Good karma

Van een meevaller gesproken zeg!

Vorige zondag – allez ja, bijna twee weken dus – had ik ’s middags op iets gebeten en hoorde en voelde ik mijn voorlaatste kies onderaan rechts krak zeggen. Euhm, dat voorspelt doorgaans niet veel goeds.

Ondanks het feit dat ik ziek was, mocht ik toch langsgaan bij de tandarts, die niks kon zien aan de buitenkant en me doorstuurde naar een endodontoloog. Ze had er eentje in Lovendegem opgebeld, en ook een praktijk in de Savaanstraat, en ik kon dus op vrijdag 6 maart terecht in Lovendo. Meh.

Fast forward naar afgelopen woensdag: toen was er op school het studiekeuzeatelier voor onze zesdes, waar een hoop oud-leerlingen uitleg komen geven over hun studierichting. Voor tandheelkunde had zich niet meteen een student aangemeld, waarop Simon nog maar eens langskwam. Hij is al 12 jaar weg van school en gespecialiseerd als, jawel, endodontoloog. Hij kwam al voor de zoveelste keer met vuur zijn vak verdedigen. Ik had me bij hem aan zijn tafeltje gezet, want hij is echt wel een ongelofelijk fijne gast, eentje die ik ook altijd graag in de klas had. Het gesprek kwam dus op zijn specialisatie, waarop ik opmerkte dat ik ook een endo nodig had, en ik de uitleg deed over mijn tand.

Waarop hij doodserieus: “Oh, maar dan pak ik u er wel eens bij na mijn uren, ik werk in de Savaanstraat!” Moh… Puntje bij paaltje: hij is de vrijdagnamiddag vrij, ik ook, en hij moest vandaag toch in ’t stad zijn wegens een sollicitatie als lesgever aan ’t unief. Ik stond dus om 15.00 uur in zijn praktijk, waarop hij nota bene anderhalf uur bezig was om die tand te redden. Blijkbaar was die al ettelijke keren gevuld – er waren af en toe  stukjes afgebroken, dat weet ik nog – en zat er effectief een klein barstje aan de zijkant, waardoor er ook al licht tandbederf was. Hij heeft de hele boel vakkundig uitgeboord, schoongemaakt, opgevuld en op een natuurlijke wijze geboetseerd, zodat die tand nu ook echt weer helemaal oké aanvoelt.

Ik ben nog even blijven kletsen, heb beloofd om eens samen te gaan lunchen, en toen stond ik weer buiten met een verdoofde kaak maar een hopelijk geredde tand, en dat supersnel.

Serendipiteit, het is toch een dingetje. En Simon? Die is een schat!

Van dokters en tandartsen, maar geen kiné

Best dat ik vandaag niet gaan werken ben: het gaat dus echt niet. Mottig, misselijk, ultraslap, en jawel, op een bepaald moment 40.5° koorts. Nu, de meeste mensen zouden daar doodziek van zijn, maar zoals ik al eerder schreef: ik maak niet snel koorts, en als ik er maak, is het meteen hoge koorts. Dat was dus geen reden voor paniek.

De kinesist heb ik afgebeld: ik wilde hen ginder niet nodeloos ziek maken, ik kan wel een weekje zonder kine, zeker als ik toch alleen maar in de zetel lig te liggen. Ik had wel tegen drie uur een afspraak bij de dokter: gewoon voor een briefje voor de school. Dat ik griep heb en gewoon moet uitzieken, dat wist ik ook wel. Nu, blijkbaar is het verplicht dat ze me even onderzoekt, maar ze kwam uiteraard tot dezelfde conclusie: griep, en dus uitzieken. Ze ging me tot en met vrijdag schrijven zodat ik ook nog in het weekend kon rusten, maar aangezien ik sowieso vrijdag naar school moet, schreef ze me tot en met donderdag. Verder gaf ze me de raad die dag paracetamol af te wisselen met ibuprofen, zodat ik toch iet of wat op mijn benen ging staan, want ze twijfelde er oprecht aan dat ik er al door ging zijn. Deze griep is een venijnige, en de meeste mensen zijn een dag of tien plat.

