Wat. Een. Verhaal.

Ik had met Bart en de kinderen afgesproken aan de Tondelier, een nieuwe wijk in het Gentse aan de Gasmeterlaan, om er iets te eten. Bart kwam met de fiets van zijn werk, wij waren met de auto – veel te heet om te fietsen.

Omdat we naar de vroege kant zijn, wandelen we eerst even rond op het nieuwe terrein en het nieuwe park. Wanneer ik even later mijn handtas uit de auto wil pakken, zie ik dat Barts elektrische fiets weg is! Op vijf minuten! Aangezien de fiets op slot stond, kan hij nog niet ver weg zijn: misschien heeft iemand hem ergens om de hoek gezet om hem op te halen? Op die tijd kunnen ze het slot nog niet opengebroken hebben, en het zou nogal opvallen ook. We lopen de buurt even af, ik spreek een jongeman aan die ook net zijn fiets stalt. Nee, niks gezien. Ook de jolige bende die in het park zit te aperitieven, heeft totaal niks opgemerkt. Grmbl. Een kennis die in de appartementsblokken woont, laat ons zelfs even in de fietsenparking kijken, want de GPStracker die op de fiets zit, geeft geen signaal. Helaas.

We besluiten dan maar de kinderen thuis af te gaan zetten, een boterham te eten en het te gaan aangeven bij de politie. We zijn net goed en wel op weg, halverwege de Wiedauwkaai, wanneer Bart gebeld wordt door die kennis van daarnet: “Ha, Bart, goed nieuws, uw fiets is gevonden! Ik geef u het nummer van de gast die erbij staat!” Huh? Bart belt het nummer, en die jongen geeft ons een adres een eindje verderop, tegenover het justitiepaleis.

Ik gooi de kinderen af – Wolf moet maar om brood – en wij keren ons kar. En effectief: in een verloren straatje staat een jonge gast met een hond bij, jawel, Barts fiets die nog steeds op slot is. Net op dat moment komt ook de politie aangereden.

Hoezo?

Wel, die ene gast die ik aangesproken had, had het gemeld op de facebookgroep van de appartementen. Een paar minuten later ziet de jongeman met de hond aan de hondenlosloopweide, waar hij net het bericht op FB gelezen heeft, twee man passeren met een zware zwarte fiets op de schouders. Aangezien vorige week zijn eigen dure fiets gestolen is, is hij alerter. Hij belt meteen de politie en loopt achter de dieven aan. Een paar straten verder merken ze hem op. Wanneer hij hen aanspreekt, mompelen ze iets in een vreemde taal, zetten de fiets neer, en zetten het op een lopen.
Daarop meldt hij dat in de FBgroep, de gast die dat eerst had gepost, leest het, verwittigt onze kennis die hij met ons had zien lopen en toevallig ook kent, en die belt ons op.

De politie was ook bijzonder snel ter plaatse dus, heeft proces verbaal opgesteld, de jongeman had ook nog een foto van de twee dieven. Ze zijn nog even gaan spreken met de jolige bende, en hebben dan in de combi de fiets naar huis gebracht. Wat een service.

Maar vooral: wat een samenloop van omstandigheden en good karma! Man man man…

Spatbord

Wolf kwam woensdag thuis in de gietende regen, met zijn jas onder de modder: iemand had blijkbaar zijn achterspatbord gepikt! Serieus zeg!

Hij rijdt dus met een oude koersfiets, zoals nu volop de mode is onder pubers, maar dan wel eentje die in orde gezet is voor de weg, uiteraard. Er zit een poot onder, lichten en een bel op, reflecterende banden, en ook nog spatborden. Die zijn er achteraf op gezet, vastgemaakt met iets van een kettinkje of zo, zei Wolf.
En nu was blijkbaar het achterspatbord gepikt op de fietsenstalling van school, omdat het inderdaad aan het gieten was. Wellicht een andere leerling die ook met zo’n koersfiets rijdt en het niet zag zitten om vuil te worden.

Meh.

Ik ben woensdag een nieuw spatbord gaan bestellen in de fietsenwinkel, en vandaag mocht hij dat gaan halen, zodat ik ook eindelijk zijn jas kon wassen. Zo’n bruine modderstreep in het midden van zijn jas, dat is het toch ook niet.

Beetje nat

Things I leared today:
– bij dubieus weer toch maar niet de fiets nemen naar school
– mijn mutske is goed waterdicht
– mijn schoenen niet
– striemende hagel in uw gezicht als ge aan het fietsen zijt, doet serieus pijn
Meh.

Mini-stadswandelingetje

Eigenlijk genieten we er keer op keer van, Merel en ik, van die blokfluitles van haar. We sprongen rond vijf uur op de fiets – zij achterop bij mij – en reden gezwind naar de Poel. Dat fietstochtje alleen al is de max: we amuseren ons allebei, en roepen steevast “wheeeeeee” wanneer we de fietsbrug afrijden.

