Oudejaarsavond

Het werd een voor ons traditionele oudejaarsavond: hapjes en films. Eigenlijk had ik nog even een wandeling willen maken in de Bourgoyen, zoals ook een beetje een traditie is, maar om nu in de regen te gaan lopen… Nee, bedankt.

Bart en ik hadden gisteren al boodschappen gedaan, en dus waren er verschillende soorten chips, kaasstokjes, worstjes, dat soort onzin, en vooral ook zelfgemaakte pizzaatjes: pizzabodems gekocht, rondjes uitgestoken met een kommetje, en die dan apart belegd. De kinderen vonden het fantastisch!

En dus begonnen we rond een uur of zes met een eerste film die Merel had gekregen voor haar verjaardag: Trollen. Licht, maar er zaten echt wel een paar goeie vondsten in, vond ik. En intussen waren er dus massa’s hapjes. Daarna vonden we het nog wat vroeg om haar al in bed te steken, en kozen we nog een tweede film: “Isra en het magische boek”. Man man man, wat was dat? Zo slecht, zeg! Acteurs die gekozen zijn voor het politiek correcte, en die dan slecht nagesynchroniseerd zijn, regie die op niks trekt, een verhaaltje dat nog minder dan flinterdun is, een beeldvoering… Enfin, u snapt het wel. Merel vond het best te pruimen, maar wij hebben ons blauw geërgerd…

Daarna kwam er wat vuurwerk dat we nog liggen hadden van twee jaar geleden – ja, we waren voorzichtig, en ja, alles werkte nog – en zelfs nog vuurspatters, en toen was het tijd voor Merel om te gaan slapen. Op zich had ze wel mogen opblijven, maar hoe laat ze ook gaat slapen, ze is tussen zeven en acht uur wakker, en dan de rest van de dag niet meer te genieten…

En toen keken wij met de jongens nog naar Jason Bourne. De vorige drie Bourne films hadden we in de loop van de week bekeken, en dus nu het sluitstuk. Om middernacht keken we naar de gigantische hoop vuurwerk hier in de buurt, gaven elkaar een welgemeende knuffel, en dat was het wel zo’n beetje.

IMG_3615

 

Ode Gand

Ik wou al lang eens naar Ode Gand, maar het was er eigenlijk gewoon nog nooit van gekomen. De publiek toegankelijke dingen leken me veel te druk, en voor tickets was ik keer op keer te laat.

Toen Bart me een goeie maand geleden vroeg of ik mee wilde, zei ik zonder aarzelen ja. ‘Oh’, zei hij, ‘is er geen Omen mini dan?’ Wel, Ode Gand gaat voor op die mini, en dat vond hij redelijk straf. Toen hij er nog aan toevoegde dat het op uitnodiging was, met eerst uitgebreide receptie op het stadhuis, en dan in een bootje op het water, vlak voor het podium, werd mijn grijns alleen nog maar groter.

Alleen waren we vandaag allebei behoorlijk moe, zodat het half vijf was tegen dat we met de fiets in ‘t stad stonden. Tsja… De meeste dingen waren al voorbij, maar we luisterden even naar een zangeres op het Sint-Baafsplein, en liepen toen naar de Orpheus-zaal, die ik niet eens kende, eigenlijk. Daar kon je met een virtual realitybril aan den lijve ondervinden hoe het is om in een orkest te zitten. Dat orkest, dat kende ik al, maar die VR, dat was amusant zeg! Plots zat niet langer Bart naast me, maar wel een klarinettist! Was me dat even schrikken… Enfin, het was het kwartiertje wachten wel waard, ja.

Aangezien het toen pas kwart over zes was en we maar binnen mochten op het stadhuis om 19.00 uur, gingen we rustig samen nog een koffie drinken. Allez, ik koffie met taart, Bart een glas wijn met kaasjes. Lekker, dat zeker, maar 6.50 euro voor een stukje taart? Is dat niet wat veel? Hmm?

Enfin, een beetje na zevenen waaiden we het stadhuis binnen, meer bepaald de Pacificatiezaal. In het begin kwam de receptie bijzonder traag op gang, als in: we gaan straks nog een pak frieten halen. Tegen het einde was ik echter propvol, en kwamen ze zelfs nog af met dessert. Dik in orde, zeg!

En toen werden we gesommeerd om ons naar de bootjes te begeven, jawel. En ik ben echt met mijn gat in de boter gevallen: wij zaten op de allerbeste plaatsen! Niet het bootje voor ons, want dat moest te schuin richting podium kijken, maar wel ideaal geplaatst, zodat we ook de organist nog konden zien. En dan ook nog de beste plaatsen in het bootje: vooraan, naar het podium gericht. In het bootje was er dan ook nog volop cava (niet voor mij dus) en fruitsap voorzien, knabbeltjes, én fleece dekentjes ^^

Dan was er eerst het optreden van een schitterende a capella groep: The Swingles. Ongelukkige naam, maar prachtige stemmen.

