Bo wordt vijf.

Gisteren hadden we Nelly en co al gezien, maar ook vandaag werd een familiedagje. Neefje Bo wordt namelijk vijf, en dat moest gevierd worden. Nelly kwam hier eten, en daarna reden we fluks met twee auto’s naar Brussegem. De kinderen versierden er zelf hun cupcakes, aten die op, en gingen daarna vrolijk buiten spelen. Het was wel wat frisjes, maar de zon scheen volop.

Daarna aten ook wij (= de volwassenen) meer dan uitgebreid taart, en zaten gezellig te kletsen. En net toen we voort wilden, begon Bart nog even woest te doen met de kinderen. Zoals Kobe opmerkte: “Net zoals nonkel Jeroen, maar dan met minder gegrom en een stuk minder hard”. Altijd al geweten dat die vent van mij eigenlijk een wussie was :-p

Bart reed met Nelly rechtstreeks naar huis, wij deden een klein omwegje om nog twee mooie geocaches op te pikken, en dat was dat. Tot zover dus de vakantie.

Pasen

Het is intussen ook traditie dat we op Pasen naar Ronse gaan. Of Paasmaandag, als de Ronde op Pasen zelf valt, want dan is er geen doorkomen aan ginder in de Vlaamse Ardennen.

Nelly had zichzelf weer overtroffen, als in: een nieuwe traiteur gevonden in Berchem die schitterende vis- en vleesschotels maakt. We waren met zes volwassenen en vijf kinderen, waaronder drie jonger dan 7. Ze had dus voor acht man besteld, en had er toen toch nog maar wat extra garnaaltjes bij voorzien, en een paar extra eitjes gekookt, en nog een meloen gesneden, want ah ja, ziet dat er ne keer te kort zou zijn zeg!

IMG_9414

Maar eerst, toen we toekwamen, was er de paaseierenraap. De paasklok had de eitjes gelukkig in zakjes gestoken, en die allemaal netjes in de voortuin gedropt, zodat het snel zoeken was. En gelukkig had die lieve paasklok er ook aan gedacht dat er een meisje tussenzat dat geen chocolade lust, zodat er ook snoep in zakjes was.

En toen werd er gegeten, en had Nelly ook nog verse aardbeien gesneden, met toch wel bijzonder lekker aardbeienijs van Carte d’Or. Intussen speelden de kinderen vooral buiten, eigenlijk, en was ik stikjaloers op Nelly’s rhododendron.

Enfin, het werd een gezellige middag, waarna ik nog twee grote potten eten meenam naar huis. Want al dat eten dat ze te kort ging hebben, kon ze echt niet alleen opkrijgen. Staf had al eten mee, ik had een ruime portie voor dinsdag, en morgen maak ik er nog voorgerechtjes van ook.

Tuin

Awel, als het zo verder gaat, word ik gewoon nog een tuinmens! Komt dat tegen!

Nee, serieus: de laatste tijd zit ik graag en veel in de tuin. Dan niet alleen als toerist, languit in mijn nieuwe zetel – al gebeurt dat wel regelmatig, dat geef ik toe – maar ik rijd gewoon regelmatig het gras af, loop rond met zo’n uitsteekding om de paardenbloemen in de kiem te smoren – liefst letterlijk – en geniet keihard van mijn bloemen.

Het begon al met de ene, unieke sneeuwklok – het moet niet altijd een sneeuwvlok zijn –

365-feb10

en toen kwam de japonica praecox in al zijn glorie.

365-maa15

Die werd vergezeld van de narcissen,

365-maa21

blauwe druifjes,

IMG_9334

en daarna kwamen de zwarte tulpen.

365-apr09

De tulpen hebben intussen ook hun beste tijd gehad, de narcissen en de muscari zijn verdwenen, maar nu is het tijd voor de deftige japonica, de gele struiken die ik destijds van mijn grootmoeder heb gekregen voor onze verloving, en de rozerode struik die nog uit de tuin van mijn grootvader komt. Een van beide gele struiken is helaas gesneuveld, maar bon, daar zet ik dan wel iets anders. Wie weet een donkerpaarse hibiscus, of een acer? Enfin, ik zie nog wel.

Intussen is er een waar odorama bijgekomen, van de honderden meiklokjes die je niet echt ziet, maar wel ruikt.

IMG_9867

Daarna zal het de beurt zijn aan de rhododendra, en nog later, voor de rest van de zomer, bloeit de hibiscus.

