Het was me beu: onze tuinstoelen, dat waren onze vroegere keukenstoelen, ooit wit, maar nu al lang niet meer. Op zich was dat het probleem niet: ze zijn proper, netjes afgewassen, maar ze zien er niet uit.
Alleen zijn ze gemaakt uit een kunststof die nu van die minieme schilfertjes en splintertjes loslaat, met het gevoel alsof je door een beest bent gestoken. Niet zo handig, als je er met je blote billen op zit, of ze gewoon vastneemt met je handen. Ik had ze nooit mogen schoonspuiten met de hogedrukreiniger…
Nu, ik had gisteren weer prijs, en mijn hand jeukte enorm. Genoeg dus: ik wat rondgekeken, en gezien dat ze in de Brico – op minder dan een kilometer van mijn deur – zo van die stoelen hadden die me wel aanstonden: stalen onderstel, gladde plastieken kuip die gemakkelijk afwast, en best betaalbaar. En dus staan er nu vier nieuwe deftige stoelen op ons terras.
Nu dat terras nog eens grondig afspuiten. Als het weer het eens toelaat.
Meestal heb ik op woensdag niet te veel te doen. Allez ja, buitenshuis dan, ik weet altijd wel wat gedaan, vooral qua schoolwerk.
Deze morgen hielp ik rond kwart voor acht Kobe met pancakes te bakken – hij mocht ontbijten op school – en daarna pakte ik zelf een en ander in qua koffiemateriaal: mijn campinggasvuurtje, de bialetti, koffie, een hoop bekers, lepeltjes, melk en suiker, en ik reed vrolijk met de fiets richting school.
Ha ja, onze zesdes hebben vandaag eindelijk hun uitgestelde en sterk beperkte uitvaart. Er is een digitale show opgenomen, en daarvoor spraken ze af op ’t veld voor een ontbijtje in klasbubbels. Ontbijten heb ik dus niet gedaan, maar wel verse koffie gemaakt voor een aantal mensen. En deugd gehad van de lachende gezichten van de zesdes, dat ook.
Daarna was er dus de uitvaartshow, en aansluitend reed ik vrij snel naar huis: Bart had zoals altijd gekookt voor ons.
Kobe had dan weer om twee uur een miniconcert voor fagot. Al zat daar ook wel enige miscommunicatie tussen mij en mijn zoon. Hij had gezegd: een tiental minuten om een stukje op te nemen met een pianiste, in het Guislain.
Om zeker te zijn – het Guislain heeft nogal wat ingangen – vroeg ik het exacte adres tijdens het eten. Bleek het de Sint-Juliaanstraat te zijn, een zijstraat van de Ottergemsesteenweg, aan de andere kant van Gent in plaats van hier in Wondelgem. Oh yo, best dat we het nog even nakijken of we waren grandioos verkeerd geweest.
Enfin, terug thuis was er tijd voor een vieruurtje, wat verbeterwerk, en dan richting Vinderhoute voor een sessie bij de psycholoog met Merel. Deze keer was het niet de bedoeling dat ik erbij was, maar ik zag het ook niet zitten om de wandeling te doen van de Oude Kale – mijn heup, waarvan de slijmbeurs quasi nonstop overbelast is door mijn rug, deed pijn – en dus heb ik een stoel gevraagd en heb ik me gewoon aan de kant van de weg zetten lezen. De Molenstraat is plaatselijk verkeer, maar man, volk dat daar woont en werkt, niet te geloven! Er moeten daar een paar vakkundig verborgen gigantische woontorens en kantoorgebouwen staan, dat kan niet anders.
Aan de kassa werd er afgerekend door een iets oudere dame, die meteen ook vroeg of het wel zou gaan om het in mijn koffer te leggen. Toen ik zei dat ik wel behulpzame handen ging vinden op de parking, riep ze meteen een van de jonge gasten om het ding in de auto te leggen.
Mooi, mooi.
Nu nog een paar dagen goed weer, en we kunnen er weer tegen.
Wolf was vrij categoriek vorige week, toen de kinderen samen de garage en het tuinhuis aanpakten: de tuinkussens moesten een andere plaats krijgen, bij voorkeur in een kist in de tuin.
Ik gaf hem geen ongelijk: momenteel liggen ze in de garage, en liggen ze in de weg als ik met mijn fiets moet passeren. Maar vooral: het is een ongelofelijk gedoe om ze binnen en buiten te leggen, en ik kan het zelf niet, ik moet telkens een beroep doen op de huisgenoten.
En toen zag Merel de kist, gevuld met zalige zachte kussens, op een lekker warm plekje, en heeft ze ze meteen, zoals een heuse kat betaamt, geadopteerd als chill plekje. Als in: je gooit er een van de kussens uit, neemt je gsm mee, en installeert je in de kist met het deksel half dicht. Warm, zacht, afgezonderd en perfect van grootte.
Ik was haar meteen een uurtje kwijt, jawel.
Maar ik moet het toegeven: ’t is wel een gemak, die kist.
Een van de dingen die al zeker van voor kerstmis op mijn zenuwen werken, zijn de witte muren hier in ons huis. Nu ja, wit… dat is nu net het probleem: vooral achter de zetel zaten ze vol met zwarte vegen, vuile vingers, strepen en alles wat zo’n witte muur zo vreselijk maakt. En niet alleen daar: rond alle lichtknoppen, in de keuken, in de gangen, de inkomhal, Barts bureau, de kamers van de jongens…
Ik had al eerder eens in het tuinhuis staan kijken maar had toen de verf niet gevonden. Wolf verklaarde me een paar weken geleden ziende blind: hij haalde prompt de juiste pot verf te voorschijn, en stelde toen vast dat die verf hard was geworden. Meh. En met alle gesloten winkels was er ook geen nieuwe verf te krijgen.
