78

Jawel, ons pa wordt woensdag 78 jaar, en het gaat goed met hem. Allez ja, dat vind ik toch, en dat zegt hij ook zelf. Ja, hij blijft ons ma keihard missen, en ja, het is moeilijk om telkens weer een extra stukje zelfstandigheid op te geven, maar hij is er toch nog steeds. En elke zondag opnieuw vragen de kinderen hoopvol of opa komt, en vrijwel elke zondag gaat Merel mee om hem op te halen. Want die grootvader van hen, dat is toch iets speciaals. Ze zijn al twee grootouders kwijt, en Omaly woont nogal ver, en daar kunnen ze precies ook minder mee praten. Maar opa, ja, die hebben ze graag in de buurt, ja.

Ik had in de loop van de week een berichtje gestuurd naar de broers om te vragen of ze mee konden iets gaan eten vandaag. Voor Roeland lukte dat, Jeroen had helaas al andere verplichtingen. Maar dat hield ons niet tegen om stipt tegen twaalf uur in de Auberge du Pêcheur in Sint-Martens-Latem te zijn. Bart was nog zijn moeder gaan ophalen in Ronse en kwam een paar minuten later ook toe.

We hadden voor de menu gekozen, en daar kregen we geen spijt van: het eten was zeer in orde, zij het soms wat traag. Dat snap ik wel: er waren twee feesten en Bart had toch nog wel wat moeten aandringen om er nog een gezelschap van 11 man bij te krijgen. Maar we zaten op het terras vooraan, onder een luifel, en het was er toch wel zeer aangenaam zitten, ja.

Ons pa kreeg tekeningen van de kleinkinderen, lekker eten, veel aandacht, en ik denk wel dat iedereen een fijne namiddag had. Ik in elk geval wel.

 

 

Kousen

Ik heb het er al een paar keer over gehad, maar ons pa zijn hobby hier bij ons thuis zijn de kousen. Yep, als in: sokken.

Met vijf in huis die elke dag een vers paar sokken aan doen, dat geeft in de winter toch zo’n 35 paar per week. Dat kan tellen, dus. In de zomer dragen Merel en ik zo goed als altijd sandalen, dat scheelt, maar toch. En als er nu één hatelijk werkje is, dan is het wel kousen recht draaien – om een of andere reden doen de kinderen ze altijd binnenstebuiten uit – en sorteren. Ugh.

En blijkbaar is dat nu een hobby van ons pa geworden. Ooit had hij gevraagd of er iets was dat hij kon terugdoen voor die zondagen dat hij hier zit, maar ik wist het niet zo meteen. Maar elke zondag ben ik druk in de weer met de was, en hij zag ook altijd die kousenberg. Spontaan heeft hij toen aangeboden om die kousen te doen, en sindsdien is dat zijn vaste ritme hier: eten, sigaretje roken buiten, koffie met een klein koekje of snoepje erbij, en dan kousen. En dan daarna taart.

Hij beweert zelfs dat hij er al op voorhand naar uitkijkt, naar die kousen. Het is soms ook echt wel een uitdaging: die zwarte kousen van Bart trekken allemaal op elkaar en het is echt puzzelwerk. En iets waar ik echt wel dankbaar om ben.

Bedankt, pa!

Port Zélande, dag twee

Bart was ’s morgens al bijzonder vroeg weg, jammer genoeg. Wij sliepen uit, hingen hier rustigjes rond, en tegen elf uur gingen we richting strand. De kinderen vonden dat ze het op zijn minst eens moesten gezien hebben, en dat vond ik ook. Het plan was om dan in het terugkeren langs het winkeltje te passeren en eten mee te brengen om zelf te koken.

Alleen… we liepen rustigjes aan zee, losten een multicache op, stelden vast dat vooral Merel moe was en iedereen eigenlijk al honger had, en bleven dan maar eten in een van de strandpaviljoenen. ’s Middags hebben ze hier in Nederland altijd een heel beperkte lunchkaart, zodat het uitsmijters werden voor iedereen. Lekkere en heel grote uitsmijters, dat wel.

We probeerden nog een cache te zoeken in de haven, maar stelden vast dat er een groot hek was dat ons de weg versperde, en liepen dan maar terug naar het huisje, om er even te rusten en te chillen.

Tegen half vier togen we naar het zwembad. Ik had er, om eerlijk te zijn, niet zo veel meer aan: de glijbanen en dergelijke kan ik niet meer doen, en de wildwaterbaan, die ik altijd zo leuk vond, moet ik volledig op de rug doen, en ik ben er eigenlijk geen moment gerust in. Het werd voor mij vooral in het bubbelbad zitten, geef ik toe. Tegen half zeven waren we terug, aten we boterhammen, en keken we samen naar Spider Man: Homecoming. Allez ja, Merel keek het eerste kwartier – de rest had ze toch al gezien – en ging daarna slapen.

