Tiny en Tomas

Een hele tijd geleden kreeg ik een ‘vreemd’ verzoek van een oudleerlinge, Tiny. Ik heb altijd via Facebook een goed contact met haar gehad, in de klas was het een zeer fijne leerlinge, en ze is nog babysitter geweest hier in huis.
Ik wist dus wel dat ze al lang samen was met Tomas, dat ze een huisje hadden in Evergem, eigen paarden, en dat ze verloofd waren. En nu had ik dus de vraag gekregen of ik de ‘ceremoniemeester’ wilde zijn op hun huwelijk. Ik was vereerd, maar ook wel verbaasd: ik had zoiets nog nooit gedaan! Maar zij gingen voor de wet trouwen in de voormiddag in het Kasteel van Wippelgem, en dan ’s namiddags bij hen thuis een ceremonie en groot feest in country style.

Euh… ja zeker?

Zo stond ik dus deze namiddag, gekleed in jeans, lange laarzen, wit bloesje, corset en cowboyhoed met mijn papieren en een micro achter een grote strobaal als pupiter, en zag ik twee stràlende mensen wier huwelijk ik aan elkaar mocht praten.

Ik had gezegd tegen Bart dat ik wellicht ergens tussen zes en zeven ging thuis zijn, want het was niet alsof ik daar mensen ging kennen en zo. Tsja. Ik ben in een compagnie van oudleerlingen verzeild, de bruidsmeisjes, heb me enorm goed geamuseerd, bleef dan maar voor een fantastisch beenhambroodje, en dan was er nog dessertenbuffet, en dan werd er gedanst, en zaten we aan een kampvuur, en…

werd het alsnog behoorlijk laat. Maar qua sfeer was dat een gigantisch fijn feest. Chance met het weer, natuurlijk, iedereen zat buiten in plaats van onder de tent.

Nog eens een dikke proficiat, Tiny en Tomas, en bedankt dat ik mocht komen!

Onkruidbrander

Er zijn zo van die dagen waarop ge gene klop uitvoert. Allez ja, halve klop.

Een was of twee ophangen, terug binnenhalen en opvouwen, de ramen in de living kuisen,  een hoop onkruid wegbranden…

Voor dat laatste heb ik me een tijd geleden zo’n onkruidbrander gekocht, zo’n elektrisch geval. Dat is een machine op een lange stok dat hete lucht tot 600 graden blaast, en waarmee je je onkruid een thermische shock geeft. Dat zou er dan voor moeten zorgen dat het onkruid ook tot in de wortel dood gaat, en niet meer terug komt. In de tuin kan ik het niet gebruiken, uiteraard, of mijn gras is eraan, maar op ons ellenlange voetpad blijft dat maar terugkomen. Toen de tuinmannen langs waren geweest en echt alles hadden weggehaald, stond het twee weken later weer vol. Zucht. De branderkop heeft een doorsnede van zo’n 6 cm, genoeg om op de kern van het onkruid te branden. Het hele grote voordeel eraan is dat je je niet hoeft te bukken, en dat je dus zelfs met een kapotte rug dat onkruid kunt aanpakken.

Trouwens, dat ding is dus ook zalig om een barbecue mee aan te steken. De onze stond heet in ongeveer vijf minuten, zalig toch?

Enfin, ik hou u op de hoogte van de evolutie van het onkruid. Wellicht zal ik het hier en daar wel eens moeten herhalen, maar als ik er moeiteloos – het duurt alleen even, 10 seconden per plantje – ons voetpad onkruidvrij mee kan houden, is het me de bezigheid wel waard.

Dagje Brugge

Wolf zit sinds zondagmiddag opnieuw in het Zeepreventorium, maar aangezien het vandaag een feestdag was, mochten we op bezoekdag, en hem zelfs meenemen van 10 tot 19.00 uur. Althans, dat was de theorie. Omdat hij serieus last heeft van een hoest en slijm op zijn longen – ze zijn het aan het onderzoeken – moest hij al om half vijf terug zijn voor aërosol en drainage. De dag werd dus iets korter dan gepland, maar bon, zijn rug staat een langere uitstap toch niet echt toe.

