

Op zijn zondags

Bart had een heel druk weekend, en daarom had hij me gevraagd om voor een keertje te koken op zondag, iets wat hij standaard doet.

Ik vroeg aan de kinderen wat ze wilden eten, en prompt kwam het antwoord: quiche! Ha ja, in deze coronathuiswerktijden is het Bart die steevast kookt – hij vindt dat ontspannend – en dat is niet iets wat op zijn menu staat.

Bon, terwijl Bart aan zijn bureau zat, maakte ik fluwelige bloemkoolsoep, een quiche met bacon, champignons en mozzarella en eentje met zalm en prei, en had ik in de Delhaize ook iets speciaals van dessert gevonden: een magische chocolate bombe (sic).

Dat was blijkbaar een bijzonder lekkere ijstaart met karamel en zeezout, in een schaal van chocolade. Normaal gezien moet je dan de chocoladesaus die erbij zit, opwarmen en zich een gat laten smelten doorheen de melkchocoladeschaal, maar daar hadden we het geduld niet voor. En daarnaast was er ook nog een overschot van op nieuwjaar, een fantastisch lekkere mango-ijstaart.

Enfin, en dan was er natuurlijk ook nog taart, twee soorten zelfs: een kleine merveilleux en een perzikentaart, want Merel houdt niet van slagroom.

’t Is niet alsof we op zondag mager gaan worden, da’s een feit.

Quarantaine-eten

We zitten dus sinds maandag vrij onverwacht in quarantaine. Tsja. Intussen heb ik even opgezocht en mag je ook in quarantaine naar de supermarkt om voedsel te halen, maar dan zo kort mogelijk natuurlijk.

De eerste dagen – Wolf was ook echt ziek en we wilden liever geen risico nemen – hebben we het probleem zo kunnen oplossen met diepvries en dergelijke. Maandag hadden we nog overschotten allerhande van het weekend, dinsdag heb ik kalkoenrollade met ananas gemaakt, woensdag was het pizza van de Pizza Hut. Altijd een succes hier in huis, dat laatste.

Maandag had Bart meteen een bestelling gedaan bij de Delhaize Direct en die kon gisteren geleverd worden: meteen stond er een wokschotel op tafel. En vandaag was het een enorme schotel pasticchio: penne onderaan met daarop een heerlijke tomaten-gehaktsaus en bechamel.

Bart had gedacht dat dat voor twee dagen zou zijn, maar dat was buiten Wolfs vernieuwde eetlust gerekend: ik denk dat hij zowat de halve schotel heeft opgegeten. Dik in orde, hij voelt zich dus duidelijk beter.

Intussen heb ik ook de kokosrotsjes gebakken waarvan het deeg al een tijd in de diepvries zat:

Morgen gaat Bart gewoon boodschappen doen, kwestie van weer alles in huis te hebben dat nodig is. En je kan niet alles kopen met levering: brood zit er bijvoorbeeld niet in. Maar gelukkig heb ik een broodbakmachine waarmee ik de eerste dagen brood heb gebakken, en zat er per uitzondering ook nog een brood in de diepvries.

Nee, van de honger gaan we hier niet sterven in deze quarantaine. Verveling, da’s dan weer wat anders…

 

Pasta vongole

Ik had dat al een paar keer op restaurant gegeten, en ik was eerlijk gezegd niet zo’n fan van pasta vongole.

Maar vandaag kondigde Bart aan dat hij dit op het menu had gezet. Ik trok de wenkbrauwen op, dat geef ik toe. Maar ik was wel dankbaar dat hij, zoals vrijwel elke dag, kookt voor het gezin. Niet dat ik niet wil koken, hé, ik kookte tot hiertoe altijd standaard zelf op woensdag en in de vakanties. Maar koken is iets zoals pakweg de was doen: het hoort erbij, ik haat het niet, maar het is niet alsof ik sta te juichen. En ik gebruik ook vaak deze boutade: ik maak eten, Bart kookt. Pas op, soms maakt hij ook doodgewoon worst met wortels en puree, daar niet van, maar op zondag maakt hij er bijvoorbeeld altijd iets speciaals van, met een klein voorgerechtje en speciale sausjes en zo. En hij zal al zappend al eens op Njam! blijven hangen, zoals ik op Dobbit TV. Tsja…

Maar sinds het begin van de coronacrisis is Bart dus véél meer thuis en koken ontspant hem, zegt hij: hij doet het graag, het verzet zijn gedachten, hij verwent zijn gezin en hij wordt er rustig van. Hij zal zelfs zelden of nooit de keukenmachines gebruiken: groenten met de hand snijden is zen.

Soit, pasta vongole dus. Hij had venusschelpen en mosselen voorzien, maar de mosselen gingen te veel geweest zijn. Awel, bijzonder, bijzonder lekker! Echt!

Ik had er iets van op mijn Facebook gezet en ik kreeg prompt vragen naar het recept. Toen ik even polste bij Bart, krabde die even in zijn haar: het was grotendeels improvisatie, zei hij. Maar het ging toch ongeveer als volgt:

– in wat olijfolie en boter een ajuintje en knoflook fruiten, dan de schelpen erbij, wat witte wijn en water, een drietal minuten laten koken tot ze open gaan.
Na één minuut er de zeekraal bij zodat die blancheert.
– Alle vaste dingen uit de pan vissen en het vocht met wat room, peper, zout, verse basilicum en citroensap indikken.
– Alles er weer inkieperen en vermengen met gekookte linguine.

Ongeveer. Zoiets.

Proberen.