Huiskamerkuren #87: Eva De Roovere met Eva Hautekiet

Het was blijkbaar al van in mei geleden dat ik nog eens naar de Huiskamerkuren was geraakt: soms past het niet, soms ligt het me niet, en soms ben je gewoon te laat om nog aan kaarten te geraken.

Deze editie had ik gelukkig snel zien binnenkomen, en meteen drie kaarten besteld: Merel zat naast me, en toen ik vroeg of ze meewilde, zei ze meteen ja. Niet dat we veel van De Roovere haar liedjes kenden: eigenlijk alleen Slaap lekker (Fantastig toch) en dan nog vooral uit de versie met Diggy Dex. Maar ik wist wel dat ik de rest van haar liedjes ook wel ging smaken.

Bon, wij dus richting Zomergem, en ik weet gelukkig wel dat de stoelen voor mij een haalbare kaart zijn, want de rug wil echt niet mee, al sinds donderdag. Tsja.

De Roovere stond niet alleen op het piepkleine podium: ze had Eva Hautekiet (dochter van) meegebracht als toetseniste en vocaliste, en die deed dat met verve, zij het met een bang hartje soms. De Roovere zelf was duidelijk wél in haar element: ze maakte grapjes, vond het niet erg om met zichzelf te lachen of om een nummer te hernemen als ze fout was gestart, dat soort dingen. Ze is overigens ook multi-instrumentaliste: gewone gitaar, ukulele, mondharmonica, percussie en zelfs klokkenspel, jawel. Maar vooral een loepzuivere stem die in die twintig jaar nog niks aan helderheid en timbre heeft ingeboet.

Het werd een aangename avond met mooie liedjes die vooral ook zeer goed gebracht werden.
Bedankt, Michael!

 

Huiskamerkuren #82: Senne en Lokko 2

Senne en Lokko uit de titel, dat zijn Senne Guns en Laurens Billiet, die al eerder een voorstelling samen hadden, en nu dus in Zomergem hun allereerste try-out ten berde brachten. Dat het de allereerste was, dat was er bij momenten aan te merken: het geheel was een heerlijke chaos, met een Senne die af en toe aan het ratelen sloeg van de zenuwen, wiens apparatuur niet altijd meewerkte, en met een Lokko die af en toe in de knoop sloeg met zijn gigantische hoeveelheid instrumenten. Maar net dat gaf het geheel een enorme charme.

Beide heren kwamen dus met nieuwe liedjes, maar ook met een pak humor, waarin duidelijk nog moest geschrapt worden, gesnoeid en bewerkt, maar waarmee ik bij momenten gigantisch heb zitten lachen. Er zaten geniale vondsten in, jammer genoeg ook dingen die te lang gerokken werden waardoor ze een beetje flauw werden, maar dat is nu eenmaal altijd het geval met een try-out, zeker de eerste. Maar beleggingsadvies? Alle mogelijke reggaeversies? Of de – ietwat onwillige – participatie van iemand uit het publiek? Goed gelachen!

Heb ik genoten van de avond? Wel, Bart en ik gaan in de gaten houden wanneer ze effectief met de voorstelling in de zalen komen, want dat willen we echt wel zien. Het kan alleen maar beter worden, toch? En als het nu al zo vermakelijk was…

 

Huiskamerkuren: Milo Meskens

Toen ik de aankondiging had gezien van deze Huiskamerkuren met Milo Meskens, had ik er niet op ingetekend: ik ken amper een nummer of twee van de man, en ik wist dat het een drukke week ging zijn.

Maar Jeroen liet in de loop van de namiddag weten dat Alexander toch liever bleef studeren en dat hij dus een kaart over had. Allez hup, ik tegen kwart voor acht naar Zomergem dus, samen met mijn broertje, zijn vrouw en hun dochter.

Zeggen dat ik er geen spijt van had, is ook nu weer een beetje een understatement, want ik durf beweren dat dit de beste huiskamerkuren is die ik al gezien heb, en dat wil wat zeggen, als je al Jan Hautekiet en Rick De Leeuw hebt gezien, of Klaas Delrue, Jan De Smet en nog wel enkele optredens.

