Van jarige vrienden en de nodige rozen

Gwen verjaart in juni, en traditioneel ga ik dan met haar eten om dat te vieren. Ze krijgt dan ook steevast het correcte aantal rozen van mij, da’s traditie. Intussen wordt het een redelijk stevig boeket, 48 stuks, maar dat stoort niet.

Alleen… het is nu niet bepaald juni, toch? Wel, het is er echt gewoonweg niet van gekomen om af te spreken met ons tweetjes. Erg hé! Ja, we zien elkaar wel af en toe door de Certamina en door nascholingen, maar zo’n moment voor ons alleen, dat lukt moeilijk. Juni was pokkedruk voor ons allebei en met die leerplanhervormingen is ze ’s avonds steevast doodop. Tsja, daar kan ik dik inkomen.

Soit, het was eindelijk gelukt om af te spreken, en dus stond ik met die enorme bos rozen en nog een klein cadeautje in de Fou d’ O. Ik was vergeten hoe druk en lawaaierig het er eigenlijk wel is, maar we wilden iets dat open is op maandag en niet te ver is van de Watersportbaan, en dan is dit toch wel ideaal. Koppel dat dan aan het lekkere eten en de fijne bediening, en je zet je wel over de decibels.

We kozen allebei voor een aperitief, gamba’s op de grill als hoofdgerecht, en daarna wilde ik nog graag een crème brûlée, want ik weet dat die daar goed is. Gwen had helaas minder geluk: ze is lactose-intolerant en dan bleef er niet veel meer over. Ze hield het dan maar bij een thee.

Dacht ze.

Want natuurlijk hadden ze opgepikt dat ik daar met die rozen stond en kwamen ze met een kleine verjaardagsverrassing. Gwen strààlde.

Enfin, het werd geen late avond maar wel een heel gezellige. Zoals gewoonlijk. Zoals het hoort. Ook dat is traditie.

Hoe strijk je een mastel?

Een aantal larpvrienden blijft met me lachen omdat we hier in Gent al eens ons eten durven strijken. Ze vinden dat hilarisch, en misschien is het dat ook wel een beetje. Maar ik dacht: ik film dan maar eens hoe het moet. Het licht sarcastische toontje moet je er maar bij nemen.

Nog eens picknicken!

Tsja, nu Kobe gestopt is met rugby en Wolf al een hele tijd niet meer mocht spelen, gingen Merel en ik uiteraard ook niet meer picknicken aan de Blaarmeersen.
Tot gisteren dus. Want Wolf staat eindelijk weer op een plein, en het was prachtig weer, dus hadden Merel en ik een rugzakje met boterhammetjes mee. Ze danste om me heen, we liepen zoals altijd langs de tennisvelden en verzeilden op het speeltuintje. Geloof me, blijkbaar is dat nog altijd even leuk voor een quasi negenjarige als voor een zesjarige. Alleen maakte ze er nu meteen maar een filmpje van. En wat doet mama dan? Filmen, natuurlijk. Ik heb alleen het gevoel dat ze nogal vaak naar youtubers kijkt…

We aten er een deel van onze boterhammen op, de rest bewaarden we voor op de pier. En daar bekeek ik ook even onze geocache die daar zit en het blijkbaar nog altijd goed doet.

Eindigen deden we natuurlijk in het clubhuis, en het voelde wel een beetje als thuiskomen: er is in die tijd nog geen haar veranderd, en ook de mensen zijn grotendeels dezelfde.

Wat. Een. Verhaal.

Ik had met Bart en de kinderen afgesproken aan de Tondelier, een nieuwe wijk in het Gentse aan de Gasmeterlaan, om er iets te eten. Bart kwam met de fiets van zijn werk, wij waren met de auto – veel te heet om te fietsen.

