Nieuwjaren, deel 3

Zaten we gisteren nog in Machelen bij Roeland, dan waren we vandaag op restaurant met de De Waelekes. Bij Nelly in Triamant is er wel een degelijk restaurant, maar toch niet voor dit soort dingen. Bij Koen geraakt Nelly de trap niet meer op, en kerstmis was al bij ons. Nelly is gelukkig fan van ’t Konijntje, en wij ook, en we zaten deze keer ook met ons familie achteraan, een pak rustiger.

Er werd gegeten, er werden nieuwjaarsbrieven voorgelezen – Wolf is peter van Bo, Bart van Liv, en Koen van Wolf en Else van Merel, brieven genoeg – en er werd fijn gediscussieerd over vanalles en nog wat, van corona-impact over woke tot alle mogelijke financiële onderwerpen.

Merel was door het dolle heen over het cadeau van haar meter: een escape gezelschapsspel en vooral het plan om samen ook eens een échte escape room te doen. Ze stond zowaar te springen!

En het eten was opnieuw meer dan oké.

En als kers op de taart stopte ik op de terugweg nog even bij de molen op de Hotond, het hoogste punt van Oost-Vlaanderen, voor een snelle geocachefoto.

Fijne afsluiter van de kerstvakantie!

Nieuwjaren, deel 2

We hadden op nieuwjaar zelf bij Gwen en Erik ‘gevierd’, vandaag hadden we met de Rombautjes afgesproken bij Roeland thuis. Er waren uitgebreide hapjes, een nog veel uitgebreidere kaasschotel, en uiteraard waren er nieuwjaarsbrieven. Zo hoort dat, al is het bijna gedaan. Voor Merel en Marie-Julie waren het de laatste, Marne hangt er nog één jaartje aan. En de jongens, die hadden er allemaal eentje opgezocht op hun telefoon en die voorgelezen.

Het werd eigenlijk een best gezellige en vooral lekkere avond, en het deed wel deugd de familie nog eens samen te hebben, ook al werd er niet gekust en geknuffeld. Tsja.

We hopen nog steeds op een beter jaar…

Kerstdagfoto’s

Al een aantal jaar maak ik – of liever, vraag ik iemand – om een foto van ons gezin te maken op kerstavond, kerstdag of nieuwjaar. We zijn dan allemaal opgekleed, en ik denk er dan tenminste aan. Het is ook echt mooi om die foto’s eens onder elkaar te zetten: de veranderingen zijn soms immens in één jaar.

Kerstdag

Eigenlijk was het, al bij al, een zeer rustige ochtend. Het eten stond klaar, Bart had gisterenavond nog de afwas gedaan: er moest dus enkel nog even gestofzuigd worden, de zetel goedgelegd en de tafel gedekt.

Tegen twaalf uur kwamen zowel Nelly als Koen met zijn gezin en het werd gezellig druk, al zaten de kinderen eigenlijk vrij snel boven. Wolf bleef wel bij de volwassenen zitten, waar hij zo stilaan ook gewoon thuishoort natuurlijk.

Er was opnieuw zeer lekker eten, zij het een beetje een ander menu dan gisterenavond. Dezelfde hapjes, dat wel, maar dat was ook het enige. Als voorgerecht waren er gemarineerde Sint-Jacobsnootjes met een crème van gerookte ganzenlever, hazelnoot, girolles en knolselder. Tom kha kai blijkt een heerlijke Thaise soep te zijn, en het hoofdgerecht bleek hertenkalfhaasje met klassieke wildgarnituren, twee sausjes en kroketten. En het dessert was een creatie met zanddeegbodem en Dolce de Leche. Dik in orde, zeer lekker!

Bart liet het eten vlot op elkaar volgen, en dat was eigenlijk wel nodig, want Nelly kan niet zo heel lang op een stoel blijven zitten tegenwoordig. Tegen half vier gaf ze dan ook aan dat ze eigenlijk het liefst naar huis wilde, zodat ze rustig kon zitten of liggen. Vroeg, maar heel begrijpelijk. Else is dan ook vertrokken met de kinderen, maar eerst hebben ze nog samen suikerspinnen zitten maken.

Tegen vier uur was ons huis alweer helemaal opgeklaard en opgeruimd, de afwas gedaan, en eten in de ijskast voor de komende vier dagen, denk ik.