En daarna Cameron Carpenter, een Amerikaanse organist met een zeer groot ego, en het Belgische Kamerorkest onder leiding van Roberto Beltrán-Zavala. De organist werd aangekondigd als spektakel, maar ik vond dat wat tegenvallen, ja: hij zag er wel flashy uit, maar de orgelstukken waren, tsja, gewoon orgel, vrees ik. Niet dat de man niet kan spelen, integendeel, maar dat hij Gras- en Korenlei in vuur en vlam zette? Dat nu ook weer niet. Het stukje ballet was dan wel weer mooi, maar behoorlijk klassiek.

En toen, toen was er vuurwerk. Niet zomaar vuurwerk, maar vuurwerk op de live gespeelde tonen van Händels Music for the Royal Fireworks. Als het mij al zo een kick gaf om dat te horen, wat moet het dan niet geweest zijn voor het orkest? Je oefent dat in, repeteert, en dan mag je dat uitvoeren, niet in een duffe zaal, maar op een openluchtpodium op het water, terwijl er effectief een gigantisch vuurwerk wordt afgestoken. Zalig!!

Waar ik ook enorm van genoot, was het nachtelijke boottochtje: onze ‘kapitein’ had de opdracht gekregen om iedereen te gaan afzetten aan de Ketelvest, maar onze fietsen stonden aan het stadhuis, waardoor wij liever terug aan de Grasbrug afstapten, en we dus konden genieten van een nachtelijk tochtje over de Gentse binnenwateren.

IMG_0286

Mijn fiets deed lastig – achteraf gezien dat de rem serieus sleepte – en dus gaf Bart als een ware gentleman mij zijn elektrische fiets, en peddelde hij gezwind zich in het zweet.

My guy takes me places, and I love it!

 

Wat. Een. Zondag.

Zo’n zondagen, dat mag wel vaker van mij.

Heerlijk weertje, om te beginnen, en dan nog mijn wederhelft die redelijk fantastisch kookt. Mijn vader was op bezoek, en ook al had ik daar eigenlijk echt geen zin in, hij had speciaal een bus slagroom mee voor bij het zelfgemaakte roomijs, en dus maakte ik maar ijs. Juist ja. En toen kreeg ik een redelijk geniale ingeving: op het einde er cuberdonsiroop door mengen! Er is geen halve milliliter van overgebleven, van dat ijs.

Er werd in zandbakken gespeeld, en er was taart.

En van al het overgebleven eiwit maakte ik dan maar merengue. Dan is dat echt zalig, zo’n KitchenAid, ik kan het u garanderen.

IMG_5217

En tegen een uur of zes zijn Wolf en ik de fiets op gegaan, en heeft mijn vader Merel, Kobe en Bart afgezet aan de Vrijdagsmarkt: een avondje Gentse Feesten. Meer bepaald: MiramirO en het vuurwerk. We spraken af aan het rond punt van Sint-Jacobs – waar anders? – en haalden meteen een zak frieten voor iedereen.

IMG_5218

We wandelden even door het Baudelopark, keerden op onze stappen terug en liepen langs de Oude Beestenmarkt.

We moesten echter vaststellen dat het nieuwe brugje al afgesloten was wegens het vuurwerk, dus liepen we maar terug langs de RTT, en zo naar het Coyendanspark. We keken naar een zeer bizarre voorstelling van de Kanariteiten die eigenlijk niet veel om het lijf had.

En daarna schoven we door naar het Spaanskasteelplein, en hadden we eigenlijk echt nog goeie plaatsen voor een prachtige voorstelling, woordenloos, van La Mondiale Generale, Braquemard #1. Zelfs Bart leek onder de indruk.

Het plan was om dan een ijsje te halen, en door te schuiven naar nog een volgende voorstelling, van 22.00u tot 22.45u, en dan naar het vuurwerk te gaan om 23.00u. Edoch, we liepen zowat de helft van Gentblogt tegen het lijf, en die wisten ons te verzekeren dat er dan geen deftige plaats meer zou zijn om te staan, en dat we beter al meteen meegingen naar de Voorhoutkaai: zij hadden drank en chips mee. Voor we het goed en wel wisten, stonden we dus heerlijk “receptie” te houden daar aan de kaai, terwijl de kinderen scrabbelden en het langzaam donker werd om ons heen.

En toen was er het vuurwerk, vlak voor onze neus, en ronduit prachtig. Ik heb het in een paar filmpjes proberen vatten, maar eigenlijk doet dat afbreuk aan de ervaring.

Aansluitend – het duurde wel een half uur – namen Bart, Merel en Kobe een taxi terug, terwijl Wolf en ik tot aan de fietsen wandelden, en de cache aan Reke gingen repareren. De plakband en daarmee ook de magneet waren losgekomen. En uiteraard moest er om kwart over twaalf ‘s nachts net iemand buitenkomen uit de gebouwen van het sluisbeheer. Die mens had blijkbaar moeten werken tot na het vuurwerk, want de sluis moest kunnen geopend worden voor veiligheidsdiensten. Tsja. We hebben dan maar uitgelegd wat geocaching was, en hij heeft meteen ook de app gedownload ^^

Enfin, door plattebandperikelen en de nodige pokemon waren we pas thuis tegen één uur. Goed bezig!