Ik, zot van bloemen? Maar nee gij…

Es ist vollbracht.

Mja. Alweer een kort hoofdstuk afgesloten: daarnet heb ik het allerlaatste concert van Cantabile gezongen.

Cantabile, dat was in de koorwereld een begrip. 58 jaar geleden zijn ze begonnen onder Jos Vandenborre, en vandaag zijn ze definitief gestopt. Ik heb er dus een jaar gezongen, en twee concertreeksen (-reeksjes) meegemaakt. Ik ben geen sociaal mens, dus vrienden heb ik er niet gemaakt, maar dat was ook niet mijn intentie. Wel heb ik er wondermooie muziek gemaakt, en dat is wat telt.

Eén lid heeft de volle 58 jaar meegezongen, maar er waren er wel meerdere die meer dan twintig of zelfs dertig jaar op de teller staan hadden. En dus was deze avond een emotioneel moment. Goh, zelfs ik heb even moeten slikken, en ik zong amper een jaar mee. De kerk zat dan ook vol met enkel genodigden, het was een gratis concert met uitgebreide receptie achteraf. Op die receptie ben ik niet lang gebleven: ik had drie kaarten gevraagd en gekregen, voor mijn pa, en voor Wolf en Kobe. Eigenlijk had ik Bart in gedachten gehad, maar Kobe vroeg om echt mee te mogen, en voor Bart zou het toch eerder geweest zijn om mij een plezier te doen.

Nochtans is de Johannespassie van Bach niet het meest toegankelijke muziekstuk voor een 13- en een 9-jarige. Maar ze vonden het prachtig, en ik kan hen geen ongelijk geven: de solisten waren schitterend, stuk voor stuk, en ik heb een diepe bewondering voor Adriaan De Koster, de evangelist. Wat een prachtige, zuivere stem met immens veel zeggingskracht… Chapeau! De kinderen hadden vooral oog voor de barokinstrumenten die je ook niet zo vaak ziet: de aartsluit, de viola da gamba, het orgel, de Franse hoorns, de viola d’amore… Wolf vindt die muziek zodanig mooi dat hij zelfs een spreekbeurt over de barokmuziek gaat maken, zegt hij. Goeie smaak, die kinderen van mij.

En al zeg ik het zelf: Cantabile stond er, zo voor de allerlaatste keer.

Maar niet getreurd: met ongeveer de helft van het koor gaan we verder, onder een andere dirigent, onder een andere naam, zijnde Cantandum. Een verwijzing naar Cantabile, uiteraard, maar meer dan dat: we gaan verder gewoon omdat “er moet gezongen worden”.

Nog geen idee hoe of wat, en of de stemmen wat haalbaar zijn, maar bon, we zien wel.

In elk geval: bedankt, Cantabile. Het was een mooi jaar.

Andermaal psychiater

Vandaag trok ik opnieuw, dit keer met het hele kroost erbij, met ons pa naar de psychiater. Andermaal werd het een lang gesprek van een uur, terwijl de kinderen netjes speelden in de wachtzaal, en ik ons pa zijn verhaal vervolledigde. Ze heeft opnieuw zijn medicatie aangepast, en hij heeft er vertrouwen in, ja. Over twee weken moet hij terug, maar dan wel zonder mij, want ik moet ook zo af en toe nog wel eens werken ook, ja. Maar ook dat ziet hij zitten zonder probleem.

Het was twaalf uur toen we buiten waren, en ik had de kinderen beloofd om dan maar in de Ikea te gaan eten, zodat ons pa dat ook eens zou zien. Ik had nog een paar kleinigheden nodig ook, zoals altijd. Eerst liepen we nog even rond op het terrein van Sint-Camillus, dat echt bijzonder parkachtig is aangelegd, en waar ze zelfs lama’s, pauwen, eenden en nog wel wat beesten houden.

En dan naar Ikea dus. Ons pa trok grote ogen, maar schoof gewillig mee aan, en liet zich zijn eten geweldig smaken.

Hij struinde nog even mee door de markthal van de Ikea, kocht zowaar een nieuw hoofdkussen en nog wat andere dingetjes, en liep hoofdschuddend rond.

Enfin, tegen half drie waren we thuis, dronken we nog een koffie, en verklaarde hij dat hij eigenlijk toch wel een fijne middag had gehad, ja.

Ne mens moet soms niet veel hebben zeker?