Tijd genoeg voor Merel en mezelf om eindelijk eens samen naar The Sound of Music te kijken. En ’s avonds? Toen aten we de overschot van die Thaise soep met zelfgemaakte lookbroodjes: er was nog oud stokbrood van gisteren en vanmiddag, er was boter en er was look. Meer heeft Bart niet nodig om met het gezin rond het keukeneiland te zitten.

Fijne kerstdag, jawel.

Kerstavond

Eigenlijk hadden we al besloten, nog voor dat we wisten dat ik moest geopereerd worden, dat we kerstavond én kerstdag hier bij ons thuis gingen doen, maar dan wel met een traiteur. Kerstavond is sowieso afwisselend bij mij en bij Jeroen, en kerstdag was tot hiertoe bij Nelly: vroeger bij haar thuis, sinds een paar jaar op restaurant, of gewoon taart bij haar.

Maar op restaurant zagen we niet zitten – wie kon voorspellen of ze open gingen zijn of niet? – en hier kan ze probleemloos binnen wegens geen trappen. De keuze was dus snel gemaakt.

Bart bestelde alles bij een traiteur en zag het gelukkig zitten om al het werk voor zijn rekening te nemen, want ja, ik kon niet echt veel doen.

De kinderen hielpen om alles op te ruimen, te stofzuigen en klaar te zetten, het mooie servies van omaly werd bovengehaald, het zilver van mijn ma – dat ik als cadeautje gekregen heb van mijn vader en waar ik  bijzonder blij mee ben want ik vind dat prachtig, veel mooier dan ons eigen tafelzilver – werd opgeblonken, de kristallen glazen opgeboend, en ik dirigeerde een beetje.

Tegen vijf uur stond alles klaar, moest ik enkel mezelf nog opblinken, en had ik tijd om nog eventjes te bekomen in de zetel.

Er waren stapels cadeautjes en ik kreeg een prachtig cadeau van mijn broer en schoonzusje: de VIP-tickets voor The Cure, waarover ik het al zo enthousiast had! En van Bart was er een boek over droogbloemen. Ha ja, want ik heb er intussen al een serieuze vaas vol van :-p

Er was uiteraard ook het eten: vier culinaire hapjes -bavarois van rode paprika, gerookte forel en haringkaviaar; glaasje konfijt van witloof, sinaasappel en fazantenpaté; gevulde champignon met feta en Breydelham (warm) en gegratineerde reuzenmossel met aardpeer en zachte curry (warm) – daarna een voorgerecht van kabeljauwhaasje met knolselderstructuren en garnalensaus, en dan een fantastische wortelcrèmesoep. Als hoofdgerecht was er kalkoenfilet met bospaddenstoelensaus, een klassieke groentenkrans en bijzonder lekkere handgemaakte kroketten. En uiteraard ook een dessert: een Saint-Honoré met vanillesaus.

Ondertussen waren er pakjes, speelden de meisjes een gezelschapsspel en trokken de jongens zich terug om samen iets op de computer te spelen, aten we fortune cookies en gingen Delphine en ik heel regelmatig even liggen. Ha ja, ik ben geopereerd, maar zij heeft zes weken geleden een hysterectomie gehad en is nog absoluut niet in orde.

Dat zorgde er ook voor dat ze tegen elf uur al afscheid namen: zowel Delphine als ik waren doodop…

Maar het was een aangename, gezellige avond met vooral ook lekker eten. Een ideale kerstavond, zou ik zo zeggen. Schol!

 

Verjaardagsfeestje

De examens zijn gedaan en dus trokken we met zijn allen naar Brussegem voor het verjaardagsfeestje van Liv. De ramen stonden open maar echt koud was het niet, gelukkig maar. Er werd gepraat en gediscussieerd, er was taart, en het was gezellig.

Merel vond het wat jammer dat er geen traditionele cupcakes meer waren, maar ze heeft zich precies wel geamuseerd met haar nichtje. Geen idee welk spel ze gespeeld hebben, maar ze moesten in elk geval regelmatig stevig lachen.

Ze worden vooral groot, onze meisjes: echt twee prepubers met een heel eigen idee over mode en andere dingen.

Zoals het hoort, natuurlijk.

Eeuweling

Jawel, mijn tweede grootmoeder is nu ook 100 geworden vandaag.

Maar wat een verschil met mijn andere grootmoeder. Toen die in 2011 100 werd, zat ze smakelijk te eten, las ze zonder bril haar speech even na – want ze had niet alles verstaan – en genoot ze met volle teugen. Zelfs op haar 103 was ze nog volop bij de pinken en zat ze vrolijk taart naar binnen te werken, intussen commentaar gevend op alles en iedereen, samen met haar zus van 100. Hey, ze had zelfs nog gedanst op haar verjaardagsfeest in het rusthuis, “met nen here van 102. Maar hij moest geen gedachten krijgen zulle, daar ben ik veel te oud voor geworden!”

