Ontbijt in Maison Bousson

Ik dacht dat ik al een uitgebreid ontbijt kende, maar dat van zondagmorgen in Maison Bousson, dat was toch echt wel buiten categorie.

Ik vond dat ze gisteren toch al redelijk wat serveerde, maar toen kwam dus dat ontbijt van deze morgen. De tafel stond gedekt met versgeperst fruitsap van bloedappelsien met citroengras, een smoothie van onder andere bevroren framboos, een Griekse yoghurt met schijfjes kiwi, drie soorten zelfgebakken brood, pistoletjes en kleine koffiekoekjes. Op zich al niet mis.

En toen kwam er een immens bord bij: getoost briochebrood met royaal veel foie gras en verse vijg, bruin brood  met een assortiment kaas, roggebrood met gerookte zalm, en bruin brood met pancetta of zo en basilicum. Oh, en twee zachtgekookte eitjes, en uiteraard ook heerlijke koffie.

Nee, ik heb niet alles opgegeten: ik heb de kaas laten liggen, heb ook geen extra brood genomen, maar heb wel de rest van het bord leeggegeten en zelfs nog een croissantje of twee gepikt.

Ja, ik heb ’s middags niet meer gegeten. Verwondert iemand dat?

En ondertussen heb ik een goeie babbel gehad met de charmante gastvrouw Sofia, onder andere over haar tienerzoon, en laat dat nu iets zijn waar ik wel iets over te vertellen heb, en ook advies over kan geven.

Resultaat? We mochten de ontbijten niet eens betalen! Serieus zeg! Als er nu eens een ontbijt was waar ik met plezier voor wilde betalen, dan was het dit wel!

In elk geval: als je ooit een logement zoekt in Brugge, en het mag wat luxueuzer zijn: niet twijfelen. Echt.

De Jonkman in Brugge

Ja ik weet het, Bart en ik zijn snobs, maar stilzwijgend hebben we blijkbaar allebei het plan opgevat om alle sterrenrestaurants van Vlaanderen eens uit te proberen. Goh, het is niet alsof we samen vaak uit eten gaan, toch?

Onze all-time favourite blijft de Hertog Jan, maar ook het Hof van Cleve (twee keer al) is fenomenaal. En er waren ook al ’t Zilte, In De Wulf, La Botte, L‘Air du Temps, Vrijmoed, Jan Van den Bon, De Herborist en Publiek. Yep, we gaan nog veel moeten gaan eten. En sparen, dat ook.

En gisterenavond was het dus de Jonkman in Brugge. Het menu was niet mis, en Bart ging voor de zeven gangen, ik hield het bij zes, maar dan wel met de hoppescheuten, en dat kon perfect.

Alleen al de hapjes waren de moeite waard. En nee, de foto’s zijn dat eigenlijk niet, maar u krijgt wel een idee.

Zeebaars
Koolrabi /avocado / ui

Plantaardig
Ravioli / knolselder / Oud Brugge        


Oester
Ostendaise / vanille / aardappel                      


Hoppescheuten

Zeekat / mousseline / wit bier

Catch of the day
Koolraap / dragon

Iberico
Capucijnasperge / spitskool / Blackwell

Nagerecht

fris / zoet of
Kazen van onze kaaskar

 

Ik denk niet dat Bart nóg vergenoegder kan kijken dan dit. Het was dan ook succulent, en dat meen ik. En de prijs? Wel, die viel voor een tweesterrenrestaurant bijzonder goed mee, want er zijn er veel van één ster die gewoon duurder zijn. Tsja…

Hier wil ik nog terugkomen, ja. Zodra we al die andere hebben gedaan ^^

Dagje Brugge

Een heerlijke, ontstpannen, zij het natte dag.