Maar intussen is de Brico weer open en zijn Kobe en ik gisteren verf gaan kopen. Ik ben me blauw verschoten van de prijs: 134 euro voor vijf liter, maar bon. Wolf en later ook Merel togen aan het werk: met een klein rolletje namen ze alle vuile plekken onder handen, soms twee of zelfs drie lagen, maar het resultaat was… verbluffend.
Ze hadden eigenlijk vrij veel regen voorspeld vandaag, en daar had ik me wat op ingesteld. Om te gaan zwemmen met de kinderen had ik geen zin, en de zon scheen voorlopig nog prachtig, ideaal om andere dingen te doen dus. En toen bleef de zon schijnen, werd het heerlijk warm, en hielp Merel me met de goot en het voetpad wat onkruidvrij te maken, terwijl Wolf de platen achteraan hun laatste kleurlaagje gaf, Bart het gras afreed en Kobe de stukken gras onder de speeltuin afknipte.
Ideaal om er rond te zitten en met de houtblokken die wat verderop liggen, een vuurtje te stoken. Ook het mezennestje en het bijenhotel werden opgehangen.
Toen reed ik nog naar de Brico om nog wat schors te halen, en toen ik buitenkwam, was het plots helemaal overtrokken. Huh? Tegen dat ik de kilometer verder aan ons huis was, begon het te druppelen. En plots gigantische druppels, zodat ik nog moest spurten om de was binnen te halen.
Enfin, afwerken zal dus voor morgen zijn, als het dan even droog is. Maar beetje bij beetje wordt het een volwaardig stukje stadstuin.
Fantastisch lang geslapen, en dan gewoon wat rondgedrenteld in huis, meer moet dat niet zijn voor de voormiddag. Bart had gisteren al boodschappen gedaan en was van plan – hou u vast aan uw bretellen, want hell just froze over – te barbecuen. Alleen wilde het weer niet meewerken: de vorige dagen waren misschien warm en zonnig, vandaag zag het er volledig grijs uit, en dreigde het zelfs te regenen. Op mijn aanraden hebben we ’s middags brood gegeten, en gewacht tot ’s avonds. En jawel, de beloofde opklaringen kwamen erdoor!
Ik gooide de kinderen af thuis voor een vieruurtje, en reed naar de Brico, want daar was alles met 21% korting vandaag. Ik kwam terug met verf, zowel primer als kleur, voor de betonplaten achteraan, een zeer grote bloembak en bijhorende teelaarde om de passiflora buiten te kunnen planten aan mijn bureau, een nieuwe grote parasol in felrood (en aan 25% korting), en nog wat vijsjes en lampjes allerhande. Happy mens, ikke.
Thuis had Bart – jawel! – alles klaar gezet voor de barbecue. De kinderen vinden dat zo wijs, en dus had Bart maar toegegeven. De tafel stond gedekt, het vlees lag klaar, de groenten waren gesneden, het slaatje gemaakt, het rooster afgewassen, alleen… Het vuur brandde nog niet. Ik ben hier zo’n beetje de huispyromaan, en dus was het aan mij om van vuurtje stook te doen. Dat zo’n barbecue in het begin veel te heet is, en dat je best een uurtje wacht, dat was bijzaak. Tsja. Een en ander resulteerde in een paar zwarte kantjes links en rechts, maar de zalm was fantastisch, en ook het vlees moest eigenlijk niet onderdoen. En je mag zeggen wat je wil: de smaak van barbecue is toch helemaal anders dan die van de pan.
Alleen moest ik nu nog samen met Wolf zijn rugzak maken voor morgenvroeg. Ha ja, als ge 12 zijt, kan dat blijkbaar niet vroeger. Gelukkig had ik wel al eens op voorhand gekeken, en wist ik dat alles in huis was. Nog die chance. Maar nee, het was niet met mijn goesting, nee.
Voor de Gentse Feesten had ik al helemaal geen goesting. Gewoon rustig thuis in mijn eigen kot, en dan morgen vroeg op. Oh, en lezen, natuurlijk. Ik ben momenteel keihard in mijne lees, en ik vind dat best aangenaam, ja.
Drie: een nieuwe kerstboom. Het is er het moment voor, geloof me.
Onze vorige kerstboom is minstens tien jaar oud, en heeft zo wat van zijn pluimen verloren. Vroeger hadden we een echte, maar met kinderen en katten vond ik die rondslingerende naalden nu niet ideaal. Maar het budget destijds voor een kerstboom was niet bijzonder groot, en eigenlijk vind ik het dus geen mooi ding. Ik zei al een paar jaar dat ik een nieuwe wilde. Maar! Ik ben dan weer veel te gierig om aan zoiets stoms veel geld te hangen, en als je een mooie boom wil, kost dat effectief veel geld. Tenzij je in de solden nog naar de Brico of zoiets gaat, dan staat alle kerstgerief aan 50%. Ik vandaag dus met Merel naar de Brico, waar we een heel mooi exemplaar op de kop hebben getikt aan 50%. Pas op, het was nog 60 euro, maar da’s al te doen, 120 geef ik niet aan een kerstboom. Ik heb dus voor volgend jaar een knap, mooi ding op zolder liggen waar ik nu al van geniet. Serieus.
En ja, voeg daar fijne kinderen aan toe, goeie koffie, mijn verjaardagscadeautje van Bart dat vandaag geactiveerd is (een Spotify-account) en ik ben best wel in mijn nopjes, ja.