Certaminacomité

De vorige vergadering was ik vergeten te noteren in mijn agenda en ik stond die avond vierdubbel geboekt. Tsja.

Vandaag nam ik echter weer fluks de trein naar Brussel, stapte tot het Consciencegebouw, en stelde vast dat er amper 5 grijzende heren aanwezig waren: geen jongere mensen, geen vrouwen zelfs. Ah bon?

Maar om een of andere reden werd het wel een jolige vergadering, waarbij we toch wel een en ander konden afwerken. En tegen vier uur kwam ook Gwen van Hasselt, zodat we na de vergadering nog rustig iets konden drinken in ’t station en daarna samen de trein namen. Echt, zonder Gwen had ik nooit overwogen om in het Certaminacomité te komen, maar dit kletsen doet ons gewoon goed.

Ik stapte mee uit in Gent- Sint-Pieters en zij gooide me af aan de Dampoort waar mijn fietsje stond. Op een fijne dag als vandaag was ik namelijk met de fiets gekomen: zo ver is dat nu ook weer niet.

Geen idee waarom de sfeer op die  vergadering zo… jolig – ja, da’s toch wel het correcte woord – was, maar ik vond het echt wel amusant. Vreemd volk, die classici, maar echt wel sympathiek. En dus vooralsnog nog geen spijt van de beslissing om in het olympiadecomité te gaan.

 

Orpheus en Eurydice revisited

Toen ik vroeger, zo’n vijftien jaar geleden, de eerstekes nog gaf, gaf ik elk jaar een speciale les: begrafenisrituelen bij de Romeinen en daarna het verhaal van Orpheus en Eurydice volgens Vergilius. Ik deed dat in het lokaal van de lockers: zo goed als volledig verduisterbaar en met die griezelige ijzeren deurtjes rondomrond als van een mortuarium. En zelf was ik dan volledig gothic opgekleed, compleet met zwarte lippenstift, lange gewaden, pinnenhalsband en the works. Op de achtergrond speelde Profane Grace, zeer duistere soundscapes, en het enige licht kwam van vier zwarte kaarsen. Geloof me, de sfeer zat er wel in, en het waren de enige lessen waarvoor ik spontaan een applaus kreeg.

Nu werd er vandaag een Talendag georganiseerd, en uiteraard konden we met de vakgroep Klassieke Talen niet achterblijven. Lucie gaf een introductie Italiaans bij de derdes, Ellen een lesje Grieks schrijven in de eerstes en ikzelf dus nog eens die fameuze les, maar liefst zes keer na elkaar, 160 leerlingen, 4.5 uur aan een stuk.

En blijkbaar heb ik het nog altijd: ook hier kreeg ik bij het uitblazen van de kaarsjes een applaus. En ja, nog altijd met evenveel liefde gedaan.

Lectuur: “The Imperial Radch” van Ann Leckie

Michel had me deze trilogie aangeraden, en ik weet intussen dat ik op Michels smaak mag en kan vertrouwen, dat is blijkbaar dezelfde als die van mij.

En dus las ik deze zware science fiction met ongelofelijk veel genoegen: de intriges in een – uiteraard – dystopische wereld waarin een AI in onverwachte en vooral frustrerende omstandigheden toch probeert “het goede” te doen. Knap geschreven, een subliem ontwikkelde wereld waarin ik op het eerste zicht geen inconsistenties heb ontdekt, en personages waarmee je kan meeleven: wat wil een mens nog meer?

Goh, als ik eerlijk ben? Meer boeken in de reeks :-p

En een leuk detail: in de taal van de Radchaai is er geen onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk: er wordt naar alle personages verwezen als “she”, wat in het begin zeer verwarrend overkomt wanneer een personage duidelijk mannelijk blijkt te zijn, maar waar je eigenlijk verrassend snel aan went, en dat je er ook op wijst hoe mannelijk we de meeste personages en machtsposities zien.

Als je into scifi bent: een aanrader.

Pasen

Pasen, en dus reden we vandaag naar Ronse, bij Nelly. Er werd gezellig gegeten in het restaurantje beneden met alle kinderen en uiteraard ook Staf.

Eigenlijk zijn de porties daar veel te groot, en zeker met die hoeveelheid soep, kalkoenfilet en chocomousse was er niemand die zijn bord heeft leeggegeten. En dus hoefde de taart op Nelly’s kamer eigenlijk al helemaal niet meer, maar ze was wél lekker! En de koffie smaakte zeker. En vooral: er is nog taart voor de komende dagen ^^

Nelly’s appartementje is quasi hetzelfde als het vorige, maar heeft een extra raam en dat maakt eigenlijk wel veel uit. Ze zit daar echt wel goed, vind ik: een zitkamer annex keukentje, daarnaast een ruime slaapkamer en een aparte badkamer.

 

Lectuur: “Catch 22” van Joseph Heller

In mijn afwisseling tussen fantasy, science fiction en klassiekers besloot ik de BBC-lectuurlijst te volgen. Het eerste boek dat ik gewoon staan had op computer was “Catch 22”, iets wat me sowieso al aangeraden was.

Ja, ik was diep onder de indruk: ik heb ervan gedroomd, ik zat er ook overdag mee in mijn hoofd. Zelden heb ik een boek gelezen dat zo chaotisch was, zo intuïtief, zo… onoverzichtelijk, om mee te beginnen. Het lijken allemaal bijzonder rare, losse gedachten die ogenschijnlijk niks met elkaar te maken, maar naarmate de focus verschuift van het ene personage naar het andere en je dus andere standpunten krijgt, vallen de puzzelstukjes op hun plaats. En wat voor een puzzelstukjes.

Het verhaal – een echte plot is er niet en is ook niet nodig – speelt zich af tijdens de tweede wereldoorlog, waarbij bombardier Yossarian zich steeds meer en meer afvraagt hoe hij in hemelsnaam uit de hel die de oorlog is, weg kan raken. De situatie rondom hem en zijn… vrienden? Lotgenoten? Collega’s? Medeslachtoffers? is ronduit kafkaiaans en nihilistisch, en het deed me ongelofelijk vaak aan de reeks M.A.S.H. denken: ik heb die als vroege tiener gezien en vroeg me vaak af waar die kinderachtige grappen en rare grollen voor nodig waren. Wel, de mosterd kwam duidelijk van dit boek, en met recht en reden: humor is de enige manier om niet compleet gek te worden in een dergelijke situatie waar de een na de ander rondom jou sterft.

Ja, het boek had een stevige mentale impact. Het heeft me ook aan het denken gezet, meermaals. Ik weet waarom ik klassiekers lees, dus.

Yossarian lives!