We zaten tegen half tien aan het, volgens de gastvrouw minimalistische, ontbijt. Juist. Ze had versgeperst fruitsap van bloedappelsien voorzien, versgesneden fruitsla, verschillende soorten brood én kleine koffiekoekjes, en een grote pannenkoek. Oh, en uitstekende koffie, dat ook. Bij mij valt dat al onder uitgebreid ontbijt, maar bon.

Rond half elf trokken we onze regenjassen aan en gingen in de halve miezerregen richting het centrum. Ik wilde een lange geocachetocht doen, eentje die door het centrum kronkelt en focust op “belles lettres”, opschriften dus. En we kwamen eigenlijk ook wel wat straatpoëzie tegen.

Meteen verzeilden we ook in het Dalímuseum, wat we allebei nog niet kenden. Het lijkt niet groot, maar het is toch wel best de moeite, eigenlijk. Ik heb er in elk geval prachtige dingen gezien.

Meteen werd me weer duidelijk dat ik het eigenlijk niet zo heb voor tekeningen en schilderijen, maar wel een enorme boon heb voor beelden. Echt.

We liepen wat verder en waaiden een plekje binnen om te lunchen, terwijl het buiten eventjes droog werd. Helaas, dat bleef niet duren, en Bart was ook echt gewoon moe, zodat we richting onze B&B terugkeerden, en Bart prompt in slaap viel. Ik heb ook wel een tukje gedaan, moet ik toegeven.

Trouwens, een paar foto’s van de B&B:

Tegen vijf uur kon ik niet meer stilzitten, en trok op mijn eentje nog eens ’t stad in om wat geocaches te zoeken. Intussen was het droog, en ik genoot intens.

Rond half acht was ik terug, mooi op tijd om nog maar eens een heerlijke hete douche te nemen en me op te kleden voor het pièce de résistance van het hele weekend. Maar dat vertel ik dan morgen wel.

Stressdagje

Wat een stressdag vandaag zeg!

Eerder deze week realiseerde ik me dat zowel Merel als Kobe op scoutsweekend waren, en dat Wolf eigenlijk toch al oud genoeg is om alleen te zitten. En dat het voor Bart en mij al zeer stresserende weken waren geweest, en dat we dus eigenlijk wel toe waren aan een weekendje tussenuit.

Ik surfte woensdag op goed geluk naar de website van De Jonkman in Brugge, en tot mijn grote verbazing kon ik nog twee plaatsjes reserveren om half negen. Dik in orde!
Brugge is natuurlijk niet zo ver om ’s nachts nog naar huis te rijden, en ik drink sowieso geen alcohol, maar toch… Het is altijd leuker om te kunnen blijven slapen, dan heb je pas écht zo’n tussenuitgevoel. Ik ging dus op zoek naar een B&B, en kwam na wat zoeken uit bij iets dat er vlak naast was gelegen. Eén nacht was zo goed als nergens te boeken, en dus gingen we er maar meteen twee nachten en een dagje Brugge van maken.

Ik belde naar de verhuurder van de B&B, en jawel, ze had zelfs nog een apart huisje achteraan vrij. Doorgaans werkte ze met online reserveringen, maar bon, het was al over twee dagen, het hoefde niet, we konden dan ter plekke wel betalen. Ik regelde de rest via Whatsapp, en kreeg daar ook een schriftelijke bevestiging. Bon, dat was dat.

Nope.

Want deze middag rond een uur of twaalf kreeg ik plots het bericht dat er een ander koppel uit Italië online had gereserveerd en betaald, en of wij dat dan waren? Euh, nee? Ah, jammer dan, dan was het huisje niet meer vrij.

Wuk?

Euh, ik had een schriftelijke bevestiging via Whatsapp en dus een geldige reservering? Ah nee, ze had nog nooit eerder een telefonische reservering gekregen en die andere mensen hadden betaald, dus die kregen voorrang. Ik zei dat dit wettelijk gezien niet kon, en dat wij dus vanavond daar gingen staan tegen half negen, aangezien wij een geldige reservering hadden. Tenzij ze zelf een alternatief kon voorzien.