Intussen had ik ook een telefoontje gekregen van de tandarts. Zondag had ik op iets kleins gebeten – niks speciaal hards of zo – maar ik had mijn voorlaatste kies rechts onder horen en voelen kraken. Ugh.

Ik had de tandarts gecontacteerd, en ze ging me er donderdag voor de schooluren bij nemen. Alleen was er straks om half vijf een afspraak vrij gekomen. Ik heb haar herhaaldelijk gewaarschuwd dat ik griep had, maar ze ging extra voorzichtig zijn, een stevig mondmasker dragen, handen extra wassen en verluchten. Ze was gewaarschuwd, zei ze.

Bon, ik dus bij de tandarts, puur op karakter. Ze keek de tand na, verklaarde dat ze niks kon zien aan de buitenkant, maar dat het een tand was die al meermaals gevuld was, en dat er wellicht een barstje aan de binnenkant zat dat zij niet kon zien, maar waarvoor ik naar een endodontoloog moest. Lovendegem of de Savaanstraat? Euh… Die in Lovendegem hadden een plekje op vrijdagnamiddag 6 maart, ten vroegste, en in de Savaanstraat was het niet beter. Blah. Nu maar hopen dat het bij gevoeligheid blijft en dat die tand niet méér pijn begint te doen.

Soit, een half uur later lag ik weer in de zetel, ietsje later sliep ik alweer.

Ja, het is een venijnig beestje, dit griepvirus.

 

Tandperikelen, deel twee én drie

Eind november was ik beginnen sukkelen met een kies rechtsboven: die was serieus zeer beginnen doen, en de tandarts had vastgesteld dat die tand afgestorven was en dus ontzenuwd moest worden om erger te voorkomen. Dat was dus op maandag: ze had me pijnstillers – doe ik niet aan, als ik het kan vermijden – en een driedaagse antibioticakuur voorgeschreven. En een afspraak met de endodontoloog op 19 december. Hmm, oké dan.

Alleen… die tand bleef gevoelig, en het kaakbeen bleef pijn doen. Ik kreeg dus een tweede kuur voorgeschreven, want de ontsteking moest echt wel weg. En toen… viel de tijdelijke vulling eruit, en voelde ik de wattenbol zelfs zitten. Euh… De tandarts nam me er snel tussen, deed opnieuw medicatie in de tand zelf om de nog resterende zenuwen plat te gooien, en vulde hem opnieuw op. En vond het verdacht dat de tand bleef pijn doen, en drong dus aan bij de endodontoloog om alles veel sneller af te handelen. Die kon er me uiteindelijk gisteren nog bij nemen, in plaats van 19 december.

Ik stond dus om negen uur in Lovendegem, en werd daar zeer vriendelijk en professioneel ontvangen. Mijn tand werd met een rubberen doek vakkundig afgeschermd van alle vocht, en ik geef het toe, dat is een pak aangenamer dan zo’n zuiger in je mond, en alle gruzels en boorrestanten en dergelijke. Ik weet ook niet wat voor soort verdoving die man gebruikte, maar ik voelde niks, en toch was mijn mond niet verdoofd zoals anders, en dus zeker niet scheef.

IMG_10

Hij bekeek de foto’s en de tand zelf, en zei al van in het begin dat hij er niet zeker van was dat de tand te redden zou zijn: er schoot echt niet veel meer van over, en de kans zat er ook in dat er een barst in zat. Het zou sowieso een kroon worden, er was te weinig van over om hem deftig op te vullen. Maar om te beginnen bekeek hij via de microscoop – wijs ding, jong! – wat er nog aanwezig was van zenuw. En jawel, er zat nog een behoorlijk stuk zeer geïrriteerde zenuw in die nauwelijks te pakken was. De tand heeft namelijk niet gewoon vier wortels, maar twee ervan zijn vergroeid met elkaar. ’t Moest weer lukken… Enfin, een kwartier later was al het zenuwweefsel verwijderd, alles gespoeld, en… waren er duidelijk niet één, maar twee barsten te zien.