De moeder van mijn moeder wordt vandaag 100. Het contrast kan bijna niet groter zijn, vind ik, en da’s zo ongelofelijk jammer. Ik heb haar nu al twee jaar niet meer gezien, en eigenlijk is dat niet eens zo erg. Het ging niet door corona, en toen ik daar vorige maand nog eens stond, bleek ze net in quarantaine te zijn. Tsja.

Maar vooral: mijn grootmoeder is mijn grootmoeder niet meer, of toch niet echt. Ze is al minstens twintig jaar een been kwijt, maar dat is niet zo erg: vroeger kon ze zich met een kunstbeen en een looprek perfect behelpen, ook nog in haar eigen huis. Tegenwoordig zit ze in een rolstoel.

Erger was dat ze intussen ook al ettelijke jaren helemaal blind is. Glaucoom, waardoor ook mijn overgrootmoeder helemaal blind was. Ik heb het ook, maar het is perfect onder controle dankzij dagelijkse druppels. Nog een chance, of ik was ook al tien jaar blind. Bij oma is het de voornaamste reden dat ze naar een rusthuis moest: toen zag ze nog met één oog als door een wc-rolletje, en dat is te weinig. Wij waren dat gewoon: als we gingen wandelen – voordat ze haar been verloor – liep ze aan onze arm en zeiden wij “Pas op, een boordje” terwijl zij rustig kon rondkijken. In het begin kon ze in het rusthuis nog tv kijken, of lezen in een groteletterboek met een loep, maar ook dat viel weg.

En toen begon ook haar gehoor te verdwijnen. Eerst brachten hoorapparaten nog soelaas, maar minder en minder. Had ze al in jaren geen gezichten meer gezien, ze herkende feilloos stemmen. Maar ook dat minderde en minderde en maakte gesprekken behoorlijk moeizaam.

En intussen is ook het geheugen aan het wegdeemsteren. Mijn kinderen herkende ze al een tijdje niet meer, of beter, ze wist niet meer wie ze waren. Volgens mijn oudste nonkel vergeet ze tegenwoordig zelfs dat je bij haar zit, na een paar minuten. Ze kent haar kinderen nog, herkende vandaag op het etentje nog mijn vader: “Ha ja, Koen, van Annemie!” maar ik betwijfel het of ze mij nog zou kennen.

En weet je… Dat is de reden waarom ik eigenlijk niet meer langs ga. Ze herinnert het zich toch niet, voor haar hoef ik het eigenlijk niet te doen. En ik, ik herinner me liever de goedlachse oma die ik altijd heb gehad, mijn “grandma” die haar blinde gezicht altijd met een grote glimlach naar me richtte wanneer ik dat woord nog maar had uitgesproken.

100. Ik ben halverwege, maar ik weet niet of ik wel 100 wil worden.

Dagje Ronse en Kruishoutem

Vandaag had Nelly ons uitgenodigd om, zoals de traditie het wil, samen te gaan eten voor Allerheiligen. We pikten haar op in Triamant en reden naar ’t Konijntje, waar het sowieso altijd goed is. De menu hadden we nog niet echt vastgelegd, ik ging voor een ronduit fantastische salade met eendenlever, gerookte eendenborst en geconfijte borst en daarna een wildstoofpot met frietjes. En ik heb echt, echt te veel gegeten, eigenlijk had ik al zo goed als genoeg met het voorgerecht.

Tussendoor ging ik met Merel eventjes de cache oppikken die aan de ingang van ’t Konijntje lag.

Wolf was niet mee, die zit met Arwen en haar familie ergens in de bossen in Nederland.

Na de maaltijd reden we met zijn allen naar het kerkhof in Kruishoutem. Het had net behoorlijk hard geregend en Nelly zag het dan ook niet zitten om mee uit te stappen. Ik heb dan maar wat foto’s getrokken en hallo gezegd tegen Jeroom voor haar, en tegen bompa.

En toen wilde ze perse nog naar Staf. Ik snap dat wel, maar na afloop was ze doodop, en dat is niet te verwonderen natuurlijk: ik was er zelf ook al moe van.

Maar al bij al was het een fijne familiedag, eentje waar we er het afgelopen jaar veel te weinig van gehad hebben.