Bon, ik ben dan maar zelf een alternatief beginnen zoeken, en ben op een prachtige plek gestoten: Maisson Bousson. 200 euro per nacht, dat wel, maar bon, ’t is niet alsof we dat vaak doen. De dame in kwestie ging meteen akkoord, al kon ze de volgende morgen wel geen volledig ontbijt voorzien. Maar een koffie en een croissantje, dat ging wel lukken.

Soit, crisis afgewend. Om zeven uur vertrok Merel aan de scouts, om half acht Kobe, en tegen kwart na acht stonden we in Assebroek, net buiten de Gentpoort, in een prachtige B&B. De foto’s zullen voor morgen zijn.

We waren allebei doodop, dronken de aangeboden fles Gerolsteiner fruitsap uit, aten de overheerlijke appeltaartjes op, en kropen in bed met een boek en Temptation Island op de achtergrond. En wisten dat we het ongelofelijk goed hadden.

Fagotten

Dat Kobe fagot speelt, dat wist u al lang, uiteraard. Al die tijd heeft hij op een instrument van een van mijn kozijns gespeeld: die speelde als kind ook fagot, maar had het instrument nu al jaren niet meer aangeraakt.
Alleen… het is niet bepaald het beste instrument, speelt niet zo makkelijk, en we betalen er ook huur voor. En Kobe is echt wel goed op dreef met die fagot, zodat ik dacht dat het tijd was om een eigen instrument te kopen. Als er iets is waar ik graag geld in investeer, zijn het instrumenten. Die ingesteldheid is ook nodig, want – ik slikte toch wel even toen ik de prijs hoorde – een deftige fagot kost tussen de 7000 en de 8000 euro. Slik.

Enfin, Kobe had twee weken geleden al drie fagotten meegekregen om uit te proberen: zijn juf had drie Moosmanns meegebracht. Ongelofelijk chic dat zij daar wil voor zorgen. Alleen vond ze dat ze daarmee nog niet genoeg keus had gegeven, en dus reden we deze namiddag naar Brugge, naar een gespecialiseerde winkel.

Ik liet er na vijf minuten Renate en Kobe achter om vanalles uit te proberen, en ging zelf gaan geocachen in de buurt. Ha ja, prachtig weer en al! Ik vond een paar hele mooie plekjes en een een voetgangersbrug met fijn uitzicht.

Intussen hadden Renate en Kobe vrolijk getoeterd in de winkel en waren ze op een Renard uitgekomen: 7500 euro, maar wel met alle opties. Ja, zo’n ding heeft blijkbaar opties, extra kleppen en dat soort dingen. Hij mag hem een week mee naar huis nemen om alsnog uit te proberen.

Tegen vijf uur pikten we in het terugkeren Renates dochtertje Pia op van een verjaardagsfeestje, en tegen kwart voor zes waren we weer thuis. Mét een extra fagot, en wellicht binnenkort een legere bankrekening. Tsja…

Girl

Om vijf uur stond ik vandaag met Wolf in Brugge, meer bepaald in Cinema Lumière. Bart was er al met Dirk en Ilse voor de avant-première van Girl, een Belgische film – Vlaams is niet correct, want het speelt zich af in Brussels, half in het Frans, half in het Nederlands – over een transgender meisje, geboren in het lichaam van een jongen, maar vastbesloten om ballerina te worden. De combinatie van het genderprobleem met de loodzware opleiding in het balletschool maakt het bijzonder intens.

Zoals de regisseur achteraf beklemtoonde is het niet het verhaal van een meisje (jongen?) dat moet opboksen tegen een niet-begrijpende en niet-accepterende wereld, integendeel: ze heeft een warme begrijpende vader, een accepterende familie, perfecte geneeskundige zorg, en eigenlijk zelfs een klas die haar min of meer accepteert zoals ze is. Er is dus geen slechterik in het spel, een kwestie van goed versus kwaad, en dus ook geen moraliserend opgestoken vingertje.