Deze man is namelijk een rasmuzikant, en daarnaast een ongelofelijk sympathieke kerel. Maar echt. Voor zo’n jonge gast – hij is nog altijd maar dertig, en is al tien jaar bezig – stond hij vol zelfvertrouwen en zeker van eigen kunnen op het kleine podiumpje, en hij genoot zichtbaar. Zoals hij zelf zei: het was fijn om eens op zijn eentje te kunnen spelen en dus ook volledig zijn goesting te kunnen doen. Een echte setlist had hij niet bij: hij had een cursusblok gevraagd en gekregen, en daar een twintigtal nummers op gezet die hij eventueel wel zag zitten om te spelen. Maar op zich was het eerder op goed geluk: we mochten zelfs gewoon een cijfer roepen en dat nummer speelde hij dan. Hij liet zich echter ook gewoon leiden door de inspiratie van het moment, en van het feit dat er een piano stond: zelden iemand zo opgetogen gezien over een piano! Vol enthousiasme plofte hij achter dat klavier neer, begon te spelen, en stopte ook weer prompt: de cowboybotten die hij die middag had aangetrokken, waren blijkbaar geen ideale vestimentaire keuze om piano te spelen. Hij vroeg dan ook verschoning aan zijn publiek en ging vrolijk op zijn sokken verder. Het tekent Meskens: hij heeft de hele avond op zijn sokken staan spelen, piano, akoestisch gitaar, elektrische gitaar, het maakte niet uit: hij genoot van de schapenvelletjes onder zijn voeten.

Het zegt ook veel over de kwaliteit van zijn nummers – de meeste sowieso trage, melancholische melodieën – dat ze volledig uitgepuurd 100% overeind blijven. Hij bracht ze telkens met overtuiging, al twijfelde hij er soms luidop aan of het wel een goed idee was om een bepaald nummer op piano te brengen, terwijl het daar absoluut niet voor geschreven is. Hij gaf ook commentaar op die nummers: waarover ze gingen, hoe ze waren geschreven, hoe hij zich voelde tijdens corona en over de mentale problemen waarin hij verzeild was. Heel open, heel eerlijk, en bij momenten ook heel grappig en vooral spontaan. Echt, fantastische mens.

Al bij al heeft hij net geen twee uur gespeeld, veel langer dan eigenlijk de opzet is, gewoon omdat hij dat kon. En wou. En zich overduidelijk amuseerde. En het publiek, dat zei absoluut geen nee.

Topconcert. Topmuzikant. Topmens.

 

Huiskamerkuren #73: Jan De Smet

Toen ik deze Huiskamerkuren zag passeren, dacht ik meteen: “Ja!” Bart en ik zijn allebei al lang fan van De Nieuwe Snaar, de groep waarvan De Smet de centrale figuur was, en dit leek me dan ook een uitgelezen verjaardagscadeau voor mijn liefste. Ik wilde het als verrassing, maar hij had het natuurlijk niet kunnen laten om toch even op te zoeken wie het ging zijn.

Officieel is Jan De Smet met pensioen, en met De Nieuwe Snaar treedt hij niet meer op. Maar wat hij dus wel nog doet, is vreemde en bizarre plaatjes draaien, echte trouvailles, waar hij dan ook steevast een sappig verhaal bij opdist. En ja, hij lardeert het ook met live muziek met zijn accordeon of gitaar.

Huiskamerkuren kondigde het zelf als volgt aan:

De plezante passages van oppersnaar Jan De Smet tijdens eerdere huiskamerkuren gingen nooit onopgemerkt voorbij. Ze deden telkens uitkijken naar een volgende gelegenheid en, gelukkig maar, ondanks zijn pensioen heeft Jan zich niet laten doen. Hij verkiest nog steeds de Vlaamse podiumplanken boven één of andere buitenlandse expeditie op zoek naar één of andere schat van één of andere farao.

Met zijn nieuwe rariteitenkabinet onder de arm begeeft hij zich drie dagen na Wapenstilstand richting Zomergem om ons huiskamerkurenpubliek te verwennen, op zijn ontwapenende manier, met niet zomaar een auditieve lezing.

Het wordt een aaneenschakeling van plaatjes en verhaaltjes, regelmatig en op (on)gepaste tijden onderbroken door live uitvoeringen op accordeon en gitaar. Uit de soms roemarme doch rijke, altijd verrassende collectie Nederlandstalige muziek. Voornamelijk op vinyl worden pareltjes bovengehaald die om diverse redenen nauwelijks het daglicht zagen. Maar dan had men niet op dé conservator van ons Nederlandstalig muzikaal erfgoed gerekend.

We kwamen redelijk nipt aan omdat ik echt zo kort mogelijk wilde zitten, ondanks het feit dat het redelijk goeie stoelen zijn. Maar ik wist dat zo’n avond meestal een goed uur duurt, en dat moest echt wel kunnen. Ik had per slot van rekening wel in de voormiddag kunnen lesgeven en de hele namiddag netjes plat gelegen, in afwachting.