En tegen goed elf uur was Bart hier terug, na een vergadering om tien uur, een huis verkopen in Ronse om vier uur, een vergadering om zes uur en eentje om zeven uur. Ha ja, als hij dan toch moet terugkeren, zorgt hij er wel voor dat het meteen de moeite loont. Maar ik was toch blij dat hij terug was. Het is niet hetzelfde als hij er niet bij is…

Goed gevuld

Toen we opstonden, was het aan het regenen. Op zich was dat wel nodig natuurlijk, maar wij, wij vonden dat eigenlijk niet zo leuk. Hoewel, genoeg dingen te doen.
Gisteren had ik een ganse kast boven uitgeleegd en heel veel schatten ontdekt. Veel dingen mochten meteen richting containerpark, maar we hebben bijvoorbeeld ook wel Barts oude Magic kaarten teruggevonden, zijn goeie deck met onder andere een Black Lotus en de moxen, en een Ancestral Recall. Wellicht zegt u dat niks, maar het zou zo’n 20.000 euro waard zijn. Tsja.

Er zat ook een hoop oude elektronica in, en ook een heel leuk spel, Mind Flex. Je moet een sensor op je hoofd zetten, en door je te concentreren wek je hersengolven op, waarmee je een klein blazertje bestuurt en daarmee een balletje kan doen bewegen. De jongens vonden het de max!

In de namiddag pakten we ons dan op en reden naar Ursel voor een bezoekje bij mijn grootmoeder. Alleen wist ik eigenlijk niet dat ze om half vier naar de mis wil op vrijdag, en dus konden we maar een twintigtal minuten blijven. Niet dat we dat zo erg vinden, ze is intussen 97, blind en half doof, en ze valt nogal in herhaling, laat het me zo stellen.

We zijn dan maar, volgens traditie, bij de bakker gepasseerd en hebben buiten aan de picknicktafel onze koeken opgegeten met behoorlijk wat gegiechel en idiotie. Zo hoort het ook, natuurlijk.

Tegen half vijf waren we terug thuis, lekker rustig. Allez ja, ik ben dan nog maar aan wat schoolwerk begonnen. Het is per slot van rekening al augustus, en die brochures maken zichzelf niet.

Familie-etentje

Elk jaar komen we rond Jerooms sterfdatum samen om hem te herdenken. De vorige jaren was dat telkens in de vooravond een jaarmis in Louise-Marie om dan daarna sandwichen te gaan eten bij Nelly.

Uiteraard gaat dat nu niet zomaar, aangezien zij nu in een serviceflat woont. Bart en Koen hebben haar kunnen overtuigen om het bijwonen van de jaarmis te laten vallen – het is niet alsof er nog iemand van de kinderen katholiek is – en gewoon gezellig samen iets te gaan eten in Kruishoutem. Daarna bezoeken we dan het graf van Jeroom, en vervolgens gaan we nonkel nog even ambeteren, want die is nog aan het revalideren in een RVT in Kruishoutem.

Voor mij was er dus een kink in de kabel gekomen door de uitvaartdienst voor Erik, waar ik eigenlijk graag bij was geweest. Maar ik kan me natuurlijk niet in twee splitsen, en Bart had erop aangedrongen dat ik mee ging eten, want dat dat anders niet in goede aarde ging vallen. Dat snap ik.

Ik ben dus inderdaad mee gaan eten, maar ik was er echt met mijn gedachten niet bij, sorry. De locatie – de Zandvlooi in dezelfde straat als de ouderlijke boerderij – was nochtans niet mis, net zoals het eten.

Na het dessert ben ik dan ook naar Antwerpen gereden, waar na de dienst alle larpvrienden uitgenodigd waren in The Geeky Cauldron, het café dat Erik mee heeft helpen inrichten en waar veel larpers kind aan huis zijn.
Er was nog een man of dertig, schat ik, en dat deed deugd.

Ik ben er blijven hangen tot rond een uur of acht, heb toen zijn beste vriend naar huis gebracht, en heb toen nog een paar caches gezocht tot het begon te regenen.

Intense dag, dat zeker.

 

Door Vlaamse velden…

Voor driehonderd euro en een hoop gedoe wilde ik wel eens rondrijden, en dus reed ik deze namiddag eerst terug naar Lochristi in de hoop er mijn zonnebril aan te treffen langs het paadje van gisteren. Helaas… Ik heb het twee keer helemaal afgelopen, maar niks meer te vinden natuurlijk. Meh.

Ik pikte nog ergens een cache op en reed naar Kruishoutem – Kruisem, tegenwoordig – omdat daar Barts nonkel in revalidatie zit na een nieuwe heup. En aangezien Bart zelf in Cannes zit, had ik beloofd even langs te gaan. Wat ik dus ook deed: we hebben een uur of zo in onvervalst dialect zitten kletsen.

En toen was het wel al zes uur, maar vond ik dat er een prachtig rondje geocachen in de buurt lag dat ik toch niet kon laten liggen. Ook wel genoemd: een stevige wandeling.

Ik werd er wel gebeten door een hond, een Ierse setter. Een dame liet net haar drie honden buiten richting haar auto toen ik voorbijwandelde. Plots voel ik dus een scherpe pijn in mijn kuit, en zien nog net de hond wegspringen. Ik spreek haar dus aan en zeg dat hij gebeten heeft. Haar reactie: “Dat heeft hij nog nooit gedaan!” “Euh mevrouw, dat kan, maar nu dus wel.” “Nee, maar dat heeft hij echt nog nooit gedaan!” “Euhm… en wat als dat bij een kind was? Da’s goed voor een levenslange hondenfobie!” Madam haalde haar schouders op en draaide zich om. Zelfs geen sorry. Meh.

Ik was maar tegen half acht thuis, maar dat deerde me niet: ik was heerlijk ontspannen. Ideaal om nog wat te verbeteren, dus.