Iets over elven pikten we hem op en haalden we uiteraard nog een ijsje in De Haan zelf. Allez ja, Wolf moest wachten op zijn warme wafel.

Daarna reden we naar Brugge, om daar in L’Estaminet iets te eten. Dik in orde, alleen hebben we behoorlijk lang moeten wachten. En hadden we ook lang rondgereden voor een parkeerplaatsje: eerst konden we niet door omwille van een optocht en moesten we rondrijden, en toen was de parkeergarage van Park volzet. Aan de Magdalenakerk vonden we gelukkig wél nog een plaatsje, en moest er blijkbaar eerst ook nog gespeeld worden op de grote speeltuin aldaar. Door alledrie, ja.

Daarna wandelden we langs een brug, een van de kunstwerken van de Triênnale, richting Markt. Daar losten we de max van een geocache op, nota bene op een van de drukste plaatsen van gans Brugge, en toch vielen we niet op. Tsja, als je die cache in fietszakken stopt…

Daarna wandelden we verder om nog drie kunstwerken van de Triënnale te bekijken: de walvis, de lange metalen nek (of hoe je het ook moet noemen) en de oranje tunnels. Tussendoor dronken we ook snel iets, en kreeg de hangry Merel een pannenkoek.

Toen was het welletjes, was ook de tijd op, en brachten we Wolf tegen half vijf terug naar het Zeepreventorium, waar we nog bij hem bleven tijdens het aerosollen.

Daarna reden we naar huis via een omwegje, en deden we nog een cache waarbij we alledrie in de lach zijn geschoten. Je moest namelijk met een bidon aan een ketting in een kreek water scheppen, dat in een buis gieten, en dan een bovendrijvend kokertje opvissen waarin een sleuteltje zat, waarmee je een vogelhuisje wat verderop kon openen. Op zich leuk bedacht maar niet zo grappig natuurlijk. Het verrassende element zat hem in de buis, waarin gaten zaten om ze te draineren, en een van die gaten was héél gemeen geplaatst, zodat je een stevige straal water op jezelf kreeg, als je niet oplette. Een heuse pispaal dus.

Enfin, kwart voor zeven waren we terug thuis na een geslaagde middag. Yup yup.

Van garages, Ikea en geocaches

Mijn auto was afgekeurd halverwege juli: toen heb ik meteen de banden laten vervangen, maar was ik nog niet in de garage geraakt. Er is toen ook niet mee gereden, want mijn rug speelde spelbreker.

Vandaag mocht ik hem binnensteken voor algemeen onderhoud, vervangen van de nodige filters en dergelijke, en nazicht voor keuring. Dat ging een paar uur duren, dus ik huurde een vervangwagen voor een halve dag, en reed met de kinderen naar de Ikea. Aangezien we de auto maar konden afgeven om 12.45 uur, waren we pas tegen kwart over één in het restaurant van de Ikea. Ik had gedacht dat de rijen dan wat minder gingen zijn, maar nee hoor, ik heb nog een respectabele 25 minuten moeten aanschuiven. Ja santé mijn ratse!

Niet dat we veel moesten hebben: de kinderen wilden nieuwe hoofdkussens, nu ze die extra dikke en zachte in Rhodos hadden ervaren. Daarna hadden we nog tijd over, en dus reden we naar Zwijnaarde, naar het mij onbekende Henri Storypark en de belendende Leebeekvijver, vlak naast de Coca Cola, voor een mooi rondje Leebeek.

Helaas had ik voor één keer geen batterij mee voor mijn gsm, konden we cache nummer 6 nog net loggen met 2%, maar viel de gsm onherroepelijk plat voor de bonus. Tsja, die is dan voor een volgende keer.

Tegen zessen haalden we onze eigen auto op, reden naar huis en stapten quasi meteen weer in voor een bibliotheekbezoekje en snelle boodschappen in de Delhaize.

Dat leverde meteen een mooie 13.293 stappen op voor vandaag. Goed bezig!