Het is het verhaal van een meisje dat, gevangen in een jongenslichaam, met zichzelf in de knoop zit en daar maar heel moeilijk uit geraakt.

Was ik geraakt door de film? Welzeker, hij is de moeite waard, een aanrader. Maar let vooral op de prachtige fotografie, en de onwaarschijnlijke vertolking van Victor Polster, een jonge gast die de rol van zijn piepjonge leven neerzet. Dat is ook de vraag die de regisseur het vaakst krijgt: waar heeft hij dit juweeltje gevonden? Polster is blijkbaar een danser die een professionele dansopleiding volgt, en dansers hadden ze nodig voor de balletschool. Hij had daarnaast de perfecte androgyne uitstraling, en blijkbaar ook nog een stevige dosis acteertalent, met een ongelofelijke naturel.

De film is goed, maar ik was vooral van mijn sokken geblazen door Victor Polster, jawel. Daar gaan we nog van horen. Ga nu vooral kijken naar wat hij ervan maakt. En laat u meeslepen in het verhaal van een transgender, dat voor elke persoon toch weer helemaal anders is en tegelijk herkenbaar. Doen.

Dagje Brugge

Wolf zit sinds zondagmiddag opnieuw in het Zeepreventorium, maar aangezien het vandaag een feestdag was, mochten we op bezoekdag, en hem zelfs meenemen van 10 tot 19.00 uur. Althans, dat was de theorie. Omdat hij serieus last heeft van een hoest en slijm op zijn longen – ze zijn het aan het onderzoeken – moest hij al om half vijf terug zijn voor aërosol en drainage. De dag werd dus iets korter dan gepland, maar bon, zijn rug staat een langere uitstap toch niet echt toe.

Iets over elven pikten we hem op en haalden we uiteraard nog een ijsje in De Haan zelf. Allez ja, Wolf moest wachten op zijn warme wafel.

Daarna reden we naar Brugge, om daar in L’Estaminet iets te eten. Dik in orde, alleen hebben we behoorlijk lang moeten wachten. En hadden we ook lang rondgereden voor een parkeerplaatsje: eerst konden we niet door omwille van een optocht en moesten we rondrijden, en toen was de parkeergarage van Park volzet. Aan de Magdalenakerk vonden we gelukkig wél nog een plaatsje, en moest er blijkbaar eerst ook nog gespeeld worden op de grote speeltuin aldaar. Door alledrie, ja.

Daarna wandelden we langs een brug, een van de kunstwerken van de Triênnale, richting Markt. Daar losten we de max van een geocache op, nota bene op een van de drukste plaatsen van gans Brugge, en toch vielen we niet op. Tsja, als je die cache in fietszakken stopt…

Daarna wandelden we verder om nog drie kunstwerken van de Triënnale te bekijken: de walvis, de lange metalen nek (of hoe je het ook moet noemen) en de oranje tunnels. Tussendoor dronken we ook snel iets, en kreeg de hangry Merel een pannenkoek.

Toen was het welletjes, was ook de tijd op, en brachten we Wolf tegen half vijf terug naar het Zeepreventorium, waar we nog bij hem bleven tijdens het aerosollen.

Daarna reden we naar huis via een omwegje, en deden we nog een cache waarbij we alledrie in de lach zijn geschoten. Je moest namelijk met een bidon aan een ketting in een kreek water scheppen, dat in een buis gieten, en dan een bovendrijvend kokertje opvissen waarin een sleuteltje zat, waarmee je een vogelhuisje wat verderop kon openen. Op zich leuk bedacht maar niet zo grappig natuurlijk. Het verrassende element zat hem in de buis, waarin gaten zaten om ze te draineren, en een van die gaten was héél gemeen geplaatst, zodat je een stevige straal water op jezelf kreeg, als je niet oplette. Een heuse pispaal dus.

Enfin, kwart voor zeven waren we terug thuis na een geslaagde middag. Yup yup.