Die ene barst liep helemaal tot beneden, wat betekende dat de tand niet meer te redden was: het zou problemen blijven geven, en wellicht zelfs een stevig abces.

Blah.

150 euro later wist ik dus dat mijn tand nog moest getrokken worden door de tandarts. Ha ja, want dat ging de endodontoloog niet zelf doen: daar had hij geen tijd voor, en het was niet zeker dat de tand er in één stuk ging uitkomen, en dan ging het extra lang duren. Hij maakte de tand gewoon proper, vulde hem op met een stevige voorlopige vulling, en waarschuwde me er zo min mogelijk op te bijten, want dat bij elke beet de barst een miniem beetje openging, en voor pijn zou zorgen.

Ugh.

Oh, enne… De alleenstaande, overblijvende kies achteraan moest ook in de gaten gehouden worden: die had ook niet gewoon drie wortels zoals standaard, maar de drie waren samengesmolten tot één kegel, waardoor hij niet bepaald muurvast zit. En als ik geen brug of implantaat voorzie, zou het best wel eens kunnen dat hij ooit afbreekt wegens te weinig steun.

Allez hup.

Kosten dus.

Ik word echt, maar echt oud: kapotte rug, eerste tand kwijt… Binnenkort een vals gebit en een looprek?

Tandperikelen

Nu dat weer…

Gisteren, zondag dus, kreeg ik plots tandpijn. Ja, echt. De pijn verkroop echter de hele tijd: soms onderaan, soms bovenaan, dan weer mijn ganse kakement, dan weer tot in mijn sinussen… Zeer vervelend!

Ik belde dus deze morgen naar mijn tandarts, en die had om kwart over vier een kwartiertje de tijd, net genoeg om te kijken wat er precies scheelt en om me van de pijn af te helpen. Definitieve oplossingen volgen dan later wel.

Bon, ik dus met een zere kaak en een klein hartje richting tandarts. Die zag niet zo meteen een gaatje of zo – wat me ook zou verwonderd hebben, ik ga twee keer per jaar op controle – en nam dus een paar foto’s. Ook daarop was niet veel te zien, en dus begon ze met vloeibare stikstof op een watje te testen welke tanden nog gevoelig waren en welke niet. En jawel, bij een zwaar gevulde kies bovenaan – tand 26, FYI – kwam er geen reactie. “Goh”, zei ze, “ik vertrouw het niet, ik ga die vulling uitboren, en kijken of die tand nog reageert. Als dat het geval is, dan heb ik hem gewoon maar weer op te vullen. En als hij niet reageert, dan weten we dat hij ontzenuwd moet worden”.

Juist. Zij begint te boren, ik voel niks. Ze boort verder, ik voel niks. En dan volgt een eureka; “Ziet ge’t wel! Ik zit erdoor, en dan moet dat normaal gezien een klein beetje bloeden, maar dat doet niks! Die tand is zo dood als een pier! Nog een chance dat ik verder zocht, want ge zoudt vannacht nogal plezier gehad hebben!” Euh…

Ze heeft de tand in de drie wortels dan maar volgespoten met een vreselijk vies medicijn, er een bol watten in gepropt, en de tand opgevuld, met een verwijzing naar een endodontoloog. Huh? Blijkbaar is dat een tandheelkundig specialisme, want kiezen ontzenuwen, dat doet ze niet zelf meer. Die mensen zijn daar in gespecialiseerd, maar het gaat wel 400 euro kosten, met een 200 euro terugbetaald. Slik. Tsja…

Het zal wel moeten, zeker, als ik de tand wil houden?

En dan nu een antibioticakuur, want het feit dat zelfs mijn kaakbeen al pijn deed, zegt niet veel goeds.

Allez hup, nu dat weer dus.