De Smet stelde niet teleur, alles behalve. Hij haalde de meest vreemde dingen boven, zoals een vroege versie van Gainsbourgs “Je t’aime moi non plus” en daar een vreemde Vlaamse versie van; hij speelde zelf regelmatig iets, zoals een van de liedjes van Drs. P.; hij deed ons vooral ook tranen lachen én in elkaar krimpen – mijn oren doen nog zeer als ik er alleen al maar aan dénk – met opnames van een dame uit het Aalsterse, die vreemd genoeg meer dan één CD heeft uitgebracht met kattenvals gejank, ik kan het niet anders omschrijven. Het werd een zeer aangename, leerrijke en ook wel bevreemdende avond.

Huiskamerkuren #56: Douglas Firs

Ik had de uitnodiging gezien voor de Huiskamerkuren met Douglas Firs, maar toen ik het even opzocht op Spotify, leek het me nogal… punky, nogal luid, en niet bepaald mijn ding.

Maar er waren nog plaatsen over vandaag, en Jeroen had me verzekerd dat de frontman, Gert-Jan, op zijn eentje kwam, met een reeks gitaren, en dat het meer singer-songwriter ging zijn. Hmm, dacht ik. Maar Bart en ik reden vanavond effectief naar Zomergem, en daar stelde ik vast dat dat absoluut niet hetzelfde kon zijn.

Blijkt dat er twee groepen zijn die Douglas Firs heten in Spotify, en dat die ene inderdaad een punkband is, en de andere veel zachtere, rustigere muziek. Gelukkig was het dus die laatste die optrad, en ja, het was wel de moeite. Hij kan zingen, hij heeft iets te vertellen, en hij is vooral ook een uitstekend gitarist.

Hij heeft lang gespeeld, met een pauze tussen: normaal gezien doet hij meerdere van die kleine concertjes voordat er een nieuw album uitkomt, maar deze keer ging zijn aandacht naar een pasgeboren tweeling, en dan snapt ne mens dat wel, ja.

Vrijdag komt dus Happy pt. 2 uit, op 5 oktober spelen ze in de AB, zoals hij meermaals vermeldde. Als dit je stijl muziek is: gaan. Deze man weet wat hij doet, en hij doet het verdomd goed.

Huiskamerkuren: Rick De Leeuw en Jan Hautekiet

De vorige Huiskamerkuren was ons zo goed bevallen, dat ik me meteen had ingeschreven op de mailinglijst. Toen dan plots – gelukkig op een moment dat ik voor mijn computer zat – een mail binnenkwam met een uitnodiging voor Rick De Leeuw en Jan Hautekiet, schreef ik ons prompt in. We hebben er hoegenaamd geen spijt van gehad.

Beide boomlange heren hadden er duidelijk zin in. Hautekiet zegt niet veel, toch niet in woorden, wel in pianospel. De Leeuw zegt des te meer: je kon het eigenlijk niet gewoon een concert noemen, minstens evenveel tijd werd gespendeerd aan de “kaders”, zoals ze het zelf noemen, de omkadering van een bepaald lied. De Leeuw is dan ook een geboren verteller die zijn publiek tot in de puntjes kan boeien, en de nummers smaken dan ook des te meer als je weet welk verhaal er achter zit.

Neem nu “Kampioenen”: het is het verhaal van een renner die de Ronde van Vlaanderen rijdt, zoals De Leeuw zelf ettelijke keren als amateur heeft gedaan. Afzien, en daar toch zo ongelofelijk van genieten…

En dit is dan weer een andere versie van André Van Duyn zijn carnavalsstamper, waarbij De Leeuw begon over miskende poëten en misbegrepen tekstuele pareltjes. Ik had op zijn minst een gedicht van Lucebert of Van Ostaijen verwacht, maar dit was eigenlijk even fijn…  De kleine maniërismen van de zanger neem je er dan graag  bij.

Jan Hautekiet viel ondertussen zijn instrument aan met zo veel passie en zo veel overgave dat we zowaar medelijden kregen met de arme piano: hij werd nog net niet door het kleine podium geramd.

En toen waren er natuurlijk ook nog de twee immense hits van de Tröckener Kecks, “Met hart en ziel” en “Nu of nooit”. Ook hier kreeg De Leeuw zijn publiek volledig mee, tot iedereen rechtstond en mee zong alsof zijn leven ervan af hing.

Een ongelofelijk onderhoudende avond met twee rasartiesten die elkaar duidelijk gevonden hebben, en dit komt dan ook ten volle tot zijn recht in deze kleine omgeving, veel meer dan in een grote zaal.

Topentertainment.