Omdat we naar de vroege kant zijn, wandelen we eerst even rond op het nieuwe terrein en het nieuwe park. Wanneer ik even later mijn handtas uit de auto wil pakken, zie ik dat Barts elektrische fiets weg is! Op vijf minuten! Aangezien de fiets op slot stond, kan hij nog niet ver weg zijn: misschien heeft iemand hem ergens om de hoek gezet om hem op te halen? Op die tijd kunnen ze het slot nog niet opengebroken hebben, en het zou nogal opvallen ook. We lopen de buurt even af, ik spreek een jongeman aan die ook net zijn fiets stalt. Nee, niks gezien. Ook de jolige bende die in het park zit te aperitieven, heeft totaal niks opgemerkt. Grmbl. Een kennis die in de appartementsblokken woont, laat ons zelfs even in de fietsenparking kijken, want de GPStracker die op de fiets zit, geeft geen signaal. Helaas.

We besluiten dan maar de kinderen thuis af te gaan zetten, een boterham te eten en het te gaan aangeven bij de politie. We zijn net goed en wel op weg, halverwege de Wiedauwkaai, wanneer Bart gebeld wordt door die kennis van daarnet: “Ha, Bart, goed nieuws, uw fiets is gevonden! Ik geef u het nummer van de gast die erbij staat!” Huh? Bart belt het nummer, en die jongen geeft ons een adres een eindje verderop, tegenover het justitiepaleis.

Ik gooi de kinderen af – Wolf moet maar om brood – en wij keren ons kar. En effectief: in een verloren straatje staat een jonge gast met een hond bij, jawel, Barts fiets die nog steeds op slot is. Net op dat moment komt ook de politie aangereden.

Hoezo?

Wel, die ene gast die ik aangesproken had, had het gemeld op de facebookgroep van de appartementen. Een paar minuten later ziet de jongeman met de hond aan de hondenlosloopweide, waar hij net het bericht op FB gelezen heeft, twee man passeren met een zware zwarte fiets op de schouders. Aangezien vorige week zijn eigen dure fiets gestolen is, is hij alerter. Hij belt meteen de politie en loopt achter de dieven aan. Een paar straten verder merken ze hem op. Wanneer hij hen aanspreekt, mompelen ze iets in een vreemde taal, zetten de fiets neer, en zetten het op een lopen.
Daarop meldt hij dat in de FBgroep, de gast die dat eerst had gepost, leest het, verwittigt onze kennis die hij met ons had zien lopen en toevallig ook kent, en die belt ons op.

De politie was ook bijzonder snel ter plaatse dus, heeft proces verbaal opgesteld, de jongeman had ook nog een foto van de twee dieven. Ze zijn nog even gaan spreken met de jolige bende, en hebben dan in de combi de fiets naar huis gebracht. Wat een service.

Maar vooral: wat een samenloop van omstandigheden en good karma! Man man man…

Eindelijk bij Vallery

Vallery heeft, geloof ik, al een half jaar een nieuwe keuken. Allez, een ganse verbouwing eigenlijk: de achterbouw is aangepast, ze heeft een nieuw buitenvenster, toilet en vooral keuken. De max. Doordat de vensters quasi helemaal openschuiven, lijkt het alsof haar woonkamer veel groter is geworden, en de tuin is ook veel toegankelijker. Zalig.

Alleen was ik er nog steeds niet geraakt, wat ze me langzamerhand bijna kwalijk begon te nemen. Begrijpelijk.

Vandaag heb ik dus Merel achter op de fiets gezet – allez, eigenlijk klimt ze er zelf op omdat ik haar absoluut niet kan tillen – en ben ik met Kobe tot bij haar in Sint-Amandsberg gefietst. Een hele mooie fietstocht eigenlijk, via het fietspad door de nieuwe wijk in Wondelgem, over de spoorwegbrug naar Meulestee, en dan langs het water verder tot aan de Koopvaardijlaan en de Dampoort.

Bij Vallery zetten wij ons te kletsen, terwijl de kinderen ook samen een paar spelletjes speelden.

Tegen een uur of vijf reden we richting stad om een geocache van een vers dekseltje te voorzien en vooral ook een ijsje te eten. Ha ja, want dat hoort zo.