Een paar weken geleden waren we nog wat vroeger vertrokken om eerst iets te drinken in de Labath, vandaag zagen we dat niet zitten, maar na de les zijn we snel nog even tot aan bakkerij Himschoot gewandeld, waar we nog net binnen mochten want ze sluiten om zes uur. Een brood, maar vooral ook een dikke boule de Berlin rijker gingen we op het muurtje van de Graslei zitten. Want dat is wat je doet in Gent, toch?

Het was wel met de winterjas al aan, maar toch was ook het fietstochtje terug echt aangenaam. En de blokfluit? Dat gaat vooruit, zegt haar leraar. Ze oefent dan ook netjes alle dagen, zoals het hoort.

365 – 01 juni 2018 – nat

*trekt sandalen en regenjas uit, droogt handen en voeten af, trekt sokken, schoenen en een droge jeans aan* Bon, bij deze is dus empirisch bevestigd dat mijn regenjas een goeie is voor op de fiets. Hmpf.

Van nog meer gefiets en wijze mensen

Omdat ik dus had vastgesteld dat Kobe meer moet fietsen, ben ik vandaag nog met hem tot in Evergem gefietst, naar de muziekles. Eerder had ik het niet aangedurfd om met de fiets naar school te gaan: drie uur na elkaar lesgeven is lastig voor de rug, en ik wist niet of ik de vijf kilometer naar huis dan nog zou aankunnen. Stiekem was ik blij dat ik het niet gedaan had. Maar thuis stond mijn eten netjes op tafel op mij te wachten – dank u, liefje! – kon ik heel even liggen, en reed ik dan naar Evergem. Om half vijf fietste ik dan terug om hem op te halen, maar hij voelde zich echt niet goed om nog naar de rugby te gaan.

Erg vond ik dat niet: dan kon ik met de fiets naar mijn lezing in het KANTL in de Koningsstraat (niet ver van Sint-Jacobs). Ik heb nog moeten spurten, ik was bijna te laat. Maar de lezing van Gemma Janssen was bijzonder interessant: hoe was een Romeinse stadstuin opgebouwd, wat groeide erin, en hoe is men dat te weten gekomen? En welke functie had zo’n tuin dan wel? Het werd een lezing van anderhalf uur, maar dat stoorde totaal niet.
Meestal ga ik daarna onmiddellijk naar huis, maar Dirk Willaert was meegekomen, en dus besloten we daar nog eentje te drinken op de receptie. Ik heb evenwel geen drie woorden met Dirk gewisseld, want mijn oudlerares Liselotje was er ook, en wij hebben bijzonder heerlijk, oeverloos zitten tetteren, over Latijn en leerlingen en vroeger en de Italiëreis en de stoten die ik destijds op ’t school uitstak en waarvan zij er sommige zich beter herinnerde dan ik… Enfin, het werd een heerlijke avond ^^

Helemaal blij ten moede fietste ik vrolijk terug naar huis. Beetje koud aan de handen, dat wel, maar verder genoot ik. Carpe diem, zeker?

Fietsjesplezier

Ik heb vanavond het koor afgezegd: het was me een beetje te veel vandaag.

De ochtend was rustig begonnen, met wat opruimen en zo, en dan om twaalf uur een uurtje lesgeven. Dan wat foto’s nemen op school, en rond half twee passeerde ik even langs de Kringwinkel in Mariakerke. Geen idee waarom, dat was maanden geleden, maar nu had ik daar plots zin in: karma, zeker?

Want ik liep daar rond, en plots viel mijn oog op een fietsje. Een mooi, roze meisjesfietsje, precies de maat die Merel nodig heeft. Ze kan nog steeds niet echt zelfstandig fietsen, en Bart had het gisteren nog gezegd dat ze dringend een nieuwe fiets nodig had, want dat haar huidige fietsje toch echt wel te klein was om deftig op te fietsen.

Ik nam een foto, reserveerde de fiets, legde thuis het dilemma voor aan mijn dochter die meteen wildenthousiast reageerde, reed naar de klassenraad, volgde twee klassen, reed in de tussenpauze (andere klassen) om de fiets, keerde terug, zette me wat te lezen en rapporten te maken, deed verder met de klassenraad, en was thuis tegen kwart voor zeven.

En toen liet mijn rug weten dat het welletjes was. Hij doet al de hele week lastig, sinds ik zondag te ver ben gegaan, en die klassenraden zijn nu ook niet meteen ideaal. Enfin, zo erg zal het ook weer niet zijn, voor die ene keer het koor te missen? Gjeilo kan wel even wachten…