Cantabile: een update

Intussen zing ik toch al bijna twee maanden bij Cantabile. Nu ja, op Hemelvaart was er geen repetitie, de dirigent is ook een keertje ziek geweest, en ikzelf was ook een keer gewoon veel te moe, maar bon, ik ben toch echt wel weer aan het zingen. Stilaan begin ik mijn plaats te vinden tussen de heren, en ook het zichtlezen gaat echt wel goed, ik ben blijkbaar zelfs een van de betere zichtlezers tussen de tenoren. Maar Steve, de dirigent, gaat echt wel snel, en de Grosse Messe in C minor is niet echt het gemakkelijkste werk van Mozart, zeker niet in het tempo dat Steve ervan maakt. Maar ik amuseer me tot en met, en ben elke keer compleet leeggezongen na die 2,5 uur.

Steve legt dus de lat echt wel hoog, maar het is vooral dankzij hem dat dat ook lukt: hij is één brok energie, soms op het irritante af, en weet echt wel het beste uit zijn zangers te halen. En – ik weet niet waar hij het allemaal haalt, hij moet een bizarre fantasie hebben – hij doorspekt zijn repetities ook met de gekste one-liners, die vaak op het randje af beledigend zijn, maar op zo’n manier gebracht, dat het je alleen maar uitdaagt beter je best te doen.

Twee voorbeeldjes van de repetitie vandaag

* Sopraantjes, ziet dat ge niet klinkt als een kip die een ei moet leggen he!

* Dat klonk als de paringsroep van de uitgestorven Noord-Afrikaanse boshyena…

Voor wie die onzin wil volgen: op donderdagavond onder de hashtag #stuffstevesays op twitter :-p

Afscheid

Ma’tje

ik weet dat het plots allemaal een pak sneller gegaan is dan iemand ook maar verwacht had, en dat je nog een pak dingen had willen doen. Ik weet ook dat je niet in een ziekenhuis wou sterven, ma, maar we konden niet anders: je hebt ons, zoals zo vaak, op snelheid gepakt, en thuis konden we niet voor je zorgen.
Maar je bent gestorven zoals je geleefd hebt: pragmatisch en zonder gedoe. Twee weken geleden was je nog op Nands feest, die zaterdag genoot je nog volop van een avond met je broers, en vorige dinsdag ging je nog iets drinken met je vroegere Spaanse les. Donderdag zaten we nog allemaal samen voor een bespreking, en ook daar toonde je je van je praktische kant. Maar vrijdag, toen ging het plots niet meer. Je had al dagen niet gegeten, en kon nauwelijks nog op je benen staan. En dus voerde Jeroen je zaterdag naar het ziekenhuis, en eigenlijk sputterde je niet eens echt tegen. Het ging zo snel, ma. Wolfs feest heb je niet gehaald, maar ’s avonds kwamen we wel allemaal nog even langs. Je glimlachte naar de kinderen, knuffelde hen, wenste Wolf proficiat. En maandag… We bleven om beurten bij jou, ma, we wilden je niet alleen laten, en jij vond dat onzin. Maar ’s avonds viel je in een diepe slaap, en daaruit ben je niet meer wakker geworden.
Roeland had je hand vast, toen je dinsdag gewoon ophield met ademen. Zonder gedoe.

Je hebt er geen gedacht van hoe hard ik je ga missen, ma. Gisteren wou ik eigenlijk al in een reflex de telefoon nemen om je te vertellen hoe mijn dag was geweest. Ik denk, ma’tje, dat ik nog vaak in gedachten zal bellen naar jou, en ik zal je dan ook horen antwoorden. En nee, ik zal niet bellen tijdens Thuis, beloofd.

Dag ma. Tot morgen, ik bel nog wel. Saluuu.

Communiefoto’s

Ik weet toch niet wat ik hier anders moet schrijven vandaag, dus geef ik u gewoon even de communiefoto’s mee van Wolf. Ik heb die zelf getrokken, en ik vind ze best goed gelukt. En ons ma, die heeft ze zaterdag nog gezien, en ze vond ze prachtig…

IMG_3276 vierkant

Dit was de voorkant, van de andere heb ik een collage gemaakt voor de achterkant.

Ma

Het gaat niet goed. Het gaat echt niet goed.

In die mate zelfs dat Jeroen er vannacht zal blijven slapen, en dat we er morgenvroeg allemaal om acht uur zullen zijn om met de palliatieve arts te praten.

Maatje toch…

Feest!

En feest was het wel, ja! Zelfs het weer werkte al bij al best mee, het bleef droog en je kon zelfs min of meer buiten zitten.

Binnen kweet de traiteur zich van een voortreffelijke taak, en voorzag ons van alle mogelijke hapjes. De kinderen kregen eigen hapjes, konden van die van ons mee-eten, en kregen uiteindelijk een heel erg deftige hamburger.

En bij ons volgde het ene bordje na het andere: koud, warm, vlees, vis… Meer dan genoeg, in elk geval.

Jeroen moest uiteraard even rugby spelen met de gloednieuwe blauwwitte rugbybal die ze mee hadden gebracht.

Tussendoor werd er vooral ook heel veel gespeeld.

En toen was er ook nog dessert: een voortreffelijk ijslam, en een gigantische hoop dessertglaasjes waar we nog wel een paar dagen zoet mee zullen zijn.

Maar het hoogtepunt was toch wel het slachten van het lammetje:

Alleen had ons ma er zo graag bij geweest…

Toen iedereen weg was, zijn we nog met zijn allen even tot aan het ziekenhuis gegaan. Ze zag er helaas echt niet beter uit dan gisteren, wel integendeel. Ik vrees dat we afscheid gaan nemen zijn, en dat zowel zijzelf als de kinderen dat wel beseften…